Hernehim Cultuurpagina's
Pagina Literair

Herzien op: 4 december 2009

 

Nieuws - Recensies archief
Introductie < themapoëzie > Gasten
Open podium < nieuwe gedichten en blog 
Redactie en Gasten < verhalen, columns
Open podium < verhalen, columns
Literaire rubriek, actuele verslagen - Auteurs  

 

 

Deze pagina wordt niet meer bijgewerkt - links kunnen niet werken
of voeren naar onbedoelde pagina's 

Navigeer naar het nieuwe HERNEHIM via de knoppen hiernaast 

 

 

 

 

Pagina wordt t.z.t. verwijderd - links kunnen niet werken
of voeren naar onbedoelde pagina's 

HOME 
Nieuws  
Blog en proza 
Themapoëzie 
Vrije poëzie   
Vertaalproject 
Proza  
Activiteiten 
Over schrijvers 
Archief 
Contact     

 
                                                             Literaire artikelen    -     beschouwingen, verslagen, recensies
 
Artikelen ouder dan januari zijn verwijderd ...    maar blijven bereikbaar op een archiefpagina>  
 
Podia bezocht in het laatst van november -  Pintohuis Amsterdam en Serah Artisan Zaandam - Indrukken van John Zwart 
 
Het Pintohuis van Amsterdam is een voormalig koopmanshuis vlakbij de
ongeveer even oude Zuiderkerk uit de zeventiende eeuw, dat in gebruik is
als een filiaal van de Openbare Bibliotheek (hoe lang nog?) en het is 
gelukkig niet rigoureus verbouwd. 
Met enige regelmaat vinden er soms kleinschalige bijeenkomsten plaats.
Zo presenteerde daar op vrijdagavond 20 november Nymphaeum Pers uit
Leerdam - dat het blad "Nynade" uitgeeft - in de persoon van eindredacteur
de heer Ton Kelder een gedichtenbundel van een van zijn mederedacteuren
Karel Wasch
Omdat deze al vele jaren 'Vriend van Hernehim Cultuur' is, gaf ik gehoor aan
zijn uitnodiging om dit kleine feestje te komen meemaken. Ook al omdat ik
in de voorgaande maanden een recensie schreef op de betreffende bundel
"Onlangs nog". 
Karel had ook diverse dichters uit de hoofdstad gevraagd om aan de sfeer
van de avond bij te dragen. Zo zouden Annelie David, Loes Essen, Barney 
Agerbeek, Merik van der Torren, Pom Wolff, Jan Aarts en Hans Plomp elk
twee gedichten uit de bundel laten horen en - je kunt een dichter toch niet 
weerhouden van zijn eigen geluid - ook nog een bescheiden keuze uit hun
eigen werk. 

Het was een barre rit vanuit Friesland, ik had het KNMI niet nodig om te
ervaren dat november 2009 wellicht de natste maand ooit ging worden. 
Toen ik - nog juist een paar minuutjes vóór acht - binnenkwam riep een 
OBA dame mij tot verbazing toe: "U kunt hier bij mij een kaartje kopen!" 
Dat kon toch niet wáár zijn? "Ik dacht het toch niet mevrouw". 
"Bent u dan een van de optredende dichters?" 
Neen mevrouw, ik ben wel dichter maar vanavond treed ik niet op, wat ik 
wel deed is een recensie op deze bundel schrijven die gepubliceerd is in
Hernehim Cultuur en ik heb op Karel's uitnodiging een reis van 150 km 
gemaakt. Het leek erop dat ze met tegenzin accepteerde dat ik de beurs
niet trok...   

 


Het huis van De Pinto, de bouw waarvan  misschien wel onze grote
schilder Rembrandt heeft aangezet tot een minstens even indrukwekkend
Rembrandthuis, dat hij iets verder oostwaarts liet verrijzen. 
 
De woonkamer, nu ingericht als leeszaal, heeft een schitterende
plafondschildering, met rijk vergulde elementen, die recent werd 
gerestaureerd. Onvoorstelbaar dat dit pand in de jaren zeventig 
bijna op de slooplijst stond van Stadsvernieuwing. 
Met inbegrip van dichters en redactieleden waren er zo'n 35 mensen op deze
presentatie afgekomen, met enig inschikken passen die wel in de leeszaal, 
een minpuntje daarbij: niet voor iedereen is er dan goed zicht op de sprekers.

De eerste van hen Ton Kelder, relativeerde nadrukkelijk zijn kennis van de
poëzie. Hij was een bètaman, had hoegenaamd niets met poëzie, hetgeen hij
illustreerde met een verhaal over een laat aangeschafte scheurkalender, die
bij toeval - de keus was beperkt - een kalender met gedichten werd. Hij gaf
die een plekje op het toilet. Zo las hij zijn eerste gedichten gehuld in de damp
van zijn excrementen.. hm. Waarom hij dan toch eindredacteur van een literair
blad is, zou vraagtekens kunnen oproepen... dat besefte hij blijkbaar ook, want
hij haastte zich te verklaren dat zijn bèta-achtergrond hem uitstekend in staat
stelt om teksten in prozavorm te redigeren. Bij poëzie, dáár is geen beginnen
aan: dichters verzinnen zelf woorden of gebruiken bestaande woorden in een
ongebruikelijke context, terwijl de dichters zichzelf ontheven achten van elke 
regel van de grammatica. 
Met andere woorden: gedichten kún je niet redigeren. 
En wat de bundel van Karel Wasch betreft: Die heet "Onlangs nog", dat zou
erop kunnen duiden dat het een verzameling van gedichten is, die min of meer
recent werden geschreven. `Nou, niets is minder waar. Niet één gedicht staat
erin dat Karel onlangs nog schreef`  .

Ook de overhandiging van het 'eerste exemplaar' werd uitgevoerd als een 
komisch 'stukje voor twee heren'. De bundel is namelijk reeds in juni gedrukt 
en er waren dus al vele exemplaren in omloop. ("even kijken of ik mijn eigen 
exemplaar niet weggeef, neen het is de goeie: er staat geen opdracht voorin") 

 

Gelukkig waren de inleidingen bij de verschillende gasten-dichters weer wat
beknopter, anders was het wat te veel cabaret van Ton Kelder geworden. 
Eén moment moest ik even de wenkbrauwen fronsen. Bij de aankondiging 
van Loes Essen, ex-redacteur van dit Hernehim Cultuur. Aan het publiek werd
bekendgemaakt dat Loes opgenomen werd in de Nynade-redactie. 
De eindredacteur stond toen even stil bij haar persoonlijke achtergronden en
gedegen poëtische opleiding. Geheel terecht refereerde hij ook aan het feit 
dat zij op twee jaar ervaring kan bogen bij Hernehim met redactiewerk 
`en nu dus óók bij Nynade´.  
Een uitspraak die vragen bij mij opriep zoals: verkeert men in Leerdam in de 
veronderstelling dat Loes beide redacteurschappen naast elkaar vervult? 

Maar natuurlijk voelde ik mij niet geroepen met een interruptie de aangename
stemming te bederven. 
De bundel bevat vele knap geschreven, soms ontroerende gedichten, ik ga er
in dit bestek niet meer uitvoerig op in, de lezer kan immers volstaan met even
simpel omlaag ´scrollen´ op deze pagina. Daar staat een uitgebreide recensie.
De keuze die gemaakt werd voor de voordrachten had mijn warme instemming.
Ook het feit dat Karel Wasch zelf het gedicht `Schoon wellicht´ voordroeg, 
was een plezierige ervaring, een gedicht dat gedebuteerd werd op de Hernehim 
Cultuurmiddag die georganiseerd werd in Amsterdam in juni 2007. 
Het werd destijds opgenomen in de gelegenheidsbundel `Schoonheid´. 
               

             Dichter en biograaf Karel Wasch 
             heft het glas op zijn nieuwste bundel ´Onlangs nog´

Schoon wellicht 

 

Misschien is sterven wel de 
laatste uitgetrokken veer, maar 
mogelijk zijn we meer nog 
voor onszelf 
uitgesneld, in schijn 
slechts uitgelicht. 
Een hand valt terug op 
gesteven linnen. Het
raam waait open, de wind 
dooft steels een kaars. 
De laatste stamelklank 
op paarse lippen 
bewasemt flauw, gebroken 
spiegels van de 
nacht. Zacht 
uit de verten, klinkt nog het 
geruis, maar ongenaakbaar 
is het al. En 
zonder weerga ook 

wellicht 

 

© Karel Wasch

Het hoogtepunt lag voor mij in het laatste gedeelte van het programma,
waarin onder andere de voordrachten van Jan Aarts en Hans Plomp niet 
nalieten om indruk te maken. 
Naast de keuzes uit de bundel van Wasch, die in grote trekken samen-
vielen met mijn favorieten ook door hun eigen werk.  

 

Gebed van de kunstenares 

Heer wees uw schepster genadig 
Veelvormige bewoner van alle 
Cellen van mijn kloosterlijk lijf 
Laat mij u hullen in 
De helderheden van alle dagen 
Mij kleden in de glans 
Die u past als mijn hand 
Aan uw lijnen loopt en 
Wij kleur geven aan de nacht 

Eens liep ik over de Franse wegen 
En zag om mij heen wat anderen 
Deden met uw evenbeeld 
Ontzetting greep mij aan en 
Ontsloot mijn hoofd 
Als een verre herinnering 
Tekende ik uw gelaat 
Op afvallige leisteen 

Zie mij nu aan mij 
In de nacht in mijn nood 
Uw schepster uw dienares uw Héloïse 

 

© Jan Aarts 

 

© John Zwart - voor Hernehim Cultuur 
 
 
Hernehim in de Kargadoor - een voorlopig afscheid - Verslag van John Zwart 
 
De derde Zondichtmiddag van Hernehim Cultuur op 15 november was 
de laatste van het jaar 2009. Wellicht komt er nog eens één in 2010, maar 
dat hangt af van de verdere ontwikkelingen. 
Deze aflevering was tegelijk gevarieerd maar vertoonde als rode draad ook
een telkens opduiken van kinderpoëzie, liedjes en jeugdlectuur. 
De belangrijkste rol hierin hadden Jos van Hest en Jos Versteegen onze
hoofdgasten, en de muzikant Roelof Ruis
"Spaghetti met dropveters" en "Litanie voor de liefste" activeerden de 
onderhoudende verhalen van Jos van Hest en "Wijnand gaat op reis" en 
de jeugd-tvserie "Klokhuis"  stimuleerden Jos Versteegen weer om ons 
over die kant van zijn talent uitgebreid te vertellen. 
Onze muzikant Roelof Ruis liet ons enkele delen van een kindersymfonie
horen, voor accordeon bewerkt en door een hedendaagse Russische 
componist geschreven. 

