| Het is nooit te laat voor een debuut | Presentatie in Buitenpost (Frl.) verslag door John Zwart |
| Op
zaterdagmiddag 6 september
werd op een druk bezochte middag in de "Kruidhof" te Buitenpost de debuutbundel van Atze van Wieren, getiteld 'Grondstof' gepresenteerd. Het is een mooie selectie van 45 gedichten uit het werk van deze dichter, uitgebracht door de Uitgeverij IJzer te Utrecht, op dezelfde verzorgde wijze als de eerder door hen uitgebrachte vertalingen van R.M.Rilke's "Duineser Elegien" (2006). Snel bladerend zag ik vele gedichten die Atze van Wieren in de loop der jaren ook op deze site publiceerde. Een prachtig ingenaaid en
gebonden boek in harde kaft met een stof- |
![]() |
Atze van Wieren (l) geìnterviewd door Remco Ekkers (r) |
Na
het welkom door Atze van Wieren was de microfoon voor Willem Desmensen namens de uitgever. Die verbaasde mij eigenlijk met zijn inleiding bij deze presentatie. Hij had in twee jaar Atze van Wieren leren kennen als vertaler, tijdens hun betrokkenheid, voorafgaand aan de uitgave van De elegieën van Duino. (De vertaling in hedendaags Nederlands van de oorspronkelijke Duineser Elegien van R.M.Rilke.) Hij had waardering voor het werk van van Wieren als vertaler, maar nu kwam deze man met een selectie van zijn eigen gedichten als suggestie voor een bundel. Poëzie is al niet het meest lucratieve (eufemisme) voor een uitgever, maar als je onder ogen ziet wat er zoal in manuscript wordt aangeboden is het duidelijk dat het maar zelden tot een uitgave voert. Zou van Wieren met zijn eigen werk wel aan de criteria voldoen? En kan de uitgever objectief genoeg blijven naar een debutant die als vertaler al werd uitgegeven? Het leek wel alsof Desmensen bij voorbaat iedereen in het publiek die mogelijk ambities koestert als dichter te gaan debuteren, bij voorbaat alle hoop wilde ontnemen. Maar van Wieren´s debuutbundel `Grondstof` heeft het gehaald. De twijfel van Desmensen begrijp ik niet, mij verbaast het niets dat die bundel tot stand is gekomen. Immers: wie goed proza kan vertalen moet al iets in zich hebben van een schrijver - maar wie er in slaagt om poëzie goed te vertalen - zó goed, dat niet alleen het oorspronkelijke gedicht in betekenis volledig recht wordt gedaan, maar dat het eindproduct óók nog poëzie is - dat moet wel een dichter zijn. |
| Wie
slaagt om poëzie van een heel groot dichter te vertalen, zó dat het weer als poëzie klinkt, die kan er wat van. Dat is ook te lezen in de bundel ´Grondstof´ waarin vele gedichten staan, die in een periode van 6 jaar ook al hier op deze site te lezen waren. Remco Ekkers voerde een interessant vraaggesprek met van Wieren waarin alle aspecten van de ontwikkeling van zijn dichterschap aan de orde kwamen. Een gemeenschappelijke conclusie was dat het nooit een individueel proces kan zijn. Noch het groeien als dichter, noch het samenstellen van een selectie van `het beste werk´. Het zal de lezer niet verbazen dat van
Wieren, al geruime tijd ´Vriend |
Gerrit Breteler - veelzijdig kunstenaar |
| Wens
In elke jaszak minstens twee O nee Het lijkt een oud gerimpeld brein Zo droom ik mij een voortbestaan: © Atze van Wieren |
©
Verslag John Zwart voor Hernehim Cultuur
Eén wens van Atze van Wieren is in elk
geval "Grondstof" - 45 gedichten. |
| Nieuw Cultureel seizoen van start | UITMarkt 2008 en OBA Podium |
|
30 & 31 augustus - Amsterdam UIT
Markt - |
UITMarkt
publiek genietend op het IJ-terras |
Concert in de Blue Notezaal
Gortet Café - Jazz |
Er wordt meer geboden dan het
publiek waardeert. In de braderiesfeer die zich over alles uitsmeert, zijn niettemin op diverse plaatsen artiesten bezig het beste van zichzelf te geven. Ik ging naar 'Fifteen' waar een miniconcert van een half uur was aangekondigd, te geven door Marzio Scholten, een getalenteerd jong jazzgitarist, recent afgestudeerd aan het Amsterdams Conservatorium. Veel mensen bleken eerder naar die locatie te zijn gegaan voor drank en ontmoetingsgezelligheid. Zo'n vijf minuten voor aanvang vond ik een plekje op de traptreden dicht bij het podium. Toen de jonge gitarist zijn solonummer begon streek een stel vlak naast me neer. Tijdens het spelen zaten ze onafgebroken in elkaars oren te brullen, boven drums en bas uit. Na een poosje hield ik het niet meer en toeterde op mijn beurt in het oor van de man "Waarom gaan jullie niet lekker buiten schreeuwen?" Hij was te verbaasd om boos te worden en begon zowaar nu en dan naar de muziek te luisteren. Toch, op het grote terras naast het Muziekgebouw aan het IJ |
| Langszij
van de UITMarkt, waar ik natuurlijk maar een vleugje van kon meemaken - een mens kan nog altijd maar op één plek tegelijk zijn - was de zaterdagmiddag van 30 augustus natuurlijk het vaste maandelijks Open Podium van de OBA van Jos van Hest. Door de concurrentie van alle andere publiekstrekkers en het mooie weer wat minder bezocht dan gewoonlijk. Maar de mensen die kwamen kregen weer een interessante middag. De populariteit van het Podium heeft gastvrouw Riet Lamers inmiddels genoodzaakt om de mensen die dit jaar al eens eerder optraden, voor een tweede keer alleen een plekje te bieden als het aantal nieuwkomers, die voorrang genieten, nog ruimte overlaat. Zo gaat ze heel consequent en integer met de tijd om. De meeste bekenden zijn heel vaak toch als toehoorder aanwezig, zoals Peter Abbink, Conrad vd Weetering, Barbara Baumgarten, verder de éminence grise dhr.J.C.Aachenende en de Hongaarse Nederlander Czaba Czerèp. Bij voorgaande afleveringen is het optreden van bijna alle 'stamgasten' al eens besproken, evenals dat van Nele Camargo. Een uitzondering wil ik maken voor 't optreden van Barbara Baumgarten, omdat zij geen internet aansluiting heeft en daarom nooit met ons kon emailen. Daardoor heeft er nog nooit iets van haar op deze site gestaan. Aan het slot van dit verslag daarom integraal haar lange gedicht "Tuinmaten" dat zij voordroeg en eerder door de OBA werd gepubliceerd in de eerste jaarbundel "Van de Prinsengracht 2004". |
Gerda van Dijk |
Winnares van Hernehim Gedicht van de Maand |
Nieuw
voor ons was Gerda van Dijk, die haar poëzie aan haar belevingswereld dicht bij huis ontleent. In haar straat zag ze het café op de hoek telkens van karakter veranderen, met 't wisselen van de eigenaars. Nu was het er heel luidruchtig geworden, met gasten uit verre landen. Gerda vatte het plan op met de eigenaar te gaan praten over de geluidsoverlast. Maar het communiceren verliep slecht, niet alleen was hij de Nederlandse taal niet machtig, bovendien bleek hij... stokdoof. "Hij zocht naar woorden op mijn lippen". Vast feestelijk element van de middag was weer het uitroepen van de Hernehim Cultuur - Dichter van de Maand. Het betrof het als best geselecteerde gedicht op het thema "zwerflust", waar het in de beslissende fase ging tussen de gedichten "De einder" van Vera De Brauwer en "Wandeling" van Edith de Gilde (Den Haag) aan wie tenslotte de prijs toeviel. De meest boeiende nieuwkomer was voor ona de dichter Jos Versteegen, jarenlang redacteur van het Literair Tijdschrift "De tweede ronde" en poëziedocent. In feite dus een collega van Jos van Hest. Hij had zijn vierde bundel meegebracht: "Slapen bij een warme man", uitgekomen in maart van dit jaar bij Nieuw Amsterdam. Onder die intrigerende titel gaat een eerbetoon schuil aan de moeder van de dichter. Op indirecte wijze heeft hij de waardering voor haar in zijn gedichten verwerkt, die over 'de dingen' gaan. Niet rechtstreeks over de moeder, maar via 'de dingen' over zijn moeder. Zoals gehakt draaien in de gehaktmolen, de vaponastrip, de kleverige vliegenvanger aan het plafond. |
|
Op dezelfde manier kon hij schrijven over
zijn vader, kleine boer in Verslag: John Zwart Foto's: © Copyright Eigen foto's - Hernehim Cultuur
Voor deelname aan het OBA Open Podium
contact:
|
Jos Versteegen |
| Tuinmaten
Hoe vertel ik de zang van de
merel? © Barbara Baumgarten
|
Rouwranden
Ik zie hem langs de grenzen lopen Ik weet dat hij de oogsten telt Zijn ogen, rood in blauwe kassen, Dit is de tuin van mos en grassen, © Jos Versteegen
(uit de bundel "Voorgoed
volmaakt",
Amsterdam 1996)
Edith de Gilde ontvangt de Hernehim
Cultuurprijs voor het
|
| Buitenpodia van Poëzie in het Park afgesloten | Verslag van John Zwart 27 augustus 2008 |
| Zondag
24 augustus organiseerde Amsterdam Wereldboekenstad 2008 het laatste openlucht evenement van "Poëzie in het Park" in het smalle Westerpark van deze stad, ingesloten door het spoor en Haarlemmerweg. Hiermee is een serie buitengebeuren, die op 1 juni in het Vondelpark begon, afgesloten. Op de avond van 6 september zal in
de hal van het Sloterparkbad nog
|
Afgelopen
zondag begon in het Westerpark "Poëzie in het Park" al in de ochtenduren. Er was een wandelroute uitgezet die de bezoeker aan de hand van een boekje met een aantal vragen en opgaven aan het werk zette. Ik zag ook nog een kunstenaar timmeren aan een schaap, de laatste hand leggend aan een audio-object, waarvan de titel luidde De Schapenfluisteraar. Gezeten aan een tafel zat de kunstenares Anne ten Donkelaar grote kleurige vogels te vouwen, weer een andere kunstenares Tine van Wel, liep kriskras door het park met een kruiwagen vol houten letters. Daarmee liet zij op verschillende plekken poëtische regels achter in het gras. |
![]() de 'Beppes' spelend in het gras |
In
weerwil van het gunstige weerbericht, begon de ochtend wat donker en kil, maar gaandeweg werd het steeds aangenamer en konden onze jassen uit. Toch gaf ik nog geen gehoor aan opdracht nr 3 van het wandelingen- boekje: "Even ontspannen - Ga liggen in het gras, sluit je ogen en blijf een poosje lekker liggen." Ik gaf liever de voorkeur aan het parkbankje dat er ook stond. "Bedenk wat er in het park allemaal te zien is en waaraan je verder moet denken terwijl je daar zo ligt. Schrijf op: Ik zie / ik hoor / ik ruik / ik moet denken aan." Wat had Ik gezien? Veel bijzondere bomen, bv een vleugelnoot en een walnoot, een heel oude treurwilg, heel veel erg tamme wilde eenden en bijna evenveel passerende hardlopers. Wat hoorde ik? Kreten van de meerkoeten en waterhoentjes, krassende kraaien, koerende duiven, het geklater van de fontein. Verder geronk van de auto's die aan de verkeers- lichten remden en weer optrokken, het kedengkedengkedeng van de trein aan de andere kant. En ik rook een frisse wind. Ik dacht aan een ouderwetse picknick met een mandje in het gras. |
Diana
Ozon in het park ![]() |
Opdracht
nr. 4: "Inspiratie - Kun je met wat je opschreef bij de vorige opdracht een gedicht van vier regels schrijven ?" Nou dat kon ik wel, binnen een paar minuten stond er: als ik de
auto's buitensluit Uitspraken van Spinoza, van Annie
M.G.Schmidt, van Anne Frank waren |
|
|
Aan
de cateringkraam, kon je terecht kon voor koffie, thee en versgeperst sap, maar door degene voor wie het eten op zondag pas bij de brunch begint, kon ook een 'dichtersontbijt' worden genoten. Nabij waren een aantal 'rijpere' dames neergestreken, "de beppes" noemden zij zich. Dwarsfluit, accordeon, viool en gitaar waren de instrumenten waarop ze speelden als ik het mij goed herinner, ja gezongen werd er ook. Susan Rezai uit Iran vertelde een sfeerverhaal uit haar geboorteland. Aan de andere kant van het podium was de
gedichten-droogmolen (die
© John Zwart, 27 augustus 2008 |
| Tweede Drentse Open-Dicht Festival | Verslag van John Zwart 18 augustus 2008 |
|
Schoonoord, Sleenerzand is de plek, zondag 17 augustus is de dag. Stichting Drenthe Poëzie - anders
gezegd Mart
Brok, stadsdichter Een deel van de dichters en publiek op de heuvel
© Copyright - Eigen foto's Hernehim Cultuur
|
![]() |
Opening met 'slagwerk', een 'knipoog' naar het thema 'Poëzie en Muziek' |
Rond 11 uur kom ik aan op het zandweggetje naar het
festivalterrein, ruimte gegeven. "Een experiment" zal Mart Brok, die de presentatie verzorgt, het later noemen. Ook zijn er nu marktkramen, met beeldende kunst en met aandacht voor de Drentse Toal, een algemene boekenkraam van de boekhandel Kardol met de nieuwste bundel van Simon Vinkenoog, de speciale gast, en een stand waar bundels van de overige deelnemende dichters worden verkocht. Het publiek van dit gratis festival kan zich daar ook de bloemlezing "Slagwerk" aanschaffen, een boekje met poëzie van alle dichters die zich vandaag presenteren en wat opent met het nieuwe Amsterdamgedicht van Simon Vinkenoog. |
|
links Adri de Fluiter die een inleiding uitspreekt
Het gaat een heel leuke dag
worden. Het centrale podium, midden vóór |
Het "Drentse Open-Dicht" werd
voor 2008 het thema "Poëzie en Muziek" |
Dichter-presentator Mart Brok
Pom Wolff, winnaar festivaldichter-prijs, in actie
Na de prijsuitreikingen en als laatste dichter leest Simon Vinkenoog
|
Nell Nijssen (Goes), winnares poëziewedstrijd, categorie volwassenen Er zouden 2 prijzen worden
uitgereikt, een "festivaldichter prijs" en een Eraan voorafgaand
waren al twee prijzen uitgereikt aan de winnaressen Simon Vinkenoog zelf
neemt het slotoptreden voor zijn rekening. © John Zwart voor Hernehim Cultuur, 18 augustus 2008
|
| Optreden van de dichters op het centrale "Oog Podium" het eerste blok | |
|
|
|
A C G Vianen Ellen Deckwitz Ko de Laat |
|
| In het eerste blokje treden op: Gijs ter Haar, ACG
Vianen, Ellen Deckwitz,
Ko de Laat en Anna Hardonk. Gijs ter Haar, winnaar van de eerste editie van het Drentse Open-Dicht, is nu jury voorzitter. Hij treedt natuurlijk op buiten mededinging. De lange man uit Amersfoort, waar hij zijn eigen slampodia organiseert in Borra, laat ons niettemin een verzorgde voordracht horen, onder smaakvolle, subtiele gitaarakkoorden. "Symphonica Regina" ACG Vianen is de volgende die het podium betreedt. Inmiddels is hij een bekend fenomeen als stemacrobaat. Het muzikale element is er altijd wel in te vinden, omdat het vooral om klanken gaat. Soms zelfs in acts zonder woorden, zoals in het 'tweegesprek', waarin "hrrrrrr hrrrrr hrrrrrr" steeds maar bozer klinkt en de tegenpartij, "hm-hm, hm-hm" geduldig en vriendelijk terug-humt. Soms klinkt zijn stem als een hel en verdoemenis prekende evangelist, dan weer trekt hij zijn toehoorders in een gevoelige, tere sfeer met "zacht gezicht zegt zacht ... zo zacht ... zo zacht ...", dan weer barst hij jolig los in een enorm tempo "odijeee odijaa". Het is maar een poging die ik hier doe om zijn optreden te beschrijven, want je moet het eigenlijk meemaken. Enthousiast wil Ellen Deckwitz 't podium opspringen---- maar de combinatie van een vloertje met weinig profiel en gladde zolen breekt haar op. Ze gaat onderuit maar krabbelt snel op en zet de situatie meteen weer naar haar hand met: "ik zal eerst even mijn haren losgooien, dan gaat het altijd beter". Tja met mooie lange haren kun je natuurlijk wat vrouwelijke charme in de strijd gooien. Haar gedichten bewegen zich van vierkante centimeter tot buiten het universum, ofwel van een flosdraadje tussen je tanden tot het broeikas-effect. Een mythisch gedicht blijft intrigerend hangen: oude eiken groeien het liefst aan de rand van kerkhoven. Daar gedijen ze het best, liefst op de vergane resten van dode zondige kinderen. Ze situeert de 'ik' als meisje in zomerjurk onder de eik. Een ander gedicht heeft als inspiratie de tuin in Leens achter het huis van de dichter C.O.Jellema, ze geeft het woord 'stemtest' daarin een plek en daarmee tenslotte ook de dichter zelf. Ko de Laat, met zonnebril (kan dat wel op een podium... tja pop-artiesten doen dat ook, zijn de poëzie&muziekdichters niet ook een beetje popartiesten?). Hij pakt de komische noot en krijgt minstens een glimlach op ieders gezicht met zijn gedicht over de betrekkelijkheid van de dichtersroem. Vooral "die middelbare dame, die een tijdje in je bundel bladert, en hem tenslotte toch niet koopt" zie je meteen voor je. Het werk van Ko is hecht doortimmerd, met eindrijm en loopt in een metrum als een trein die zich stipt aan de dienstregeling houdt. Hij associeert me sterk met Jan Boerstoel, de melancholie is nooit ver weg. De muziek in zijn werk komt aan bod als de oudere jazzliefhebber een modern jazzcafé binnenstapt en 20 minuten lang de foltering van 'piep-knor' ondergaat: "is dit nou nog steeds hetzelfde nummer?" en "duren al die nummers nou zo lang?" Anna Hardonk is de tweede vrouwelijke dichter, ingetogener dan Ellen gooit zij haar rode haren niet los. Anna komt uit Emmen en haar poëzie is geworteld in deze streek van zand en veen, het hoge veen. Het oude veen, geeft haar gedichten iets als 'archeologische romantiek', dit te zien als een onbeholpen poging mijnerzijds om de stijl een beetje te definiëren. In een ander gedicht bejubelt zij haar eigen sekse, de vrouw krijgt een reeks metaforen, "mannen zijn lucht voor mij", maar dan krijgt die lucht toch nog enige inhoud, speelman ... beest" om tenslotte toch bij de liefde te belanden: "toch is er liefde/ noem mij de liefde/ ik ben groot". |
|
| Met Anna
zijn we aan het eind van een lang blok van een uur gekomen en pauzeert het oogpodium tien minuten. Geheel volgens het programma schema, dat nauwlettend door Mart Brok wordt bewaakt. Optreden op de satellietpodia, de 'knipogen', wordt niet aangekondigd. Het is overduidelijk dat publiek zowel als dichters zelf aan een rustpauze en drinken toe zijn, sommige strekken zich uit in het gras, de meeste spoeden zich naar de catering-tent... Boem-boem-boem klinkt dan het signaal: einde plaspauze, we gaan weer verder! |
|
| het tweede blok | |
|
![]() |
| Wibo Kosters Ria Westerhuis | |
| Paul
Borggreve (Groningen) mag het tweede blok openen. Hij maakt deel uit van
een groep dichters
die zich Dichtgroep Rondrijm noemt. Zij specialiseren zich op vormvast dichten met vol eindrijm, Ko de Laat zou zich erin thuis kunnen voelen. Paul komt op met 'n ukelele, niet zomaar een ukelele, hij figureert bijna als een buikspreker met zijn pop en geeft zijn instrumentje een naam: 'Bruco' en een persoonlijkheid. Deelt ook het applaus met hem. Zijn gedicht over een slecht spelende straatmuzikant wiens plekje na een poos wordt overgenomen door een vrouw, die nog hartverscheurender speelt, klinkt bijna als een column. Wibo Kosters met zonnebril en gitaar betreedt het podium. Hij trekt ons zo vanuit het heldere zonlicht een nachtuitzending van Radio Transzulu binnen. Er komen beroemde popsterren voorbij in zijn gedreven voordracht. Neil Young, maar niet alleen de glamour, het is vooral de aftakeling die de sfeer schetst, Elvis Presley: "goed dat-ie dood is". Ja, nu toch een blijvende legende, zou een soort Michael Jackson geworden zijn. Het beeld van een Waldo: "meewarig hoofdschuddend boven de wc-pot". Misschien zijn de citaten niet helemaal correct weergegeven, bij het uitwerken van notities in haastig steno in het gras gemaakt stuit een verslaggever wel eens op vraagtekens. Ria Westerhuis haalt ons gelukkig weer uit de sfeer van het menselijk verval. Daar moet je namelijk niet te lang achtereen in vertoeven. Als kind van Zuidoost Drente speelt Ria een thuiswedstrijd. Ook in haar poëzie blijft ze dicht bij huis en zingt over haar land in de streektaal. Over het land, over een boot op het land, waarvan de romp weer glanzend wordt... maar is 't wel een boot? Met de Nederlandse gedichten is het makkelijker te volgen, na "Suikerspin", een gedicht dat over de kermis gaat en ook weer niet, hebben we haar erotische ondertoon te pakken. Ze onthult dat ze samen met Delia Bremer werkt aan een bundel met erotische poëzie, en geeft ons een voorproefje met een gedicht over de fietstocht door het Drentse landschap met haar vriendje, op een mooie dag in een doorschijnende bloes. We zijn benieuwd. Hou het vrolijk Ria, seks is vooral ook om te lachen, dat wordt maar al te vaak vergeten. |
|
![]() |
|
| Alex Franken Talrijk publiek geniet6 van zon, muziek en poëzie | |
| Alex Franken komt. Daar had ik al
vaak van gehoord maar hem nog niet eerder gezien. Pijpenkrullen en ook met gitaar, een elektrische, gelukkig geen zonnebril. Hij boeit, vooral de mooie ballad over de vlinder, waarmee hij opent. En maakt een plezierig contrast door in up-tempo over te gaan naar "Binnenstad Boogie", gaat vervolgens weer een tandje lager met "Laat". "Laat ons l iegen, laat ons liegen dat het liefde is". Deze deelnemer geeft de meest consequente invulling van het thema "Poëzie en Muziek". Alles wat hij laat horen zijn songs. |
|
| Mart Brok
controleert de voortgang van het programma in het tijdschema. Geen echte pauze dit keer, de "knipogen" worden nu ingeschakeld. Gerdina leest onder een partytent, Ingeborg neemt fier plaats op de imposante zwerfkei. Maar ik ben hard aan drinken toe, ik moet keel en stembanden nat en soepel houden: zelf moet ik ook nog! Zo heb ik aan Ingeborg echt wat gemist volgens Pom Wolff, die haar wel heeft beluisterd. En om Ingeborg recht te doen, neem ik hiernaast graag een stukje van Pom's verslag over, geheel voor zijn verantwoording natuurlijk "In een hoekje trad ingeborg op met de hand geschreven gedichten. In het programma is haar naam met de hand erbij geschreven. Misschien staat er ingeborg klater - ik kan het net niet lezen. help me hoe heet zij. Ze is goed heel erg goed. Je kon langs drie dichters lopen in de pauze. We liepen naar de eerste – dat was ingeborg – even luisteren en dan door maar dat lukte niet meer. ingeborg is ingeborg en gezeten op een steen – steengoed. De bel ging – het was niet mogelijk om door te lopen – zo gevangen kan poëzie je houden." Maar de man met de grote trom van Showkorps Bazuin verstoorde de droom, tien minuten zijn zó om, het hoofdpodium vraagt weer onze aandacht. |
|
| het derde blok | |
![]() |
|
| Pom Wolff Miranda Mei Gerrit Vennema | |
|
Pom Wolff, zó vanonder de indrukken
die Ingeborg achterliet, nu zelf het podium op. Hij maakt een gekscherend zwaaigebaar over
en zo ook zij die in een zaal omdat het zicht de leegte in Miranda Mei houdt zich aan haar
liefde voor de eigen Friese taal. Haar gedichten komen in het Fries
tot stand, dat zijn de "Ik sykje it doarp yn de laaielinen
fan 'e klaai, Blauwe man, dû lûkst net keal de
weareld yn. Vervolgens leest ze nog een teer
liefdesgedichtje "De bus nei Kûkange" en een gedicht waarin het fluitenkruid
in de lente, |
|
| Als
hiermee het derde blok op het centrale podium is afgesloten worden de 'knipogen' weer volop actief. Ellen Deckwitz leest nog een tweede keer, nu voor een kleiner publiek, verder zijn daar Egbert Hovenkamp II, Laura van Loon, Jamo Moes en Joke Rehbergen te beluisteren. ntussen hebben ook SImon Vinkenoog en zijn Edith RIngnalda het festival betreden. Mart Brok begint het tempo een beetje aan te duwen: "dichters wilt u zelf goed op de toegemeten tijd letten, het zou toch jammer zijn als we straks onvoldoende tijd over hebben voor onze gast Simon Vinkenoog". Veel te snel klinken de trommelslagen alweer voor het vóórlaatste blok. |
|
| het vierde blok | |
|
|
Martin Beversluis John Zwart Eva Annaluna |
|
| Bernhard van Loon, de enige dichter
die in korte broek op het podium staat en, echt waar, met sandalen aan de voeten. Hij brengt een recent geschreven gedicht over een romantische strandwandeling. "Scheen er een maan -ja werkelijk- zich spiegelend juist/ daar waar je voetstap/ een kuiltje water maakte". Het thema brengt hij tot leven met klankpoëzie ".. puntjes/ waar een hamertje over getrokken wordt/ tot het klinkklaar is. Stil eens...// God wat galmt dat. Als duizend/ tinkelende pegeltjes op vliesdun ijs." Ja en dan sta ik er zelf, John Zwart. "Onderhuurders" laat ik horen, het gedicht waar een maand geleden John Jansen van Galen helemaal lyrisch van werd. En dan het eerste stuk van de serie muziekgedichten die ik bijeenzocht: "Vrijbrief" de vrolijke noot na de relativerende ernst van het begin, dan "Fado" en "Bolero". Wat schrijf je over jezelf? Ik ga liever maar even te rade bij Pom Wolff: "JohnN – misterhernehimself - gewoon in het zonnetje – in drente vergeten ze de dichter niet - gaf zijn poëzie klanken mee dat zelfs de bomen ervan spraken en ik sprakeloos genoot". Aansluitend danst Eva Annaluna het podium op in ijl luchtig wit, met accenten in mintgroen en bleu. Blote voeten, enkelvrij met kettinkjes waaraan iets rinkelt. Dans en voordracht in synergie, het geluid van de muziek en de klanken van een vreemde taal verenigd. "Henna-hey Eyla Henna-ho Oo". Dat ze al dansend voordraagt blijkt uit haar headset met microfoon. De inspiratie kreeg ze uit "Follow the sun" van de groep Nomad. "'Keep your face to the Sunshine/ and you will not see the shadows',// Dansend op het strand/ stamp ik in het ritme/ van mijn lijf./ Opstuivend zand om mij heen... Simon Vinkenoog komt nu in actie, toont zich begeesterd door 't festival. Hij vindt het prachtig zoals al deze mensen en ook de jeugd bezig is met hun creativiteit. Hij reikt de prijzen uit aan Nell Nijssen en Maartje de Goede. Nell Nijssen, die zich als Jessica presenteert onder dichterspseudoniem. |
|
|
Het winnende gedicht van Nell Nijssen Intermezzo klank ademt zich langsheuveltjes van kippenvel zoals een zoentje op je kruin over houden van en kleine ons van noot naar noot, langs het trilt de leegte uit een lijf © Jessica
|
|
| het laatste blok | |
|
|
| Mike Platenkamp Delia Bremer Juryvoorzitter Gijs ter Haar | |
| Asman! betekent opnieuw nog meer
muziek. Jeugdsentiment uit nog niet zo lang vervlogen jaren. Eerste
liefde die nog die naam niet droeg. "Ik was bijna 15 en hoe oud jij was/ dat wist ik niet" "Jij was bijna 17 jaar/ tenminste dat zei je/ Jouw beugel glom in de zon/ het paste zo goed bij je" "Ik loop in 7 straten/ het liefst ook tegelijk/ ik wil wel graag iets kopen/ maar bedenk me nog op tijd" Mike Platenkamp hoorde ik ongeveer een jaar geleden al eens bij Eijlders in Amsterdam, klonk toen als een dichter in de groei. Hij deed sindsdien wat slamervaring op en zijn stijl is universeler. Inderdaad, hij is gegroeid. vlees noch staal ligt de verbruikte energie er zijn grenzen aan begrip de ronde dat de liefde lastig ligt neem mijn geef me neem ons in Delia Bremer mag de rij sluiten,
vóór het slotspektakel van de immer sprankelende Simon Vinkenoog. © John Zwart - 20 augustus 2008
|
|
| Poet Treefeest - Bergen NH - Van het dorp, de boom en het hotel, een verslag - 12 augustus 2008 | |
Bergen, Noordholland 12 augustus - Het zit de enthousiaste organisatoren van de openlucht evenementen niet zo mee deze zomer. Het veranderende klimaat, met als kenmerken: méér harde wind of storm en overdadige regenval, vormt een regelrechte bedreiging voor de cultuuruitingen onder de blote hemel. De vroege vogels van mei en juni benutten nog de beste tijd, maar wie gokte op de geijkte zomer volgens de kalender, de maanden juli en augustus, komt er helaas meestal niet zo goed vanaf. |
Poet Tree heet de Gedichtendag van Bergen, die dit jaar voor de tweede maal werd gevierd als poëtisch evenement. Dat is meestal de testfase die beslissend is of een festival het verdient om het tot een vaste jaarlijkse traditie te brengen. Is Bergen geslaagd? Dichter JohnN maakte de
dag als deelnemer |
| De Boom | |
|
Poet Tree
Boven: De kastanje met nog droge inzendingen © Copyright: Eigen foto's Hernehim Cultuur |
De
openingsbijeenkomst om 11 uur op het Plein onder de grote boom verliep onder een dreigende onweersbui, die omstreeks 11:15 uur plagend startte met wat regen, maar al spoedig op volle kracht losbarstte en met alle ingrediënten als stortregen, bliksem en donder ons allen op de vlucht joeg. Na een aanvankelijk leuk en speels begin met een 'vogelman' op een fiets in zijn act zonder gesproken woord en een vriendelijk welkom van de geestelijke vader van het evenement, Arij van der Vliet, wiens woorden voor het merendeel in de wind wegwoeien en in verkeersgedruis verdronken... verviel de opgewekte samenscholing tot een chaotisch geheel tussen de gestalde fietsen en KPN telefooncellen in de onderdoorgang tussen het VVV kantoor en de Kunstuitleen. Individueel en in kleine groepjes
zocht men zijn heenkomen naar droger |
![]() |
![]() |
| Tegen
13:00 uur werd het droog en organisator Arij van der Vliet kwam langs, melden dat het lunchtijd was. Op het terras van het naastliggend 'Hotel 1900' was een tafel neergezet met manden broodjes en appels, bordjes en bestekbak. Ernaast een stuk kaas, potjes eko-jam, thermoskannen met thee, koffie, tast toe. Van de 20 á 25 deelnemers die ik verwachtte, kwamen er hier nog geen dozijn opdagen, een magere bezetting als die over het hele dorp uitzwermt. Jet van Swieten ging om 14:00 uur een workshop geven in de Openbare Bibliotheek en juist toen brak de zon door, wel is waar met een stevig aanwakkerende wind, maar het buiten zijn werd daarna heel wat aangenamer. Het kleine groepje workshop deelneemsters (hoe komt het toch dat het bijna altijd alleen vrouwen zijn die zich voor een workshop poëzie aanmelden?) was voor Jet gemakkelijk alleen te begeleiden. Ik had meer zin om nog wat in de buitenlucht te blijven. Een kleine wandeling naar de ruïnekerk, een van de 'locaties en onvoorziene plaatsen' waar volgens aankondiging 'performances, muziekoptreden en onverwachte gebeurtenissen' te beleven zouden zijn. In het gazon binnen de ruïne stond een meer dan manshoge xylofoon opgesteld. Maar het was er stil, de speler had blijkbaar een pauze genomen, bijna serene rust: geen dichters, geen publiek. Alleen een gezinnetje dat genoot van de weersver- betering. |
![]() Toch nog zon bij de ruìnekerk |
|
Aan de westkant van het carré om de kerk zijn er winkels en terrassen die veel minder onrustig zijn dan in de kern, bij het Plein, waar onophoudelijk het verkeer raast. Ik stapte de 'Eerste Bergense boekhandel' binnen waar de welwillende eigenaar me alle gelegenheid gaf om af en toe één of twee gedichten voor te dragen. Telkens waren er 4 tot 6 mensen binnen om wat aan de boeken te snuffelen, zij wilden best wat poëzie horen. Twee dames bleken Slauerhoff liefhebber en werden zeer enthousiast over mijn 'Acrostichon' en 'Mijn gedachten bij hem'. Beiden kochten een exemplaar van mijn bundel "Zeearmen". Gaat om de bijna-laatste exemplaren. Zo sprokkelt een arme dichter een stukje van zijn onkosten bijeen! |
Om 15:00u
streken Rik Comello en ik neer op het terras van 'Fabels' vlakbij. Het lag helaas niet op de zon maar bood goed beschutting tegen de westenwind die zijn best deed stormkracht te halen. Omdat het niet koud was waren deze terrassen toch goed bezet. Rik haakte in op die onstuimige westenwind met zijn gedicht waarin hij aanraadde daar 'niet tegenin te roepen voor de eeuwigheid'. Rik en ik hebben om beurt af en toe voorgedragen bij verschillende tafeltjes. Vóór vijf uur moesten we weer terugzijn op het Plein, dan zou de boekenkraam sluiten. Die stond in de tochtige onderdoorgang tussen het VVV kantoor en de Kunstuitleen. Zoals verwacht was er niets verkocht. De vrijwilligster zal een saaie, vervelende dag hebben gehad, jammer. |
![]() |
Dan,
valt een gat in de dag van half zes tot acht uur, maar er moest natuurlijk ook gegeten worden. Terug maar naar Gorter's Culinair, een van de sponsors, waar deelnemers 10 euro korting op de rekening kregen. Niet meer zoals vanmorgen, nu droog op het terras, maar er blaast zo harde wind dat de salades uit de schaal waaien. Binnen eten dus. De hernieuwde kennismaking met Rob Vos - ik ken hem van podia in Zaandam alweer jaren geleden, werd met een goed gesprek bezegeld. Rob Vos is acteur, docent drama én dichter, die zelf ook poëziefestivals organiseert. Hij maakt op mij altijd veel indruk door zijn tekstgeheugen, het is echt fenomenaal dat hij al zijn gedichten uit het hoofd doet en - als het even kan - ook nog liefst zonder microfoon.