Van zes genomineerden voor een Gedicht van de Maandprijs konden
we er vier op het podium roepen: Wim Hartog, Koos Hagen, Louise en
Aukje Tillema. Anneke Wasscher liet zich vertegenwoordigen door haar
echtgenoot Martin Vinken. 
Het Friese gedicht van Miranda Mei lieten we lezen door de aanwezige
deelnemer met de meest authentieke Friese tongval: Jan Kleefstra.
Alle genomineerden kregen een prachtige langstelige rode roos.

    Roelof Ruis (Haarlem)
    

De winnaar op het thema `keerpunt´ werd Koos Hagen met zijn gedicht
`Laatste deur`

 

   

Op het thema ´sport´ viel de keus op `Gymnastiek` van Aukje Tillema
die daardoor totaal verrast was. 

 

Laatste deur             Everyman (Philip Roth) 

Dichter kon niet, ik moest wel gaan 
liep langs slingerpad berouw en hoop 
stond aan zonnebaan vervoering 
liftte mee naar de nimf bij de bron 

liet mij onderdompelen, raakte gewond 
beklom zonder gids hooggebergte waarheen 
zocht levend water, volgde verlichte pelgrims 
naar de algenezer in de woestijn 

en keerde om, vluchtplaatsen voorbij 
nog eenmaal gokhuis verzande haven 
koersvast over zee verdronken vragen 
terug naar waar ik nooit was weggegaan. 

 

 

Gymnastiek 

Een zongebruind 
lenig lijf 
geeft aan een 
bang bleek meisje 
opdracht tot 
dartele 
danspasjes 

haar 
houterigheid 
verheft hem 
in laatdunkende 
onverschilligheid 

met een 
laatste restje 
zelfrespect 
danst zij 
een zes 

 
De twee winnaars van de beide prijzen kregen een uitvoerig juryrapport
te horen van Jos van Hest, die daarop nog aanvullende toelichtingen gaf,
vervolgens ontvingen ze een oorkonde en een boekenbon. 

Na de pauze, waarin de accordeonist Roelof Ruis nog een aantal nummers
speelde, kregen we een synthese van muziek met poëzie te genieten. Want 
Jan Kleefstra had een achtergrondopname meegebracht op cd waarmee 
hij de perfecte sfeer creëerde voor zijn "noorderlicht".
Gerrit Vennema liet ons met zijn nieuwste bundel "Als in Arcadië" 
kennismaken, een nieuwe publicatie in zijn reeks innerlijke landschappen. 
Anke Labrie nam ons allemaal mee naar haar kindertijd met gedichten over
een bruiloft rond de boerderij bij de buren... en een kinderimpressie over de 
grote watersnoodramp van 1953. 
Baban las gedichten uit zijn bundel "Lontananza" en Monica Boschman 
zette ons weer aan het denken met een aantal van haar korte gedichten uit
de reeks 52 gedichten, haar werk van 'elke week een gedicht'. 

Een meer uitgebreid verslag over de Zondichtmiddag van 15 november
is te lezen op de pagina Activiteiten

© John Zwart - 18 november 2009 

 

Zoek een goede avond uit, 
(een zondagmiddag mag het ook zijn) 
loop de grachten langs en kijk ...

      

Een historische kelder onder Oude Gracht 36, Utrecht 
werd  in een jaar tijd al een vertrouwde plek, waar we die dag 
toch met een lichte weemoed de deur achter ons dichttrokken. 

Misschien ooit in 2010 nog eens een HC Zondichtmiddag... 
als een soort reünie. Wanneer een paar vrijwilligers zich melden
vinden ze bij John Zwart altijd een willig oor. 

 
Het volledige verslag - Wordt verwijderd, daarna nog te lezen op de archiefpagina Activiteiten 
De derde Zondichtmiddag van Hernehim Cultuur ligt alweer enkele dagen
achter ons. We moesten het opnieuw stellen zonder de ervaren presentatie
van Jet van Swieten en de voorbereiding kwam tot stand ondanks een sterk
uitgedunde redactie. Maar dat heeft nauwelijks invloed gehad op de manier
waarop we nu terugkijken op die middag van 15 november
De laatste aflevering van het jaar heeft een positieve indruk achtergelaten. 
Wat er door de mensen op het podium werd geboden was heel gevarieerd, 
terwijl er -als schijnbaar bij afspraak- gelijktijdig toch iets van een rode draad
ontstond, door regelmatig inhaken op liedjes, kinderpoëzie en verhalen, wat
zelfs door de muzikant werd opgepakt. 

Natuurlijk, er hadden veel meer mensen moeten komen. Maar Amsterdam
en Rotterdam waren sterke magneten, en er waren nóg meer podia die dag.
Dan nog een slecht weerbericht en overal intochten van Sint-Nicolaas... 
Ik had voor mezelf gesteld:' Als 25 wordt overschreden, dan  zal ik niet 
teleurgesteld zijn, welnu we gingen voor de pauze met 27 door de 25 heen,
en wat méér zegt: ook na de pauze nog! 
Twaalf dichters-schrijvers-performers droegen elk hun aandeel bij aan deze
geslaagde middag. Daarbij nog een geweldige muzikant, zodat het nauwelijks
werd opgemerkt dat we twee afzeggingen hadden.

Dat ook onze oorspronkelijk bedoelde hoofdgast Ingmar Heytze er niet was
kon maar weinig deren. Deze dichter is zo verbonden aan de stad en aan die
kelder waarin we waren, dat hij schijnbaar toch aanwezig was. Er werden 
enkele anekdotes over hem verteld nadat voorafgaand zijn gedicht uit 
"Utrecht voor beginners" werd gelezen. De tekst die op de buitenmuur van 
de Kargadoorkelder is aangebracht als 'gevelgedicht'. 
In september was het maandthema op Hernehim Cultuur "Geheim". 
Toen stond Ingmar Heytze bij ons te lezen met zijn "Geheim gedicht" 
als gastdichter:  

   Jos van Hest, afgelopen 
zondag in de rol van eindjury zowel als begeesterd voordrager 
die demonstreert hoe hij een basisschoolklas boeit met poëzie 

Jos Versteegen, 
gastdichter en ook liedjes- en tekstschrijver voor theater en tv 

© Eigen foto's Hernehim Cultuur 

            

     Ingmar Heytze (r) naast trotse Baban, 'n maand eerder in de Kargadoor

                      

                   Roelof Ruis (Haarlem) kreeg een aandachtig publiek 

© Eigen foto's Hernehim Cultuur 

Geheim Gedicht  

Vannacht heb ik een zoen begraven. 
Hij lag dertien maanden tussen ons in 
en jij had al een paar keer gevraagd: 
wat ligt daar nou toch steeds. 

Toen je eindelijk sliep, drukte ik 
de zoen met mijn lippen in een doosje 
vol watten en liep naar de tuin. Daar 
groef ik een graf van twee monden diep 

onder de beuk. De duizend zoenen 
die volgend jaar rood en zoet uit de takken 
komen waaien, zijn allemaal voor jou. 

Uit: "Schaduwboekhouding".  
Uitgever Podium, Amsterdam - 2005 

 

We leerden de hoofdgasten Jos van Hest en Jos Versteegen ook eens 
van een heel
andere kant kennen en Roelof Ruis haalde loopjes, 
akkoorden, trillers en dreunen uit zijn instrument. 
Voor de meeste van ons een verrassende kennismaking met de accordeon
in een solistenrol, een ware demonstratie van ongekende mogelijkheden. 
We hoorden Piazolla (tango nueva), Scarlatti en diverse hedendaagse
Russische componisten. 

Door het terloops noemen van de titel "Spaghetti met dropveters" kwamen
we in een geanimeerd gesprek over de prentenboeken die Jos van Hest
schrijft, telkens in samenwerking met een illustrator, zoals Wilbert van der
Steen. Zo volgden we bij het gesprek over de poëzie ook het spoor van 
gedichten die geschikt zijn voor jonge lezers. 
De manier waarop hij de aandacht van een schoolklas vangt en vasthoudt,
kregen we te zien met een levendige demonstratie. Jos van Hest heeft ook
acteertalent. 
Een voorbeeld van zijn dichtkunst dat geschikt is voor jong publiek is het 
gedicht "Litanie voor de liefste"

 

Met Jos Versteegen hadden we eerder in het jaar al een gesprek, waarin
zijn achtergrond als boerenzoon uit Limburg vooral aan de orde kwam, in
verband met zijn bundel "Slapen bij een warme man"
Nu waren we nieuwsgierig naar andere aspecten. In zijn cv staat onder 
andere: ´Jos Versteegen studeerde Nederlands en Indonesisch... in 1983
vertaalde hij de roman ´Bumi manusia´ van Pramoedya Ananta Toer, 
samen met Ina Slamet-Velsink´.
Het boek kreeg in het Nederlands de titel
`Aarde der mensen´. Hoe komt zo´n jongen uit Noord-Limburg er op om
Indonesisch te gaan studeren? Hij had geen banden met het land, maar hij
was fervent lezer van het `Bulkboek`. Daaruit kwamen de sfeer en geuren 
van de Oriënt onontkoombaar in zijn geest.
Samen met een vriend viel het besluit: ´wij gaan Indonesisch studeren´. 
Via het redacteurschap van het blad ´De tweede ronde´ waaraan hij vele 
jaren verbonden was (´het knalde wel eens hoor, binnen de redactie, maar
dat hoort toch óók? je mag best wel eens botsen´)
kwamen we toch weer
op het jeugdrepertoire. 
Want Jos Versteegen heeft vaak meegewerkt aan het tv-programma 
`Klokhuis´ waarvoor hij vele liedjes schreef. Ook theaterteksten van zijn 
hand werden op de bùhne vertolkt door Joost Prinsen, Adéle Bloemendaal
en Jenny Arean. 

Wijnand gaat op reis

Er was een jongen, Wijnand J. van Dale,
die bij een onderzoek met röntgenstralen
ging zitten op zo'n bundel toverlicht
en toen de deur uitvloog, al was ie dicht.
........ 
Hij zweefde van Den Helder naar Rosmalen
en stoof toen door naar China en Bengalen.
Hij boorde dwars door alle mensen heen,
hij ging door hoofd en hand, door merg en been,
........
Hij gluurde in de buik van kannibalen
en schrok van gruwelijke avondmalen:
de witgeschoeide voetjes van een kind,
een linkerarmpje met een roze lint.
Hij rook de binnenkant van kardinalen,
kon van de dranklucht nauwelijks ademhalen,
......... 

Fragment van een gedicht van Jos Versteegen 
uit: "Ik zet mijn tanden in de paus" 
Liedjes uit het programma 'Klokhuis' (Vassalucci) 

 

Litanie voor de liefste 

Bestemaat met zwart haar 
Kornuit met witte bef 
Gabber met roze tong 

Bruinoog met allerfijnste wimpers 
Natneus met stugge snor 
Bontsnuit met flaporen 

Ziel zonder zorgen 
Heer zonder geld 
Vriend zonder meer 

Onbedwingbare vlooienbaal 
Sentimentele janker naar de maan 
Opgewonden struikrover 

Angsthaas en mensenredder 
Grootbek en kleinhart 
Brulboei van bravoure 

Bedelaar met bedelaarsogen 
Bedelaar met bedelaarsbek 
Beestachtige bietser 

Happer van hapjes 
Snoeper van brokken 
Vreter van restjes 

Vanger van boeven 
Beschermer van weduwen 
Troost voor weesjes 

Riem onder mijn hart 
Hart onder mijn riem 
Tweede ik 

Jos van Hest 

 

Laatste deur             Everyman (Philip Roth) 

Dichter kon niet, ik moest wel gaan 
liep langs slingerpad berouw en hoop 
stond aan zonnebaan vervoering 
liftte mee naar de nimf bij de bron 

liet mij onderdompelen, raakte gewond 
beklom zonder gids hooggebergte waarheen 
zocht levend water, volgde verlichte pelgrims 
naar de algenezer in de woestijn 

en keerde om, vluchtplaatsen voorbij 
nog eenmaal gokhuis verzande haven 
koersvast over zee verdronken vragen 
terug naar waar ik nooit was weggegaan. 

Van zes genomineerden voor een Gedicht van de Maandprijs konden
we er vier op het podium roepen: Wim Hartog, Koos Hagen, Louise en
Aukje Tillema. Anneke Wasscher liet zich vertegenwoordigen door haar
echtgenoot Martin Vinken. 
Het Friese gedicht van Miranda Mei lieten we lezen door de aanwezige
deelnemer met de meest authentieke Friese tongval: Jan Kleefstra.
Voor alle genomineerden was er een prachtige langstelige rode roos.
Met instemming van iedere aanwezige ging de roos van Miranda Mei 
naar de muzikant. 

De winnaar op het thema `keerpunt´ werd Koos Hagen met zijn gedicht
`Laatste deur`

Op het thema ´sport´ viel de keus op `Gymnastiek` van Aukje Tillema
die daardoor totaal verrast was. 

De twee winnaars van de beide prijzen kregen een uitvoerig juryrapport
te horen van Jos van Hest, die daarop nog aanvullende toelichtingen gaf,
vervolgens ontvingen ze een oorkonde en een boekenbon. 

Juryrapport 

De Hernehimprijs (Gedicht van de Maand) 
bij het thema Keerpunt gaat naar de dichter van het gedicht Laatste deur.
Die titel verwijst uiteraard naar de dood; de ondertitel Everyman naar de
korte maar heftige roman die schrijver Philip Roth laat beginnen met de
begrafenis van zijn hoofdpersoon. 
En Everyman, vertaald als Alleman heeft natuurlijk weer te maken met
het middeleeuwse Engelse toneelstuk Everyman en het dito Nederlandse
Elckerlyc. Kortom, dit gedicht over de dood gaat over het leven en nog
wel het leven van iedereen. Onze levensloop, misschien wel onze
levenssloop met twee s-en in het midden. 
Ga er maar aanstaan. 
Dat het de dichter lukt om van dit aloude en grote thema een gedicht te
maken, komt door de veelheid van beelden in dit toch compacte gedicht,
door de zintuiglijke en emotionele landschappen die worden opgeroepen.
En ook omdat het raadsel in stand wordt gehouden. De levensreis naar 
de laatste deur eindigt met een prachtige slotregel: 'terug waar ik nooit
was weggegaan'. Net zo intrigerend als de beginregel: 'Dichter kon niet,
ik moest wel gaan'. 

Jos van Hest - Utrecht 15 november 2009

 
Koos Hagen (Amstelveen) - met genomineerdenroos - leest 
het winnende gedicht 'Laatste deur'. Hij werd juist onlangs 
geselecteerd als de eerste Amstelveense Stadsdichter. 

© Eigen foto Hernehim Cultuur 

Gymnastiek 

Een zongebruind 
lenig lijf 
geeft aan een 
bang bleek meisje 
opdracht tot 
dartele 
danspasjes 

haar 
houterigheid 
verheft hem 
in laatdunkende 
onverschilligheid 

met een 
laatste restje 
zelfrespect 
danst zij 
een zes 

 

Juryrapport 

De Hernehimprijs (Gedicht van de Maand)
bij het thema Sport gaat naar de dichter van het gedicht Gymnastiek.
In al zijn karige eenvoud - drie grammaticaal juiste zinnen, verdeeld over 
drie korte strofes van zeer korte regels, soms een regel van maar één
woord - schetst het een aangrijpend beeld van macht en onmacht, 
van arrogante superioriteit en afhankelijke kwetsbaarheid. 
Het zongebruinde lenige lijf van de bevelvoerder staat in schril contrast
met het bange, bleke lijfje van zijn pupil. 
De alliteraties (lenig/lijf, bang/bleek) versterken die tegenstelling.
Hier staat een machtswellusteling in de gymzaal die de houterige motoriek
van zijn leerling gebruikt om nog hooghartiger en ongeïnteresseerder te
worden dan hij al is. 
En het kind? Het geeft moedig gehoor aan een onmogelijke, want lief-
deloze opdracht: het meisje danst een zes. Gelukkig, denk je als lezer,
toch nog een voldoende.
Gymnastiek is een mager, een letterlijk dun gedicht, dat desalniettemin 
rijk en gelaagd is. Er worden gewone woorden gebruikt, die diepte krijgen. 
Gymnastiek is een hautain portret van de hoogmoed. Maar ook een
filmpje waarin het slachtoffer uiteindelijk overwint, al is het met de hakken
over de sloot.
Het gedicht telt met titel en al 31 woorden, deze beschouwing telr er 195. 

 Jos van Hest - Utrecht 15 november 2009

 

Na de pauze, waarin de accordeonist Roelof Ruis nog een aantal nummers
speelde, was er direct zeer geconcentreerde aandacht voor Jan Kleefstra
met `noorderlicht´een muzikaal-poëtisch landschap. Eenheid van klanken 
en de gesproken tekst. 
Gerrit Vennema liet ons met zijn nieuwste bundel kennismaken, voerde 
ons door een Arcadisch landschap. Anke Labrie nam ons allemaal mee 
naar haar kindertijd met gedichten over de bruiloft met feeën, een prinses
en een prins, bespied rond de boerderij van de buren... en haar impressie
over de grote watersnoodramp, waar doorheen dramatische details toch 
het kindvertrouwen sprak 'dat het toch allemaal weer goed zou komen'. 
Na weer wat muziek - o, wat konden we genieten van de jazz - kwamen
Baban en Monica Boschman nog aan het woord. 

om mij 

de eerste ring vol adem 
lucht om van te leven 

de tweede ring vol plannen 
ze trekken steeds aan mij 

de derde ring vol wat al was 
fluisteringen van altijd 

ze dragen mij 
gebonden door genen 

en meer, ze omarmen mij 
wanneer ik later los 

van adem en plannen ben 
en mee fluister 

© Monica Boschman 

 

 

 

 

Aukje Tillema, winnaar in het thema `Sport` met  Gymnastiek 

 

© Eigen foto Hernehim Cultuur 

  

Monica Boschman 

 

Als in Arcadië 

Als in Arcadië, 
zwerf ik door jouw landschap. 

En wat ik zoal tegenkom: 

Lusten nagejaagd 
met een lach, over heuvels 

Gedachten uitgewisseld 
naast een koele stroom 

Tijdloos musiceren 
te midden van ruisend groen 

Zwijgende vertering 
bij zonlicht aan de einder. 

En overal… je zachte adem! 