Eten bij Gorter's Culinair. Op de voorgrond: Rob Vos
|
| Het hotel. | |
| Tegen
half acht gaan we de lobby van Hotel 1900 binnen, waar een jong meisje bezig is haar geluidsinstallatie op te stellen, "Yori", presenteert zich later als 'singer-songwriter', zij gaat, tussen de dichters in, wat muziek maken. Het stroomt snel vol met publiek en dichters. Al die mensen die ik overdag tevergeefs zocht, omdat ze blijkbaar pas 's middags kwamen, toen het droog werd? Of omdat ze het helemaal lieten afweten overdag? Nu komen ze allemaal binnen. Ik zie Alkmaarders, onder andere Dick van Hoeve, dan nog een heel Amsterdams peloton: Merik van der Torren, Simon Mulder, Pom Wolff, de Rotterdammer Arie Vuyk. Ook nog wat plaatselijke coryfeeën, zo zijn er opeens wel meer dan 20 podiumkandidaten. Met zoveel zelfbewust volk is het zaak een en ander goed in de hand te houden. Dick van Hoeve van de Alkmaarse Dichterskring mag openen, hij houdt zich aan het thema: "Bergen, ontmoeting, natuur". Arie Vuyk is "de komiek" die zijn korte satires, grappen en grollen met wat halen uit een mini-accordeon begeleidt. Ik onderga bij hem een "Dorrestein-effect". Er staan drie dames geprogrammeerd met proza, een fragment Boven: "Yori" - Yori
Swart, jeugdig
singer-songwriter - © Copyright: Eigen foto's Hernehim Cultuur
|
|
|
Is er wel een bodem?
Ieder mens heeft kloven
en grachten Omdat het zo'n eind moet
vallen maar; hoe diep, duister
of onpeilbaar
© Rob Vos
|
Ontmoeting In het park kwam ik hem tegen. Huiverend liep ik naar huis.
© Merik van der Torren
|
Naomi voert ons door een duistere buitenwijk van Havanna |
De
mevrouw, die zich Naomi noemt, krijgt het wel muisstil met haar
trage verteltrant en geladen spanningsstiltes, waarmee ze een schijnbaar voodoo- horrorverhaal uiteindelijk naar een gelukkig slot voert, maar oh... die klok, die draait maar dóór en in het overvolle vertrek, met openslaande deuren die vanwege de storm buiten gesloten moeten blijven, wordt het heter en heter. En het meisje Yori, dat zoveel Engelse liedjes zelfgeschreven heeft, wil ook zo graag veel spelen en de bar moet toch óók draaien. Dan moet die dichtersstoet zich inhouden voor weer een flinke pauze, dan kunnen ze mooi even buiten peuken gaan roken. Merik van der Torren houdt het bij korte gedichten, zoals over zijn ontmoeting met de 'man met de zeis' maar mag later nog een tweede keer opkomen, Simon Mulder pakt zijn 'brevier' en stemt zijn toon weer af op zijn 19e-eeuws imago, waarmee hij Arij blijkbaar hypnotiseert, want hij gaat maar door zonder dat het tot de spreekstalmeester begint door te dringen dat het feest op die manier ver over de veronderstelde eindtijd van elf uur zal uitlopen. Ook Ellen Swanenburg, die zich op de dag zelf het podium nog heeft binnengepraat, én de dames die spontaan aan de workshop van vanmiddag meededen, én de mensen, die een gedicht uit de boom geplukt hebben... al die mensen mogen zoals is beloofd, ook nog het podium beklimmen. En Peter Smulders leest het ene gedicht na het andere over ruisende dennenbomen die de esdoorns omarmen. |
| De hitte
binnen en de overdosis wordt mijn 'maatje' Rik Comello teveel en hij verdwijnt door de zijdeur richting Den Haag. De avond spoedt zich naar zijn einde en al wat meer mensen gaan naar huis. De schrik slaat toe. Jet van Swieten krijgt een strenge beperking in hetgeen zij nog mag lezen, wat helaas een verstoring in de zorgvuldig gekozen cyclus betekent. Gelukkig heb ik ze vanochtend onder het regen- scherm allemaal al gehoord, zodat ik toch van "Zonsondergang in Oostende" kan genieten. Pom Wolff weet als slamdichter als geen ander hoe hij het in de impressie en in de kwaliteit moet zoeken, en hij beperkt zich vrijwillig in zijn kwantiteit. Ondanks het vorderende uur weet hij de volle aandacht op te roepen. Nadat Rik voortijdig was vertrokken blijkt Arij mijn naam ook maar even gemakshalve uit het lijstje te hebben geschrapt om zo te trachten niet al te ver over de tijd heen te schieten. En dat schiet mij in het verkeerde keelgat. Een dag "van elf tot elf" geheel meegemaakt en dan ongehoord 140 km naar huis gestuurd? Dat overschrijdt de wellevendheid. In het allerlaatste blokje mag ik nog 3 korte gedichten, wéér probeer ik er het beste van te maken, ik blijf een positief mens! |
Pom
Wolff, ervaren podiumdichter houdt de mensen scherp |
|
zonsondergang in Oostende toortsen zijn
gebouwen op het
zeeheldenplein een visser
hengelt die
onvergankelijk lijken
© Jet van Swieten
|
vader
van mij had je mogen blijven dat er altijd zand zal zijn
© Pom Wolff
|
| Er waren ruim 25 podiummomenten
gepasseerd. Ik noemde alleen hen die mij om één of ander reden goed zijn bijgebleven, er is een grens aan wat een mens in zich kan opnemen. Want wie waren er nog... de vader van de zangeres die ook dichter bleek te zijn, een blonde mevrouw Marie Anne die acapella een lied zong, een Jeremy, een Guda, een Klaartje, een Thea, een Paul Hof en dan ben ik vast nog niet volledig, is mij ongetwijfeld nog iets ontschoten. |
We
hebben veel gehoord deze dag, er sprongen een aantal hoogte- punten uit, maar er werd ook wel goedbedoeld woordenwerk ten gehore gebracht, dat het niveau van 'tussen de schuifdeuren' niet vermocht te overschrijden. Poet Tree 2009 wéér? © JohnN - 14 augustus 2008 - voor Hernehim Cultuur |
| Dichters in de Prinsentuin 2008 Verslag van Loes Essen - 2 augustus 2008 | |
|
De elfde editie van het poëziefestival Dichters
in de Prinsentuin De eerste avond in jazzcafé De Spieghel Er is veel belangstelling die eerste avond
in jazzcafé |
De Prinsentuin. |
|
DE BALLADE VAN DE PIEPENDE MAN
Hier staat de piepende man En alles is landschap Opwaaiend stof Alles is landschap Wat hier in galop Alles is landschap © 2008 Krijn Peter Hesselink (Uit: 'Als geen ander' )
|
Opvallend is
de presentatie van de fragiele Vlaamse Eva Cox. Zij geeft met warme stem een bijzondere voordracht, danst als het ware haar gedichten in slow motion. De subtiele, vloeiend draaiende bewegingen lijken ter plekke organisch te ontstaan uit de woorden. Gedichten van een hypnotiserende overtuiging, knap geacteerd in timing, herhaling, nadruk; kortom een indrukwekkende performance, breekbaar, maar ijzersterk. Zij droomt zich een stoel Zij droomt zich een stoel Eva Cox (Uit: 'Pritt.stift.lippe', 2004) De dichters in het jazzcafé worden op
professionele wijze
|
Krijn Peter Hesseling(Enschede) |
Eva Cox (Gent - Vlaanderen) Foto's Jaques Vos |
|
De tweede dag, donderdag 24 juli Donderdagmiddag kondigt op zijn bekende joviale manier Deze dagen zullen er 80 Vlaamse en
Nederlandse dichters |
Nyk de Vries
|
Roos Rebergen (Roosbeef) Foto's Jacques Vos |
Na
voordrachten van Ruth Lasters en Maarten Doorman komt een
jonge vrouw met vlammend rood haar naar voren en gaat achter een keyboard staan. Het is zangeres Roos Rebergen van de groep Roosbeef. Zij zet een sterk optreden neer. Haar sprankelende muzikaliteit moet even de zinnen van het publiek verzetten, maar ook haar pittige teksten en slepende uithalen dwingen hier tot luisteren, houden je op de plaats, ademloos. Haar stem is snijdend glaszuiver. Dit is geen optreden waarbij je even wegloopt, 'n drankje koopt, zelfs een bezoek aan het toilet wordt graag even uitgesteld. Fascinerend in alle opzichten. Haar lichaam kromt en wiegt op de maat en lijkt haar handen ín de toet- sen te drijven in een dwingende driekwartsmaat. Haar woorden drijven en dreunen naar binnen en blijven daar lange tijd hangen, net als die stem, die net tegen de toon aan lijkt te tergen, maar nergens vals wordt en dat maar blijft herhalen in nietsontziende slepende klanken. Tegen tonen aan die nooit thuis lijken te komen, heel bewust, als een vinger in de wonde. Deze klanken schrijnen en schrijnen, doen pijn, maar het is een lekkere pijn. In oktober verschijnt het eerste album. |
|
als ik langs een rotonde fiets
voor wie zelf wil oordelen: HIER
een link
voor
|
's Avonds na
de interviews bij Athena is het nog niet afgelopen.
Want in Café De Wolthoorn is de
mogelijkheid het glas te heffen
|
![]() Sylvie Marie
Foto´s Jaques Vos |
De slotdag, vrijdag 25 juli Een greep uit de optredens op het nog
steeds hoogzomerse Theeveld: Er volgt een optreden van theatergroep Platonia Bas Rompa (die al enkele goed
ontvangen dichtbundels op zijn naam
|
![]() Saskia van den Heuvel In de loofgangen Ook dit jaar weer een keur aan
dichters in de loofgangen, de Peter Knipmeijer (inmiddels bekroond als
'Hernehim Dichter |
Peter
Knipmeijer ![]() © foto Dichters in de Prinsentuin
|
|
Finale Het Festival wordt traditioneel
sfeervol afgesloten op het terras Roos Custers verdient alle lof
voor de organisatie van dit In de jaarlijkse gelegenheidsbundel Loes Essen, 2 augustus 2008 |
Ook genoten we
een
mooi optreden van Wim Brands
Stoet Of de stoet nu lang is, altijd vind ik mijn plek: die ik vraag wanneer en zwijg tot na de koffie; ben ik altijd de man © Wim Brands |
| Julipodium van Centrale Bibliotheek Amsterdam met prijsuitreikingen van Hernehim - op 26 juli | |
|
Amsterdam - De brede trappen van de nieuwe
Centrale EEN NIEUW GEDICHT VOOR
AMSTERDAM DE MAGIE GAAT WEER WERKEN, AM*DAM HET VOORJAAR KOMT NADER, AM*DAM JE WORDT WEER VERLIEFD, AM*DAM JE GAAT VRIJER BEWEGEN, AM*DAM ER KAN WEER GELACHEN WORDEN, AM*DAM Simon Vinkenoog
|
![]() |
![]() |
Buiten is het drukkend warm, binnen in 't gebouw
echter aangenaam In de eerste plaats besteden we aandacht aan mensen
die nog |
![]() |
![]() |
|
Shayne McCreadie
Martijn de Bock is muzikant en zijn
eigen tekstschrijver. |
Martijn de Bock
De laatste nieuweling is Juanna
Semiranis Guillen (spreek uit:
|
![]() |
![]() |
| Boven: Louise, zij schreef 't winnend 'Hernehim Gedicht van de Maand' van mei De uitreiking van de Gedicht van de Maandprijzen
van mei en |
Peter Knipmeijer, blij met zijn prijs van juni
Bekende aanwezigen in de OBA wil ik nog even noemen:
Merik |
| Poëzie in het park Dichters niet in het gras op 20 juli in Park Frankendael | |
![]() Vóór 14:00u was het nog heel aardig zondagsweer |
De zomer mag
dan wel herfstige trekjes vertonen Amsterdam Wereld boekenstad 2008 gaat onverstoord door met het Poëzie in het Park project. Daarin staan telkens om beurt een tiental parken een hele zondag in het teken van dichters en andere taalkunstenaars. Poëtische wandelingen, workshops en acts op een podium - maar het belangrijkste element is steeds het á la carte optreden van een groot aantal dichters uit Amsterdam tot van ver daarbuiten. Heel individueel voor een passantenpubliek vanonder een kleurige parasol. Zo verwierf het project ongeveer halverwege zijn nieuwe subtitel "Dichters In Het Gras". En dat is natuurlijk Pluvius tarten in ons Hollandse klimaat.... Zondag 20 juli was er héél wat zon - was
ook voorspeld - maar precies |
|
Een leuke
oplossing voor het moedige publiek dat ons trouw was gebleven, het was maar een kleine minderheid die het voor gezien hield toen duidelijk werd dat het niet om een bui ging van "even wachten tot die is overgewaaid." Zo kregen de mensen onder hun regenhoedjes en paraplu's de gelegenheid om even een 'smaakmakertje' te ervaren van elke 'grasdichter', dat was iets wat wellicht, binnen de tijd van 2 uren al dwalend van parasol naar parasol, niet zou zijn gelukt. Stadsdeelvoorzitter Martin Verbeet opende met een gedicht geschreven door Leo Schats: 'zoveel voetstappen in oost'. Toch had ik de indruk dat niet alles verliep zoals het Mick Witteveen voor ogen stond, toen ze het 'startschot' had gegeven met: 'Een ronde voor iedereen. Als er dan nog tijd is en het regent nog steeds, gaan we nog een keer rond'. De mate van bescheidenheid en zelfbeperking is niet elke podiumdichter van nature gelijk gegeven. Omstandige inleidingen en behoorlijk lange gedichten pasten niet in het beoogde schema. Een tweede ronde bleek helaas een illusie... na één ronde was de tijd op. Onder: Jos van Hest en Mick Witteveen in overleg |
Boven: Een moedig publiek in Park Frankendael |
![]() |
Misschien was
het beter geweest om het Antilliaanse duo "Poetry Circle Nowhere" aan de estafette niet te laten deelnemen, immers zij stonden toch ook later in het programma op het centrale podium met een eigen optreden. Hoe dan ook, een openlucht evenement blijft altijd kwetsbaar. Natuurlijk, als je werkelijk had kunnen voorzien hoe het weer boven de stad zich zou gedragen (want tegen half vijf brak de zon weer door...) ja, dan zou het programma van het centrale podium om 2 uur mooi droog onder het zeildoek hebben plaatsgevonden en zouden de "Dichters in het Gras" zich om 4 uur alsnog over het grote grasveld hebben verspreid. Maar zoals een bekend cabaretier lang geleden al verzuchtte: "als je alles tevoren weet, kun je voor een dubbeltje de wereld rond`.
© Foto's Hernehim Cultuur en Amsterdam Wereldboekenstad |
| Op het podium
kregen 2 ´grasdichters´ nog wat extra aandacht Marianne Kalsbeek, die een prozagedicht had geschreven op een ´onmogelijke´ opdrachtregel, uitgewerkt tot een amusant verhaal en Vera De Brauwer, die de kans kreeg nog een sonnet van haar hand te zingen, waarmee ze de naam van het SON-net eer aandeed. Wij van Hernehim Cultuur willen graag ook even extra aandacht geven aan Anke Labrie, die wel een mooi gelegenheidsgedicht schreef, maar niet aanwezig kon zijn. Omdat ze in het chaotisch verkeer van Amsterdam werd aangereden. Voorspoedig herstel gewenst Anke!
Hiernaast: Vier van de ´grasdichters´, onder het tentzeil |
![]() |
| Geschreven op
een opdrachtregel van Tierza Wiersma door Anke Labrie:
in de schaduw
van het middaguur temperen zij zacht
verspreiden zij hun licht als de avond valt schildwachten
staande voor mijn open deuren
© anke labrie |
Ook presentator Jos van Hest had
zich op het dichten
Voor Emilie soms is het
leven mooi
© Jos van Hest
|
![]() |
Na de pauze
hield de regen op en kwam de grote muzikale act van het programma. Uit het Surinaamse mannenkoor Maranatha heeft zich driekwart jaar geleden een kwartet gevormd: The River Jordan Quartet, dat versterkt met een extra stem als vijfmans formatie optrad. Zonnige muziek, enthousiast meerstemmig gebracht, en ja, die grote daar helemaal links, dat was die diepe bas.
The River Jordan Quartet
|
| Drie
deelneemsters van de poëzie workshop van Joost Swanborn in de ochtend mochten ook nog hun eerste pennenvruchten voor de microfoon laten horen. Verder was het woord aan drie dichters: Ray Mohan die zich op de gitaar liet begeleiden. Daarna Al Galidi, die van Jos van Hest het podium niet mocht verlaten voordat hij zijn 'penisgedicht' had gelezen. Tenslotte de Groningse dichter Tjitse Hofman.
Al Galidi met zijn toegift © John Zwart voor Hernehim Cultuur 21 juli 2008
|
![]() |
| Nog een paar toepasselijke Parkgedichten | geschreven naar aanleiding van opdrachtregels |
|
Voor wie is het park nog voor de stadszwerver maar ademt het park niet ga toch eens kijken op
de vroege
© John Zwart (JohnN)
|
Summer's
tale
Summer seems to be very shy this year
it spies upon children wearing warm
sweaters
it listens in to a young couple, lying in
the grass
come on Summer, show yourself
don't be shy, give it a try
© Vera De Brauwer
|
|
Uilen riepen
Uilen riepen
boven het park. © Merik
van der Torren
|
Zomer, winter herfst, lente Ik ben uitgezind Dolzinnig van het idee met een zomers briesje als een druppel op een blad van een boom op Frankendael neer te zwieren, met elan zonder is ook goed ben ik dolzinnig uitgezind
© Dasja Koot
|
| Met het oog op morgen Een onverwacht oog op 'Het Oog' 6 juli 2008 | |
| Geheel
onverwacht kreeg ik afgelopen weekend een telefoontje van de redactie van het dagelijkse NOS nieuwsprogramma 'Met het oog op morgen'. Met het verzoek om in mijn auto te stappen en naar de Studio op het Mediapark te Hilversum te komen. Meestal zijn dit soort verzoeken voorbehouden aan commentatoren, kamerleden, deskundigen op enigerlei gebied en soortgelijke VIP's. Daar reken ik mijzelf niet toe. Maar de zondag is de vaste avond van John Jansen van Galen, die buiten zijn journalistiek werk voor de NOS ook nog schrijft over natuurwandelingen en... tevens groot poëzieliefhebber is. En daarin lag de verbinding. Al meer dan 15 jaar maakt John J van Galen er zijn gewoonte van om de uitzending tegen middernacht af te sluiten met het voorlezen van poëzie. Geruime tijd geleden had ik hem eens een email gestuurd, dat ik zijn poëtische afsluitingen bijzonder waardeerde, maar dat ik het heel erg op prijs zou stellen als hij ook eens aandacht zou willen geven aan wat minder bekende dichters en dichteressen. Degenen die nog niet waren doorgedrongen in de lijstjes met gevestigde namen, maar niettemin ook prachtige gedichten hadden geschreven. |
Het Mediapark te Hilversum op de late zondagavond... |
![]() |
Een paar weken
geleden maakte de NOS bekend dat er ter gelegenheid van de langjarige poëzietraditie van John Jansen van Galen een bloemlezing werd uitgegeven als relatiegeschenk voor bezoekers die hun bijdrage aan de live uitzendingen van 'Het Oog' willen geven. Maar ook de dichters onder de luisteraars konden zo'n bundel bemachtigen door een gedicht te schrijven dat past in de sfeer zoals John Jansen van Galen zijn dagsluiting verzorgt. De 10 beste zouden de bloemlezing thuisgestuurd krijgen en "de nr één beste" zou worden uitgezonden doordat John Jansen van Galen dit gedicht ging gebruiken voor de afsluiting van zijn uitzending van 6 juli. Natuurlijk had ik een gedicht gemaild, maar zonder veel hoop dat ik bij de 10 beste zou horen. Het telefoontje verraste me, niet alleen was ik bij de 10, van die 10 was me de eer van "het beste" toegevallen. En daaraan was er verbonden dat ik gast in het programma mocht zijn en in een interview de NOS bloemlezing persoonlijk overhandigd zou krijgen. Dus: rijden maar, op naar Hilversum. John Zwart
NOS Studio Radio 1 © Eigen foto's Hernehim Cultuur
|
| Kunsten en Poëzie op Texel Het Midzomerschans Festival 22 juni 2008 - Verslag John Zwart | |
![]() |
![]() |
| Voor
het eerst was het, een festival op Fort de Schans bij Oudeschild op Texel. Het is een oud Napoleontisch fort dat daar ligt achter de Waddendijk in de openheid van de Eierlandse Polder, afzijdig van de bewoonde wereld. En als je niet toevallig al op het eiland vertoeft moet je er met de veerboot naartoe varen. Beetje een risico dus, wegens de weersafhankelijkheid en: komt er wel genoeg publiek? De Texelse kunstenaars vormden de kern van de eerste jaargang van het evenement maar zij wisten geestverwanten uit heel Nederland enthousiast te maken. Het gaf een gevoel van vrijheid op die veerboot te stappen om het Marsdiep over te steken, begeleid door troepen zwenkende meeuwen. De weersverwachting was: drukkend warm met risico van buien, sommige mogelijk met hagel |
In de vroege ochtend van die zondag viel er
alleen een bui aan de Noordzeekant van Texel en ik zag ook nog een donkere lucht boven Vlieland en Terschelling hangen, maar op de plek waar wij waren viel er geen druppel! Er stak een windje op en naarmate die in kracht toenam werd het blauwe gat in de hemel boven ons groter en groter. De dichters kregen een podium aangewezen op het Noorder Bastion. Daar zaten we eerst wat bijeen 'warm te draaien' aan de voet van een trotse vlaggenmast waaraan de vlag al begon te applaudisseren. Pom Wolff voorzag somber een 'incestueuze' poëziedag terwijl het fort maar langzaam volstroomde met allerlei deelnemers: schilders, beeldhouwers, zangers en dansers... maar voorlopig nog geen publiek.. |
![]() |
![]() |
| We besloten er het beste van te
maken, we hadden toch altijd nog ons eigen publiek: de dochter van Pom en diverse partners die waren meegekomen voor een dagje eilandgevoel. Rik Comello en ik (JohnN) waren natuurlijk in het voordeel. We zouden samen een act gaan doen, elkaar afwisselend met zeegedichten. Daar past zo'n plek aan de trans van een bastion aan zee prima bij - met de wind om de oren! Maar helaas, de wind deed steeds beter zijn best om de lucht blauwer en blauwer te blazen, maar werd zelf toch teveel van het goede. Niet iedereen beschikt over het stemgeluid van een Pom, een Rik of een JohnN en sommige poëzie vraagt gewoon om een wat subtieler presentatie. De vlag, door mij al effectief tot zwijgen gebracht, mocht weer gehesen worden, want we verhuisden naar een wat beschut plekje, achter de catering. Geen slecht besluit, we werden daar ook beter gezien, ook al moesten we soms in concurrentie met Krolse Karla, de schalkse travestiet die aan de andere kant van de tent het voordeel van microfoonversterking had. Bij dit festival was het voor het eerst dat de voltallige redactie van Hernehim samentrof. Loes Essen (Amsterdam), Frans Terken (Leiden) én Gerda Posthumus (Vlieland) waren allen gekomen. Vooral voor Gerda een onwezenlijk verre reis: van Vlieland, dat op zichtafstand van Texel ligt, moest zij eerst met de boot naar Harlingen, vervolgens een kleine 100 km naar Den Helder om daar weer met de TESO naar Texel over te steken. Dan moet je wel gemotiveerd zijn! |
Op de boot hadden we twee schrijvers van kinderboeken getroffen, die voor de kinderen zouden lezen. Het waren Peter Smit en Henk van Kerkwijk, zij dachten al dat het aantal jonge kinderen onder de bezoekers niet zo groot zou zijn. Daarom sloten ze zich aan bij de dichters, want gedichten schreven ze ook, en wellicht goed genoeg voor volwassenen. Peter las een gedicht over wat je een schoolgaand kind zou schenken om zijn literaire interesse te wekken... lekker provocerend en niet zo leuk voor de fans van Toon Tellegen. Een ander gedicht schreef hij voor het prinsesje Amalia, ook géén braaf gedicht maar wel leuk, dat het NOS journaal haalde.