Als in Arcadië, 
leg ik mij 
te rusten in jouw landschap. 

© Gerrit Vennema.
Uit zijn gelijknamige bundel. Najaar 2009 

 

Voor de twee hoofdgasten en de muziek was er nog een flesje wijn met
een 'boodschap': de eerste Zuid-Afrikaanse cabernet-sauvignon die onder
ecologisch verantwoorde condities wordt geteeld en het "fair trade" label
draagt voor goede arbeidsomstandigheden. 

Tenslotte gaf ik als afsluiting, in de vorm van het gedicht "Die Liebende" 
van Rainer M Rilke een huiswerkopdracht mee. 
Wie er niet bij was maar wel geïnteresseerd in het nieuwe vertaalproject
is hier de LINK naar de betreffende pagina op de site. 

De minder vrolijke berichten werden zorgvuldig tot het laatst bewaard: 
Het is jammer dat de Vrienden van Hernehim Cultuur (VvHC) niet massaal
kwamen opdagen. Het is voor de afzienbare tijd namelijk de laatste
Hernehim Zondichtmiddag
in de Kargadoor geweest. De Hernehim-
redactie is deze herfst sterk gekrompen. Het groeiende team sinds twee
jaar werd opeens een krimpend team. Met enthousiasme werd destijds 
besloten tot het instellen van een Gedicht van de Maandprijs en het drie-
maandelijks organiseren van een kwaliteitspodium. 
Het mag duidelijk zijn dat dit voorlopig niet meer binnen de mogelijkheden
ligt. Maar het betekent geenszins het einde van de Hernehim Cultuursite. 
De waarde die deze Literaire Pleisterplaats op het internet gedurende
acht jaren opbouwde is te kostbaar om zomaar door de vingers te glippen. 
Ik wil dus niet zeggen dat deze Zondichtmiddagen voorgoed tot het verleden
behoren: mocht zich spontaan een aantal vrijwilligers melden om het 
organiseren ervan mee op te pakken, bestaat altijd de mogelijkheid deze 
kortstondige "traditie" na een rustpauze nieuw leven in te blazen. 
De toezeggingen voor deelname van Ingmar Heytze en Job Degenaar 
blijven voor de toekomst gestand. 
Ik sta altijd open voor enthousiaste doeners. 

In mijn herinnering kwam iedereen naar mij toe om me nog even de hand
te schudden, wat ik als een bijzonder persoonlijk gebaar heb beleefd. 
Dank je wel allemaal! 

© John Zwart / JohnN / John Newswatcher - 18 november 2009

 

 

                  

Een historische kelder onder Oude Gracht 36, Utrecht 
werd  in een jaar tijd al een vertrouwde plek, waar we die dag 
toch met een lichte weemoed de deur achter ons dichttrokken. 

Misschien ooit in 2010 nog eens een HC Zondichtmiddag... 
als een soort reünie. Wanneer een paar vrijwilligers zich melden
vinden ze bij John Zwart altijd een willig oor. 

 

 

 
 
Podia recent bezocht - Bibliotheken Amsterdam en Nieuwegein  - OP OBA en NLP2009 - door John Zwart 
 
Morgen volgt er een verslagje over de derde Zondichtmiddag in de Kargadoor.
Maar eerst nog wat schrijven over wat er van week 45 en 46 te melden valt. 
Dat krijg je als je zelf druk bent met het voorbereiden van een live podium in
Utrecht en je wordt tussendoor ook nog eens geveld door de H1N1 griep 
(de Mexicaanse, ja). Dan kom je helemaal niet meer aan schrijven toe. 

Op 31 oktober nam ik zelf deel aan het OBA Open Podium in Amsterdam.
Wie zag en hoorde ik er nog méér? Liliane Cataldi, na 'n lange afwezigheid
(had ze een soort writersblock?), Mirjam Al, alom bekend, al uit de jaren 
negentig, de jaren van 'de Badcuyp'. Hiltje Hettema, Amsterdamse Friezin 
die de meeste van ons ook wel kennen, die heeft altijd wel iets over dieren, 
meestal met een lach. Ook regelmatig te beluisteren op de Dichtersmiddagen
van Café Eijlders, bij het Leidseplein. 
En Rhea Ruppert, dat was voor dit OBA Podium een debutante. Tenslotte 
was er nog Cor Bakker, altijd goed voor een paar opmerkelijke observaties.

Temidden daarvan zat ik zelf een poosje op de verhoogde dialoogzit, samen
 met Jos van Hest. In de afgelopen tijd heb ik meer dan ooit bedacht dat 
`dichten voor de eeuwigheid´ maar zeer weinigen gegeven is. Bijna alle poëzie
is tijd- en modegevoelig. Als dat dan zo mag zijn, is er niets mis mee om 
gedichten te schrijven met een beperkte houdbaarheidsdatum. 
Ik ging dus een beetje op de actualiteitstoer, met een drietal gedichten: 
op de crisis in de financiële wereld, `Wonderbaarlijk slijk`, op de zelfzucht 
van wie al teveel heeft, `Flamboyants´ en tenslotte een ´ode aan Anna´
geen meisje, maar een Friese melkkoe, wier kinderen en kindskinderen 
worden uitgemolken. 

              

               Rhea Ruppert in duet met Jos van Hest 

              

               Liliana Cataldi in de OBA 

   
       Jack Koehorst (voorzitter) 

       leidt het programma en de gast in 

 

Later, voorzichtig opgekrabbeld en koortsvrij, bezocht ik op dinsdag 10 
november
de Bibliotheek van Nieuwegein, waar de Nieuwegeinse 
Literatuurprijzen 2009
(één voor proza en één voor poèzie) tijdens een
bijzondere literaire avond werden uitgereikt. 
Een zware reis uit Friesland door de stortregens. Er was een opkomst van
ongeveer 50 mensen in de bibliotheek, ongetwijfeld voor een aanzienlijk deel
bestaande uit genomineerden. 
Als gast was de tv-actrice en filmscenario-schrijfster Marieke van der Pol
uitgenodigd. Zij kreeg het leeuwendeel van de avond toebedeeld voor haar 
verhalen en anekdotes over de filmwereld en haar research voor het script 
van `Bruidsvlucht` Een film die gaat over meisjes die als bruiden ´met de
handschoen´, of als 'verloofden', naar Australië en Nieuw-Zeeland vlogen in
het jaar 1953, tijdens de grote naoorlogse emigratiegolf. 
De acteurscarrière (soaps) van Marieke van der Pol ging vrijwel onmerkbaar
over in het schrijverschap. Tijdens haar acteerbestaan volgde zij een opleiding
voor het schrijven van filmscenario's. Nog vóór de recente film `Bruidsvlucht´
bewerkte ze de roman `De tweeling´ van Tessa de Loo tot speelfilm. 
Die kreeg een aantal Oscarnominaties en dat leverde van der Pol heel wat
smakelijke anekdotes op over haar ervaringen in Los Angeles. 
Een vlot en gemakkelijk vertelster, zonder vaak het papier te raadplegen.
Nauwelijks te stuiten ook, de organisatie leek wel beschroomd om haar een
tijdslimiet op te leggen. 
Persoonlijk had ik liever wat meer tijd zien toebedeeld aan de genomineerden
(het waren er 25 in getal!) waarvan er zeer vele aanwezig waren. Het leek mij
toch een teleurstelling voor een genomineerde: als je uitgenodigd wordt en
uiteindelijk krijg je -omdat je geen winnaar bent, noch tot de eervol te vermelden
behoort- zelfs niet eens één minuutje microfoontijd.

Ik merkte tussen de aanwezigen binnen de categorie Poëzie zo al drie 
Vlamingen op:
Erik Wauters (Mechelen) "als het de tijd krijgt"
Paul Vincent (Aalst) "Bestemming"
en Vera De Brauwer (Etikhove) 
"(Over)gave". Allemaal ruim 200 km van huis. 
Het uitroepen van de winnaars en de prijsuitreiking kwam op mij dan ook
over als
een enigszins door de klok gedreven aangelegenheid. Eerst kwamen
winnaar en
eervolle vermelding in de categorie Korte verhalen aan de orde.
(52 kandidaten). 
De jury had flink wat algemene kritiek. Lang niet alle inzendingen voldeden 
qua
inhoud en opbouw aan de criteria die het tot een 'kort verhaal' maken. 
Veel teksten
hadden de vorm van een ´cursiefje´ of waren meer aan te zien
als een ´observatie´,
'verslag' of ´column´. Vaak ook nog slecht geredigeerd,
ongecorrigeerde grammaticale en spellingsfouten (wat eigenlijk een dood-
zonde is, in een inzending die wil
meedingen in een wedstrijd), slordig 
typwerk van het op papier ingezonden proza. 
Ik verwachtte bijna de uitspraak: "Wegens het geringe gemiddelde niveau
van alle inzendingen heeft de jury besloten niet tot uitreiking van een prijs 
over te gaan".
Maar zo erg was het niet. Er was een winnend verhaal 
"Vergane glorie" van Wilma Hollander. Onder deze clichématige titel valt
een aardig, gevoelig verhaal
te lezen, dat aan het einde nèt aan de veilige 
kant van de grens naar sentimenteel
blijft. Winnares Hollander was op 
vakantie in Griekenland en werd door haar vriendin
per sms op de hoogte
gesteld. De vriendin Jolanda Borg nam de NLP2009 Proza (een glas-
kunstwerk, 'French Carafe')
in ontvangst en las het verhaal. 
Ik kreeg de indruk dat het verhaal zich ook in Griekenland afspeelde: 
een oude man,
een leven lang verliefd op zijn vrouw Elena, blijft na haar dood
alleen achter, maar
in zijn dromen wordt hij nog iedere nacht door haar 
bezocht in de gedaante van een
prachtige jonge vrouw zoals zij er ooit heeft
uitgezien. Het verhaal is in het eerstvolgende nummer van het tijdschrift
"OpSpraak", nr 41, te lezen. 
Een eervolle vermelding kreeg "M aa n" van Marleen Schmitz, eveneens 
in druk verschijnend in "OpSpraak". 