|
|
de hema moet wel liefde zijn
met wie wil ik
langs de borden
zoek mijn onderbroek maar uit
kom we nemen dit bestek |
![]() |
| Voor Karin
Beumkes was het allemaal dicht bij huis, zij behoefde maar even op de fiets te stappen om hier mee te komen doen. Als zeevrouw, als eilandervrouw, als kapiteinsdochter wist zij als geen ander waar dit podium om vroeg: geen zachte poëzie, maar poëzie die schuurt, schuurt als het zand, voortgeblazen door de zeewind over het strand. Want "wat is er teder aan teer..." zoals Loes Essen later zou dichten, geïnspireerd door Karin. Er was meer inspiratie over en weer, en er werd graag gegrepen naar werk dat een wéérwoord op het gehoorde bracht of bij uitstek toepasselijk leek op de situatie. Rik Comello: "Het heeft geen enkele zin / om aan zee / tegen de wind in / voor de eeuwigheid te zingen..." JohnN met: Onder zeil "...in stilte ver beneden liggen zij,/ bestemming is bereikt" Ook Louise (Gerda onder ons) wist de eilandsfeer in de keuze van haar voordracht te treffen: "waar jij 't huis bouwt in de duinen/ door het zand de buizen trekt/ ligt haast tastbaar, onbedekt/ heimwee naar oneindig struinen..." Edith de Gilde schilderde haar voorstelling van de ideale minnaar, nou dat kon nog nét. "van een de lust waarmee hij vrijde/ zijn lijf, zijn geur, zijn stem..." |
Was je tanden
Bleef je maar een kilometer zee
norse bootslieden stoer als staal
ze hebben zo lang over je heen gezworven
je mond schuimt jodium van al die kruiderijen Karin Beumkes
|
![]() |
We "deden ons ding" in estafette, maar nu
en dan moesten we toch even Het was op Texel echt poëzie tegen de woeste natuurelementen, je
werd Volgend jaar de tweede editie? Van mij mag het! © John Zwart - 25 juni 2008
|
| Zon sensatie - Zonnewende in Flevoland 21 juni 2008 Verslag van John Zwart | |
Heer
Bol |
Brader Musici ![]() |
| Op
een vroegst denkbaar ochtenduur, zo tussen vier en vijf, op weg naar het
zonnewendefestival in Flevoland. Dat zijn van die weinige momenten dat je gezichtsveld zich ver verwijdt, ver voorbij de horizon, die je buiten deze polders ook al steeds minder ziet. Even word je werkelijk bewust van het feit bewoner van een hemellichaam te zijn. Een klein hemellichaam, dat ruimteschip aarde, gekleed in een dunne dampkringmantel, dat door de ijlheid van voornamelijk 'niets' in duizelingwekkende vaart zijn kringen draait om de zon. Je staat er nooit bij stil dat je elk jaar na een enorme reis opnieuw hetzelfde punt passeert, het zomerpunt, alleen meetbaar doordat de zon op die dag het hoogst boven de horizon uitstijgt. Na zaterdag 21 juni wordt de boog lager, loopt de daglengte langzaam terug. De hemel licht al op, tussen de donkere flarden van wolken, een verblekende maan - het tolletje dat de aarde met zich meesleurt. Het Sunsation Festival probeert al 27 jaar lang de culturele met de astronomische werkelijkheid te verbinden, met poëzie, muziek en theater, soms uit verre streken. In de langzaam wijkende duisternis speelt de Koerdistaanse groep Brader Musici. Twee jonge zangeressen en een oudere man - die een traditioneel snaarinstrument, een soort sitar, bespeelt - zingen, begeleid door percussie, in typisch oosters vibrato. Joop Hardenbol leidt het thema in. Het Sunsation Festival is weliswaar ieder jaar de zon toegewijd, maar daar binnen is er altijd een jaarlijks thema. "Knettergek" voor 2008. Die zon, die elke dag weer opkomt, boven deze idiote wereld, en dan nog op zo'n onmogelijk vroeg uur. Die zon doet dat niettemin, moet wel "knettergek" zijn. Zoals bijna altijd, weerhoudt een lage wolkenbank vooralsnog het zicht op de zon. "Maar dat geeft niets, ze komt wel, ze komt altijd, ze komt gewoon wat later" zegt een berustende Joop. |
|
![]() Tsead Bruinja
|
Nederlands-Surinaams-Vlaamse
Neske Beks
neemt de presentatie in handen. De dichter die opent is onze welbekende Friese Amsterdammer Tsead Bruinja, hij doet dat met een klankperformance. Daarmee komt hij sterk binnen, leest uit zijn pas uitgekomen tweetalige bundel "de geboorte van het zwarte paard". Hij laat ook nog Fries horen uit zijn eerder werk "Gers dat alfest laket", met het titelgedicht over het lachende gras. Dan gaan we een stukje over de zuidgrens met de dichteres Mirjam Van hee uit Gent, die ons véél verder meeneemt met een gedicht over de Piramide van de zon in Mexico, waar de Azteken ooit hun mensenoffers brachten. En vervolgens schildert of filmt ze - of doet ze het allebei? - de Groninger wadden, waar in de leegte van een landschap zonder duidelijke einder een paard zweeft. En nòg een paard: "een donker vlekje in de tijd" dat ligt. "we wachten tot ook het andere paard zijn staart zwaait". Intieme poëzie, verpakt in heldere gevoelige taal. Ze wandelt met ons in het bos, op zoek naar paddenstoelen "oortjes van vlees waarmee de aarde luistert". Een prachtige start met deze twee dichters. Er is maar één punt wat een beetje stoort: het talrijke publiek applaudisseert na elk gedicht en zal dat consequent blijven volhouden. Alfred Schaffer neemt plaats achter de microfoon. En brengt ons in Amsterdam door stil te staan bij de onverwachte dood van Adriaan Jaeggi. Hij geeft een voorschot op een bijzonder in memoriam item, dat later in het programma komt. Dáár houdt men even stil bij het feit dat we in de afgelopen 12 maanden twee grote schrijver/dichters verloren. Ik noteer uit de voordracht van Schaffer "wakker tot het ochtendgloren ... het is mooi geweest ... behalve voor de alleskunners" Een breekpunt na het gesproken woord komt met 'Typhoon' uit Zwolle. Een rapper die zijn elektronica gelukkig thuis liet, en voor de gelegenheid verving door begeleiding met twee gitaren, een saxofoon en percussie. 23 Jaar is hij pas, zijn teksten zijn eenvoudig en weten soms wel de snaar van de ontroering te raken. Maar ze verzwakken zichzelf dan weer door het enorme afbraakeffect van de overmatige herhaling. Hetzelfde geldt voor de riedeltjes op de saxofoon. Mijn indruk dat rappers nogal overgewaardeerd worden in de publiciteit blijft na dit optreden overeind. |
|
zomereinde aan de leie
dit is wat een schilder zou zien: en boven het water de meeuwen tot je wit overhoudt, en hoe het verleden © Miriam Van hee Uit: "Buitenland" |
|
|
Bijna half zeven is het inmiddels, een knettergek tijdstip om op te treden
voor dichter, schrijver en avondmens Abdelkader Benali. Maar zijn publiek zit hier al een kleine 2 uur en wie weet hoeveel eerder waren ze al op weg. Fout dus van Abdelkader om zijn ochtendhumeur in zijn act te exploiteren: "Kutochtend!!". Na drie keer willen we daar nog wel begrijpend om lachen meneer Benali, maar na zes keer wordt het echt vervelend. "Alleen hele banale mensen zijn briljant in de ochtend". De klankovereenkomst van 'benali' met 'banale' treft me opeens. Of was dat juist de bedoeling? Ik lees hem liever dan het aanhoren van dit optreden me plezier brengt. Hij was blijkbaar nooit eerder door Flevoland gereden. "Wat een windmolens! Als je lang genoeg kijkt word je vanzelf high!" We krijgen een uitgesproken gedicht over "de haat" vrij geciteerd: "mijn haat voor jij is groot / een zak met stront over je hoofd / pudding onder je oksels...".
|
| - | |
![]() |
![]() |
|
Twee Kenyanen in traditionele kledij komen
|
Tijd weer voor dichters, Hafid Bouazza met
niet alleen eigen werk, maar ook de door hem vertaalde zeer oude Arabische poëzie. Ik herken erotisch werk uit de bundel "Schoon in elk oog is wat het bemint". Twee transparante doeken met daarop méér dan levensgroot afgedrukt de foto van Jan Wolkers en van Hugo Claus. Dit is een kort herdenkingsmoment. Het audiofragment wordt afgespeeld waarin Wolkers de cyclus 'wie drukt mij in de cirkel der voleinding' leest. Het maakt indruk door de slotregel 'dit is de dood en dat ben ik' Jammer dat men van Claus geen originele opname had, een Clausgedicht werd gelezen door presentatrice Neske Beks. Dan mis je toch het vertrouwde stemgeluid van de leeuw van Vlaanderen.
|
![]() het Zomercarnaval |
Een grote grijze zwarte vrouw komt op: Jetty Mathurin. In een scherpe en
puntige © John Zwart - 24 juni 2008 |
| Poëzie in het Park - van Amsterdam Wereldboekenstad - Noorderpark editie verslag van John Zwart | |
| Poëzie
in het Park
In het Florapark is een houten paviljoen
gebouwd, de |
![]() ![]() |
![]() |
Twee
bescheiden 'installaties' vielen me gelijk op: aan een boom was een groot aantal transparante cylindertjes van verschillende afmeting. opgehangen. Op elk van deze kokertjes was een gedicht of een poëzie fragment geschreven met viltstift. Het bleek een project van Madelief Brandsma. Op een andere plek stond een droogmolen. Aan de waslijnen geen wasgoed maar gedichten, gelamineerd om ze weer en windbestand te maken. Vrolijk wiegde de poëzie aan de wasknijpers. Al deze gedichten werden telkens geschreven naar aanleiding van een dichtregel die door bewoners van Stadsdeel Amsterdam Noord waren geschreven. Al kort na het middaguur dromden de
dichters - dertig in getal - samen |
| Om
13:30u begon het dan werkelijk met een speech van de bestuursvoorzitter van het stadsdeel Rob Post. Hij las ook het gedicht, dat was geschreven rond een door hem geleverde 'inspiratieregel'. Mick Witteveen van Amsterdam Wereldboekenstad 2008 gaf toen het echte startsein, waarop alle poëten, gewapend met picknickkleed en parasol, een plekje in het groen rondom opzochten. Het was nog even wennen voor de wandelaars in het park, maar al spoedig meldden zich de stelletjes, de vriendinnen en de éénlingen om van een intieme voordracht te genieten. De meeste deelnemers wisten het directe contact met publiek wel te waarderen en er ontsponnen zich soms boeiende gesprekken. © Foto's Hernehim Cultuur - Rechts: de
Opening |
![]() |
![]() ![]() |
Vanaf
16:00u werd het weer een centraal gebeuren, de band Humus stelde zich op nabij het paviljoen en begon te spelen ten teken dat men zich weer diende te verzamelen. Humus zet Engelstalige muziek op eigenzinnige wijze om in expressieve muziek, met uiteraard een belangrijke rol voor zangeres Astrid Leuvering, die wordt begeleid door Ed van Nunen (gitaar en mandola), Vincent van Dam (viool) en Bas van Waard (cello). Intussen maakte Jos van Hest zich klaar voor het bewonerspodium. De mensen die dichtregels hadden bijgedragen voor de Parkpoëzie aan de droogmolen mochten eigen gedichten en gedichten die uit hun 'voorzet' waren ontstaan voorlezen. Als bijzondere gast kwam Thomas Möhlmann op het podium die uit eigen werk las en uit de speciale poëziebundel van Amsterdam Wereldboekenstad. Zijn keuze hieruit was prachtig, vooral het gedicht van Rutger Kopland maakte indruk. Hier volgen nog even de namen van alle
andere dichters die hebben Poëzie in het Park is een formule die
beslist herhaling verdient,
© John Zwart voor Hernehim Cultuur - 15/16 juni 2008 |
| Mei Podium van de Amsterdamse Centrale Bibliotheek, en verkiezing Hernehim Gedicht van de Maand. | |
![]() |
De
laatste zaterdag van de maand is alweer 4 jaar lang een traditie. Op 31
mei, 's middags om 15:00u kwamen bij mooi weer toch weer tussen 40 en 50 dichters en liefhebbers bijeen in het bibliotheekgebouw op het Oosterdokseiland. Na enige omzwervingen binnen het gebouw zijn Riet Lamers en Jos van Hest met hun podium nu terecht gekomen op de 2e etage. Voldoende ruimte daar om nog wat door te groeien. Het is een trouw publiek van toehoorders en deelnemers, maar elke keer duiken er ook weer nieuwe gezichten op. Bijzonder dat er met regelmaat mensen komen voor wie de Nederlandse taal nog nieuw is, maar die er plezier in scheppen daar- mee al op een creatieve manier aan de slag te gaan. De lage drempel van dit podium verleidt hen ongetwijfeld met hun werk voor het publiek te verschijnen. Gewone dagelijkse tafereeltjes kunnen aanleiding zijn voor hun eerste gedichten. Zo liet Nadereh Ghaemagham Farahani uit Irak ons lachen door haar relaas over de begripsverwarring over "de glasbak", hoe de autochtone Nederlander die naam niet associeert met het cultureel centrum van die naam in Almere. |
| Nele
Camargo las ons een cyclus, onder bewonderende blikken van haar kinderen. Dankbaar betrok Jos van Hest het jongste dochtertje bij het interview. Mia Wittop Koning was ook nieuw op dit podium, maar haar naam is bij de wat oudere generatie een bekende klank. Familie? Ja, inderdaad. Een prachtige muzikale bijdrage kwam van Romany Titre, © Alle Foto's Hernehim - Hiernaast: Nele Camargo en dochter |
![]() |
![]() |
Het
vaste punt in dit podium natuurlijk weer de uitslag van de verkiezing van
het Hernehim Gedicht van de Maand. Deze keer op het thema "passie". De prijs ging naar Gerda Posthumus van Vlieland, die publiceert als "Louise", voor haar gedicht "Omstreden". In afwezigheid van Louise werd haar gedicht gelezen door John Zwart, redacteur van Hernehim Cultuur. De volgende aflevering van het OBA Podium
is op 28 juni
Foto's: Bovenste foto - Romany Titre |
![]() |
Hernehim Gedicht van de Maand
Omstreden Je onschuld brengt de
ochtend tot verblozen Ik geef te denken door
mijn grijze haren Nog strijkt de tijd mijn
ongemakken glad. Maar zal ik het mijzelve
ooit vergeven © Louise
|
| Slauerhoffherdenking en uitslag poëzieprijsvraag op Vlieland - Verslag van Gerda Posthumus | |
![]() |
Vlieland
- 31 mei - Vlieland
heeft de dichter Jan Jacob Slauerhoff al lang in het hart gesloten. In wederkerigheid, want Slauerhoff was verknocht aan het eiland van zijn moeder, Cornelia Pronker (1858), die de vader van deze dichter in Leeuwarden leerde kennen en vervolgens op 'de vaste wal' bleef. Maar alle vakanties logeerde het gezin op Vlieland en toen Jan J Slauerhoff student was in Amsterdam voerde hij er graag zijn vriendinnen naartoe. Er zijn een aantal gedichten in het oeuvre van Slauerhoff die geïnspireerd zijn op het geliefde waddeneiland, het bekendste "Dorp aan zee" (ik volg de straat, waarlangs de huizen slapen). Er bestaat nu een klein Slauerhoffmuseum op Vlieland en er is een Stichting Herdenking Slauerhoff. Voor docenten middelbaar onderwijs in Friesland werd dit jaar een poëzieprijsvraag uitgeschreven. De prijsuitreiking vond plaats op zaterdag 31 mei tijdens een herdenkingsprogramma, georganiseerd in een samenwerking van de 'Slauerhoffstichting' en LHV 'Aed Levwerd', het Vlielander College en het museum 'Het Tromp's Huys'. De sfeervolle locatie hiervoor was de 17e eeuwse St.Nicolaaskerk (schutspatroon van de zeelieden) waar naast een honderdtal genodigden ook eilandergasten en eilanders aanwezig waren. |
| Het
muzikale gedeelte werd verzorgd door de pianist Douwe Slot, wat zeer bijdroeg tot de sfeer van het gebeuren. Vervolgens droeg Rein Tolsma van de 'Slauerhoff- stichting' een tiental gedichten van J.J.Slauerhoff (1898-1936) voor waarbij hij besloot met 'het einde', dat zou kunnen worden gezien als de uiteindelijke wens van de dichter om in het zand van het eiland begraven te worden*. Hierop sloot dhr. P.Karstkarel aan met een |
Het
einde
Vroeger toen 'k woonde
diep in 't land, Maar nu ik ver gevaren
heb Naar 't verre, vaste,
bruine land... Jan J Slauerhoff |
| Vervolgens
werd het tijd voor de prijsuitreikingen, die werden verricht door de cultuurwethouder W.Gilles. Er waren er twee de eerste prijs ging naar Gerrit Hoekstra, de tweede prijs was voor G.L.Spoelstra. Het was een Friese wedstrijd en dat bleek toen het winnende gedicht "Koers" werd voorgedragen door de laureaat Gerrit Hoekstra. In het Fries, maar zonder vertaling***. Er volgde nog een hoogtepunt, toen bleek dat tekstschrijver, componist en muzikant Sytse Broersma het winnende gedicht op muziek had gezet. Zo konden de toehoorders het op muzikale wijze nog eens genieten. Als besluit van het evenement werden de in glas gegraveerde gedichten, die opgesteld zijn bij de Terminal van Rederij Doeksen, onthuld door wethouder Tom van Mourik. © Gerda Posthumus, voor Hernehim Cultuur Noten: |
![]() Het Armhûs en de St Nicolaaskerk op Vlieland |
| Koers
Doe't lûden op it lân te skril Wide seeën ha'k befearn, Hieltyd ha'k sa'n keale kust It tuech wurdt tin, Fang ik op tiid de nije wyn? Gerrit Hoekstra
|
***
Verklaring van het gedicht door Gerrit Hoekstra: Toen de stemmen op het land te schril, en ogen hard van haat werden heeft de dichter zijn schip getuigd met vrije gedachten het dek met dromen belegd en het ruim met wensen gestouwd de grijze grond verlaten Wijde zeeën bevoer hij
zoekend naar vrije havens Steeds keerde hij de
spiegel naar zo'n kade en zocht verder.
|
| De
Tweede Prijs:
Natuurlijk mag je
afmeren Maar het eiland is pas
weer Dit is geen wereld
G.L. Spoelstra
|
Koers Toen klanken op het land te
schel Wijde zeeën heb ik bevaren telkens heb ik zo'n kale
kust Het tuig wordt dun, Vang ik op tijd de nieuwe
wind? (Vertaling Miranda
Mei) |
| Haarlemse Dichtlijn 2008 - Gedenkwaardige Pinksterzondag 11 mei - impressie van JohnN | |
| Het
is alweer een poosje geleden, maar de Haarlemse Dichtlijn is toch nog wel een korte nabeschouwing waard. Die zomerzonnige PinksterZONdag leek namelijk wel bestemd om alle teleurgestelde herinneringen aan de natte sneeuw van Pasen 2008 te laten vergeten. Omdat ik zelf deelnemer was, moet de lezer mij maar vergeven dat ik alleen een impressie over de dag kan geven. Zelfs zonder mijn eigen podiumverplichtingen zou het onmogelijk zijn over alle locaties en deel- nemers te berichten. Centraal, in de Vishal aan de Grote Markt vond de aftrap plaats door journalist-schrijver Nuel Gielens die enkele verrassende gasten verwelkomde, daarna verspreidden zich méér dan 50 dichters over de overige 6 verschillende plekken waar grote gele banieren waren uitgehangen ten teken voor het publiek: 'hier kunt u poëzie genieten''. Dat waren het Archeologisch Museum, Café Koops, Taverne De Waag, Stempels, het Koffiehuis 't Teylertje en de Museummolen De Adriaan, waarheen vanaf een aanlegplaats bij De Waag per bootje kon worden overgestoken. |
|
| Zelf
behoorde ik tot het groepje dat naar de molen op de Papentoren- vest vertrok. Wat afzijdig van de andere locaties, zodat er minder gelegenheid was om mee te genieten van hetgeen zich op de Grote Markt en aan de Damstraat afspeelde. Zo heb ik de show gemist die onze bekende dichter J.C.Aachenende stal met zijn futuristische elektrische rollator, die door alle poëten natuurlijk moest worden uitgetest. De dichters in Café Koops verkozen de microfoon binnen te laten voor wat die was en verhuisden naar het terras. Op eigen stemkracht met nu en dan een adempauze als de klokken van de Bavotoren zich lieten horen. Tijdens een bliksembezoekje genoot ik van het optreden van Daniël Bras en Gerrit Vennema. Bij een bronzen naakt van Botero Achterover leunend kan het gebeuren dat 's werelds optocht haar ontgaat: het schaamteloos bepraten van © Gerrit Vennema
Foto hiernaast: J.C.Aachende maakt de Grote Markt
onveilig |
Haarlem - Bakenessebrug over het Spaarne.
|
![]() ![]() Daniel Bras |
De trap op bij Stempels trof ik
een groepje dichters met een klein publiek aan, in rustige sfeer boven het rumoer van de Grote Markt. Voordracht van Frans Terken en Joop Scholten viel me daar ten deel. Twee oude bekenden, altijd garant voor gedegen dichtwerk. De Bron Donker de bron, verborgen in de grond. Iemand zal opklimmen, een weg zoeken beschut door bladerdak, laaghangend. Het water neemt zijn loop, zoekt Een vis zal opspringen, wit glinsterend. Het vloeit, de diepte in, zwijgend in zee. Er zal hier leven zijn, lichtgroen,
ritmisch Iemand, terugkerend, die het ons vertelt. © Joop Scholten
Foto's : eigen foto's Hernehim Cultuur
|
| Fabrizio
Dat we de tuin weer bevolken we houden het nog voor onszelf in het glas de echo hoe diep kunnen we zien © Frans Terken. |
In Taverne De Waag, de pui aan
de Damstraatzijde open, was ook het terras bij de performance betrokken. Ook hier trof ik weer oude bekenden. Het duo 'Hoed en de Rand' bestaande uit Jelle van der Meulen en Peter van der Steen zorgden daar met hun poëtische liederen voor de muzikale noot. Terugvaren met de fraaie sloep naar de
Papentorenvest. |
| 't
Geschenk
't Geschenk, dat hij haar had gegeven, een dralende groet in lege straten, nu. ik hier sta en spreek mijn taal, Waarin wij samen liepen naar hetzelfde
doel © Marianne Mathijssen |
Mussen Zij Tsjilpen
Mussen zij tsjilpen, Nyreb zij luisteren En ik? © Peter van den Berg |
| Na
vijf uur zwermde alles weer samen richting Vishal. Na zo'n zonnige warme dag werd het hoog tijd de uitgedroogde lippen, tongen en levers weer eens te drenken. En daarna: terrasjesavond voor de maag en... verder praten. © JohnN voor Hernehim Cultuur. Noot: De
Haarlemse Dichtlijn: de bundel - Redactie P.M.Délefre, Nuel GIelens
en Sonja Kagie.
Foto hiernaast: Eén van de Haarlemse Diva's. |
|
| De Haarlemse Dichtlijn Pinksterzondag - Haarlems Dagblad (overgenomen) Artikel door Paula Zuidhof | |
| Het
begint al een echte traditie te worden. Haarlem wordt komende zondag, op eerste Pinksterdag, op diverse plaatsen in de stad bevolkt door dichters, die hun pennenvruchten, al dan niet in de open lucht gaan voordragen. Op het nieuwe logo van de Stichting Haarlemse Dichtlijn stapt zelfs Loutje van zijn sokkel om een gedicht voor te lezen aan het om hem heen verzamelde publiek. Sonja Kagie is voorzitter van de Stichting, die vooral tot doel heeft de dichtkunst van z'n oubollig imago te verlossen. "Ik ben zelf geen dichter", bekent ze, "ik heb wel wat met taal, maar dichten is weer heel wat anders. Ik vind het leuk om met een aantal dichters de manifestatie te organiseren". Het was aanvankelijk een vast Haarlems groepje dichters en schrijvers dat op de voorgrond treedt, Bies van Ede, het Ampzing Genootschap, Niels Guelens en beatdichter P.M.Deléfre verzorgen een deel van het programma. "Het is zeker de bedoeling dat we ook onbekend talent een podium bieden", zegt Sonja, "en dat is gelukt. Er zijn ook veel mensen bij van buiten de stad, zoals Hedwig Baartman en Pom Wolff. In Taverne De Waag zal het duo "Hoed en de Rand" optreden met muzikale poëzie". De Waag is voor poëzie een historische plek, tussen De Waag en de molen De Adriaan vaart een boot, waarop Foleor van Steenbergen en Hedwig Baartman optreden. |
Nuel Gielens actieve
schrijver, rechts Sonja Kagie die echt kan |
| De
Dichtlijn wordt zondag geopend in de Vishal om 13:00 door
Nuel Gieles. Zelf heeft Sonja Kagie als voorzitter van de Haarlemse Dichtlijn de dichtkunst leren waarderen. "Ik dacht eerst 'zeg nou maar gewoon wat je bedoelt'. |
Later
leerde ik anders naar de woorden te luisteren. Nu krijg ik af en toe
kippenvel, zo mooi vind ik het".