Toen kwam de categorie Poëzie aan bod (75 kandidaten). 
Ook hier blijkbaar toch wat aarzelingen bij de jury. Men vond namelijk dat er
geen
gedicht was dat opvallend boven de rest uitsprong. Men twijfelde over
drie gedichten
van een vergelijkbaar niveau. Ze hebben er een uur lang over
vergaderd om "Het Perspectief" als winnaar aan te wijzen. 
Winnares Inge Boulonois uit Heerhugowaard was wel zelf present om haar
prijs -
hetzelfde glaskunstwerk als in de categorie proza - te ontvangen en
haar gedicht
voor het publiek te lezen. 
Het werd geschreven op het bekende schilderij van
Johannes Vermeer 
"Gezicht op Delft". De twee andere gedichten waren dus goed
voor een 
eervolle vermelding: "Bestemming" van Paul Vincent, en eveneens "Tijd
van steen"
van Gerrit Pleiter. Voor alle drie de gedichten geldt ook dat ze 
worden
gepubliceerd in nr. 41 van het tijdschrift "OpSpraak". 

© John Zwart - voor Hernehim Cultuur. 17 november 2009 

         Marieke van der Pol  
         temidden van de poëziewinnares Inge Boulonois (links) en 
         Jolanda Borg (rechts) voor de prozaprijs van Wilma Hollander 

          

         Winnares Inge Boulonois leest haar winnede gedicht 
         Het Perspectief 

         © Foto's: Eigen foto's Hernehim Cultuur 

Vergane glorie 

De oude man brengt zijn hand omhoog. Hij vertrekt zijn lippen, 
alsof hij weet dat hij zou moeten glimlachen, maar er niet zeker
van is hoe dat moet. 
Vroeger zou hij het hebben geweten. Vroeger toen hij een jonge
man was en op de kade stond, zijn zwarte haar wapperend in 
de wind, zijn grove knuisten stevig gesloten om het dikke touw
van zijn vissersboot. 
In die tijd was zijn lach brutaal en verleidelijk charmant. Als hij
zijn boot afmeerde zag je de meisjes uit de stoffige huisjes van
het dorp tevoorschijn komen. In groepjes paradeerden ze 
giechelend over het havenhoofd heen en weer, hun hoofden 
verlegen afgewend, maar hun donkere ogen steels gericht op
de knappe zeebonk, wiens gulle lach 's nachts hun onrustige 
dromen binnendrong. 
Daar, aan dat wankele tafeltje in de oude taverne, dronk hij zijn 
tsipouro, vertelde hij sterke verhalen over huizenhoge golven, 
over masten die knakten in oorverdovend natuurgeweld. 
Onder het felle neonlicht zong hij uit volle borst de liederen van
het vaderland... 

Wilma Hollander NLP2009 proza (fragment) 

 

Het perspectief 

In een oogwenk overspannen we de eeuwen. 
Monsteren het straatje, de opgedoekte 
plaats en tijd. Verzadigd blaken huizen 
in het strijklicht. Ramen zijn echt 

uitgekeken op de overkant waar kwasten 
verf tot leven mengelen, voorgevels 
per toets verrezen, spelend kroost verstarde 

op de stoep.Een open deur blijft 
een handwerkende vrouw omlijsten. Een steeg 
met meid geeft beeld en tijdgeest perspectief 

lichtecht pigment. Nog goed is het 
voor kijkers bij het leven. De rust van toen 
schuifelt met ons mee naar nu, naar dit 
moment waarop wij passanten zijn --

Inge Boulonois - NLP2009 poëzie 

 

 
 
 "Onlangs nog" - Gedichtenbundel van Karel Wasch - recensie van John Zwart  
                             "Onlangs nog" 
Gedichtenbundel van Karel Wasch (Amsterdam) 
een uitgave van Nymfaeum Pers, Leerdam - 2009. 
ISBN 978 90 79 923021  

Als omslagillustratie zie je twee schimmen in een mistig, 
halfduister landschap. 
Vaag herkenbaar zijn de contouren van een oudere vrouw
en een man die zich langzaam van ons lijken te verwijderen.
De maker hiervan is Egge Altena. 

Het omslag lijkt symbool te staan voor de inhoud van de bundel. 
De dichter Karel Wasch beweegt zich van 't ene beeld of scène
naar 't volgende. Foto's in een boek of aan de wand, of beelden
op het scherm van de herinnering.

   
   
Herinneringen en reflecties, vaak voelbaar geladen met mededogen. Hier is
allesbehalve een hermetische dichter aan het woord. Je weet onmiddellijk 
waar hij het over heeft, het is dan alleen nog zaak de diepere lagen te 
ontdekken, maar ook dat gaat niet moeizaam, als de gevoelsregisters 
maar openstaan. 

Er is veel herkenning als ik zo kris-kras wat lees. Een hele reeks gedichten
werden eerder al gepubliceerd in het tijdschrift "Nynade", (dezelfde uitgever)
waarop ik geabonneerd ben. Hier en daar een gedicht ertussen gestrooid 
dat ik in eerdere bundels las, bv in "Alsof er iets van mij overbleef". 
Ook tref ik poëzie aan die in de afgelopen jaren eens een plekje vond op
Hernehim Cultuur als themagedicht of actualiteitsgedicht. 
Een aantal mededichters wordt geëerd zoals die bewonderde Welshman, 
over wiens leven de dichter een biografie schreef: "Dylan Thomas". 
Met het korte gedicht "Zwarte adem" krijgt Cor Vaandrager zijn respect en
de Vlaamse dichteres Iris Vandecasteele zal ontroerd zijn geraakt door 
"Een dag", een afscheidsmoment voor lang, misschien zonder een weerzien. 

Karel Wasch wordt soms ook gevraagd door de Evangelische Omroep voor
hun ochtendprogramma 'dit is de dag', waarin met diverse gasten over de 
actualiteit van het moment wordt gepraat. In die uitzending van amper ander-
half uur luistert er altijd een dichter mee, die aan het einde moet proberen in
dichtvorm een reflectie te geven op hetgeen hij hoorde. Het is dus 'instant'
dichtwerk, en soms als zodanig ook herkenbaar. Het is riskant om zulk 
gelegenheidswerk ook in een verzamelbundel op te nemen, maar de dichter
probeert wel een extra dimensie aan zijn samenvatting te geven. 
Ik wil er twee noemen: "Kredietcrisis", dat ook op Hernehim Cultuur geplaatst
werd als actualiteitsgedicht, evenals zijn cynische kijk op de machthebbers 
die van het ene ontwikkelingsland naar het volgende vliegen, waarbij onderweg
de copieuze diners nog naschudden in hun buiken: "Ontwikkeld verder" 

 

Nog een viertal gedichten wil ik speciaal noemen: 
Het indrukwekkende "voordat hij zich overgaf", al vaak herlezen in "Alsof er
iets van mij overbleef" en meerdere andere publicaties en natuurlijk ook 
horen voordragen. 
Ik kan begrijpen dat de dichter vond dat het in dit boekje niet mocht 
ontbreken. Een verdrietige begripvolle ontmoeting aan het strand. 
Twee vrienden, één die zich onttrokken had aan het toezicht van de 
psychiatrische inrichting. Dan wordt het beeld wreed verstoord door de
medische beterweters. 
"Ontvoerd" is een ontroerend gedicht over zijn moeder, die in het nu 
allang niet meer mee doet, maar die in voorbije episoden onder de 
herhalingstoets blijft verschijnen. Het realisme van 't vergane tegenover
de herinnering waarin zij er steeds weer is 
"...vermijden kan ik haar nog niet. Wat moet ze nog van mij?..." 
"..of zij mij nog groet of wegwuift met vermoeid misbaar." 

Een blik vanuit het raam levert het gedicht "Zwerver" op, van zo'n man 
met zijn plastic tasje, wiens leven op dood spoor raakte. Wat nog wordt
versterkt doordat hij zijn uren slijt op lang verlaten roestige rails. 
Eerder ook in "Alsof er iets van mij overbleef" 
'"Schoon wellicht" is voor mij ook een aangename herkenning, het werd
namelijk voorgedragen op een Hernehim podium dat plaatsvond in de 
Openbare Bibliotheek van Amsterdam in de zomer van 2007 en toen 
opgenomen in de gelegenheidsbundel "Schoonheid" 
"...Een hand valt terug op/ gesteven linnen. Het/ raam waait open, 
de wind/ dooft steels een kaars..." 

Als momentopname van het ogenblik van het sterven. 

Ze zijn niet allemaal treurig of melancholisch hoor, de gedichten.
Er zijn ook vrolijke, sommige getuigen van de liefde voor zijn vrouw.
De 39 gedichten zijn samengebracht in een handzaam boekje dat 
gemakkelijk in de binnenzak past. Fijn boekje om te hebben. 

© John Zwart, voor Hernehim Cultuur - oktober 2009.

 
 
 
 Nieuw Bericht: nu lezen? - over SMS-poëzie, recensie !zalig verrukt! door John Zwart 
Nieuw Bericht: nu lezen?

(eerder gepubliceerd op Pomgedichten.nl ) 

De twee nieuwste stromingen in de poëzie zijn slam en sms-poëzie. 
Sinds de slam inmiddels haar bestaansrecht wel heeft bewezen, terwijl het
dichten op een telefoonschermpje nog in het experimentele stadium verkeert,
kan het wellicht geen kwaad een korte tussenbalans op te maken. 