(Artikel ingekort door Redactie Hernehim Cultuur) |
| Het Maandelijks Podium van de Amsterdamse Centrale Bibliotheek, decor uitverkiezing Hernehim Gedicht van de Maand. | |
| Het
Open Podium van de OBA, op elke laatste zaterdag van de maand, heeft dit
jaar de uitverkiezing van het Hernehim Gedicht
van de Maand als vast element in de
programmering opgenomen. Afgelopen zaterdag, 26 april waren er - ondanks de vakanties - toch weer zo'n 45 belangstellenden naar de Haasse en Vestdijkzaal gekomen om te gaan luisteren naar bekende Amsterdamse podiumdichters, naar bekende deelnemers uit de regio, maar natuurlijk ook weer wat nieuwe gezichten. Vooral verrassende bijdragen, samen met de wijze van presentatie door Jos van Hest, houden dit podium sprankelend. Dus "open" moet het vooral blijven, aldus de organisatoren. Dat je daar een zeker risico mee loopt, wordt voor lief genomen. Zo was er deze keer een grappenmaker met een onsamenhangend 'gedicht', lachend gepresenteerd, waarin Jos, die toch niet gauw uit het veld geslagen is, kop noch staart kon ontwaren. Dus deze deelnemer viel al snel door de mand, waarbij hij verklaarde 'gewoon wat dichtregels bij elkaar gefotoshopt te hebben'. Gelukkig was er ook volop 'kwaliteit', bijvoorbeeld van een Joodse dichteres uit Australië, die tijdelijk in de hoofdstad was. We komen graag op haar terug zodra wij emailcontact met haar krijgen, na haar thuisreis. Een indrukwekkende benadering van het herdenken waarmee we deze dagen weer worden geconfronteerd: 'hoelang moeten wij daarmee dóórgaan, of is er een moment dat we het moeten laten vergaan, tot humus voor een nieuwe geest'. Alleen al zo'n enkel vers maakt een bezoek aan het OBA Podium al waardevol. |
![]() |
Vera De Brauwer (Etikhove, OostVlaanderen) leest haar winnend sonnet © Copyright foto's en tekst Redactie Hernehim Cultuur |
Het
Hernehim-moment kwam na de pauze aan de orde. Sinds januari wordt
telkens uit de thema-inzendingen van de gasten, zowel als uit het Hernehim
open podium een vijftal gedichten anoniem voorgelegd aan een
onafhankelijke jury. Deze selecteert hieruit bij meerderheid van stemmen
twee kanshebbers op het Gedicht van de Maand. Een gerenommeerd
dichter bepaalt tenslotte welk van deze twee zegeviert. Hernehim maakt beide één a twee weken voor het OBA Podium bekend en nodigt de schrijvers van die genomineerde poëzie uit in Amsterdam. Omdat Hernehim Cultuur een virtueel podium is, kunnen het dus heel goed dichters van ver weg zijn. OBA en Hernehim hopen natuurlijk de dichters te kunnen begroeten en de gelegenheid te geven hun werk zelf voor te dragen. Zorgvuldig houden we de einduitslag zolang mogelijk geheim, dat maakt dit programmapunt direct na de pauze des te aantrekkelijker. Bij afwezigheid van de winnaar draagt één van de redactieleden van Hernehim Cultuur het winnende gedicht voor. Op het (boekenweek)thema "van oude mensen" was door Corry van Doorn het gedicht "Wintermist" geschreven, met een prachtig uitgewerkte metafoor over een oude vrouw wier wereld kleiner wordt naarmate de avond valt en haar huis verhult in de mist. Het andere kandidaat gedicht "Het droogboeket" werd ingezonden door Vera De Brauwer. In haar mooie sonnet zien we hoe (opnieuw) een oude vrouw vasthoudt aan fleurige herinneringen uit het verleden door een slinger van gedroogde boeketten op te hangen aan een spijker in haar klok. Corry van Doorn zou een verre reis moeten maken en had bedankt voor de uitnodiging. Vera De Brauwer was er wél, helemaal uit de Vlaamse Ardennen! Een blije dichteres nam haar prijs van de maarteditie in ontvangst en werd daarmee Dichter van de Maand. |
| Het
droogboeket
Ze heeft een nagel
in haar klok geslagen. schikt zij de bloemen in
diverse lagen. Haar zoon verfoeit de
geur van haar verleden: in stof dat dwarrelt over
alles heen. © Vera De Brauwer |
Wintermist
nu wintermist omhoog klimt langs het
huis de tijd herschiep haar woning in een
kluis wanneer de ketel zingt op het fornuis
© Corrry van Doorn |
| De
populariteit van het OBA Podium groeit dermate dat niet meer alle
aanmeldingen in het programma passen. Men hecht eraan dat het een
laagdrempelig podium blijft waarbinnen bijdragen van verschillend niveau een kans krijgen, er wordt niet op voorhand geselecteerd. Maar alleen al vanuit Amsterdam en de regio komen er al zoveel 'vaste' kandidaten dat daarmee de twee uur, die er maandelijks beschikbaar zijn altijd geheel gevuld zouden raken. Om de openheid en het verrassingselement in elke aflevering te handhaven genieten 'nieuwkomers' bij grote toeloop voorrang en wie deze keer aan bod is gekomen kan niet onmiddellijk inschrijven voor de volgende maand. |
Amsterdammers
die mopperen dat zij niet meer aan bod komen als er deelnemers zijn uit
Australië, Zwitserland en Vlaanderen, hebben geen recht van spreken, want
ook Jacques Vos bijvoorbeeld mag in mei niet opnieuw optreden, maar Jeanne
Wesselius bijvoorbeeld wél. Podiumtijd is een schaars goed en dat dient
'streng doch rechtvaardig' verdeeld. En vergeet het niet: Amsterdam is in 2008 tenslotte ook WERELD-boekenstad. Dat mag dit podium ook best uitdragen.
|
| Toch maar weer Eijlders - wellicht als onnodige aansporing? - Bericht van Loes Essen | |
| Het was de voorlaatste keer van dit seizoen. Hierna nog één keer, op de derde zondag van de maand, in mei. | |
| Hoe
ze het toch elke keer weer doen, daar bij Eijlders, meer dan
twintig dichters warm onthalen binnen een strakke maar allesbehalve
hinderlijk voelbare organisatie, die elke keer weer werkt. Alles gaat daar vloeiend, gemoedelijk, met een lach. Nog afgezien van het enorme aanbod aan poëzie, is het niet verwonderlijk dat deze poëziemiddagen een enorme vlucht nemen in populariteit. Van de rumoerige massa supporters, die de Ajax-PSV-ontknoping pal ernaast op het Leidseplein afwachtten, was bij Eijlders binnen niets te merken. Een oase. Deze
dichtmiddag stond in het teken van 'de eerste liefde'. Ondergetekende mocht de middag openen en sluiten. Ik las twee gedichten voor van John Zwart, mister Hernehimself, zoals Pom Wolff hem ook wel noemt. Pom (eerste liefde: Marian, maar eigenlijk nog eerder Sinterklaas en later Gerard Reve) was er zelf ook weer eens en bracht 6 gedichten ten gehore. Of eigenlijk kun je het zo niet noemen; wanneer hij voordraagt ís hij poëzie. Meteen al aan het begin van zijn voordracht viel het bomvolle café muisstil. En dat bleef het tot en met het magistrale 'zo wil ik je vergeten' dat we hier in doorlopende lay-out weergeven om aan de voordracht, die de lezer niet kan horen, recht te doen. |
Enkele
seconden intense stilte, dan het applaus, dat maar aanhield. Verdiend. Naast een
hele reeks vertrouwde gezichten, waren er ook dit keer weer een aantal
deelnemers die, voor mij althans, nieuw waren. Tot
lang na achten bleef men nog napraten in die voor velen inmiddels zo
vertrouwde Eijlderssfeer, warm, betrokken en ... inspirerend. ©
Loes Essen, voor Hernehim Cultuur De laatste Eijlderszondag dit seizoen is op 18 mei a.s. |
|
dit is de plek waar ik lopen wil met mijn liefste, alsof de grond van ons
is, alleen maar grond, de grond, deze grond. alsof de grond ons huis is.
alsof we de deur sluiten en alles achterlaten omdat het onze deur is,
omdat twee mensen samen willen zijn achter een deur. willig, met de grond.
ik wil je lezen en ik lees je, ik lees je voor. lees het gedicht niet
mooier, niet mooier dan het is, op de grond van dit huis in een nis. ik vergeet wat komen zal en altijd komen zal en nooit, nooit anders was. zo, dat ik het precies, heel precies, zeggen kan, zeg je, maar ik koester dit vergeten zo, omdat ik van je houden wil, je vasthoud en dat ook wil en elk voorbehoud vergeet en er later over schrijven zal omdat ik je lees, je wil lezen, je tegenhoud, je tegen mij aanhoud en me vergeet en me in je vergeet. zo wil ik de deur vergeten en de grond, zo wil ik mij vergeten. wil ik vergeten wat komen zal. zo wil ik schrijven en vergeten. zo wil ik het schrijven vergeten, zo... © Pom Wolff |
|
|
Een
bijdrage van een 'nieuw gezicht': RANDMOBIELEN summa mobilitate wie
zijn de ongekroonde koningen der telefonade? onzinlullers,
flauwekullers, kille stiltebrekers ze
aaien en strelen, ze spelen met hun glimglansschijfje Cohen,
Balkenende, Hirsch Ballin grijp in, we smeken u heel zacht © Fries de Vries |
]
Ook regelmatig wisselende exposities in Eijlders - "Handen" |
|
|
| Ruigoord 35 jaar - en weer tien jaar erbij - Verslag van Loes Essen | |
|
|
Het is zondag, 13 april. Bus 82 brengt mij naar Ruigoord, naar een kerk waar 'Vurige Tongen' meer inhoudt dan Pinksteren alleen, maar zeker ook raakt aan de bezieling met en door het woord. Gigantische windturbines lijken me naar de kerk te wenken, als ongepaste boodschappers. Paarden sjokken traag knikkend door het hoge gras. De geur van een kampvuur, niet de bekende dichte blauwe turfwalm, maar een kruidige geur van hout komt me al tegemoet. Op het programma, dat om 16.00
uur zal beginnen, staan: |
|
Bij binnenkomst valt me meteen
op hoe kleurrijk de mensen zijn en hoe relaxed de sfeer is, ja, die term
valt me toch direct in, hoewel het bijna te zeer voor de hand lijkt, hier.
De zon doet daar nog een schepje bovenop en schildert in warme banen door
het glas-in-lood de mensen nog eens over. Tegen half vijf heet gastheer Hans
Plomp ons welkom met enkele mededelingen. Het oorspronkelijke
programma is gewijzigd, Er was een middag gepland met 5 weduwen van
schrijvers, te weten de weduwen Burnier, Lucebert, Morriën, Elburg en
Ferron. |
Kleurrijke mensen, kinderen en honden bevolken het Ruigoordkerkje |
| Hans
Plomp opent de poëziemiddag met het voordragen van vertalingen van
enkele groten. Hij begint met wat hij een Ruigoordgedicht zou willen
noemen, 'Het lied van de hoogste toren' van Arthur Rimbaud.
'Laat komen, laat komen, de tijd waarvan wij dromen' wordt met blijde
instemming ontvangen. Daarna Novalis, met de klemtoon op de eerste lettergreep, zo leert hij ons, die slechts 28 jaar is geworden en al rond zijn twintigste zijn grote liefde verloor aan de dood. Sindsdien zag hij zichzelf vooral als medium van de geest van zijn gestorven geliefde. Er volgen nog 'Oud' van Edmund Waller, een tijdgenoot van Shakespeare, Coleridge ('liefhebber van verboden vruchten en misschien juist daardoor een geestverwant') en Shelley ('ik kan niet geven wat men liefde noemt') en een verrassend gedicht van de Rus Kirsjanov. Aja Waalwijk begint met het zingen
van zelf geschreven 'Engelse liedjes', zoals hij dat noemt ('I'm
on my way and I'm on your way too'). En draagt uit het hoofd op
indringende wijze gedichten voor als 'De wereld was een boom',
opgedragen aan Anne Frank 'verhalen ritselen hier rond (…) nu van een
schrale hand, die uitloopt tot verdorde klok'. Een gedicht over de
hardheid van de stad: 'zie de bloemen in de straatnaambordjes van de
Jordaan en pluk de dag (…) de stad is getekend, de wereld is niet groot
genoeg'. Erik-Jan Harmens betreedt het podium. Hij komt uit de traditie van de slam, werd in 2002 kampioen en sindsdien is zijn ster snel gerezen. Zijn bundel 'Gospels en psalmen' komt binnenkort uit. Hij werkte o.a. voor De Groene Amsterdammer en de VPRO. |
Voor
zijn zoon Jeroen, die aanwezig is en elke regel ervan kent, begint hij met
een gedicht uit de bundel Underperformer (de achterflap hiervan
meldt: Underperformer is een bundel over rouwverwerking voor
gevorderden, autisme, stoppen met roken en een diepe, diepe haat jegens
boeren. Gevangen in een idioom van street language, financieel-economische
terminologieën en autistische woordcombinaties, is Underperformer een
aanslag op ieders gemoed.') "Het is alsof staren naar de maan hem geruststelt, in die zin, dat die maan er ís' Daarna naar gedichten uit 'Gospels en psalmen' waarin getwijfeld wordt aan het agnosticisme. 'Ik heb uw naam langs de kartelrand afgescheurd. God is een g, een initiaal' Voor een interview met deze dichter verwijzen we naar Meander. Warmepanpsalm o heer spuit uw oren uit en hoor mij aan ik laat me een pak aanmeten en smijt het
in een hoek vandaag is geen geile dag om haar te
bellen laffe goelagdag |
|
|
De
voordrachten worden afgewisseld met zang van Marijn (Ma rain) Wijnands,
begeleid door twee akoestische gitaren. Een prachtige, sterke, zuivere stem vult de ruimte tot in de nissen. De teksten, in Engels, zijn van haar eigen hand. ("The paper wall is coming down/ Your name is written on it/ The plaster is falling to the ground/ It's a game you play/ To get you through the day/ When the light is pale/ Ahaa ahaa") Hans Plomp vertelt me in de pauze, dat er
onlangs weer voor 10 jaar is bijgetekend. Gelukkig is Ruigoord voorlopig
weer veilig voor de oprukkende industrieterreinen. Bij de bushalte stopt een rode Suzuki. Loes Essen Amsterdam 14 april 2008 |
| Zichtbaar alleen - Bespreking door Loes Essen, Amsterdam - 12 april 2008 . | |
| "Zichtbaar
alleen" is een bundel van Ruben Philipsen (fotograaf) en Wouter
van Heiningen (dichter), uitgegeven door De Brouwerij te Maassluis.
De evenwichtige vormgeving van deze bundel
springt meteen in het oog en ademt kwaliteit. De omslag intrigeert, maakt
nieuwsgierig: Een vrouw zit enigszins ineengedoken, mantel over de
schouders, tegen massieve kolossen van eeuwenoude steen. Gewelven,
gesteund door immense zuilen ('olifantenpoten' in De kolos)
omringen haar. Zij staart voor zich uit naar een metersdikke muur,
opgetrokken uit dezelfde blokken steen. De titel "Zichtbaar
alleen" wordt hier in alle soberheid sterk in beeld gebracht. De
makers dragen hun boek op aan Inge en Loes. |
|
| Kunsthistoricus
Natascha Bär opent haar beschouwing in deze bundel als volgt: "Als twee verwante zielen elkaar ontmoeten is de kans groot dat er iets moois ontstaat. Zijn beide personen creatief begaafd en beoefenen zij elk een andere artistieke discipline, dan kan de wereld zich verheugen op een geschenk. (…) Zielsverwanten zijn ze, de contemplatieve beeld- en woordkunstenaars, met hun behoefte aan verwondering en hun respect voor het wezenlijke dat door eenvoudige verbeelding groots wordt. Zo te kunnen ervaren is een geschenk, zo te kunnen waarnemen is een gave, zo te kunnen 'beelden' is een kwaliteit." Twee motto's staan voor elk van beide auteurs: "Door te kennen wat bestaat, kunt u kennen wat niet bestaat. Dat is leegte." (citaat Miamoto Musashi uit 'Joe Speedboot' van Tommy Wieringa) en "All those moments will be lost in time, like tears in rain" (citaat Rutger Hauer uit 'Blade runner' van Ridley Scott, scenario Fancher & Peoples, 1982). De inhoud van deze bundel bestaat uit
twee delen: Uit interviews blijkt dat het fotografisch werk het uitgangspunt is geweest voor de dichter. |
De tijd voorbij
In
het halfduister als
door mensenhanden Hier
kijken schaduwen werkeloos toe Gemaakt
op absolute waarden |
|
Vertaalde Engelse versie:
Past time In the twilight like man made servants, Here
the shadows, without reason, silently watch Made
on absolute values
|
Ik
doe hier even een kleine greep uit het eerste gedeelte:
X markeert de plek.
De foto had een schilderij
van Carel Willink kunnen zijn. Op de voorgrond een klassiek beeld van een
sfinxfiguur, op de achtergrond een prachtig oud buiten (Château de
Chantilly in Frankrijk). De lucht erboven wordt geheel doorkruist door
twee straaljagersporen. De foto die inspireerde tot Engelendraden lijkt op het eerste gezicht abstract; een diagonaal van linksboven naar rechtsonder verdeelt de liggende rechthoek in een donkere onderkant en een lichte bovenkant. Bij nader bekijken zien we dat hier sprake is van een beeld van een engel, bedekt met spinrag, in een scherpe hoek vanaf de voet tot het hoofd gefotografeerd. 'Fijne draden/ lichten op in zilver/ en vlechten een web/ van onzichtbaar leven'. Een spel van licht en donker zoals we dat in meerdere foto's en gedichten tegenkomen. Foto en gedicht vullen elkaar niet slechts aan, maar ze versterken elkaar in wisselbare kracht. Puur en eenvoudig is de keuze voor het beeld, zowel in illustratie als in taal. Met ontzag voor detail is hier gewerkt zowel door dichter als door fotograaf. |
| De
zeven hoofdzonden zijn elk symbolisch weergegeven, uitgebeeld door
dezelfde vrouw met een markant, doorleefd gezicht en een bijna
meisjesachtig, rimpelloos ongeschonden lichaam, op vrijwel elke foto
naakt. Elke zonde wordt gekarakteriseerd door symbolen als slangen,
spiegels, blinddoek en vleugels, maar vooral door de lichaams- en
gelaatsexpressie van het model, liever gezegd de actrice.
Hoogmoed: |
We
zien in deze bundel geen experimenten in de taal of een hoge vlucht in het
spel met woorden, maar heldere eenvoud, toegankelijk, puur en sterk. Dat
geldt ook voor de foto's, die getuigen van vakmanschap en een scherp oog.
Hier hebben kunstenaars hun aandacht zorgvuldig gebundeld in hun kunstwerk
en elkaar.
Alle foto's uit het boek zijn eveneens op groot formaat linnen gedrukt en verkocht. Een expositie van deze groot formaat foto's zal te zien zijn vanaf eind april t/m eind mei in Galerie Dis in Maastricht. Een interview met Wouter Van Heiningen over de totstandkoming van Zichtbaar alleen in de Maassluise Courant is te lezen op de website van deze krant.
'Zichtbaar Alleen' - fotografie en poëzie
- Ruben Philipsen & Wouter van Heiningen |
| VSB Poëzieprijs 2008 - Laudatio en Hugo ClausProloog - geplaatst 12 april 2008 | |
| Hugo Clausproloog 2008 - door David Van Reybrouck | Laudatio VSB Poëzieprijs 2008 - door Odile Heynders |
| De poëzie moet weer hees worden | De eeuw van de dichter |
|
David Van Reybrouck De
Nederlandse poëzie lijdt aan anorexia en haar toestand wordt stilaan
kritiek. Wil ze niet helemaal wegkwijnen met doffe ogen en vale huid, dan
moet ze weer vlezig worden, vettig en volslank. Succulent en druipend van
sap moet ze zijn, als een kind dat een perzik eet op een zomeravond. De
poëzie moet zich weer aan de wereld laven; alleen zo kan ze de dorst van
ons, lezers, weer opwekken. Dat is de conclusie van mijn verhaal. Voor wie
er belang aan hecht, geef ik nog even de argumentatie. In Brussel wonen, dat helpt ook.
Twee jaar geleden ben ik er begonnen met een internationaal, meertalig
dichterscollectief. Wat een verademing om er een Galicische dichter en
eurocraat aan de slag te zien met lange, zangerige verzen die je in het
Nederlands nooit meer hoort. Wat een bevrijding om te beseffen dat wat die
Kameroenees zoekt op de grens van recitatieve verzen en freejazz óók
legitieme poëzie is. Of wat die kwaaie Marokkanen in hun donkere kelders
bijeen slammen, of hoe die frêle Franstalige de poëzie weer helemaal
uitkleedt en speels maakt. Dat dat allemaal poëzie mag heten! Met die
groep zijn wij nu een Europese Grondwet in Verzen aan het schrijven: wat
een feest! Verwarrend, maar noodzakelijk. Wat ook helpt, tenslotte, is weer kijken
naar de schilderkunst. Voor de Vijftigers was er een evident raakvlak
tussen vers en verf (zelfs zeer letterlijk bij Cobra-types als Claus en
Lucebert, maar ook bij Breytenbach). Dat is voorbij. In Watou probeert men
jaar na jaar op onvermoeibare wijze dicht- en schilderkunst met elkaar te
doen praten, maar juist die inspanning geeft aan dat het niet langer
vanzelf gaat. Nu cotoyeren we liever de hedendaagse muziek, interessant,
maar ook niet gespeend van enige ijlte. Uitgesproken in de Rode Hoed te Amsterdam op 11 april 2008, bij de uitreiking van de VSB Poëzieprijs. Met dank aan © VSB Poëzieprijs |
Leonard Nolens, eerder in De Graanschuur,
Nieuw Beijerland. VSB Poëzieprijs 2008 - juryuitspraak
door voorzitter Odile Heynders Is het mogelijk te beschrijven in wat voor tijd wij leven? Uit te leggen wat er met ons aan de hand is, welke grootse ideeën, ziekelijke angsten, ontembare verlangens en indringende ervaringen we hebben? Wie kan onder woorden brengen wat we meemaken, wat leven is. Hoe ons leven is? Tien jaar heeft Leonard Nolens gewerkt aan poëzie waarin deze vragen beantwoord worden, een beeld gegeven wordt van de tijd waarin wij leven. Dat heeft in 2007 uiteindelijk een dichtbundel opgeleverd als een monument ter ere van de 20e eeuw. De dichter geeft stem aan zichzelf, aan ons en anderen: Wij zijn die eeuw, die twintigste (...) Maak van ons geen mens en geen verhaal. Gruwelijke beelden domineren onze eeuw: van Noord-Franse loopgraven, Russische slagvelden, napalm branden of moslimvrouwen in volgepropte bussen. Nolens toont ons die beelden maar benoemt ze niet expliciet en laat ze over aan onze verbijsterende afwezigheid: “Wij weten niets. Wij weten niets. / Dat leren wij de kinderen op school.” (24) Bres opent met de reeks ‘Vlees in uniform is volautomatisch’. We horen de stemmen van soldaten, van mannen die vechten en van een troostende vrouw aan de telefoon. Aansluitend bij Frank Ankersmit zouden we kunnen zeggen dat we hier historisch contact hebben met hen die ons zijn voorgegaan. We herkennen klanken en kleuren, bewegende en bewogen mensen. Die waren zoals wij zijn. In de tweede cyclus ‘ Wij weten om te beginnen van geen begin’ wordt de dichter geboren: “Op 11 april 1947, zo grondig, voortdurend en traag”. Misschien weerklinkt hier de echo van Salman Rushdie die zijn roman Midnight’s Children begint met de woorden: “Ik ben geboren in Bombay (...) ik ben geboren op 15 augustus 1947 (...) Klokslag middernacht om precies te zijn.” De auteur en de dichter worden geboren en componeren het eigen leven in teksten. Zestig jaar leven krijgt in de honderd pagina’s van Bres vorm. De geboorte wordt vaak herhaald en doordacht. Wat is geboren worden eigenlijk? Beginnen met ademen en eten, natuurlijk. En lopen en slapen. Geboren worden is ook beginnen met aftellen. Maar toen ik plechtig vroeg
hoeveel dagen We hebben nooit gezien wat aan ons voorafging. We bestaan vanaf 1947 of 1929 of 1961. En we zijn ons levenlang bang voor het einde van dit bestaan. Nolens speelt een spel met taal, construeert een ‘wij’ op de plaats van ‘ik’. Hij zet een register in dat het midden houdt tussen mantra, trance, en de psalmen. Nolens speelt ook een filosofisch spel in het doordenken van bewustzijn en identiteit. Waar ligt de grens van het menselijk individu, waar is het verweven met de ervaringen van een ander? Zelfs als die ander er niet meer is? Een verfrissend naturel gaat uit van doden op
foto's Moeder troont op een duintop en verdiept zich Je kunt het beginnen niet leren. Zoals je het einde niet zult kunnen leren. Maar de zekerheid van het samenvallen van afkomst, aankomst en toekomst tekent zich af in al onze handelingen. We kunnen Nolens poëzie historisch en filosofisch noemen. Maar ook de meer beladen term cultuurkritisch misstaat niet. In de derde reeks beschrijft de dichter de democratiseringsgolf van de jaren zestig. De wij-stemmen krijgen hier voor het eerst een opgewekte klank. “Wij waren toen met velen zoals ik”. We worden wie wij zijn in onze studietijd, als we afstand doen van onze familie, vrienden ontmoeten, kennis vergaren, ons geloof afleggen. Het is de tijd van de ontdekking van de ander: Wij hingen aan elkaar Maar de hoopvolle wij veranderen. “Wij waren de zwijgers na mei vijfenveertig. / Wij waren de zwijgers van mei achtenzestig.” (60). De dichter is opgenomen in een generatie van buitenstaanders. Wij worden enkelen, sommigen, anderen: Wij waren enkelen. Toen deze reeks in de bundel Derwisj (2003) werd gepubliceerd en ik deze regels voor de eerste keer las, onthield ik ze onmiddellijk. Alles begint met de subjectiviteit. Een gedicht lezen betekent onze persoonlijkheid inschakelen. Deze regels brachten me van mijn à propos omdat ze verwoorden hoe de gemeenschap breekt. Wij voelen ons niet meer één met de ander en nemen voor die ander geen verantwoordelijkheid meer. Zo ontstaan agressie, kilte, liefdeloosheid. We hebben het niet volgehouden elkaar vast te houden als mens. De verbrokkelde maatschappij van nu rust op de fundamenten van mei 68 toen we te veel zijn gaan redeneren vanuit ons eigen individu. We hebben zwijgend staan toekijken. Na deze grootse, humanistische visie, trekt de dichter zich terug op zichzelf. In de vierde reeks van Bres gaat het om hem in zijn stad. “Antwerpen is een persoonlijke kwestie.” (69). Subtiel zijn in deze gedichten verwijzingen verwerkt naar het particuliere leven, de straat waar de dichter woont, het museum waar de vrouw werkt. Het dichterschap begint in Antwerpen, hoort bij de stad: En altijd lig ik 's middags met mijn fiets Maar nooit ben ik van hier, Maar ook in de stad dringt de grotere wereld door. Talloze doden daarginder in Oeganda. Bagdad, nonsens, oorlog. Stappende kindsoldaten en Turkse buren. Bres wordt besloten met een loflied op het boek, dat ook een loflied is op de Europese schriftelijke en christelijke cultuur. Het boek is het leven. De dichter wil het boek schrijven en zich zo insluiten in de indrukwekkende traditie van dichters en denkers: Het is een prachtig boek
Door eerder gepubliceerde reeksen gedichten
nu in een bundel bij elkaar te zetten, is het boek toch tot stand gekomen.
De zeggingskracht van de afzonderlijke delen is sterker geworden. Meer
stemmen zijn gaan klinken nu de reeksen in een bepaalde volgorde bij
elkaar staan. Meer stemmen kan de lezer nu toevoegen aan het verhaal dat
het hare is geworden. Leiden/Amsterdam, 11 april 2008
|
| Noord ontmoet Zuid - Dichtersmiddag in Passa Porta, Brussel - verslag van Frans Terken | |
| Subtitel
"13 in een dozijn", op zaterdag 5 april in de Rue Antoine
Dansaert in Brussel. Waar krijg je dat nog, 13 in een dozijn? Met alle
inflatie van de laatste jaren is dat zoeken geblazen. Niet bij de Schrijfzolder,
de Belgische site, waar dichters hun werk kunnen plaatsen en erover mogen
debatteren, zo je dat wilt. De drijvende krachten achter Schrijfzolder, Anne Toulet, Jan Anton Gilles en Inge Rocky haalden 13 dichters uit Nederland en België bij elkaar om hun werk te laten horen in het Brusselse literatuurhuis annex boekhandel Passa Porta. |
![]() |
|
|
Zaterdag 5
april trokken de dichters naar de Belgische hoofdstad om elkaar en het
publiek te ontmoeten. Daar was een
gevarieerd aanbod van poëzie te beluisteren. De ontvangst met broodjes,
koffie en drankjes maakte de tongen al los voor de aanvang. Een voor een
druppelden de deelnemers binnen, uit de regen die maakte dat je blij was
binnen te zitten. Schitterende ambiance, een mooie zaak, een kleine maar
knusse kelderruimte waarin ieder een plek kon vinden. Het
programma opende met John Zwart, bekend van Hernehim Cultuur; hij droeg
zijn gedicht voor dat hij schreef bij het overlijden van Hugo Claus; daags
daarvoor had hij dit in Antwerpen geschreven in het condoleanceregister.