De slam knipoogt vaak naar 'standup comedy', naar rap, of speelt met onver-
wachte associaties. Soms lijken slammers een verwantschap met de klank-
dichters onder de vijftigers te hebben. 
In de loop der jaren ontwikkelde zich een genre waarop een beoordeling 
mogelijk is die enigszins objectief is, althans zich aan de heftigste discussies
ontworsteld heeft. Natuurlijk is het feit dat slam vooral in wedstrijdverband 
wordt beoefend regelmatig aanleiding voor controverse: was nu nummer twee 
niet een gerechtvaardigder winnaar geweest... Maar echte winnaars en bijna-
winnaars worden in elk geval steeds door de kenners (h)erkend. 
Het candlelight niveau en effectbejag werd door onafhankelijke jury´s allang
uitgezeefd. 
Hoe anders is dat met de sms-poëzie. Die heeft zich nog nauwelijks objectieve
criteria verworven. Er zijn nog geen erkende regels voor gevormd, anders dan
dat het poëtische bericht in de vorm van 160 tekens gegoten dient te worden.
Door de gsm providers wordt goud geld verdiend aan het massaal heen en weer
flitsen van sms-jes  door de jeugd. Geen wonder dat sms-poëzie onmiddellijk
in handen viel van de commercie. En wat weet die van kwaliteit van poëzie? 
Het stimuleren van het zenden van sms-poëzie door de organisatie van een 
jaarlijkse wedstrijd binnen het Festival van Vlaanderen door de Dienst 
Communicatie van de KPN Group Belgium/BASE is dan ook allerminst een
onverdacht evenement. Bart Vandesompele (Hoofd Communicatie) bekent dat
hij zelf verslaafd is aan sms-en, hij zal dan ook een gratis abonnement hebben
en hopen dat het betaalde smsverkeer in navolging omhoog gestuwd zal worden.
   
Vandesompele had zich beter van elke betrokkenheid kunnen onthouden en 
zich moeten beperken met de naam van de prijs (peanuts voor een gigant als
KPN Belgium/BASE) aan het concern te verbinden. 
Maar Vandesompele nam zitting in de jury, weliswaar zonder deel te nemen
aan de stemming, maar er is ook nog iets als psychologie binnen een jury. 
Zijn gewicht als de geldschieter zal zeker in de schaal hebben gelegen. Deze
verdenking komt direct bij mij op na bestudering van het winnende gedichtje. 
De inhoud is bijna een directe reclameboodschap voor sms-verkeer en vertoont
tevens de grootste gelijkenis met het beeld van een "normaal tienersmsje" in 
tegenstelling tot de andere niet bekroonde inzendingen die er meer als korte
poëzie uitzien. 
Ik heb weinig goede woorden over voor het uitverkoren werkje. De enige 
waarde vindt het in de uitgelichte kreet ´!zalig verrukt!´ (mijn god hoe krijg ik
dat eerste uitroepteken op zijn kop?, echt iets voor verslaafde sms-ers maar
zo schrijft toch geen normaal mens?) - die dan ook werd gekozen als titel 
voor de gehele verzameling van de 34 uitverkoren inzendingen in het bundeltje
dat werd gerealiseerd door het Poëziecentrum van Gent.
Poëzie moet compact zijn, poëzie in de vorm van een sms-schermpje dus
dubbel zo. Dit winnend gedicht had veel gecomprimeerder gekund en daarmee
zelfs nog aan gewicht hebben gewonnen als de hele bovenste regel werd weg-
gelaten en als volgt was begonnen: "mijn gezicht verspringt van bedrukt naar
zalig verrukt..." Dat dit het effect is als gevolg van een ontvangen sms-je 
spreekt zo voor zichzelf, is dermate overbodig, dat het totaal onbegrijpelijk is
hoe de jury hierin het beste sms-gedicht van 2009 ziet. Vandesompele verstout
zich een grootheid als Johann W von Goethe te citeren: 'in der Beschränkung
zeigt sich erst der Meister' maar daarvan is dit winnende gedicht zeker geen 
voorbeeld. Nee, hier is geen ´Meister´ aan het woord die de kunst van de 
´Beschrankung´ beheerst. 
En smileys zijn natuurlijk te vermijden als de pest in de poëzie en dan behoeft
de rest ook niet in die rare "rebus"vorm neergezet te worden. 
Mijn mening blijft zelfs na de suggesties tot verandering dat ´t poëtisch gehalte
van het winnend werkje mager is en vooral al te duidelijk reclame bevat. 

 

   
 

Het bekroonde gedicht van 2009

1 sms van jou, en mijn :-) verspringt 
van bedrukt ! zalig verrukt ! Twas tss 
3stan & =olde vast veel beter gelukt, 
als ze opt knopje "verzenden" 
hadden gedrukt. 

Ingezonden door Kristof Frederickx 

 

De eervolle vermelding van Ann Langeraet 
komt mijn inziens veel dichter bij echte poëzie: 

De geur van inkt en koffie 
op een regenachtige dag. 
Een bed. 
Woorden die als snoepjes 
over de lakens kruipen. 
Ervan eten tot je draaierig bent. 
En altijd jou. 

Ja heus, het kan: romantisch toch, en géén 'candle light'.

Enkele bladzijden verder mag Christiane Vandoren parafraseren op de
regen, waarvan ze in haar sms meldt dat die als pijpenstelen valt; via dit cliché
kan zij verkondigen 'ik wil pijpen [...] me niet vervelen' 

Mijn conclusie moet zijn dat de sms-poëzie nog lang niet volwassen is,
men doet maar
wat, vaak intuïtief. En KPN bobo's kunnen er maar beter
met de vingers vanaf blijven. 

© John Zwart - 31 oktober - voor Hernehim Cultuur  

!Zalig verrukt! - Poeziecentrum Gent - september 2009 
ISBN 978 90 5655 324 1 NUR 306  

 
 
 
 
 Blauwe Boeddha - Een recensie - voor Hernehim Cultuur, door John Zwart. 
 
Tibet stond deze zomer in de aandacht, vanwege het bezoek van zijn 
bijzondere balling de Dalai Lama. Maar de interesse voor het land werd 
eigenlijk alweer onmiddellijk overspoeld door de spanningen in Iran en 
Afghanistan rond de verkiezingen, gepaard met een
toenemend geweld 
in deze landen en in Irak. 
Misschien goed om juist nu weer even de aandacht te richten op 
'het dak van de wereld' met een bespreking van de poëziebundel 
'Blauwe Boeddha'. 
Deze bundel, met als subtitel
'dichters voor Tibet' verscheen bij De Witte
Uitgeverij te Leiden, ISBN 9-789078-809869.
Een bloemlezing, die werd
samengesteld door Gerard Beentjes en Will van Sebille. 

Jan Willem den Besten verkeerde 14 jaar lang onder Tibetanen die in India
in ballingschap
leven. Een vriend van hem, een Tibetaanse monnik, werd 
in zijn thuisland tot een politiek
gevangene. 
Zijn misdaad was: het schrijven van een gedicht... 
Uit dit gedicht sprak de hoop op de terugkeer van de Dalai Lama. Hij schreef
het uit op
een plakkaat dat hij op de kloostermuur plakte. Er is maar heel 
weinig voor nodig, voor een
dichter in Tibet, om te worden gearresteerd en 
als politiek subversief element uit de samen
leving te worden verwijderd. 
Politieke gevangenen worden in het systeem van de Chinese
machthebbers
behandeld volgens methoden die lijken te zijn gekopieerd uit de tijd van de
culturele revolutie onder Mao. Zij worden 'heropgevoed' en het bezit van pen
en papier is
ten strengste verboden. 
De mentale kracht van poëzie wordt in alle tijden door overheersers gevreesd.

 

Den Besten werd door zijn ervaringen de initiator om Tibetaanse dichters
te willen helpen hun werk via buitenlandse kanalen te verspreiden. Men 
wil de monddode dichters blijven
steunen in hun pogingen hun werk uit te
geven bij buitenlandse uitgevers. Beentjes en Van
Sebille benaderden een
groot aantal Nederlandse dichters om poëzie beschikbaar te stellen
voor
een benefietbundel. 
43 Dichters, zeer uiteenlopend qua naamsbekendheid, vinden we bijeen
in Blauwe Boeddha. Ze kregen een plekje in alfabetische volgorde van hun
namen, zo vinden we heel uiteenlopende benaderingen van het onderwerp
door de bundel heen, waardoor men met interesse
blijft lezen. 

            

  De dichter Willem v Toorn overhandigt een exemplaar aan de Dalai Lama

   
 
Eric van Loo verschafte met zijn gedicht 'In het voorbijgaan' de titel van de 
bloemlezing,
fietsend door grauwe straten plotseling getroffen door het beeld
van de Boeddha: "...tot je op een waterkoude dag opkijkt,/ iets je aandacht
trekt hoog op een balkon:/ een blauwe boeddha, op de rug gezien..." 

Adriaan Krabbendam denkt zichzelf afdalend van het dak van de wereld en 
kan er dan niet
omheen: "...nu struikel ik/ over een man die hier niet hoort//
doof is of dood/ een boventoon van staatswege/ rood van vogel of inborst/ 
blauw als een boeddha//..." 

Alexis de Roode probeert het bannelingprobleem dichterbij te brengen door
de 'koning van
IJsland' door de wereld te laten reizen, en vraagt zich af of er
wel iets kan worden uitgericht: "...Ik kan rondtrekken met een rugzak vol 
boeken/ en schreeuwen/ als de koning van IJsland op bezoek komt..." 

Bas Rompa legt het accent op de vredelievendheid van het boeddhisme in
de liefde voor
het kleine in het dierenrijk: "...wees altijd aardig voor de mest-
kevers./ laat ze rustig oversteken wanneer jullie/ paden kruisen op de grote
heide//..." 