Daarna moest John snel vertrekken naar Amsterdam, waar hij deelnam aan de
opening van de Week van de Poëzie in de OBA. Omdat nog niet alle dichters waren gearriveerd mocht Frédéric Leroy openen. Stijlvol en gedragen las hij zijn werk, waarvoor hij inmiddels prijzen kreeg: in Oostende en de Prijs Letterkunde van de Provincie Vlaanderen. |
| Door verdere afwezigheid van John werd zijn plek overgenomen door Car, die
vanuit het Noorden haar Rubensvrouw kwam brengen, dit op verzoek van Anne.
Car gaf zelf de voorkeur aan de nieuwe gedichten die ze liet horen, waarin
ze de toehoorders meenam. Vervolgens besteeg Sylvie Marie de spreekstoel. Sylvie, zij is redacteur bij Meander, en las uit haar cyclus “Moedermomenten”. Deze is gepubliceerd in het nieuwe nummer van het 'Liegend Konijn'. In de Volkskrant van vrijdag 4 april staat een lovend commentaar van Arjen Peters. Uit Sylvie's mond klonken de moedermomenten niet alleen intrigerend, het was ook verrassend fijnzinnig zoals voordracht, stem en beelden samenvielen. Alleen al de moeite waard om voor naar Brussel te reizen, maar dat terzijde. |
Loes Essen liet haar bundel “Vertraagd in kleur” even voor wat
het was, vandaag stond ander werk op het programma, door de aanwezigen met
veel genoegen beluisterd. De afsluiting voor de pauze viel toe aan Jan Anton Gilles, die op voortvarende wijze zijn werk ten gehore bracht. Voor hem is het gedicht op zich al genoeg, er hoeft niet altijd een titel boven. Vandaar dat Jan Anton vooral werk zonder titel las. Zijn stem kwam in de lage ruimte mooi tot z’n recht. - Pauze - |
| In
het tweede deel stonden Amanda Visch en Mickey F. gereed voor een
duo-presentatie. Amanda moest wel opboksen tegen het zwaardere geluid van
Mickey, zij wist er met haar werk goed raad mee en hield zich prima
staande. Gastvrouw Anne Toulet las werk voor uit de bundel
'"Met mijn ogen dicht", die zij eerder
uitgaf, herkenbaar voor de meeste aanwezigen. Goed om Anne te horen in
Brussel, haar eigen thuishaven. Frans Terken had het verzoek van de organisatoren ter harte genomen. Hij bracht vooral gedichten met Belgische ervaringen, 'Noord ontmoet Zuid' klonk hierin ruim door. Sloot af met een gedicht over 'Vlaanderens mooiste': de Ronde die op zondag verreden zou worden. Ook hier herkenning bij het publiek. |
David Troch, al meerdere malen in de
prijzen gevallen, las een aantal gedichten uit zijn bundel. Voor het
laatste gedicht dat hij las kreeg hij de Jules van Campenhoutprijs. In
betoverende voordracht, zacht én gedreven, die er stond. Voor deze gelegenheid speciaal uit Zwitserland: Jacques Vos. Zijn werk voorgedragen met sonore stem was aangenaam. Kreeg ruzie met de spreekstoel, maar dat stoorde zijn voordracht niet. Na Jacques was het woord aan Lisette Waterschoot. Tere gedichten, met een breekbare voordracht, boeiend tot het laatste woord. Afsluiter: Pom Wolff. Met zijn bijzondere voordracht, zoekend in zijn papieren, zoals hij zoekt naar een weg in de poëzie, om er zijn weg van te maken. De dood naar het leek thuisgelaten, zijn werk als altijd pregnant en meeslepend. |
|
De gastvrouw Anne Toulet debuteerde in 2007 met haar bundel "Met mijn ogen dicht" - Schakel, Utrecht.. Eén van de gedichten daaruit, die zij las: |
De poëzie die Jan Anton Gilles liet horen zou weinige dagen later (op zijn 59e verjaardag!) in druk verschijnen, als de bundel "Aurora Borealis" - De Distel, Brussel. |
| zoek
dat je bent of beide de loodgrafieten grens
© Anne Toulet
|
Non-localiteit
Als ik je dan aanraak de maan staat in lichterlaaie als je me dan raakt flinterdun is dan de grens je raken
© Jan Anton Gilles Uit: Aurora Borealis |
| Het
publiek was niet erg groot, wel zeer aandachtig; en wie er niet bij was,
heeft wel wat gemist. In het publiek ook enkele dichters voor het open
podium, waarmee het programma afsloot. Stanislaus Jaworski, deels wonend in Leuven, was er met een gedicht over Tibet; Philip Meersman met aandacht voor de beatgeneration in een gezongen gedicht van Allen Ginsberg, en een voor zijn lief, in het Engels. Inge Rocky, als medeorganisator namens de Schrijfzolder. |
Tenslotte Fré
Widdekind, die een aanstormend talent lijkt en veel indruk maakte met
z'n poëzie. Hij kwam meteen binnen, met: “poëzie
leeft niet gebald in de woorden, zinsconstructies, verwoordingen / poëzie leefde vanaf je eerste ochtend in jou …” Iemand die vleugels krijgt bij zijn performance, lees daarover meer op zijn website Jan Anton sloot met een toegift af, zodat zijn familie hem nog kon beluisteren. Na de poëzie een after party, nog eens broodjes en drankjes in Passa Porta, maar al snel voortgezet in Café Monk. Brussel bruiste nog een flinke tijd na, niet alleen van de poëzie. De belooft wat, voor een volgende keer! |
|
© Frans Terken - voor Hernehim Cultuur Van Frans nog een op deze Brusselse Dichtmiddag geïnspireerd gedicht, waarvan de eerste regel zijn oorsprong heeft in een opmerking van Pom Wolff: brussel, nog zonder titel - (voor Pom) De dood vandaag thuisgelaten hoe dan toch in de schoot van een hoer © Frans Terken, 060408
|
|
| Opening van de Week van de Poëzie 2008. Verslag van John Newswatcher | |
| Amsterdam,
5 april - Centrale Bibliotheek.
De Opening. Het moest een groots spektakel worden. Veel publiciteit, aandacht in de pers, een speciale website online. Toch was de belangstelling in Amsterdam niet overweldigend. Ondanks bekende namen, zowel onder de dichters die al een oeuvre van meerdere bundels op hun naam hebben, als de uitgenodigde open podiumdichters geselecteerd uit de oogst van 2007, waren er nog veel te veel lege stoelen in het Theater van 't Woord hoog bovenin de nieuwbouw van de Centrale Bibliotheek op het Oosterdokseiland. De aankleding was goed verzorgd, het podium was fraai versierd met een groot "liefdes"-bloemenornament en de belichtingskleuren waren ook aangepast. De Eerste Liefdesposter sierde de lessenaar. |
![]() |
Arie van der Zwan, van de Stichting Week van de Poëzie, en voorzitter van de VSB Poëzieprijs 2008 tijdens zijn openingstoespraak, die hij besloot met het lezen van het gedicht Beginnen uit de bundel 'Bres' van Leonard Nolens. (Querido 2007 - nominatie VSB Poëzieprijs) |
Openingstoespraken
natuurlijk, van Hans van Velzen en Arie van der Zwan, met de nodige
reclame voor de Bibliotheek (1 miljoen bezoekers in 7 maanden tijd), de
VSB poëzieprijs en alle andere sponsors, de Poëzieclub, et cetera. Ruben van Gogh was aangetrokken als presentator, hij deed dat heel aardig met een inleiding ter introductie van de optredende dichters. Interviews werden niet gedaan, ieder kreeg alleen een presentatietekst. Aan de kop van de dichtersparade, vooraf het focus op Gerdie Verbeet, onze nieuwe kamervoorzitster. Een uitgebreid interview, ja ja, zij wel. Duidelijk voorbereid op de vragen die haar te wachten stonden, over háár eerste liefde, kwam vlot haar bekentenis van ene Jan Bont en Piet Punt, of waren het nu Piet Bont en Jan Punt?... wier namen zij ooit op briefjes schreef en in een doosje verstopte. Haar 'roemruchte' voorgangster, Jeltje van Nieuwenhoven, werd natuurlijk belicht als groot poëzieliefhebster. En het feit dat er weinig poëtische teksten zijn op te tekenen in de zittingszaal van de tweede kamer, werd gelogenstraft doordat zij wees op de uitgave die onlangs verscheen: een boekje met quotes van politici: Bijzondere bloemrijke uitspraken van volksvertegenwoordigers tijdens kamerdebatten en in commissievergaderingen. Voor haar eigen poëtische bijdrage aan deze middag was de keuze van Gerdie Verbeet gevallen op een gedicht van Ellen Warmond. © Copyright foto's Beneden: |
![]() ![]() ![]() |
|
De geselecteerde open podiumdichters kwamen vervolgens - zo kondigde
Ruben van Gogh aan - op alfabetische volgorde aan het woord... Ojé! Daar
hangt de 'Z' weer achteraan, bekroop mij plots de angst voor een herhaling van de
angstdroom die mij sinds 29 maart jl plaagt. Maar dit keer zou het toch
wrijvingsloos moeten verlopen, met zoveel hoog publiek kon er niets meer
misgaan... |
Jij bent een heilige, zei ik. Een frans terras met koffie en croissants je lach rondzingend op het dorpsplein, van voor die nacht. Toen er een kamer was in een sluier van onschuld: zo ligt er dauw buiten de tijd. En pas nadat het licht werd een samenzwering zoals ik nooit eerder zag: Joop Scholten |
| De Avond | |
Het avondprogramma trok nauwelijks meer bezoekers dan de opening. |
Joyce Roodnat |
Die kregen elk zeker een kwartier en kwamen dus heel goed tot hun
recht. Het omslag van hun meest recente bundels werd geprojecteerd op de achtergrond, op
een fond van het logo 'de eerste
liefde' van de Week van de Poëzie. |
![]() |
En nu mijn grootste favorieten: |
Liefde De lucht ligt als een blok op het land, Je gaat gekleed in de kleur van je haar, en huiver. je bent te groot misschien, maar de nauwkeurigheid ontbreekt me en huiver. Spreek me aan, want ik zwijg, Mark Boog "Encyclopedie van de grote woorden" |
|
Is het waar / dat liefde spieren geeft / en op den duur ook
vuur... Prachtige dichter, mooie gevoelig-romantische poëzie, geen herkenbare
homo-erotiek maar de warmte van gevoelens van mensen naar elkaar. Het vervulde me met
spijt dat ik geen pen en papier bij de hand had, want sommige regels troffen mij
zo sterk, dat ik ze zonder meer als mooie 'quotes' had willen vasthouden. Zoveel moois
was er, nog zonder ingebed te zijn in het
gedicht. |
Bart Moeyaert |
![]() ![]() |
En zo was ook deze vijfde april hier in Amsterdam een prachtige dag, met muziek van het meisje Habiba dat zichzelf begeleidde op de harp en ook nog het laatste gedicht van Hélène Gélens muzikaal ondersteunde. Met aan het slot Paulusma (géén voornaam), een tweemans formatie op gitaar, met ballads die soms aan Ierse 'folk' deden denken. Kom toch mensen, als er zoiets te beleven valt, daar hoog boven het Oosterdokseiland. Gemakkelijk genoeg bereikbaar met de snelle comfortabele lift of rustigaan langs de zacht zoemende roltrap. Het is echt niet alleen het Leidseplein waar je moet zijn. © Copyright Newswatcher, 6 april 2008 - voor Hernehim Cultuur |
| Essentie | |
| Schrijven
is schrappen. Een open deur, dat wel. Ik schrap me rot. Niet alleen de
aardappeltjes moeten eraan geloven, ook mijn boodschappenlijstje is
meestal een lange lijst van doorhalingen. Zelfs huis-, tuin- en
keukenzaken worden bij mij tot de essentie teruggebracht. Weinig woorden,
korte regels en een boel witruimte bij wijze van passe-partout. Zo knippen en snoeien de tuinmannen door het gemeentelijk groen, want er moet meer wit komen. Meer overlaten aan de kijker; zoals een kunstenaar zijn werk de ruimte geeft uit te groeien tot een nog meerlagige constitutie zodat de beschouwer er nieuwe betekenis aan kan geven. In de perken komt het wel goed. De paardebloemen groeien er tegen de klippen op en de braamstruiken die overal hun loten heen sturen, zijn pure poëzie. |
Dan beland je op een goede dag op de boekenafdeling van een groot
warenhuis. Je weet dat er een plankje poëzie staat. Niet veel, maar toch!
Heeft het warenhuis besloten zich boven het volk te verheffen door de
kunst van het weglaten van toepassing te verklaren op de schappen?
Schappen kun je ook schrappen. Een lichtpuntje in deze wereld: als het
waar is wat ik zie, niet zie, wat jij niet… dan pleegt dit
grootwinkelbedrijf pure poëzie. Van genot straal ik de roltrappen af, een
regel van Anton Korteweg in het hoofd: ‘Het is/ iets waar je geen
woorden voor hebt / tragisch (zonder meer)/ misschien nog maar het beste
zo.’'
|
| De Kerk versus een Vrije Mens de levensstrijd van Hugo Claus. Commentaar van John Newswatcher | |
| De
katholieke kerk bindt de strijd aan met vrijzinnigen boven het nog maar
amper afgekoelde lijk van Hugo Claus. Wij tekenen op uit "De
Morgen", van 22 maart 2008: " In katholieke kringen steekt protest op tegen de 'mediatisering' van de euthanasie van schrijver Hugo Claus. Het verzet wordt aangevoerd door René Stockman, hoofd van de invloedrijke organisatie Broeders van Liefde. Hij wordt bijgetreden door kardinaal Danneels en CD&V-interim-voorzitter Wouter Beke. "Heeft Hugo Claus nagedacht wanneer hij deze stap zette welke boodschap hij zou geven naar deze mensen toe, (die ook aan alzheimer lijden - De Morgen) naar hun omstanders toe?", vraagt broeder René Stockman zich af in een tekst op de katholieke nieuwssite Kerknet. "Is het leven van die mensen dan waardeloos geworden?" "Hier pretendeert een bepaalde groep in de samenleving, met een bepaalde levensfilosofie, de norm voor de gehele samenleving te bezitten en begaat de arrogantie deze op te dringen aan eenieder. De wijze waarop sommigen deze daad niet alleen proberen goed te praten maar zelfs als het summum van edelmoedigheid de hemel in prijzen, stoot tegen de borst", vervolgt hij zijn betoog. Hans Geybels, de woordvoerder van kardinaal Danneels, treedt de uitspraken van broeder Stockman over de media bij. "Want de kerk veroordeelt euthanasie als daad." " (Bron "De Morgen" 22 maart 2008) |
"Hier
pretendeert een bepaalde groep in de samenleving, met een bepaalde levensfilosofie,
de norm voor de gehele samenleving te bezitten en begaat de arrogantie
deze op te dringen aan eenieder." De
omkering van het verwijt dat aan het Vaticaan kan gericht. Het is precies
dát wat de bron van de boosheid in Hugo Claus was. Je zou nu kunnen
zeggen dat hij zich over deze felle discussie in zijn graf zou omdraaien,
ware het niet dat hij nog niet eens in een graf ligt, doch in het
mortuarium van het Middelheim Ziekenhuis van Antwerpen. Het lijkt nog hard
nodig dat in Vlaanderen een nieuwe Hugo Claus opstaat om zijn strijd voort
te zetten. En wie is de nieuwe Jan Wolkers voor Nederland voor het
broodnodige verweer tegen Balkenende, Rouvoet c.s.? Moeten we soms
allemaal aan het kruis zoals die fanatieke gelovigen in de Philippijnen,
verschrikkelijke zondaren die wij zijn... Mijn repliek aan CD&V
respectievelijk CDA/CU via "De Morgen": "Wie overtuigd is dat zijn lijden zinvol is, mag lijden tot hij/zij bezwijkt. Dat behoort gerespecteerd te worden. Wie besluit dat zijn lijden genoeg is en niet meer zinvol, verdient evenveel respect. Juist het opdwingen van een enig juiste opvatting is hetgeen waartegen Claus in opstand was. De kerkbroeder begrijpt dat nog niet. Als het aan de Kerk was, zou Hugo Claus straks worden begraven in een naamloos graf in ongewijde grond, zoals het lot van een zondig zelfmoordenaar behoort te zijn. Maar wat maalt de leeuw om de luizen in zijn pels? (citaat HC) dus laten we toch zwijgen". John Zwart - Nederland. 24 maart 2008 |
| Hugo Claus heeft een streep getrokken | |
|
© Foto: 'Hugo Claus in Beelden'- De Morgen |
Soms
halen ze de 90 met gemak, en blijven nog lang daarna. We lezen ze, Hella Haasse,
Leo Vroman. Maar er wordt ook vroeger al gestórven, zopas nog Jan
Eijkelboom, 81, en nu, vroeger nog, Hugo Claus,
78 jaar. Hugo M J Claus werd geboren in Brugge op 5 april 1929. Vanmiddag, op 19 maart 2008, is in zijn woonplaats Antwerpen de literaire reus van Vlaanderen en Nederland uit het leven gestapt. Weer een multitalent - schrijver, dichter, schilder, filmscenariomaker - die voor immer zwijgt. Hij laat een indrukwekkend oeuvre na. Zijn theaterstuk "Een bruid in de morgen" kreeg al vroeg internationale vermaardheid. Zijn belangrijkste roman: "Het verdriet van België", zeer autobiografisch over zijn kostschooljeugd en ervaringen in West-Vlaanderen tijdens de tweede wereldoorlog, schreef hij 25 jaar geleden. Hij verwierf vele prijzen, voor zijn romans zowel als zijn theaterstukken en dichtkunst, waaronder de Constantijn Huygensprijs (1979), de Herman Gorterprijs (1986) en de VSB poëzieprijs (1994). Feitelijk is Claus de meest bekroonde Nederlandstalige schrijver ooit. Als dichter wordt Hugo Claus tot de
"vijftigers" gerekend, een stroming van verwante poëten als Lucebert,
Gerrit Kouwenaar, Remco Campert, die vrienden werden tijdens hun arme
kunstenaarsbestaan in Parijs in de jaren vijftig. Later gingen hun wegen uiteen, maar tussen
Remco Campert en Hugo Claus is er een vriendschap gebleven tot diens laatste
dagen. |
| Op
5 april 1929 werd Hugo Claus te Brugge geboren als het eerste kind uit het
huwelijk van Germaine Vanderlinden en Jozef Claus, eigenaar van een kleine
drukkerij. Als peuter werd Hugo al naar kostscholen bij de nonnetjes
gestuurd, het laatst die in Aalbeke. Toen hij van school kwam waren
familie en bedrijf intussen al verhuisd naar Deinze en Hugo, niet
geworteld, zwierf uit. Zijn creatieve leven begon met een dichtbundeltje "Kleine
reeks" dat hij als zeventienjarige schreef. Hij gaf het in
eigen beheer uit via de drukkerij van vader Claus in 1947. Later zag hij
dat niet als een echt debuut, zijn grote poëtisch werk begon met de
uitgave van "Oostakkerse
gedichten" in 1955. Hij ging toen allang zijn eigen weg;
in Europa, ruwweg tussen Rome en Oostende, zou hij gedurende zijn leven
nog minstens 50 keer verhuizen. Rusteloos en productief. Gelijktijdig met de poëzie schreef hij al aan theaterstukken, in hetzelfde jaar van de "Oostakkerse gedichten" voltooide hij "Een bruid in de morgen". Als negentienjarige deed hij mee aan een wedstrijd voor het schrijven van een roman en won. Zo werd die eerste poging meteen zijn debuut: "De eendenjacht" in 1949. Een jaar later gedrukt met als titel "De Metsiers". Al vanaf het begin ontwikkelde hij zich zowel als dichter, romancier, toneel- en scenarioschrijver. Voegde er vervolgens een schilderstalent en regisseurschap aan toe. Zowel zijn theaterstukken als romans waren direct controversieel. De kerkelijke autoriteiten zagen zijn werk als vies en blasfemisch. Nog in 1967, toen zijn naam al internationaal gevestigd was, werd hij gearresteerd toen in het theater drie naakte mannen op het toneel de Heilige Drievuldigheid uitbeeldden. Net als Jan Wolkers in Nederland werd hij in Vlaanderen óf bewonderd, óf verguisd. Het deerde hem niet: "Wat maalt de leeuw om de luizen in zijn pels?" |
Opnamen op het strand van Oostende Hugo Claus schreef tientallen dichtbundels,
evenzoveel theaterstukken en scenario's en een zestiental romans. Zijn
laatste uitgaven - poëzie: "Flagrant"
2004 - toneel: "Phaedra"
1999 - roman: "Onvoltooid"
1998. © John Zwart - voor Hernehim Cultuur |
|
Op de Overtoom Het dooit op de Overtoom
|
Voor
een vijftiger
zo hij leefde in tarten van gekwezel zo kon hij sterven © JohnN |
| Clausmoment. | |
| De
ongekroonde koning van België, kanshebber voor de Nobelprijs van de
literatuur, de Vlaamse reus, de Leeuw van Vlaanderen. Zomaar enkele
kwalificaties die schrijver, dichter, schilder et cetera Hugo Claus na
zijn overlijden nog maar weer eens ten deel vielen. Hij werd in de
berichtgeving vergeleken met de onlangs overleden Nederlandse reus Jan
Wolkers. Het werk van beiden is van grote betekenis geweest. Hun overlijden lijkt het einde te markeren van een periode waarin we de benepenheid van een strak georganiseerde samenleving hadden afgelegd. Tegenwoordig moeten we onze normen en waarden oppoetsen en mogen we ons weer burgerzinnelijk laten controleren en delegeren: ga maar lekker slapen; wij waken over u, zolang u zich maar gedraagt zoals wij graag zien dat u zich gedraagt. Niet te veel seks, niet te veel drugs en niet te veel rock-’n-roll. Net als bij het overlijden van Wolkers (wie had niet zijn Wolkers-momenten) zullen ook de Claus-momenten loskomen. Mijn Claus-moment is er een van verbijstering. Die Vlaamse reus, die Leeuw van Vlaanderen, die kanshebber voor de Nobelprijs voor de Literatuur, die ongekroonde koning van België zal op mijn Claus-moment zeker liever achter zijn eigen schrijftafel hebben gezeten. |
Het
was een dag laat in oktober, dat ik in een warenhuis de boekenafdeling
wilde afstruinen voor een cadeau, toen ik achter een tafel midden op de
vloer Hugo Claus ontdekte. Hij zat daar, en dat was het. Voor zich had hij
een stapeltje boeken, ernaast lag een pen. Om de tafel was het leeg,
spookachtig leeg. Was er een brandmelder afgegaan? Was de winkel nog niet geopend? Hij moest toch al minstens een uurtje of anderhalf zo hebben doorgebracht. Hier moesten maatregelen worden genomen, en wel meteen. Bij Jan Wolkers was dit zeker niet gebeurd. Daar zouden de fans in een rij tot buiten de winkelpoorten geduldig hebben staan wachten tot ze aan de beurt waren voor een felbegeerde handtekening. Ik schaamde mij voor mijn land en zijn lezers. De ongekroonde koning van België, kanshebber voor de Nobelprijs van de literatuur, de Vlaamse reus, de Leeuw van Vlaanderen laat je toch niet voor spek en bonen achter een tafel plaatsnemen? Tja, dan kun je niet anders doen dan een impulsaankoop, het kassakoopje, het snoepje van de week: een boek van Claus, inclusief een lief aandenken aan de eenzaamheid van een gevierd schrijver. 20 maart 2008 - © Jet van Swieten |
| Vertraagd in kleur, op 'n nog net geen lentedag in Amsterdam. | |
| "Wat
waait er eigenlijk over" is het maandthema bij Eijlders en
"Vertraagd in kleur" de titel van Loes Essen's poëzie. Beide
titels toepasselijk op de zondag 16 maart 2008. De lente die de
wereld in kleur gaat zetten loopt met deze gure dagen vertraging op, maar
door ervaring weten we dat boze dagen ook weer zullen overwaaien. Hernehim Cultuur was gistermiddag/avond aanwezig in 't Eijlders Dichterscafé bij het Leidseplein in Amsterdam. 27 Dichters waren er maar liefst, organisatie en presentatie verdienen er alle lof voor dat iedereen in een tijdsbestek van ruim tweeënhalf uur aan bod is gekomen. Tijd voor een uitgebreid verslag hebben wij nog niet gevonden maar de poëziesites op het internet zijn er toch voor om elkaar te ondersteunen (zo zien wij dat tenminste, ook al zijn er collega's die er anders over denken) en Pomgedichtenpuntnl zit altijd bovenop de actualiteit met diverse adhoc correspondenten over heel Neder- en Vlaanderenland, dus voor enige aanvulling doen we graag een greep uit wat Mike Platenkamp er daar al over bericht. |
De
hoofdgast was natuurlijk onze eigen Loes Essen, die uit handen van Paul
Lokkerbol het 14e Eijldersbundeltje kreeg aangeboden. Onder de
toehoorders waren er daarom een enthousiaste groep Hernehim- en andere
fans te signaleren. De redactie met Gerda Posthumus, Frans
Terken en John Zwart - en verscheidene andere Hernehimdichters
zoals Hiltsje Jongsma, Lisan Lauvenberg, Jako Fennek
en Kees Godefrooij. Eerder genoemde Mike Platenkamp - 'wat een lekker ding' teken ik op uit de mond van enkele dames in mijn gezelschap - maakte opnamen van deze zondag, dus binnenkort zal er wel één en ander op Poëzie TV mée te beleven zijn. We citeren: "Ik heb het (niet) alleen maar over
mijzelf, er waren er (meer dan) 20 en daar heb ik ook het merendeel van
opgenomen. Ik moet hier nog een mikumentary van snijden, maar het is de
moeite waard hoor. De bundelpresentatie
van Loes Essen's bundeltje in de Dichter bij Eijlders serie "vertraagd
in kleur" was mooi. Het bundeltje, wat voor de sympathieke prijs
van € 3,50 werd verkocht, verkocht
uit. Ik zat in de trein terug in tranen, in verbijstering. Ik wil graag een
gedicht uit die bundel plaatsen. Over
pijn gesproken.. " |
|
|
Pom
Wolff vult aan: "de optredens van meer dan 20 dichters die het Leidseplein gisterenmiddag de poëzie gaven waar het recht op heeft, in die aloude traditie: dichters hóren in Eijlders".
Links: Heel uiteenlopend aandachtig
Eijlderspubliek - |
|
Uit de namen die al zijn gevallen mag duidelijk zijn dat er ook weer eens
heel wat onvervalst Fries heeft geklonken in Eijlders. Ook bijzonder werk,
zoals van Lisan, die zich geruime tijd niet op de podia liet zien
omdat haar gezondheid te wensen overliet, maar die er nu weer helemaal
was. Mike probeerde wat werk uit dat tegen slam aan lag maar
besloot met een heel gevoelig gedicht dat hij schreef over zijn vriend
Alwin, die tien jaar geleden zijn einde vond onder de trein. Een primeur, vertelde hij, deze middag voor het éérst voorgedragen. Loes kwam natuurlijk een tweede keer, met - tot mijn grote genoegen - 'We hadden van Venetië geen weet' en 'Het late licht', waarmee ze vorig jaar debuteerde op Hernehim Cultuur. En ook Kees Godefrooij kreeg de kans om nog wat extra aandacht te vragen voor zijn 'Zwarte romantiek'. Er is ook uitgebreid gefotografeerd, dus we gaan nog verder werken aan dit artikel, blijf dus toch maar terugkomen.
|
We
laten hier nog even de complete lijst met alle namen van de deelnemers
volgen, in volgorde van hun opkomst: Kees Godefrooij (Poète maudit die zelf bij de herstart van de Eijlderstraditie betrokken was, 10 jaar geleden), Hiltsje Jongsma (Friese gedichten en Nederlandse), Patrick Prins, Anna Koster, Loes Essen (glorieus met Vertraagd in kleur). Michiel van Rooij, Floor Voerman (samen met Dirk Oudshoorn ook een van de Eijldersdichters van het eerste uur), Frans Terken (LAK Leiden), Merik van der Torren (Mijn rode parapluutje), Natja van Albeda, Koos Hagen, Bram de Waard, Lisan Lauvenberg (ook al een vertrouwd geluid in Eijlders), Jacob Verrek, Arie van Egmond, Mike Platenkamp (de 'jonge hond' met Schreeuwen tegen de wind), Gusta (Myriad), Jan Vissers, Sander Brouwer (niet te missen, ontbreekt vrijwel nooit), J.C.Aachenende, Jan Willem Hamel, John Zwart (Hernehim Cultuur), Aurora Guds, Joop Scholten (Hernehim Dichter vd Maand januari 2008), Dirk Oudshoorn (ook aan de wieg van de herleving van de Eijlderstraditie), Ron Offerman, Wim Schroot. © Hernehim Cultuur - 17 maart 2008. |
|
Onze
taal
een taal rauw, rouw je stamelt, maar ik hoor blijf bij me nee, ik huil niet ik herhaal © Loes
Essen
|
Frije fal Barstende fol ferbylding yn 'n dobberleaze djipte mei oanlearde frije slach sleep mysels de baarnende sinne ik brek út myn modderjurk en lis my neist dy del
© Hiltsje Jongsma (Sinneskyn) |
| Verrassend debuut | |
| 13
maart - Sommige
Podia krijgen het voor elkaar al een verslag(je) te krijgen, nog vóór ze
hebben plaatsgevonden. Eijlders
heeft dat voor elkaar gekregen, bij uitzondering! dat moet gezegd. Het
heeft ermee te maken dat onze ster-verslaggever-redacteur
Loes Essen daar a.s. zondagmiddag 16 maart zal stralen met het 14e
Eijldersbundeltje, háár "Vertraagd in
kleur". Slechts zo'n 75 exemplaren is de totale oplage van
zo'n collectorsitem, dus reken maar dat ze allemaal nog op dezelfde avond
uitverkocht zullen zijn. Want het gaat storm lopen, vanaf de Wadden tot
aan Zwitserland gaan de fans samenstromen. De presentatie zal worden
opgeluisterd door een piano/zangduo. Alsof Eijlders plaats kan bieden aan
al die honderden fans doet Pom Wolff er ook
nog eens een schepje bovenop op zijn
website (ach misschien zetten ze nog wel een partytent
op):
"LOES ESSEN zondag haar DEBUUT, ik zeg het met ontzag,
zondag in CAFE EIJLDERS - het oude bruin van de vijftigers daar. '
Vertraagd in kleur' Wie kent haar niet, Loes Essen, ze streed
driftig mee hier om 'de prijs voor de treurigste tranentrekker van de
jonge eeuw' - vorige week hier zo succesvol afgesloten. Een plaats op de
achterbank richting Gemert was wat ze won maar die gifbeker liet ze
passeren en gelijk had ze. |
|
|
Loes Essen, zoals zij
optrad bij haar
Hernehim Cultuurdebuut, |
mijn
god, mijn god, ik kan er niet meer tegen niets lijkt nog te bestaan dan wind en regen en jij ligt ergens aan een strand met haar ach, wees de regen, lief, guts over leden huis in de tranenvloed over mijn wangen © loes essen Zondag kunnen we haar live en in het echt genieten in het walhalla op het Leidseplein - ik zeg het met ontzag - cafe eijlders. pom wolff |
| Eerste "Feest der Poëzie" te Amsterdam - Verslag van Loes Essen | |
| Amsterdam,
zondag 2 maart Na een lange zoektocht langs afgerasterd terrein, wordt eindelijk de CMA-Zaal bereikt, waar het eerste Feest der Poëzie zal plaatsvinden. Het zal vooral gewijd zijn aan voordracht en zeggingskracht. Organisator Simon Mulder heeft er door de samenstelling van zijn gasten al voor gezorgd dat het ons aan verscheidenheid niet zal ontbreken. Een groter onderscheid aan voordracht tussen eregast Jean Pierre Rawie en bijvoorbeeld een A.C.G. Vianen is nauwelijks denkbaar. We worden bij binnenkomst in het café
meteen opgenomen in een intieme, negentiende-eeuwse sfeer, een mengeling
van huiselijkheid en grandeur, van donkerrood fluweel en schemerlampjes
met franje. Het intieme zaaltje is feestelijk ingericht. Alles lijkt van
donkerrood pluche, satijn, fluweel. |
|
| Jean
Pierre Rawie, gedistingeerd, als
altijd keurig in kostuum, leest op gedragen wijze voor uit eigen werk.
Bundel in de hand, gouden leesbril. Gedichten vol weemoed en verlangen naar schoonheid en liefde, gelardeerd met persoonlijke noten in commentaar, even geestig als deftig, met steeds die zweem van zelfspot. Zelfs intieme anekdoten lijken woord voor woord geconstrueerd en worden geaffecteerd gebracht met een aanstekelijk genoegen in vondsten aan uiterst zorgvuldig formuleren. |
|
|
Foto's eigendom CMA Zaal |
Waar
Rawie aan voordrachtsruimte genoeg heeft aan één vierkante meter, neemt Gijs
ter Haar door verschijning en intensiteit alleen al, bezit van het
gehele podium. Zijn voordracht is indringend, dwingt tot aandacht, tot
opnemen van elk woord. Het lijkt alsof hij, alsof dat lijf, lang en benig,
elk woord ter plekke creëert, produceert in een uiterst geladen
concentratie. A.C.G. Vianen ís voordracht. Zonder zijn volume, zijn mond als mitrailleur, zou zijn werk niet 'aankomen'. Doodstil ondergaat het publiek dit, even onbeweeglijk als bij de andere dichters, en even onbeweeglijk als tijdens de muzikale voordrachten. Bas Marée brengt chansons, energiek en overtuigend, alle in het Nederlands, aan de piano begeleid door Johan Hoogeboom. Alexis de Roode draagt op ontspannen, natuurlijke wijze voor uit Stad en Land, dat volgende maand zal verschijnen. Poëzie, die zowel op het podium als op papier tot haar recht komt. Gastheer Simon Mulder draagt, hoffelijk en met zichtbaar genoegen, eigen gedichten voor. Vormvast werk in een taalgebruik, dat niet van deze tijd is, in elegant handschrift (zonder één doorhaling, ik heb het ingezien) bijeengebracht in een klein zwart cahier. Hij lijkt hier in zijn element, deze estheet, niet alleen vandaag gekleed in lange getailleerde jas. Al met al een zeer aangename avond, mijn
gezelschap en ik hebben genoten. Een achtenswaardig initiatief van Simon
Mulder, goed georganiseerd. © Loes Essen voor Hernehim Cultuur. |
| OBA Amsterdam - Podium februari -Verslag door John Zwart - geplaatst 3 maart | |
| Amsterdam 23 februari 2008 - 15:00u. Het tweede reguliere Podium van het nieuwe jaar, na de grote feestelijke aflevering van januari in Het Theater van het Woord helemaal boven,in de Centrale Bibliotheek. Voorgedragen, of acts, of muziek gemaakt, werd er door: Nafiss Nia, Joop Scholten, Jeanne Wesselius, Fred Pruim, Barbara Baumgarten, Henry Muldrow, Jos Zuijderwijk, Anke Labrie, Fieteke, Simon Mulder, Olga Orman, Cor Bakker, Jack Terrible, Rik de Boer, Everdina Eilander, Conrad vd Wetering, Johan Herrenberg en John Zwart. Een groot aantal van hen traden al eerder op en hun werk werd op deze site bij die gelegenheid ook genoemd en vaak ook besproken. |
We
laten het daarom deze keer bij wie voor ons 'nieuw' waren: Fred Pruim is een liedjeszanger die zelf componeert en zijn eigen Nederlandstalige teksten daarbij maakt. Hij begeleidt zichzelf op de akoestische gitaar en zo nu en dan tevens op de mondharmonica. Hij probeert simpele dingen een diepere laag te geven, zoals een paar oude schoenen en zijn hond Hector. Henry Muldrow heeft 'n prachtig kleurig geïllustreerd boekje uitgege- ven, waarin 26 limericks zijn verzameld, op alle letters van het alfabet. Allemaal Nederlandse plaatsnamen, en hij zingt voor ons de "F" van Friesepalen en de "R" van Radio Kootwijk waarbij hij bijna iedereen uit zijn stoel praat en het publiek met hem aan 't rock-n-rollen slaat. |
|
|
|
| Fieteke,
voormalig schildersmodel, "smeedt nu edel" en geeft een exposé
over wat zij zichzelf toestaat in
"ik mag". Zo luiden de titels van de beide gedichten die zij
leest. Rik de Boer deed iets met zijn kat, in een opgevoerde pantomime van zijn thuiskomst na een werkdag. Johan Herrenberg, een jonge zelfbewuste dichter las een reeks gedichten van uiteenlopende sfeer, die desondanks samen een cyclus vormen. Hij voltooide onlangs een omvangrijke roman waarmee hij bij Uitgever IJzer gaat debuteren. Voor zijn poëzie zoekt hij nog naar een uitgever. Er waren nog meer mensen die hadden gehoopt op wat microfoontijd maar dat was helaas niet meer mogelijk. |
|
| Door dit organisatieprobleem kon ook de uitverkiezing van de eerste Hernehim Dichter van de Maand die op dit Podium zou plaatsvinden niet op de geplande wijze doorgaan. Het publiek, waaronder de mensen die deze keer niet aan bod waren gekomen, was begrijpelijk niet bereid om nog de 2 genomineerde gedichten van januari te beluisteren. Gelukkig was de genomineerde Louise, die op het eiland Vlieland woont, verhinderd. Een juryrapport, hoe kort ook, komt vervolgens ook "in de lucht te hangen". We sluiten deze mislukte kleine 'ceremonie' dan maar virtueel af met het bericht hieronder. | |
| Dichter van de maand Hernehim Cultuur - januari 2008 - thema "verlichting" De genomineerden | |
|
Decemberblues dit is de maand december, dit is waar buiten rollen de eerste bundels al fatsoen en groeien huiskamers de dagen raken op en sterven tijdens de aanloop naar het einde over snoeren van de kerst, ingewikkelde zo goed dat leven nu is en vroeger maar de kaarsen zijn in houders ik zal ze ontsteken wanneer de stroom © Louise |
Zoals
het was
Ik weet dat ik hier rondliep,
het zonlicht inhaleerde, de morgen kleurde zoals het mij uitkwam, de geur van fruit en noten, het geluid van verre muziek. Ik gaf de stad een naam: jij om elke hoek van de straat. Hier deden wij elkaar aan. Zochten een haven Wij trotseerden het leven, schiepen uit
niets de dagen. Het stratenplan is niet veranderd. Ik zou
terug
© Joop Scholten
|
|
Juryrapport: De 'Hernehim dichter van de maand' van
januari is: Joop Scholten. © Voor verslag: John Zwart - 1 maart 2008. |
| Woorden in de waagschaal, Haarlems Podium - Verslag van John Zwart | |
| Alweer
ons derde bezoek aan de Waagschaal. In de Waag van Haarlem aan het Spaarne, kwam weer een bont gezelschap bijeen op de donderdagavond van 21 februari. Een paar vaste 'ankers', zoals presentator Driek Havermans, dichter en prozaïst Nuel Gielens en de jeugdige Jarl ontbraken natuurlijk niet. Maar verder zwaaide de deur achter het gordijn regelmatig open voor een bont gezelschap dat ook een podiumplekje begeerde. De Haarlemse Diva's - gevormd door Monique en Marianne, laatbloeier-dichter Wim Groenhart, Sara Hussein enige jaren geleden gevlucht uit Irak, Simon Mulder die zijn Feest der Poëzie kwam promoten en de jongste deelnemer van de avond, misschien wel de jongste ooit, Tim Neutel. De Diva's, niet zomaar aan voorbij te gaan, leken vooral uit op het effect van hun verschijning. Maar zij brachten poëtische ontboezemingen die soms stevig uitvielen. Jammer dat ze hun teksten nog niet volledig beheersten, zodat hun duo presentatie iets minder vloeide door af en toe een blik op de lessenaar. |
Wim Groenhart werd uitgebreid
geïnterviewd door Nuel vanwege zijn snelle opkomst als dichter, die zijn
eigen talenten pas laat ontdekte. Sara Hussein
verontschuldigde zich bij voorbaat voor haar eenvoudige taal: "mijn
nog kleine woordenschat". Bewonderenswaardig hoe steeds meer mensen
uit het middenoosten, na enkele jaren verblijf in Nederland de moed
opbrengen om met hun eerste poëzieprestaties al tevoorschijn te komen,
waar anderen in dezelfde situatie zich nog nauwelijks verstaanbaar weten te
maken. Tim Neutel, veertien jaar, werd natuurlijk ook ondervraagd
door Nuel Gielens: "hoe vinden je vrienden dat nou, dat je gedichten
schrijft, kijken ze je er raar op aan?" Maar Tim lijkt niet zo
gevoelig voor smalend gedrag van medeleerlingen. Hij blijkt een
bewonderaar van popsterren uit Amerika met goede songteksten. Kijk dat
verandert de zaak natuurlijk, de naam van Bob Dylan valt. De teksten van
goede artisten ziet hij als poëzie en ja: hij speelt ook piano! Zijn stem
moet nog wat volwassener worden, maar hij maakt indruk met zijn pianospel.
|
|
|
|
De avonden in De Waag hebben een heel lage drempel. "Het is altijd weer 'n verrassing hoe de avond uitvalt," aldus Driek Havermans. Zoals uw verslaggever het deze februari editie heeft ervaren een positieve verrassing, mede door de prima poëzie bijdragen van Simon Mulder en Nuel Gielens Eerstvolgende aflevering: donderdag 20 maart, informatie Sonja Kagie. © Voor verslag: John Zwart - 1 maart 2008
|
|
| Jan Eijkelboom, geen bevlogen vernieuwer, bewonderaar en hoeder van het goede - Biografische schets van John Zwart. | |
| Alhoewel
de dichter Jan Eijkelboom geboren werd in Ridderkerk bij Rotterdam, was
hij zijn hele leven volledig verknocht aan de stad Dordrecht, waarheen
zijn ouders al in zijn kindertijd verhuisden.
Hij zag het levenslicht op 1 maart 1926 en zou dus morgen, 1 maart 2008, 82
jaar zijn geworden. Maar dat was hem
niet gegeven: Gisteren, op 28 februari, is hij in "zijn stad"
Dordrecht gestorven. Hij stamt van godsdienstige huize, zijn ouders waren belijdend lid van de Gereformeerde Bond. Na de oorlog ging hij vrijwillig in het Nederlandse leger en werd uitgezonden naar Indië. Dit wees al op de ontwikkeling van een vrijzinnige geest: "Geen bliksems troffen ons uit het zwerk". Dat verschafte hem moed om door te gaan op de nieuw ingeslagen weg. Maar de ervaringen in het Indië van de Politionele Acties lieten flinke sporen na, die hij al schrijvend verwerkte. In 1953 debuteerde hij met "De terugtocht" in 'Libertinage'. In datzelfde jaar sloot hij zich aan bij de redactie van 'Propria Cures' en 'Maatstaf'. Eigenzinnigheid was hem niet vreemd, zo blijkt uit de oprichting van 'Tirade' in 1957, samen met Jan Emmens. Een dienstverband bij Vrij Nederland zette hij liever om in de ongebonden status van de freelance journalistiek. |
Een journalist die dichter werd, zo wordt wel beweerd, maar
zijn dichterschap werd eerst min of
meer uit ellende geboren. De herinneringen aan gebeurtenissen
in Indië werd hij de baas in zijn poëzie, een therapeutisch dichterschap
dus. In 1980 debuteerde hij als dichter met de bundel "Wat blijft komt nooit terug". Deze aansprekende titel werd later uitgebeiteld in het Damiatebolwerk van Dordrecht. Hij was een groot bewonderaar van de Ierse dichter William Yeats, die hij uit het Engels vertaalde, van de meer moderne Amerikaanse dichters had hij veel waardering voor Richard Wilbur. Hoe ver die bewondering ging blijkt wel uit een uitspraak van hem: "Vertalen is eigenlijk een vorm van kannibalisme. Je eigent je een vers toe dat door een ander geschreven is. Soms zou je het zelf geschreven willen hebben". In 1983 ontving hij de Herman Gorterprijs voor de bundel "De gouden man". Van de overige dichtbundels van zijn hand kan ik als de meest aansprekende "Kippevleugels" uit 1991 noemen. Hij was de allereerste Stadsdichter die in ons land werd benoemd. Door zijn geliefde stad Dordrecht, in 2001. Jan Eijkelboom is op een gevel in Leiden vereeuwigd met zijn gedicht "O". Zelf zei hij ooit over droevige sterfgevallen: "Doodgaan is hetgeen wat niet zou mogen, helaas wordt het veel gedaan". © John Zwart voor Hernehim Cultuur - 29 februari 2008 |
| Hooglied
In de verte ben ik al bij je, Door je heen wil ik gaan, Ingres heeft dat geschilderd Jan Eijkelboom |
![]() |
| Het beweeglijk panorama van dichtersland - Redactioneel artikel - 18 februari. | |
| De
redactie van Hernehim Cultuur is niet zo enthousiast over wedstrijden waar
het de poëzie betreft. Schaatswedstrijden oke, hardloopwedstrijden óók,
daar heb je geen jury bij nodig. Iedereen ziet wie er wint en waarom -
maar in de literatuur... Toch wil elke schrijver of dichter wel eens
ontvanger zijn van een onverdacht blijk van waardering. Na ruim 6 jaar
gastdichters en open podium op het internet is HC dit jaar begonnen bij
elk nieuw maandthema een aantal van de gepubliceerde dichters te nomineren
voor een 'dichter van de maand' erkenning. De genomineerden leggen
we voor aan Jos van Hest (OBA) die daaruit een winnaar kiest.
Uit het thema 'verlichting' zijn er onlangs twee gedichten genomineerd: 'decemberblues' van Louise en 'zoals het was' van Joop Scholten. |
Jos
van Hest maakt deze dagen zijn keuze, die hij op zaterdag 23 februari,
tijdens het Open Podium in de Centrale Bibliotheek van Amsterdam
bekendmaakt. Locatie: Oosterdokskade bij het Centraal Station, het
mediaplein op de 4e verdieping. Aanvang 15:00u, gratis toegang.
. |
| Flitswedstrijd bij Pomgedichten | |
|
Pom Wolff |
Slammers
moeten het vooral van hun presentatie hebben, die zijn allang vertrouwd
met het directe wedstrijdelement. De wedstrijden waar alleen het
geschreven werk wordt beoordeeld lopen juist over langere perioden, vaak
zelfs een jaar. De dichter Pom Wolff ('je bent erg mens' en 'toen je stilte stuurde' - Uitgeverij Holland) is wel van de wedstrijden. Hij was het die vorige zondag een nieuw fenomeen in het leven riep: de poëzieflitswedstrijd! Hij noemde die "De eerste & enig echte zondagochtend wwwpoëzieprijs van de Stad Amsterdam 2008". Alles zou zich binnen twee etmalen afspelen: uitnodigen, inzenden, publiceren, nomineren, juryrapporteren en 't uitroepen van de uiteindelijke winnaar! |
| Pom kennend, mochten we 'n behoorlijk aandeel speelsheid verwachten in de manier waarop het dichtersvolk zou reageren. Maar ludiek of niet, zelfs de bedenker van deze zondagsgrap was verrast hoeveel gedichten van een behoorlijk niveau hij tot de klok van twaalf uur mocht ontvangen! Eén ding is wel duidelijk: de meeste poëten zitten op de zondagmorgen niet in de kerk, maar ze liggen evenmin te ronken na een wilde zaterdagnacht. Nee het lijkt er meer op dat hun zondagse ochtenduren geestelijk uitermate actief achter de pc worden doorgebracht! | Het
lijkt ons bijzonder leuk om het slot - de nominaties door de jury, het
eindrapport en de bekroning vanaf de
pomgedichtensite over te nemen. Pom verwijst eerst even naar
de commotie bij het laatste Festina Lente podium. Wilt u als lezer daar de
achtergronden van kennen, dan verwijzen
we u graag naar ons verslag: "Festina Forte" van
15 januari hieronder (door Loes Essen). Overigens verdenken we Pom ervan dat hij
zowel jury als juryvoorzitter in één
persoon, te weten zichzelf, heeft verenigd, maar voor zo'n "Eerste
en enig echte zondagochtend..etc" zult u ons daar niet over horen
brommen.
Red. Hernehim Cultuur |
| Uitspraak van de jury | |
| Aan de conclusie valt niet te ontkomen – zou Bernard Wesseling hier zijn – u zou verbaasd staan van de naam – festina weer binnenkort - Voor de minder ingevoerde bezoeker daar: men leze een juryrapport voor – en alle woorden maar dan ook alle woorden wijzen vooruit naar die ene winnares die alles maar dan ook alles in zich verenigde die avond wat de poëzie zo mooi kan laten zijn – men hore de aankondiging – en de winnaar vanavond is ……….. Bernard houdt een kleine stempauze en … noemt vervolgens niet de naam waar het juryrapport op af stevende – geeft de naam van de winnaar zoals hij deze in zijn poëziehart geschreven weet. Vervolgens stuiven alle juryleden overeind – in het geraas en gewoel is Bernard verdwenen. De chaos compleet – 'wie heeft er nu eigenlijk gewonnen' roept een klein en lief en huilend meisje in het publiek, bijna verpletterd in de klopjacht die ingezet is om de dichter Bernard – mijn gabber ook - te lynchen. | Daarom
alleen al lieve lezer houd ik ZO van poëzie. Houd ik zo van Festina Lente
– van Sven, van Simon en Edith aan zijn zijde. Zoen ik altijd Linguina
even.
De voorkeur van de jury van
wwwpomgedichten mag duidelijk zijn lieve lezer. De gedichten: |
| nog
tien minuten
koffie zetten heb ik enkel nog een gedicht nodig ---- nog één minuut tja © jürgen smit b-besef dit is de reactorruimte hij staat op smelten het gevaar van explosie van de kern die bij fusie één © roop 302 Als dan het huwelijk En importeren daarop © Kas Knoop
|
je
ogen, schat, zo mooi maar weet je nog van Pamela en vijfduims hardgestaalde spijkers het is er van gekomen toen ze wilde alle feiten toch ik heb haar kunstig uitgespreid alles in exact die kleur © Gijs ter Haar
Jürgen Smit
Gijs ter Haar * op de achtergrond ACG Vianen, inspirator van Kas Knoop |
| ‘Tja’
van Jürgen Smit is en blijft een onontkoombaar gedicht lieve lezer. Het
Hele Leven, de hele poëzie, ja hoor ook pomgedichten, ook alle quasi
deftigheid, de subsidiemolen, het telraam uit de negorij – de arrogantie
ook zo vaak te lezen op des dichters smoel - samengebald in één woord
– het woord is tja. Maar in de traditie van dada mis ik de vorm waarin dit onontkoombare tja MOET. Tja – nee tja wint niet. er snijden messen door mijn hart. een vogel vliegt het blauwe raam – de tuin rookt snijdend koud van steen – de muggen zo bloeddorstig – tja maakt alles dood wat nog even leven wil. ik mis de boem, de paukeslag. ‘302’ van Kas Knoop is een zeldzaam gedicht lieve lezer. De vervreemding van acg* teruggebracht tot huwelijkse voorwaarden. ‘kortom dit’ de slotregel komt mijn hoofd niet meer uit. Als Kas Knoop moet winnen dan moet ook ACG winnen vind ik. Ik ben niet losgekomen en nu ook uiteindelijk niet van dat idee. Het is taal sleuren door de taal. Neem ik afscheid van dit gedicht. Nee dat wil ik niet: dat huwelijk waaruit het even ingehouden schreeuwt is zo mooi. ‘b-besef’ van roop heeft ook het ingehouden schreeuwen. het intellekt breekt op en af. Om dit gedicht kan niemand heen. Alleen hondjes. Van dit gedicht wil ik geen afscheid nemen. De tragiek van de veiligheid neergelegd in het lege bed. |
En Gijs
– een gedicht in ajax kleuren waarin zij opgedoekt – de vleesgeworden
hardheid gelaagd weergeven in dit gedicht – Ik wil dat schilderij ook in
mijn kamer. Ik moet een ultiem criterium hebben lieve lezer anders lukt
het niet. De gedichten kunnen niet tegen elkaar afgestreept – de
gedichten kunnen niet met poëtische criteria gerangschikt – ze zijn me
te mooi en ze zijn me te hartverwarmend daarvoor. Ik hak de knoop door. Deze drie dichters dwingen tot een criterium liggend buiten de poëzie. Een zondagochtend in Amsterdam – in Amsterdam - lieve lezer – het rood en wit van het Ajax van mijn vader – de Middenweg en Pietje Keizer – de koetjesrepen – tien voor een gulden toen – dan maar het sentiment meteen tot moes geslagen door Gijs ter Haar – het rood en wit van Gijs is het rood en wit van Amsterdam. Goser gefeliciteerd – maar zeg mij nooit dat roop en Kas niet kunnen schrijven. © Pom Wolf DE WINNAAR VAN DE EERSTE & ENIG ECHTE ZONDAGOCHTEND WWWPOËZIEPRIJS VAN DE STAD AMSTERDAM 2008 heet GIJS TER HAAR |
| Amsterdam, 31 jan - Gedichtendag 2008 - Poëziemarathon Perdu 30+30 - Verslag John Zwart | |
|
Een microfoon en een geprojecteerde naam |
Om
19:30u zou de marathon beginnen. Dichtersmarathon: 30 Dichters lezen elk
twee gedichten uit het eigen repertoire en één van een door hem of haar
bewonderde buitenlandse dichter. In
totaal dus 90 gedichten, een intense marathon dus, in een straf tempo dat
veel van de ca 150 toehoorders zal vragen. Door winterse stortbuien onder stormvlagen begint men al 20 minuten te laat, 'n aantal dichters, w.o. H.H. ter Balkt en Estelle Boelsma laten het afweten, maar er zijn stand-ins voor beschikbaar. Het is de derde editie van een soortgelijk programma in Perdu en Uitgever Prometheus is bereid gebleken een bloemlezing van 60 van de 90 gedichten, verzameld door Joost Baars en Thomas Möhlman, uit te geven. De bundel wordt de bezoekers tijdens een pauze van een kwartier en na afloop voor 15 euro aangeboden. De aanwezige dichters zijn desgewenst bereid om de aanschaf te signeren. |
| Alfred
Schaffer opent met gedichten over
exodus van bevolkingsgroepen en over de eenzaamheid
in de stad. Aangrijpende gegevens, we moeten er even inkomen. Dat lukt steeds
beter als hij een gedicht van de Russisch-Joodse Joseph Brodsky
leest. In 'Transatlantisch', wordt de bevolking van je dromen geleidelijk
kleiner en sterft uit met het ouder worden, tot uiteindelijk 'de
eeuwige slaap' geheel ontvolkt begint. Projectie op de wand van een
groep vluchtelingen maakt zijn woorden indringend. Na
hem komen twee Vlamingen, Els Moors en Geert Buelens. Els
klinkt onschuldig "ik ben de tuinman/ ik onderhoud de tuin"
maar verrast ons opeens met de suggestie van een tussen bloembedden begraven lijk, om zich dan weer moeiteloos te hullen
in schijnrust, waarin ze ijsjes verkoopt aan de kinderen vanuit "een
glazen tickethuisje aan de ingang" blijven we verwonderd achter. Maar onmiddellijk trekt ze ons hardhandig de wereld van de politiek binnen door de ogen van de Amerikaans-Joodse beatpoet Allen Ginsberg "wanneer stoppen we de mensenoorlog ... jij en ik zijn volmaakt/ je machinerie is te veel voor me/ laat me met rust ..." "iedereen is serieus bezig/ ... Time Magazine staart me overal aan" Geert Buelens blijft in Amerika met gedichten over Elvis Presley, de witte man van de gospel, "kwam hij uit een braambos?" Willem Thies en Marc Kregting lijken ook op elkaar aan te sluiten. Willem blijft dicht bij de waarneming van alledaagse dingen in en om huis. Ziet het gras als een "leger van groene lanspunten". Gaat over op een gedicht van de Oostenrijks-Joodse dichter Paul Celan in het Duits. Als een mantra roepen herhalingen de beklemmende indrukken van de holocaust op. "pfeifen seine Juden hervor ... wir trinken schwarze Milch ... Rauch .../ Grab in den Wolken/ da liegt man nicht eng/ der Tod ist ein Meister aus Deutschland". Marc houdt ons vast in dezelfde sfeer: "je hel moet blijvend bijgeslepen ... geschiedenis der generaals ... je acteert in het vestzaktheater ... de voorstelling gaat wegens omstandigheden dóór". |
|
|
|
Els Moors |
| Veel
somberheid, tijd voor iets anders. En Fernande de Korte geeft een
draai aan de stemming met romantisch Frans: "Pour
toi mon amour/ j'ai acheté les fleurs/ pour toi mon amour/ etcetera" "het geluk van het verhulde meisje", ook
in vertaling gaat zij voor haar lief naar de bloemenmarkt en naar de
vogeltjesmarkt. Helaas zijn daar vogelltjes gekooid, ze leest van "de
ketting ... en de slavenman". Liesbeth Lagemaat vindt dat
we het alweer lang genoeg gemakkelijk hadden. Met poëzie van de Amerikaan
Mark Strand komen er ongewone zienswijzen: "als ik wankel
splijt ik de lucht"... "we hebben alle beweegredenen ... word
een spier van zwijgen ... stol nu". Een eigen gedicht op de
overleden schoonvader, "je hebt vandaag
je huid van vroeger aan"... "jaarringen op vingers". Ze
roept wormen en mieren tevoorschijn, de mieren klimmen massaal tegen een
boomstam op. Voor H H ter Balkt leest Mattijs Ponte We
ontmoeten opnieuw mieren en bijen. De herfst
waart rond: "egels rollen zich op en
slapen". Tamara Binke laat ons twee werkelijkheden ervaren in voordracht met 'suspense'. Na een nachtelijke taxirit "genadeloze koplampen tekenen een zwart silhouet", via het geruststellende "trekdrop" springen opeens weer verschrikkingen omhoog "je knijpt/ het is echt jouw vlees". Thomas Möhlman maakt ons evenmin opgewekt via de goudvis als metafoor "laat alle moed stap voor stap varen" Met Kabinsky de filosofie in "zwart of wit ... van god of de duivel/ de tegenpolen zitten in het oneindig kleine". |
|
|
|
|
| Estelle
Boelsma is ook door de slechte
weersomstandigheden verhinderd. Hilde Meeus neemt de
honneurs waar: "Ik ben niet
Estelle Boelsma, maar ik doe mijn best". De
toon wordt gelukkig wat lichter: "ik zie
liever een vrouw/ op de brug dan een man/ ze houdt zich aan de railing
vast/ mag ze vallen?" Louis Lehmann,
verreweg de oudste van alle deelnemers,
houdt de lichte toon vast, ook al is zijn stemgeluid met het
klimmen der jaren onvast geworden. Hij leest een oud Engels gedicht "oh
green cheese/ you never get another chance..." Het
gaat over de vergankelijkheid maarontlokt
de eerste lach van de avond aan het publiek. Hij zingt het als een 'nursery
rhyme'. Voor de volledigheid laat hij toch nog een vertaling volgen over
de kaas die aan de schimmel ten onder
gaat, het koud vlees op de schaal dat ten prooi valt aan de
vleesvliegen en een rotte pruim die is geplet: "rot op je
gemak/het heeft geen haast". Hij sluit het aan zijn dierbaar
Brittannië toegewijde deel af met een loftuiting op de Cambridge
University: "Cambridge/ houden zo!" Als recent
eigen werk komt dan de nostalgie aan bod: "ouderlijk
huis ... een plaats van eenzaamheid" met de overstap naar het eenzame bed, maar geen eind zonder een kwinkslag: "de
pantippel was gekomen". Erik Lindner begint met het lezen van een gedicht dat klinkt als "tummertap" een grappig aandoende kabbelende klankenbeek.Het blijkt Hongaars te zijn. Voor Anne Vegter.leest hij observaties "zijn simpelheid ... hoe een spin zich optrekt in de lucht" ... "de zee is paars bij Piraeus" ... "een duif die op een te smalle tak zit/ de tak die doorbuigt ..."... meisje met een bureaula/ stapt in de metro..." |
|
|
|
Louis
Lehmann ![]() |
| Dorpsoudste
de Jong roept ons weer terug in de
ernst, filosofisch: "misschien
waren er deeltjes/ talloos kleine deeltjes ..." Dan
op de scheidingslijn tussen stadsmensen, de
aangepasten die wijken, contact vermijden, geen irritaties riskeren,
afstand. De anderen: "ze pissen
tegen de ramen/ het portiek moet op slot". Bezwerend klinkt zijn
herhaald: "geef geen aanleiding/ stap ver genoeg opzij". Vervolgens
vrolijkt hij ons schijnbaar op met een doemlied over het 'einde van de
wereld' waar allerlei triviaals gewoon doorgaat, waar vissen vrolijk in het water spartelen, dolfijnen
springen: "wie rekende op weerlicht en donder/ wordt
teleurgesteld". Ik proef er de verschrikkingen van oorlogskampen uit, waarvan het niet te verdragen is dat daarover
ook de
heldere zomerzon schijnt. Krijn Peter
Hesseling gaat in op het onderwerp "idententificatieplicht"
waar via een verloren geraakt
document een geslaagde persoonsverwisseling tot stand
komt. Hij verwerft zo de identiteit van een ander "onder
zoden". Hij citeert William Carlos Williams' ode op
de mus met al haar gefladder en ander gedrag als baden
en hofmakerij. Anne Vegter lijkt een bruggetje te slaan naar Krijn
Peter Hesseling. Haar gedicht brengt
ons op een luchthaven van een ver land: "Your passport is not
guilty" Hoe een gebrekkige taalbeheersing een zin een dubbele
betekenis geeft, grappig en sinister. Gaat in op het wonderlijke van het
herkenningsmechanisme in onze hersenen:
"probeer de gezichten uit/ met je gesampled geheugen"...