Hester Knibbe spoort ons aan tot meditatie: "...terug bij de murmel van 
water en/ mannen die onder gitten platanen/ in hun leven bladerden, ..."

Samensteller Beentjes gelooft in de uiteindelijke overwinning van 'de zachte
krachten': "...op witte hoogvlakten draaien paarse monniken/ molens van 
het levenslot. Geboorte is het begin// niet en dood niet het einde..." 

 

F. Starik is op zoek naar de kern van het conflict en vindt dat in de K van 
kwaadheid versus drie V's: "vriendelijkheid, verdraagzaamheid, vrede." 
Henk van Zuiden ziet een bovenaardse aanwezigheid in het gedachtegoed
van de monniken die naar een verbond streven "...naar overzijde een brug/
tussen mooie bedoelingen./..." (...) "...bewaak vonken uit het Nirwana, 
hang leven niet aan een zijden draad,/ reik voorbeeld aan dochters en 
zonen/ en laat ze in grote vrede wonen." 

Een verzameling veelkleurige poëtische visies van enkele tientallen 
Nederlandse dichters, die het boekje heel lezenswaard maken, die wordt
ingeleid met de vertaling van Lambert van Amelsfoort van een gedicht door
de zesde Dalai Lama en dichter Tsangyang Gyatso: 

"Witte kraanvogel 
 leen me je krachtige vleugels, 
 ver zal ik niet vliegen, even naar Lithang, 
 dan keer ik weer terug" 

"Blauwe Boeddha" dichters voor Tibet - ISBN 9-789078-809869 
De Witte Uitgeverij. € 10,oo goed besteed geld, voor leesstof van een 
zeer behoorlijke kwaliteit en daarbij ten bate van de Tibetaanse dichters. 

© John Zwart - Hernehim Cultuur   30 augustus 2009 

 
 
 
 Hernehim in de Kargadoor - voor de tweede keer een Zondichtmiddag - een kort verslag door Frans Terken, (mmv JohnN) 
 
Enkele uitvallers, toch evenveel belangstelling

Op de zonnige zondag 23 augustus reisden heel wat dichters af naar de 
Kargadoor aan de Oude Gracht in Utrecht. Er waren wat afzeggingen door
zomergriep en ook de presentatie lag onder vuur. Maar met een aantal
prima genomineerden voor de Gedicht van de Maandprijzen en interessante
vooraanmeldingen voor het Open Podium hadden we toch een prachtig 
vooruitzicht op een mooie middag. 
Muziek was er ook: Jascha van Roy uit Nieuwegein, ons eerder al bekend
van CAFEstival en John Zwart van de HC redactie nam adhoc de presentatie
waar. 

Twee keer drie gedichten waren genomineerd als mogelijk 'Gedicht van de
Maand' voor de afleveringen april en mei. Voor de pauze stonden voor de 
beide prijzen vijf genomineerden
(net als de vorige keer was er één dichter
dubbel genomineerd) op het programma. Eerst een
kort gesprekje van John
met Anneke Wasscher (Leek), dat was degene die voor februari
en maart bij
de kanshebbers was, Angela Hart (Steenwijk), nú met 'n dubbele nominatie, 
en met Vera De Brauwer (Maarkedal, Vlaanderen). Hun inzendingen waren
de drie
beste gedichten op het thema ‘toekomst’ van april. Elk van hen kreeg
de gelegenheid naast
hun nominatie ook nog enkele andere gedichten voor 
te dragen. Toen moest het verlossende
woord komen, éven werd de spanning
opgevoerd: zou iemand die nu al drie keer bij de kanshebbers was, 
het gezegde "drie keer is scheepsrecht" bevestigen? 
 
 

Gedicht van de Maand - thema 'toekomst' van april 

Zou het dus "Toekomstbeeld" gaan worden, waarin Anneke Wasscher de
vage verwachtingen van een
jong meisje beschrijft? Of zou Angela Hart, 
niet eerder bij de uitverkorenen, maar een graag
gevraagde gastdichter, 
gaan winnen met "Wat was, zal zijn", gebaseerd op een oud bijbels
verhaal?
Maar het werd het oersterke sonnet "Barrière" van Vera De Brauwer, waarin
de
schaduw van de dood een belemmering vormt tot voluit leven. 
"Een lekker hopeloos gedicht"
zo vat Jos van Hest samen in zijn juryrapport. 

 

 

Gedicht van de maand - thema 'helden' van mei 

In mei was het thema ‘Helden’. Weer drie genomineerden samen in het krijt:
naast de eerder
genoemde Angela Hart, hoorden we ook Hannely Krutwagen
en Joop Scholten.
Tja, wie werd het? Niet "Pendulum swing" met de speculant
van Joop Scholten, niet de "Held" van Hannelly Krutwagen die eigenlijk een 
liefdesverklaring inhoudt aan haar huidige
partner, maar "Het huis met de 
dubbele luiken"
waarin Angela Hart ons even terugvoerde
naar de tweede
wereldoorlog en de heldenrol wordt gespeeld door een onschuldig kind. 
"Dat dubbele hiervan, ook al gesuggereerd in de titel" was een sterk argument
voor de
uitverkiezing genoemd in het juryrapport van Jos van Hest. 

 
Het vertaalproject 

In het vertaalproject behandelden we vanaf mei een Engels gedicht. 
Vele enthousiaste bezoekers van deze site hebben zich gebogen over het 
werk van dichter Dylan Thomas, "Do not go gentle into that good night"
Het onderwerp werd met klanken ingeleid. Eerst het originele gedicht en 
aansluitend mochten we een indrukwekkende,
gezongen uitvoering met 
groot orkestbegeleiding van John Cale beluisteren. 

Vervolgens was het woord aan Anke Labrie met een treffende vertaling. 
Zij kreeg vooral lof voor haar
consequent aanhouden van het duivels moeilijke
rijmschema. 
Speciaal voor haar vertaling
was uit Vlaanderen Lisette Waterschoot 
uitgenodigd. "Niet zozeer een vertaling", erkende
ze zelf, als wel een 
‘her’taling van het gevoel dat dit gedicht haar bracht. In eigen woorden
gaf zij
de inhoud ten beste, eveneens indrukwekkend. 

Deze versies, evenals de andere vertalingen zijn op de speciale pagina van
deze site terug te vinden. Beide voor presenteren
geselecteerde dichters 
Anke Labrie en Lisette Waterschoot werden verrast met een exemplaar van
de biografie van Dylan Thomas, van de hand van Karel Wasch
Het boek werd beschikbaar gesteld door de biograaf zelf. 

          Dylan Thomas (1914-1953) 
   
) Verder werd het open podium dankbaar gebruikt door Frans Terken, voor een
deel bijgestaan door Joop Scholten in een wisselwerking, daar de beide dichters
al bijna een jaar lang poëtisch op elkaar reageren. Interessant te horen wat er
daaruit ontstaat, Vera de Brauwer verraste met gezongen gedichten, vooral met
bijval voor een gedicht in het Vlaams "Van de reëne in de soepe",  Hannelly
Krutwagen deed nog een paar gedichten over haar moeder, onze éminence grise
dhr. J.C.Aachenende las prachtig in het Frans en het Duits, en ook anderen die
al in de eerste programmadelen hadden opgetreden kwamen nog even terug.
  © Frans Terken - voor Hernehim Cultuur 
met dank aan John Zwart voor zijn aanvullingen met enige feitelijke informatie. 
 

De lezers zijn gewend dat onze verslagen worden geïllustreerd met
actueel fotomateriaal. Meestal is redacteur John Zwart ijverig in de weer
met de camera. Doordat hij die keer geheel verantwoordelijk was voor
de presentatie hebben we over 23 augustus maar weinig fotomateriaal. 
De redactie van Hernehim Cultuur is u erkentelijk voor toezending van 
uw foto's die tijdens de tweede Zondichtmiddag werden gemaakt.
Dus: wilt u ons helpen met uw zelfgemaakte foto's: graag!  

 

Het bovenstaande is een verkort verslag. 
Meer uitgebreid kunt u lezen over verloop en achtergronden van dit podium
op onze Pagina Activiteiten
Daar vindt u ook de winnende gedichten en het volledig juryverslag. 

Alle ingezonden Dylan Thomas vertalingen staan te lezen op onze  
speciale Pagina Vertalingen 
Daar vindt u ook een beschouwing over het resultaat van het project.

Eerstkomende Hernehim Zondichtmiddag 15 november 2009 

 

 
 
 Verbeelding, humor en erotiek - in poëzie bezongen in Drente - een verslag van het 3e Drentse Open-Dicht festival 
Het zit ze gewoon heel erg mee, de enthousiaste organisatie van het nog 
jonge Drentse
Open-Dicht poëziefestival - of heeft (zoals sommigen beweren) 
Simon Vinkenoog vanaf
zijn hemelwolk er persoonlijk op toegezien dat het
deze derde zondag in augustus
opnieuw een echte zomerdag moest worden,
daar middan in de vrije natuur van Zuidoost
Drente? 
Laat het een gelukstreffer zijn, drie keer op een rij, en geen één regendag,
dat zal zeker
helpen om dit poëziefestijn de wortels te geven voor een 
blijvende traditie. 
Ze hebben hard
gewerkt achter de schermen, dat blijkt. Een verrassing voor
mij was het zeer verzorgde
programmaboekje dat het publiek - van het 
overigens gratis evenement - voor een kleine
bijdrage van 4 euro werd aan-
geboden. Goed besteed geld, want dit "Drents Open-Dicht Magazine" gaat 
een collectors item worden: "Eerste jaargang - nummer 1" toont aan
dat er 
voortaan jaarlijks zo'n fraai boekje zal worden uitgegeven. 
Zéker om te bewaren als
tastbare herinnering, om nu en dan nog eens in te
bladeren - de mooiste foto's weer tr
bekijken van de deelnemers, en de 
plaatjes die de sfeer en natuuraspecten rondom
weergeven; én vooral om 
de gedichten te herlezen. 