"gezicht op vreemden/ blij kloppend aan de deur van het
geheugen..." Ernst van den Hemel claimt de minste spreektijd met een Engelse Limerick die hij - waarschijnlijk onnodig - nog voor ons vertaalt en met Samuel Vriezen zijn we bijna op tweederde van de marathon, ondanks de snelle Ernst van den Hemel lopen we flink achter op het tijdschema. Samuel laat zich er niet door afbrengen van zijn plan. De vorm heilig, 6x6x6. Hij kondigt aan: "het duurt zes minuten". (Ik schrijf het gedicht hier in vijftien seconden neer: "Stein - Glanz - Laub - Tod - Glück - Wind - 6x." ) Er zit kringloopsymboliek in, maar de 10 seconden stilte tussen elk woord komt op mij als "publiek pesten" over. Geen idee van hoeveel handen hij applaus kreeg. Martin Reints schildert ons in dichtregels wat we als ervaring herkennen. Hoe we een tankstation binnenrijden, de pomp kiezen en proberen de auto precies zó tot stilstand te brengen dat de ideale positie van tankdop tot vulslang, gecombineerd met zicht op het scherm wordt bereikt. Prozaïsche dingen tot poëzie gesmeed als het ook nog lukt het mechanisme op een mooi rond bedrag te laten stoppen. |
|
|
|
|
| Als
er 20 dichters achter de microfoon zijn geweest is het al na tien uur. Vanaf
kwart over zeven heb ik een kleine drie uur, met een regendoorweekte broek
klef rond de benen, zitten luisteren.
Mijn opnamevermogen begint sterk terug te lopen.
Geestvertraging door een overdosis aan poëzie. In het zicht van een
thuisreis van 2 uur door stormachtig
nachtelijk duister houd ik het voor gezien. Met nederig excuus aan de resterende 10 dichters. © John Zwart voor Hernehim Cultuur - 5 februari 2008. Foto's: Eigen foto's copyright Hernehim Cultuur. Het "Groene Boekje" 30 + 30 Dichtersmarathon Perdu 2008 van Uitgever Prometheus is verkrijgbaar in de Perdu Poëzieboekwinkel aan de Kloveniersburgwal en in de "betere boekhandels". |
|
| Gedichtendag 2008 in de VU Boekhandel, Amsterdam - 31 januari - Verslag van Loes Essen | |
| De
VU Boekhandel, het Cultuurcentrum Griffioen, de Faculteit Letteren
van de VU, de Universiteitsbibliotheek VU en VU Podium verzorgden een gevarieerd
middagprogramma in de VU Boekhandel, aan de De Boelelaan, Amsterdam. Een iets verhoogde ruimte achterin de boekhandel biedt plaats aan een dertigtal mensen. Vrijwel alle stoelen zijn bezet wanneer prof. dr. Dick Schram van de Faculteit der Letteren en Literatuurwetenschap ons welkom heet. Hij zet uiteen waaruit het programma vanmiddag zal bestaan. Zelf zal hij een korte uiteenzetting geven over Das Dinggedicht. Er bestaat een indeling van de literatuur in hoofdgenres, waarvan er één, de lyriek, vanmiddag aan de orde is. Over het algemeen bestaat de indruk, dat lyriek voornamelijk gestalte krijgt door de uiting van een ik. Daarbinnen wordt dan weer onderscheid gemaakt tussen subjectieve en objectieve uitingen. Veel lyriek echter blijkt géén ik-uiting te zijn, maar is gecreëerd rond een 'ding', soms zelfs vanuit een ding, dat als het ware voor zichzelf spreekt: Das Dinggedicht als 'Lebenswegen des Dinges'. |
|
|
|
Dick H Schram bekleedt in de Faculteut Letteren van de Vrije Universiteit, sinds 1998 de leerstoel 'Leesbevordering', die is ingesteld door de Stichting Lezen. Foto: Stichting Lezen |
| Rainer
Maria Rilke is hiervan de meest belangrijke vertegenwoordiger, vooral met
zijn beroemde 'Der Panther'. Door zijn vriend de beeldhouwer Rodin werd hij erop gewezen, hoe men zich kan concentreren op het object. |
|
| Der
Panther
Im Jardin des Plantes, Paris Sein Blick ist vom Vorübergehn der Stäbe Der weiche Gang geschmeidig starker
Schritte, Nur manchmal schiebt der Vorhang der
Pupille Rainer Maria Rilke, 6.11.1902, Paris |
De
Panter
|
|
We zien hier in het gedicht, dat de panter
steeds meer zelf tot 'ding' wordt, tentoongesteld aan publiek. In de
laatste strofe is er uiteindelijk sprake van innerlijke gevangenschap
en de vernietiging van alles wat de panter ooit maakte tot het prachtige
dier, dat hij was. |
|
| Dodenherdenking
De namen der gevallenen Dan: luister aan de palen. Ik hoorde het eens vervaarlijk Ida Gerhardt |
Ida Gerhard (1905-1997) |
| Hier
zien we in de eerste strofe een oever verbeeld, in de derde strofe de
andere oever. Daartussenin die ene regel, vers 5, die de strofen/oevers
met elkaar verbindt als het veer van Charon over de Styx. Bij een dichter als Wislawa Szymborska is de samenhang der dingen zover doorgevoerd en verzelfstandigd, dat de dingen uiteindelijk de mens afwijzen. (Zie: 'Gesprek met de steen', dat eindigt met: Ik klop op de deur van de steen./"Ik ben het, doe open."/"Ik heb geen deur," zegt de steen.) |
|
|
|
Links: Abdelkader Benali, boven: Maria van Daalen op Sunsation Festival Foto's: De Bladspiegel en Hernehim Cultuur. |
| Abdelkader
Benali was de eerste Schrijver op Locatie aan de faculteit der
Letteren aan de VU. Een jaar lang heeft hij zich hierbinnen gewijd aan onderzoek,
vooral gericht op diversiteit in religie, cultuur en wetenschap. (zie
youtube) Hij kijkt na dit jaar vooral
met veel plezier terug op de huisbezoeken aan schrijvers
en zijn schrijfcursus aan tien studenten. Ervaringen die hem inspireerden tot
'De soefi', een aantrekkelijk boekje, prachtig uitgegeven door de VU, dat
wij bij het verlaten dankbaar in
ontvangst zullen nemen. Ons wordt een primeur geboden: Benali leest voor uit nog niet gepubliceerde gedichten, waarin hij zich op poëtisch filosofische wijze afvraagt, hoe het zou zijn als een Arabische socioloog uit de vijftiende eeuw zich zou begeven in het Nederland van nu. |
|
| Universitair
docent en dichter Ad Zuiderent neemt in dankwoord afscheid van
Benali als Schrijver op Locatie. De fakkel zal worden doorgegeven aan
Marcel Möring. Hij noemt Benali onder andere een 'flitsschrijver', zo onvoorstelbaar snel schrijft hij zijn teksten. Doet me denken aan de uitspraak van Adriaan Roland Holst over Vestdijk, die hij noemde: 'de man die sneller schrijft dan God kan lezen'. Er volgt een optreden van de blokfluitist Erik Bosgraaf, die op virtuoze en muzikale wijze stukken uit de zeventiende eeuw (van Jacob van Eyck) en vroeger (Dowland e.a.) ten gehore brengt. Vertelt tussen de stukken door over de muziek en de kopieën van originele oude instrumenten. Zo leert hij ons de herkomst van de Engelse benaming 'recorder'. Vroeger probeerde men vooral de verschillende soorten zang van vogels op de fluit na te bootsen (to record). Hij geeft hiervan een prachtige demonstratie op een klein blokfluitje. De middag wordt besloten met een boeiende en verfrissende voordracht van Maria van Daalen. Zij leest voor uit haar zevende bundel: "De Wet van Behoud van Energie". (zie ook: Boeken, De Avonden, VPRO). Zij schrijft sonnetten naar eigen zeggen volgens de strengste norm, 11 lettergrepen per regel. Zij leest "Het gewas" voor en vertelt daarbij de anekdote, dat zij dit ooit bij haar uitgeefster Portegies had ingeleverd met als uitgangspunt het woord 'ranonkel'. Zij had zich veel moeite getroost om alle woorden die hierop rijmden in te verwerken. Daar was ze trots op. Bij de uitgeefster viel dit echter niet geheel in goede aarde en het gedicht werd op verzoek herschreven met als uitgangspunt 'herfstchrysant'. Gelezen worden nog 'De moeder de dichter', geschreven voor Gerrit Kouwenaar, een gedicht voor C.O. Jellema en tot besluit 'Gereformeerd Gymnasium': "Maar taal blijft eeuwig/ mijn minnaar kent mijn kracht.' © Loes Essen, voor Hernehim Cultuur.
|
|
| Opening Gedichtendag 2008 in 'Arminius' Rotterdam Verslag van Loes Essen | ||
| Aan
de vooravond van Gedichtendag, 30 januari, beleeft men dit jaar de
feestelijke opening in de Arminiuskerk aan de Westersingel te Rotterdam.
Thema: Dingen in gedichten. Deze avond zullen de winnaars van de Gedichtendagprijs Anne Vegter, Remco Campert en Rogi Wieg aantreden. Naast hun winnende gedicht zullen zij twee keuzegedichten voordragen. Voor het eerst in de geschiedenis zal Gedichtendag ook plaatsvinden in de virtuele wereld, Second Life, met medewerking van de avatars van Ilja Leonard Pfeijffer en Mark Boog. De optredens van de avatars kan men deze avond zowel in Arminius op een scherm als thuis op de computer volgen. |
Professor Jacobus Arminius |
|
| De
Vlaamse dichter Paul Bogaert schreef ter gelegenheid van Gedichtendag een
essay over het genoegen van het lezen van poëzie, dat eveneens op deze
avond wordt gepresenteerd. Van de Woorddansers zijn clips van hun
stadsgezichten te zien. John Buijsman, in geruit kostuum, niet meer los te
denken van een bouwmarktreclame, presenteert deze avond. Als eerste treedt een innemende Rus op, Aleksandr Koesjner, een kleine gestalte met grote présence, met vijf gedichten in zijn eigen taal, de Nederlandse vertaling achter zich op een groot projectiescherm. Michelangelo, E.T.A. Hoffmann e.a. worden poëtisch door hem geëerd. Dit jaar waren twaalf dichters uitgenodigd een NS-gedicht te schrijven over 'gevonden voorwerpen'. Zij bezochten daartoe de depots. Twee van hen, Maria Barnas en Bernard Wesseling, zullen vanavond hun gedicht ten gehore brengen. |
||
|
Maria Barnas © Foto M.Barnas |
|
Als eerste
Maria Barnas haar 'Indrukken van een fietser'.
Geïntrigeerd door een plastic mapje met landkaarten voor fietstochten. Vooral door de
aantekeningen die de fietser erbij had geschreven. Zij pleit voor een andere betiteling
dan 'NS-gedicht', bijvoorbeeld 'Gedicht van de gevonden voorwerpen' en draagt nog twee
keuzegedichten voor. Passages als 'Er hangen larmoyante metaforen in de boom
als dode zwanen' blijven bij, evenals haar slotregel: 'Ik mors vogels op het
tafelkleed'. Bernard Wesseling leest op de hem zo eigen quasi-nonchalante, droge wijze
zijn NS-gedicht 'Aan mijn prothese'. Zijn bijzondere manier van voordragen is
de poëzieliefhebber inmiddels bekend: de ironie lijkt in zijn stem te wonen. Naast het gedicht waarin het hem verwondert hoe je 'tegelijk de baas van je hond en de hond van je baas kan zijn' biedt hij ons een primeur, dat eindigt met 'en de yogi in zijn kuil hield zijn adem in' . |
|
Dan volgen avatars van Ilja Leonard Pfeijffer
('Lilith') en Mark Boog ('Onze Afwezigheid': Beweeg je niet, beweeg je niet, beweeg je niet, dat geeft
maar kringen in de vijver van de stilte) , die ook elders via de computer kunnen
worden genoten. |
||
|
Ieder jaar schrijft een bekende Nederlandse of Vlaamse dichter ter gelegenheid van Gedichtendag de tien gedichten tellende 'Gedichtendagbundel'. Dit jaar is dat Mark Boog, die 'Alle dagen zijn van liefde' in zijn geheel voordraagt. Paul Bogaert brengt een samenvatting van zijn essay 'Verwondingen' ten gehore. Bij het verlaten van de kerk zullen wij dit ten geschenke krijgen. Hierin zet Bogaert uiteen, dat de choreografie van het winnende nummer van het songfestival 2007, gebaseerd blijkt op een essay uit 1986 van de dichter Dirk van Bastelaere, "Het Batmangevoel". Aan de hand hiervan wordt een gedetailleerde analyse gegeven van het ervaren van poëzie. Eén van de vragen die hieraan ten grondslag liggen, is: Hoe komt het dat een gedicht dat mij fascineert, anderen niet fascineert? En omgekeerd? Hij geeft voorbeelden van (het ervaren van) spanning in een gedicht. Kardinaal hierbij is de identificatie van de lezer. |
||
|
Dan is het moment aangekomen, dat juryvoorzitter Tom van Deel wordt
uitgenodigd het juryrapport
voor te lezen. Andere leden van de jury zijn Sanneke van Hassel en Els
Dottermans. Van 'All inclusive' van Anne Vegter uit: Spamfighter
(Em.
Querido's Uitgeverij BV Amsterdam, 2007) wordt vooral de beweging geroemd, het is tegelijkertijd
geestig en ernstig en zij toont ook knap in vorm de beweeglijkheid waarvan
sprake is. Gebeurtenissen buitelen over elkaar heen, als de kermisattracties die erin worden beschreven. |
||
|
'Op de Overtoom', (uit: Nieuwe herinneringen, De Bezige Bij,
Amsterdam, 2007) van Remco Campert, hoe eigen ook van toon, herinnert aan Nijhoff
en aan het 'domweg gelukkig in de Dapperstraat' van Bloem, is nooit
dikdoenerig, nooit sentimenteel. Hij raakt hier op zeer subtiele wijze fundamentele aan waarden als ouder worden, leven en dood. |
||
|
Rogi Wieg neemt de prijs in ontvangst voor het gedicht
'Geen
revolver' (uit: De Kam, De Arbeiderspers, Amsterdam, 2007). |
||
|
||
|
Er is gelegenheid tot aanschaf en laten signeren van bundels. Ondanks
de keiharde muziek die nu door de kerk schalt, de ruimte die vrijgemaakt is © Loes Essen voor Hernehim Cultuur - 3 feb 2008 |
|
| Feest in de Theaterzaal van de Centrale Openbare Bibliotheek van Amsterdam - Verslag | |
| Amsterdam,
Oosterdokskade 26 januari - Als je er niet bij was: je hebt wat groots
gemist. Een prachtige zaal, en voor driekwart gevuld. Die zou ongetwijfeld geheel gevuld zijn geweest als er nog meer mensen voldoende nieuwsgierig waren geworden door de verwachtingen die we met al onze aankondigingen hebben gewekt. Niet iedereen, die de fraaie uitnodigingskaart van de OBA kreeg, kon of wilde het meemaken. Maar waren álle mensen die door Hernehim Cultuur met flyers en emails, mondeling - en onze VvHC zelfs per papieren post - aangemoedigd zijn, ook allemaal gekomen... ja dan hadden we er ongetwijfeld nog snel een flink aantal stoelen bij moeten plaatsen. Nee het Theater van 't Woord voelde deze allereerste keer echt niet als een maatje te groot! Het was voor alle betrokkenen een geweldige ervaring, hoe het OBA Open Podium, krachtig ondersteund door Hernehim Cultuur, plaatsvond in een amfitheater met 270 vaste zitplaatsen. Een grote sprong voorwaarts, om met een bekende Chinese leider te spreken, nu de vaste maandelijkse middag op het 'Mediaplein' allengs uit zijn jas groeit. In elk geval wordt de presentatie van de 'jaaroogst' in deze vorm vrijwel zeker een feest van herhaling in de komende jaargangen. Wie weet, groeit de publiekinteresse voor dit toppodium wel zo sterk, dat élk Open Podium tot een theatergebeurtenis kan worden. Riet Lamers, Jos van Hest zijn er vóór en HC zal het zeker toejuichen. Voor de wegblijvers - niet verwijtend
bedoeld, want je had misschien een heel geldige reden
- hier een impressie: |
|
| Op het podium van het Theater van 't Woord | |
|
|
![]() |
|
Presentator Jos van Hest memoreert drie jaargangen van de Prinsengracht en interviewt Patty Scholten na de overhandiging van de nieuwe bundel "Van de Oosterdokskade" 2007 |
|
| Direct ontstond weer de bekende ontspannen sfeer, zoals die altijd wordt opgeroepen door de immer enthousiaste Jos van Hest. Zo kwamen we ook te weten dat de (tweemaal voor de VSB-prijs genomineerde) eregast Patty Scholten in haar beginperiode veel van Jos' kennis heeft opgestoken. Eigenlijk is zij dus een leerling van hem. En natuurlijk liet Patty ook eigen werk horen. Sonnetten, alleen maar sonnetten, "nee ze is zo vertrouwd met die vaste vorm, dat ze nog steeds niet aan vrije verzen is begonnen". Maar ooit komt het er wel van, zo verzekerde ze aan Jos. Maar nu komen de dichtregels als het ware perfect pasklaar in haar hoofd op, vertrouwde ze hem toe. Ze is in deze poëzievorm duidelijk de leermeester voorbij gegroeid, ze schrijft de sonnetvorm "heel gemakkelijk", terwijl Jos verzuchtte: "ik kan het niet..." | |
| © Foto's copyright Hernehim Cultuur | |
|
|
![]() |
|
Vesna Blazic in haar act Ode 777 en de theatrale Laatste woorden van Peter Abbink |
|
| Toen
volgde een indrukwekkende reeks van voordrachten door ca. 35 dichters die
in de bundel, die in totaal 55 gedichten bevat, zijn opgenomen. Halverwege
en aan het eind van het programma werd
al dat gesproken woord opgeluisterd door een schitterend
concert van het duo 'Sensa', Sarah Beernink (op de prachtige
Steinway) en Quirine van Hoek (viool). Ondanks het grote aantal voordrachten en daardoor beperkte tijd zagen een aantal deelnemers nog wel kans hun bijdrage uit te breiden of zelfs tot een act te maken. Zoals Hilli Arduin die een liefdesgedicht in het klankrijke, warme Sranan Tongo las en ons ook de Nederlandse versie van de liefde, die overal te vinden is, liet horen. Toch gaven we de voorkeur aan 'Lobi e lontu yu bogobogo' boven 'liefde kun je overal vinden'. En ook Cor Bakker, die zijn gedicht als een lied liet horen, begeleid door de ijle tonen die zijn laptop voortbracht. En zoals Vesna Blazic die haar gedicht als theateract bracht, zangerig haar tekst in een bezwerende dans vertolkte, begeleid door een cellist, of als Peter Abbink, die iedereen verraste door de loopmicrofoon van Jos van Hest over te nemen en zich daarmee languit op het podium uitstrekte. Liggend op zijn rug sprak hij zijn 'laatste woorden' uit: "daarmee is de cirkel rond". Marianne Kalsbeek, Julia Klaverweide, Leonice Leite da Silva, Quito Nicolas waren enkele van de verhinderde dichters, waarvan de inzendingen op verzoek gelezen werden door Paul Roelofsen van de Alkmaarse Dichterskring, dit vanwege zijn sterke voordracht. Al in december was hij hierop uitgetest door presentator Jos van Hest met het oplezen van een reclametekst, die afgedrukt was op een koffiebekertje. Het zeegedicht van Jan Kleefstra werd vertolkt door Jos van Hest zelf. |
|
| © Foto's copyright Hernehim Cultuur | |
|
|
![]() |
|
Ook ingetogen voordracht vanachter de lessenaar en romantische muziek: Romance van Amy Beach |
|
| En zo werd het dus toch alweer half zes voorbij, toen John Zwart, als laatste in het alfabetisch gerangschikte boekje, zijn gedicht 'Hunsingo' las. En nóg was het daarmee het einde niet, want niemand wilde natuurlijk weg vóórdat 'Sensa' nog het krachtige Scherzo van Johannes Brahms had gespeeld, voor het laaiend enthousiaste publiek. We zullen zeker vaker gaan horen van dit jonge en begaafde duo, dat door Hernehim Cultuur werd ontdekt op de UIT markt van Amsterdam. | |
|
|
![]() |
| Bloemen
voor Patty Scholten, voor Sarah en Quirine van 'Sensa' en een
presentexemplaar van de bundel voor iedereen. En óók nog een
Wereldagenda van Amsterdam 2008 in het kader van Amsterdam
Wereldboekenstad, een jaar lang vanaf
april 2008. Als geschenk van de OBA. Iedereen blij en tevreden naar huis, of ze bleven nog ervaringen uitwisselen onder een glas in het restaurant. De laatste vertrokken pas rond negen uur en dat is meestal een heel goed teken. We citeren hier geen gedichten, wie graag wil lezen wat er allemaal ten gehore werd gebracht, verwijzen we naar de bundel. Hoe je daaraan komt? Kom maar eens op de laatste zaterdag van de maand naar de Centrale Bibliotheek, wellicht zijn er nog wat exemplaren beschikbaar. En mits tijdig aangemeld bij Riet Lamers, mag je misschien zelf nog voordragen óók! Contact: r.lamers@oba.nl © Tekst John Newswatcher voor Hernehim Cultuur. 27 januari 2008. © Foto's copyright Hernehim Cultuur Inhoudslijst: J C Aachenende - Peter
Abbink - Wilma van den Akker - Mirjam Al - Hilli Arduin - Cor Bakker -
Barbara Baumgarten - Vesna Blazic - Liliana Cataldi - Marjet Cliteur -
Marianne Comperen - Csaba Czerep - Dayenne Denneboom - Everdina W Eilander
- Loes Essen - Tenny Frank - Jan A Gilles - Kees Godefrooij - Marijn
Gremann - Koos Hagen - André Heijnekamp - Heleen Heiligers - Hiltje
Hettema - Tonny Hollanders - Roos Jainandunsing - Marianne Kalsbeek -
Julia Klaverweide - Jan Kleefstra - Marcel de Kleijn - Branka Korac -
Peter van der Kraan - Merik van der Torren - Anke Labrie - Leonice Leite
Da Silva - Nafiss Nia - Quito Nicolaas - Ludy van Noord - Olga Orman -
Bonne Postma - Paul Roelofsen - Juvu de Ruiter - Joop Scholten - Conny
Scholtes - Frans Terken - Jack Terrible - Robin Veen - Cootje Verburg -
Martin van de Vijfeijke - Martine Vlieger - Cheguita de Vlugt - Conrad van
de Weetering - Jeanne Wesselius - Josje Zegwaart-Rooijers - Jos
Zuijderwijk - John Zwart. |
|
| Woorden over tolerantie bij Eijlders - zondag 20 januari 2008 - Verslag van Loes Essen | |
|
|
Eijlders
is geen Slammerscafé, het is een ultiem vrij Open Podium, waar het aantal gegadigden voor de microfoon vaak erg groot is. Maar géén wedstrijd, géén prijzen. In contrast daarmee kiest men voor elke Dichtersmiddag een thema. In deze eerste maand van het jaar niet het lichtste, eigenlijk beladen, misschien al teveel over gepolemiseerd: "Hoeveel tolerantie kunnen we ondergaan?" Dichters zijn eigenzinnig, zij zoeken hun eigen ingang, vinden een nieuwe deur, of raken het spoor verrassend bijster. |
| Maar liefst 23 dichters zullen er aantreden... en we gaan vrolijk van start met 'Dat ik blij ben' van Jan Vissers: 'De wereld is als heel Italië./ Kijken we in God zijn huisje,/ dan zien we Hem geduldig bezig/ met bloem, water, eieren, zout (…) Butta la pasta, roept God/ Hij roert een beetje in de saus/ en snijdt de kruiden heel fijn/ de mensheid kan beginnen'. Loes Essen treft een ernstiger toon, drie gedichten, waaronder 'Bevrijd'. Een eerbetoon aan haar tante, ooit als koerierster verraden en overlevende van de kampen. Ook: 'Vuile handen': Ik reikte het je aan/ mijn witste woord/ mooiste bezit/ jij pakte uit/ keerde het om en om/ en zei: dit is niet wit. Bram de Waard sluit bij het thema aan met een gedicht over Friesland 'waar Nederland nog Nederland is/ waar vrouwen nog vol en recht door zee zijn'. Via een gedicht waarin het idealisme van de jaren 60 en 70 node wordt gemist ('O, hippie, waar ben je gebleven?') naar het schrijnende verschil, nog steeds, tussen arm en rijk. | |
| © Foto's copyright Hernehim Cultuur | |
![]() |
Links: Loes Essen, rechts: Simon Mulder
|
| Robin
van Riel: 'het was eindeloos, maar helaas niet oneindig'
declameert uit het hoofd. Zijn consequent rijmende verzen zullen daarbij
een steun zijn, In de 'Droomvrouw' valt een droom aan diggelen. Ron
Hamming, van wie de Eijldersbundel 'Voor de goede verstaander'
verscheen, verandert het begin van het Wilhelmus (en daar blijft het
gelukkig bij), door 'doe ik het in mijn broek' te laten rijmen op '
Ben ick van Duytschen bloet'. Frans de Brouwer viert zijn
Eijldersdebuut door natuurelementen te bezingen, eigentijds ingevuld
(Stilleven met vruchten en een mobieltje) het groen symbolisch voor zo
veel (groen is evolutie, groen is wegen die we zelf vinden, groen is
richting, groen is leven, groen is persoonlijke accenten uit een open
lied.) Jack Terrible brengt twee gedichten 'Amsterdam' en 'Theo van Gogh', en toont daarbij zijn zelfgemaakte schilderijen: de sekstoerist op weg naar Amsterdam en Theo van Gogh: hoofd op een lijf als een cactus, sjekkie in de mond. Zijn gepassioneerde voordracht van het gedicht over de vermoorde cineast ondersteunt hij schril en hard met mondharmonica. Nieuw hier in Eijlders, maar voor poëzieliefhebbers inmiddels een begrip: Simon Mulder. Hij brengt zijn vormvaste gedichten op gedragen wijze ten gehore als een waar voordrachtskunstenaar. Hij grijpt de kans om aandacht te vragen voor het 'Feest der Poëzie', dat hij zelf organiseert op 2 maart en waar hij Jean Pierre Rawie als gast ontvangt. Ondanks het grote aantal dichters wordt hem om een toegift verzocht. Zelfs als hij een gedicht over Rotterdam ten gehore brengt in dit rasamsterdamse café, oogst hij een daverend applaus. Dat was in het Rotterdamse slamcafé 'De Ridder' wel anders, toen hij daar ooit een gedicht over Amsterdam durfde voordragen... |
|
| Tussen
de voordrachten door breekt een muzikaal gezelschap, glas in de hand,
bittergarnituur op tafel, spontaan uit in meerstemmig gezang, aanstekelijk
en tot groot vermaak. In vogelvlucht
volgen nog: Michiel van Rooij (van de recente Eijldersbundel
'Vergeten randjes tandpasta') 'iedereen verdient zijn eigen revolutie',
Hiltsje Jongsma, die haar subtiele gedichten zowel in het Fries als
het Nederlands met warme, donkere stem voordraagt, gastheer Floor
Voerman met onder andere een erotisch gedicht, geschreven 'voor
iemand die wel eens in Eijlders komt': 'was ik maar de wind/ dan kon
ik met je rokken spelen/ …/ en je te ruste leggen/ in de donkerte van
mijn nacht'. Volgens Kees Leeuwerink beklijven woorden pas als ze aan de man zijn gebracht, verder bestaat beleving uit ervaren, woordeloos. Arie van Egmond, draagt verzen voor van dokter Helmut Levy, ooit zijn buurman in de Pijp. Uit de overlijdensadvertentie van dr Levy: 'Na lang aarzelen/ zweeg hij/ om de stilte/ te laten voortbestaan'. Wim Schroot, 'de man van de gestolen gedichten' draagt weer op vermakelijke wijze werk van anderen voor, o.a. John O' Mill, Annie M.G.Schmidt. Ook Anna Koster is weer aanwezig; haar aangrijpende gedichten brengt zij met doorleefde stem: over de vriend, die de strijd met M.S. heeft moeten opgeven: 'jij en ik, niet samen/ alleen zieke lijven die elkaar omarmen voor de kachel', het sensuele 'Om je grote zachtheid' en een ontroerend gedicht, dat zij als jongste van twaalf kinderen voor haar moeder schreef en dat eindigt met 'jouw ogen verhelderen je bestaan/ hoe eenzaam ook/ …/wens ik je een milde God/ alles sal reg kom'. |
|
| De
droge melancholie vol zelfspot van Ronald Offerman mag niet
ontbreken. Ook oude bekende Sander Brouwer declameert over
tolerantie vanaf zijn eigen stek, 'de kansel', hoog naast de centrale trap
naar keuken en toiletten. De gedichten heeft hij speciaal voor deze
gelegenheid geschreven en om daartoe te kunnen komen, heeft hem zeker
dertig euro gekost, vertrouwt hij ons toe. Hij eindigt met een stem als
wijlen Ko van Dijk: 'Tolereer geen zot als god/ tenzij dat nu absoluut mot!' Es van Essen leest gelaagde poëzie met filosofische lading. Dirk Oudshoorn, nestor van het eerste uur, reutelt, schraapt en buldert verzen die het café doen schudden. Onder andere een Engels gedicht, ooit gevonden in een fles. Naar zijn zeggen geveild bij Christie's voor $36.000. 'We only part to meet again', het is door hemzelf vertaald. Tenny Frank fantaseert hardop, rijdt 'tegen een wit doek de film van (je) verbeelding in'. 'Stel, dat je wakker wordt/ in een totaal verlaten stad/ …/ op zoek naar een zielsgelijke/ die eigenlijk nooit te vinden was'. Je rijdt tegen een wit doek de film van je verbeelding in, 'zie je wel hoe mijn draden/ jou met de wereld verbinden'. Dan treedt Carle Ruin ten tonele, 97 jaar, iets verlaat: (kon moeilijk een parkeerplaats vinden). Karakteristiek gelaat, sterk profiel, gedistingeerde verschijning, draagt voor uit de Gijsbrecht. En draagt onder andere uit: 'Wees een Mensch, dat is alles wat ik van U wens, dan kunnen we samen praten. Warmte in je hart te geven, verrijkt je leven.' |
Sander Brouwer Foto © Hernehim Cultuur |
|
Es van Essen (geen familie) Foto © Hernehim Cultuur |
tolerantie
werd in de oudheid tolerantie
zachtmoedig betekent het latijnse tolerare spraken we in de vorige eeuw over in deze tijd is ommekeer een noodkreet de blik vol achterdocht naar
toegeeflijkheid zou bij hoogst ergerlijk gedrag betekent tolerantie een penibele kwestie waar nuance es - 20 januari 2008 |
| © Foto's copyright Hernehim Cultuur | |
| Jos
Zuijderwijk declameert eigen gedichten over geloof en politiek taboe 'ze
kunne me rug op/ zei de bisschop hardop, met een slok op'. Jan
Willem van Hamel behoeft geen microfoon. Zijn weidse gebaren
ondersteunen zijn poëzie over 'haar lichaam als mogelijk trefpunt'
en 'kinderen, die leeg worden toegelachen'. Leeg was deze middag zeker niet en gelachen werd er volop, luid en voluit. Als altijd, maar meer nog dan anders, loopt de middag uit en tegen achten is het café nog bomvol. Het was weer een rijke, gedenkwaardige 'Eijlderspoëziebelevenis'. © Loes Essen voor Hernehim Cultuur - 22 januari 2008 |
|
| Woorden in de Waagschaal Haarlem | |
| Op
donderdagavond 17 januari was het weer "Woorden in de
Waagschaal" in Taverne De Waag, Damstraat 29, Haarlem. Evenals vorige maand, toen we een kijkje namen op de Jaarafsluiting van 20 december werd weer voor aanvang een gevarieerd programma in elkaar gezet met de vaste items, aangevuld met de aanmelders die zich aandienden. Ook nu weer poëzie, proza, muziek en zang. Het schrijfbord aan de muur wordt ter plekke met grote letters in krijt beschreven, zodat de binnenkomers meteen zien wat hen te wachten staat: |
|
|
Woorden in de Waagschaal 17.01.08 Blok
1
Jarl |
Nuel
Gielens, min of meer vaste columnist had ik de vorige keer al
meegemaakt, Daniel Bras nog een nieuwkomer op de dichterspodia,
voor mij toch al een bekende. Hij verraste me met zijn debuut bij de
Centrale Bibliotheek in Amsterdam. Verder toch onbekende namen, wellicht
bekend in het Haarlemse, maar niet voor mij. Ik mocht ook meedoen met een
kort optreden van drie gedichten. Ik moet zeggen dat de opkomst van het publiek zowel als het niveau van de dichters het niet haalde bij de vorige keer, toen het volgepakt was. Het één houdt meestal verband met het ander, immers toen wist men van de bekroning van Marius Jaspers die zijn schitterende column zou lezen, die hem de "Ga Zo Door!" Prijs zou opleveren. Ook de roem van "We are so Contemporary" was hen vooruit gesneld. In elk geval lag het niet aan de inleider Driek Havermans, die voor iedereen die het podium betrad een prachtige literaire introductie had, gelardeerd met quotes van bekende dichters en schrijvers. Misschien was het nog te vroeg in het nieuwe jaar en komt men rond de Gedichtendag (31 januari) overal weer goed op gang. |
![]() |
![]() |
|
Jarl blijkt vanavond geen
dichter, maar zanger |
De
bekwame inleider Driek Havermans, heeft voor iedereen een passende tekst |
|
|
![]() |
|
Merel Hut zingt en speelt
piano |
Rob
van Dam leest een stuk uit zijn proza repertoire |
| © Foto's Hernehim Cultuur - Tekst John Newswatcher. | |
| Festina Forte: Simon Vinkenoog explodeert! - Verslag van Loes Essen | |
| Amsterdam,
dinsdag 15 januari - Vanavond zullen we dan eindelijk Festina Lente
eens in de schijnwerpers zetten, zo was ons voornemen. De avond zal echter anders verlopen dan ánders, maar dat weten we nu nog niet. In het huiselijke bruin café in de Jordaan werd al op 5 mei 1998 de eerste Nederlandstalige slamwedstrijd georganiseerd, dit jaar dus een tienjarig jubileum. De grote finale wordt traditiegetrouw 's zomers gehouden op de brug over de Looiersgracht. De jury, onder voorzitterschap van Simon Vinkenoog, bestaat verder uit Linguina, Edith (Simons vrouw), Sven Ariaans en Bernard Wesseling. Vinkenoog voert de jury al vanaf 1998 aan. Bernard Wesseling, een snel opkomende jonge schrijver en dichter, is als finalist van 2000 toegevoegd. Vanavond horen we, aldus presentator Sander Meij, in volgorde van opkomst: Juvu de Ruiter, Nikki Dekker, Michel Smits, Jan Bais, Marein Baas, Patrick Prins en Nelis. |
Foto Festina Lente |
| Juvu
de Ruiter opent met gedichten die eenvoud uitstralen. Hij is
liefhebber van het werk van de Poolse dichteres Wislawa Szymborska, die
sterk bewust is van de samenhang der dingen, bekeken vanuit verrassende invalshoeken. Ook uit het
werk van Juvu spreekt dat besef. Door alle tijden heen: hij had verliefd
kunnen zijn op Anne Frank, het lijkt 'alsof ze er nu nog is'. Hij spreekt van 'boten
die door een leemte in de tijd naar binnen kwamen varen'. Later zal
uit het juryrapport blijken, dat men hem wil aanmoedigen zijn gedichten meer complexiteit te geven, de
complexiteit zoals Szymborska die in enkele woorden weet te vangen. De enige vrouwelijke deelnemer van vanavond is Nikki Dekker, jong, fris en feestelijk kort gerokt. Zij begint haar voordracht enigszins aarzelend met een gedicht dat haar kijk op het leven typeert in een reeks tegenstellingen: 'ik ben de scherpschutter, die zijn bril verloren heeft'. Brengt dan met iets meer durf Adam en Eva in de Hof van Eden, gezien in het licht van deze tijd en eindigt met 'hoeveel troost kan een mens bij anderen vinden / jij maakt mij minder winter'. Ik noem nog: 'haaien op de bodem van de kom', de hilariteit die deze jonge dichteres oogst, wanneer zij aankondigt: 'dit is nog uit mijn meer puberale periode' een gedicht waarin de Weltschmerz niet ontbreekt, Pasen en Kerst op één dag vallen, veel aan God wordt gerefereerd en oma een tijdmachine wordt, die terugspoelt. Zij gaat de finale halen, waarin zij iets meer los komt, met meer expressie en kracht. Michel Smits concentreert zich op één thema: de fiets, die hij als een minnaar benadert. 'De zon probeert alle spaken aan te raken' 'ik beroer haar zachte zadel ... en als echt niemand kijkt / dan ruik ik aan haar geurende banden'. De jury zal later opmerken, dat zij graag iets meer originaliteit in de consequent doorgevoerde benadering had gezien. Geldt ook zijn kijk op reclameslogans, consumptiedrift en teloorgang van intimiteit in de wereld van vandaag; het kan oorspronkelijker. Toch zal hij de finale halen en winnaar van de publieksprijs worden. |
|
| Jan
Bais, zoals hijzelf zegt 'wars van personalistische poëzie', is
bewonderaar van beatpoet Alan Ginsberg en dat is te merken aan zijn
voordracht. Het publiek veert op. Hij mitrailleert in oplopend tempo zijn
'geautomatiseerde poëzie' een beschrijving per seconde van dagdelen uit
het leven van een gemiddelde belastingbetaler. 'Lichaam is toilet is tijd is boodschap is auto is kus is vrouw is kind. Mond is spruitje, hersens is nul (hilariteit) Begrippen worden zo sec mogelijk geobserveerd en beschreven, zonder persoonlijke invulling: 'verliefd gedicht, verliefd als waar, oog als oog, … bekken is op, bekken is neer, toeval conceptie'. Vaak klinkt er tussen 'ga naar volgende seconde'. Razendsnel, je raakt zelfs als luisteraar buiten adem. Aan het eind neemt zijn tempo af en eindigt hij in een rustig: 'lichaam is rust, ga terug, keer om'. Ook hij zal de finale halen en zijn naam zal, ondanks zichzelf, aan het eind van de avond voor verwarring en consternatie zorgen. Marein Baas treedt hier voor de vierde keer op, hij won ooit de publieksprijs en kondigt zijn gedichten lachend aan als 'behoorlijk depressief'. Inderdaad, vooral de regel 'waarom voel ik alleen de naalden' blijft bij. Zijn 'schone meneer', maakt op het eind 'een klein beetje huppel'. Merkwaardig genoeg horen we niets meer over zijn voordracht en juist hij heeft tegenover mij voor aanvang niets dan lof voor de jury geuit. Haar zorgvuldige aandacht voor de teksten en voordrachten, de stimulans die van haar positieve kritiek uitgaat. Maar met zijn bijna twee meter wordt hij over het hoofd gezien. Vergeten door een jury, die nog voor een merkwaardig slot van de avond zal zorgen. Patrick Prins leest graag Ingmar Heytze en Leo Vroman. Hij brengt zinnen als: 'loop door de gang met kamers vol kadavers' - 'alles is hier bruin' - 'oma zit daar ook het beste van te breien' - 'Armani in keurslijf' - 'geef mij maar een pil, met parasiete gedachten, dan loop ik wel mee' - 'betekenis wordt overschat, zet de wereld uit en jezelf aan' en eindigt in een 'achterdeurcrematie' met een wrang 'godverdomme!'. Nelis, liefhebber van het werk van Jules Deelder en redacteur van BLVD Man, sluit de rij: 'jij legt je tong op mijn gezicht, ik heb een knie', 'in bed, ogen dicht, ik was de man die alles kon, wat nu, wat nu, rien ne va plus'. Allitererend woordenspel, sowieso veel rijm, maar weinig zelfspot. |
|
|
Aan de Jurytafel - Foto: Festina Lente |
Het
juryrapport wordt vertolkt bij monde van Bernard Wesseling, zelf
een zeer talentvolle podiumdichter. Een sprankelende, gevatte spreker, met
een enorme uitstraling, onmiddellijk voelbaar in het publiek. Ja,
eigenlijk hebben we dit de hele avond gemist. Hij is geestig en krijgt de
lachers op zijn hand. De analyses van de jury komen punt voor punt aan
bod, de serieuze overwegingen besproken. Een kleine greep: "Michel, gooi er meer van jezelf in, blijf niet steken in de clichébenadering van die reclame, dat kennen we nu wel, de mensen hebben daar al heel lang over nagedacht, wil je daar iets als dichter mee doen, dan moet je er ook écht iets mee doen, niet alleen maar opsommen". "Nikki, dingen met God is altijd gevaarlijk, jongens, daar moet je mee uitkijken, daar moet je eigenlijk niet eens aan begínnen. En toen je maar bleef rijmen zag ik het somber in, ook die oude vrouw met die kat, beetje cliché. Maar 'ik ben de muzikant die je angsten bezingt', ja, dat is wel mooi en gelukkig liet je later dat rijmen ook wat los, goddank". "Jan, jij was het meest origineel qua vorm, maar die vorm gaat je opbreken, als je het maar eindeloos blijft herhalen, maar 'kus is vrouw is kus is kind en dan de deur uit', ja, dat is weer mooi". |
| Hoe
het gebeurt, gebeurt het, maar op één of andere manier gaat zijn
juryoptreden naadloos over in dat van
de podiumdichter Bernard Wesseling (1978), winnaar van de C.Buddinghprijs.
Het publiek vreet zijn woorden, lacht bevrijd, dankbaar (want daar heeft
het inderdaad nogal aan ontbroken vanavond) bij elke kwinkslag die hij
maakt en geniet zichtbaar. Was er een publieksprijs voor de jury geweest,
dan was het duidelijk dat hier een winnaar stond. En dan, op het moment
suprème, de bekendmaking van de eerste plaats roept hij luid: "Jan Bais!"
en mompelt er snel achteraan: "fatale
fout". Zowel Simon Vinkenoog als zijn vrouw stuiven op, Simon grist Bernard, in een omhelzing die meer op een houdgreep lijkt, de microfoon uit handen en briest: "Je bent dronken, man! De prijs gaat naar Nikki!!" In seconden is de avond voorbij, na het wegstuiven van Vinkenoog en Edith die al buiten staat, met achterlating van een ontredderde Bernard Wesseling met twee veronderstelde winnaars vóór zich aan de jurytafel. Vliegensvlug wordt de prijs uitgereikt aan Nikki Dekker, met de verkondiging, dat Jan Bais een 'wildcard' krijgt. Daarmee is hij niet uitgesloten van de Grand Finale... Einde. © Loes Essen, voor Hernehim Cultuur. |
Bernard
Wesseling ![]() Winnaar van de niet-bestaande publieksprijs voor het jurylid |
| Naschrift van de HC Redactie | |
| Bernard
Wesseling is weliswaar een nog jong (29) auteur en dichter, maar
hij debuteerde reeds in 2004 met zijn roman De Favoriet bij Nijgh &
van Ditmar en won in datzelfde jaar de VU Poëzieprijs. Hij werd
vervolgens in 2007 bekroond met de Cees Buddinghprijs voor Nederlandse
Poëzie en debuteerde als dichter met de bundel Focus bij Uitgever Nieuw
Amsterdam. Het lijkt ons onwaarschijnlijk dat Wesseling stijf van de zenuwen stond vanwege zijn jurydeelname in Festina Lente. Hij was zéker niet dronken, zoals door Simon Vinkenoog werd verondersteld. Het lijkt er veel op dat er een controverse binnen de jury niet met duidelijke instemming is uitgepraat. De 'wildcard' als noodoplossing is acceptabel, maar verdient niet de schoonheidsprijs. |
|
| Slotpodium 2007 OBA - Verslag van het laatste Podium van het jaar op 29 december. | |
| Amsterdam
- Het is toch wel een bijzondere locatie, daar op het voormalige
Oosterdok, ooit een hout, touw en teereiland, tussen de palendammen van
het IJ en het rustiger wiegende water van de Prins Hendrikkade. Tot daar
in de 19e eeuw het Centraal Station verrees en het stadshart van zijn
haven afsneed. "Een stadsarchitectonische fout van de eerste
orde", riepen wel honderd jaar lang de critici. Voortaan kon je het IJ alleen nog maar zien onder de spoorbruggen door, tenzij je de "achterkant" opzocht, de De Ruyterkade, waar de ponten heen en weer gleden tussen de stad en "Noord" - dat er tot de dag van vandaag, ondanks de IJ-tunnel van 1968, nog steeds niet echt bij hoort. Maar in deze eeuw verrijzen er nieuwe hoge gebouwen op dat Oosterdokseiland, dat nu al de kortnaam: ODE kreeg. En de nieuwe Centrale Bibliotheek biedt door de grote glaspuien een schitterend uitzicht op de oude binnenstad. |
Eindejaarsfeer in de Centrale Openbare Bibliotheek van Amsterdam © Eigen Foto Hernehim Cultuur |
Helemaal
vol is het, het 'Mediaplein' op de vierde verdieping van de Centrale
Bibliotheek, met zeker 60 poëzieliefhebbers. Ondanks kerstvakanties en een prachtige winterzon
die bijna
horizontaal naar binnen schijnt door de
glaspui. |
|
|
Paul Roelofsen in gesprek met Jos van Hest |
Marianne Kalsbeek |
De volgende dichter is
Marianne Kalsbeek. Haar nieuwste gedicht
is een eerbetoon aan haar overleden zuster. Sobere woorden die juist door deze kale vorm
niet nalaten indruk te maken. Een gedicht waard om opnieuw gelezen te worden. De
observaties associëren met de poëzie die door de
dichters van de 'Poule des Doods' van F.Starik
wordt geschreven in het kader van de 'Eenzame
Uitvaart'. "kale vloeren ... het
licht nog net zo ...we hebben je huis leeggehaald", "ik heb de meterstanden
genoteerd... ik heb de sleutels ingeleverd". |
|
|
Het debuut van Daniel Bras |
Julia Klaverweide, onnavolgbaar |
|
Daniel Bras tovert ons veel beelden op ons binnenste netvlies. Hij
publiceerde al in de bladen "Lava" en "Passionate" maar
als podiumdichter debuteert hij hier. De poëzie die hij voordraagt zijn veelzeggende gedichten uit een
uitgebreide cyclus getiteld "exit". Scherpe observaties en originele metaforen
die een relatie hebben met een tocht naar de kust. "geen spier vertrekken ... optrekken
van een stukje van geëpileerde wenkbrauwen" en "druppels olie ... vangrail
... zaden en bessen". |
|
Een groter contrast is niet mogelijk. Mariet Cliteur komt op mij over als iemand die niet gemakkelijk communiceert. Dat is waarschijnlijk de reden waarom zij zich op het dichten heeft geworpen. Daarin is zij in staat compact te formuleren wat er in haar omgaat. Zeer gelaagde poëzie, die een dubbel bewustzijn ademt. Haar reële bewustzijn tegenover het on-bewustzijn, een tweede werkelijkheid van haar niet te beteugelen gedachtewereld. Op een samenzijn met een geliefde: "ik steek mijn pink niet op ... ons afgesproken teken ...ik droom het toch?" De slotregel van een gedicht over een boom: "alleen één blad gaat keihard heen en weer ... zwaait hysterisch om aandacht". |
|
|
Mariet Cliteur |
Merik van der Torren |
|
Juvu de Ruiter heeft zijn hele gezin meegebracht, Lota en hun twee dochtertjes. Hij opent met een gedicht dat ik van 'n eerder optreden ken. Het is een liefdeslied, een lofzang op zijn vrouw met allerlei originele metaforen, die grappig eindigt als hij naar "kaas" grijpt: "... maar de gaatjes ... hoe benoem ik die". De volgende twee gedichten zijn primeurs. Eerst één met een verwijzing naar Anne Frank. "vroeg in de ochtend ... het wateroppervlak ligt er glad bij" "Jiddische wijsjes ... later hoorde ik dat dit een Jodenbuurt was" Een ingehouden dramatische slotregel "het laatste woord ... vergeet je wel es". Het laatste gedicht heeft al een titel: "Het paradijs", "... je was zo vreselijk bloot ... in de duinen van Bergen aan Zee..." "... een naakte oude man bukte onder een heg ..." "... je fluisterde ... ik had het me anders voorgesteld". Beeldende poëzie van de vader die opeens verrassend zijn dochtertje Shanna de Ruiter ( 7 of 8 ?) naar voren haalt. Die schrijft ook al haar eigen gedichtjes. Zonder ook maar de minste schroom leest ze haar "de koetsier gaat heen en weer". Shanna de Ruiter, onthoud die naam! |
|
|
En altijd is de Hr. J.C. Aachenende weer goed voor enkele
verrassende gedichten. Vandaag gaat het bij hem allemaal over de dood, maar wie Aachenende
kent weet dat de glimlach altijd om de hoek wacht. Hetgeen hij weer wáár maakt
met zijn "Grafschrift voor een drankzuchtige Zweed", gevolgd door een
ballade van de "Dienaars van de dood" en tenslotte een rondeel
"...
elke dag gedenk de doden / eer wat zij voor ons waren / kinderen zijn ze gebleven / onze wereld
lang ontvloden..." |
|
|
|
Links: Leonice Leite da Silva |
Niet met Braziliaans werk komt
Leonice Leite da Silva naar
voren. Nu geheel op eigen kracht, Nederlandstalig zelfgeschreven werk. Een hele stap voor
haar, maar haar geestdrift neemt ons mee. Een vurig liefdeslied dat zij schreef
voor haar man, een loflied op de zomer, die weerkeert en wéér. En tenslotte een
ode aan de schoonmoeder die ze nooit heeft gekend, maar toch in haar hart draagt.
Leonice mag dan technisch nog in een leerfase zijn, haar hartstocht maakt alles
goed. Maar Jos van Hest blijft nieuwsgierig naar haar eigen werk in het Portugees.
Ook al heeft ze geen vertaling, hij daagt haar uit in het Portugees voor te
dragen en dan zal hij vertellen wat hij erbij ervaren heeft, waar het over gaat.
Zijn op klankverwantschap gemaakte vertaling lijkt er niet veel op, maar dat het
over gemis gaat, dat klopt wel. Jos dacht dat het gedicht "de mist" zou
kunnen heten, als metafoor van iemand verloren hebben. Leonice verklaart het gaat
ongeveer zo: "ik heb helemaal niets van je bij me, maar je bent in mijn slaap
en in mijn hoofd, je bent er niet, maar je bent er toch, je bent in mijn hart". |
|
|
Jeanne Wesselius |
JohnN (John Zwart) sluit aan op de naderende jaarwisseling en heeft
een tweetal gedichten uitgezocht die ons het relatief onbelangrijke van ons
menselijk bestaan doen beseffen, zo tijdelijk binnen de geschiedenis van de aarde.
"Niet
eens húúrders zijn we, niet meer dan ónderhuurders in het
voorbijgaan" stelt Jos van Hest berustend vast. Het tweede gedicht "Tijdbesef" doet er
nog een schepje bovenop: "voorbij, nog vóór iets te beginnen staat". © Alle foto's: Hernehim Cultuur - dec. 2007 |
En dan is zomaar de tijd op, helemaal op. We hebben 17 voordrachten
gehoord, dat is toch wel het maximaal haalbare in twee uren tijd. Een aantal
dichters moet naar een volgend Podium worden opgeschoven. Bij voorbaat verheug ik me
al op Lilian Cataldi, Barbara Baumgarten, Tenny Frank, Joop Scholten... © Hernehim Cultuur - John Newswatcher, 10 januari 2008 |
|
|
Home |
De culturele pagina's worden
onafhankelijk geredigeerd en mede mogelijk gemaakt door Hernehim Beheer bv