ISSN 1878-7800, uitg. WoudlandPers Uitgeverij.

          

    Het 3e Drentse Open-Dicht weer drukker bezocht dan 't voorgaand jaar 

 

Ko de Laat - festivaldichter 2009 Ko de Laat zegeviert op de heuvel met de Steen in Schoonoord

Het is de Tilburgenaar Ko de Laat die naar het oordeel van de jury van het 
Drentse Open-Dicht de prijs van "festivaldichter 2009" verdient. Hij kan 
vanaf 16 augustus dit wapenfeit aan zijn indrukwekkende cv toevoegen.
Als dichter kan hij als volgt worden gekenmerkt: humoristisch en onder-
houdend, Zo komt de prijs terecht bij een soortgenoot van eregast 2009 
Driek van Wissen. 
Ko de Laat heeft het schrijven in de genen, een oudoom en zijn vader 
leefden al goeddeels voor en van de pen. Ko is een duizendpoot, een 
onvoorstelbaar productieve duizendpoot. Schijnbaar even moeiteloos als
een jongleur vijf ballen in de lucht houdt schrijft hij dagelijks op zijn weblog,
wekelijks een actueel snelsonnet op gedichten.nl en ook nog elke week 
een column op tilburgz.nl. Schrijft impressies van het dagelijks leven als 
een Brabantse Simon Carmiggelt en geeft dan nog - sinds 1990 al - jaarlijks
een nieuwe gedichtenbundel uit. Voor een leuke liedtekst, voor journalistiek
werk of (semi)commerciële teksten kun je ook nog eens bij hem terecht. 
Wordt die man dan nooit moe? Schijnbaar niet, want hij reist ook nog naar
vele andere uithoeken van het land om aan festivals mee te doen. 
En met succes blijkt hier, in Schoonoord! 

 

Twee festivaldichters en één hoofdgast. 

Twee "festivaldichters" - de jurywinnaars van de voorgaande jaren - heeft het
Drents Open-Dicht opgeleverd: Gijs ter Haar en Pom Wolff. Beide hier weer
aanwezig en
voorbereid opnieuw een bijdrage leveren. Er is er nu weer één 
bijgekomen: Ko de Laat,
die hier ook al vaker stond. Hij doet het nu in de 
ogen van de jury het best. 
Een echt kroonjuweel is deze dag Driek van Wissen, thuis in deze regio, 
maar in ons
hele taalgebied bekend als meester van het 'light verse' en de 
vorige "Dichter des
Vaderlands". 
Net als de "festivaldichters" kennen we Martin Beversluis van eerdere jaar-
gangen van
dit festival, de man met zijn karakteristieke gladde schedel. 
Hij maakt indruk met de
gedreven voordracht van het gedicht voor Vinkenoog
waarmee zijn optreden opent.
Zonder er kwalificaties aan te verbinden heb ik 
hier toch wel vijf deelnemers genoemd
die bijzonder hebben bijgedragen aan
de glans van de derde editie van het Open-DIcht. 
De beide slamdichters 'sec' met hun 'performance', Beversluis met zijn vuur 
en "van Wissen en de Laat' (hé dat klinkt al als een duo!) mede door hun 
flexibiliteit en
improvisatietalent waarmee ze hun verbindende teksten op het
podium ten beste geven - en zo uitstekend contact met het publiek houden. 
Zoals van Wissen zichzelf inleidt: "Een week of vier geleden werd ik gevraagd
of ik dit jaar de hoofdgast van dit festival wilde zijn. Vorig jaar hadden ze 
Simon Vinkenoog er voor gehad... die is intussen overleden..." 

Ach, je hoeft niet overal een voorspellende
betekenis aan te hechten en ik 
heb na een korte bedenktijd ingestemd, voegt hij toe, na
die eerste zin, 
uitgesproken met meesterlijke pauzes. 

 

                     

                  Driek van Wissen - hoofdgast 2009 

                   sonnetten en sonnettettes 

© Eigen foto's Hernehim Cultuur 

 

Twee thema's, of nog meer? 

Er hebben twee zaken naast elkaar gelopen, die op dit festival samenkomen.
Een gedichtenwedstrijd en de selectie van dichters die optreden op het 
festival, die niet deelnamen aan de gedichtenwedstrijd, maar wel meedingen
om tot festivaldichter van het jaar door de
jury te worden uitgeroepen. 
Adri de Fluiter, beeldend kunstenaar, opende een jaar geleden de festivaldag.
Eerder
al nam hij het initiatief om "natuurkunst" te propageren. Resultaat werd
een wandeling
met als thema "OverLeven" (aangelegd op het terrein van Ellert
en Brammert, het blijft openbaar toegankelijk tot 1 jan.2010). 

Voor de gedichtenwedstrijd van Stichting Drenthe Poëzie
werd hetzelfde 
thema gekozen. 
Maar de aspirant-deelnemers aan de festivaldag moesten zich profileren met
het verbinden
van de woordkunst van poëzie met de beeldende kunst. 


 

Het thema in de strijd om de derde festivaldichter te worden, werd daarom  
"Verbeelding"

In de voordrachten passeren themagedichten, zodanig aangekondigd, soms 
blijken ze "Overleven", soms "Verbeelding" als thema te hebben. Voor de 
argeloze toehoorder wel eens wat verwarrend. 
Bij een aantal van de aspirant-festivaldichters blijft het thema "verbeelding" 
ver te zoeken,
terwijl de jury de instructie had vooral dáár scherp op te letten. 
Als me al een accent is
bijgebleven lag het nogal op de "erotiek". De lijnen 
naar beeldende kunst liggen daarin
ook voor het grijpen. Maar ik heb poëzie 
over schilders en beeldhouwers en hun modellen,
over de verbeelding die echt
originele metaforen in erotische poëzie aan de toehoorder
laten, toch een 
beetje gemist. De hedendaagse dichter is veel meer geneigd om 'man en
paard'
of zo u wilt 'lid en holte' te benoemen op niet mis te verstane wijze. 
Wel beeldend,
maar, hoewel verre van preuts vind ik dat toch jammer, ik kan 
er zo van genieten als men
mij mijn eigen "Verbeelding" laat.

Simon Vinkenoog - (een foto van Edith Ringnalda)

Hoofdgast en inspirator van het jaar 2008 

De geest van Simon Vinkenoog waart ook voelbaar en hoorbaar rond. 
Hoewel het al een jaar geleden is dat zijn bezweringen op deze plek klonken
is het overlijden van de levende flowerpower legende zo vers in de hoofden van
de dichters dat hij voortdurend aanwezig lijkt te zijn. 

   
 

Van start 

Na Mart Brok (samen met Rensje Plantinga het kloppend hart van de 
organisatie) en
Pietersz van Calumburgh - in de eerste twee jaargangen - 
is nu Zeno Roos presentator,
die de aandacht van het ene naar het andere
podium leidt. Drie podia staan opgesteld in
een halve cirkel rond de heuvel
met de Steen. 
Een jaar geleden werd de beeldend kunstenaar Adri de Fluiter betrokken 
bij de opening om het thema van dit
jaar aan te kondigen. Brok en Plantinga
grijpen opnieuw de mogelijkheid aan om het thema van 2010 bij het publiek
van vandaag al onder de aandacht te brengen. Ja, zet het
maar vast in je 
agenda: 15 augustus 2010, een vierde Open-Dicht met thema "Kookkunst"
Joop Zwiep, sterkok uit Zweeloo, zet als smaakmaker mosselen voor en 
Mart Brok leest een mosselengedicht, de andere dichters kunnen nu in de
komende maanden hun potjes op het vuur zetten om de volgende zomer 
iets verrassends op te dienen. 
Een terugblik is er ook: In het Magazine gedenkt Mart Brok de hoofdgast
van 2008,
Simon Vinkenoog: "Oh God, wat moet ik nou..." zijn gedicht is
in negatief gelegd over
een foto van de dode dichter door Martijn de Wijk. 

Dan is het woord aan Pom Wolff, dat is het privilege van de festivaldichter
van het voorgaande jaar. Stevig zet hij een aantal van zijn succesnummers
neer,
zoals zijn Houellebecq-gedicht "ik kan het gewoon niet aan" en het 
mooie vader-gedicht "een zinloos uur" (er is er een vertrokken / en één is 
blijven staan meer is het niet...ik adem nog / en jij in mij niet minder...)
 
Dat laatste weet altijd te ontroeren, hoe vaak je
het ook hebt gehoord - niet
in het minst omdat de podiumervaring zijn voordracht steeds
meer doet 
winnen aan zeggingskracht. 
De eerste erotiek komt voorbij, er klinkt een versregel over "glanzende 
schaamlippen"
maar het straalt geen plezier uit. We kennen de zwarte 
romantiek, zo bestaat er ook
zwarte erotiek, leert ons Wolff. 
En Simon Vinkenoog blijkt gedurende het hele festival
nooit ver weg. 
Wolff bracht iets mee wat hij tegen een stijl van het podium neerzet: het is
een schildering in vlammend geel, oranje en rood.: Teksten erop "Verdom
de oorlog"
en "Make peace". Een werkstuk van Luc Paard, die in deze 
laaiende kleuren het vuur van Vinkenoog symboliseert en Pom Wolff leest 
er zijn gedicht bij waarmee hij Vinkenoog
nog tijdens diens leven al eerde: 

Zeno Roos  

beent snoerloos van podium naar podium om te presenteren  

Pom Wolff 

"......we moesten lachen en ook dat verging" 

© Eigen foto's Hernehim Cultuur 

   tegen vuur 

   tegen de staat van stalen tanks 
   en moddersporen 
   over ruggen van oedeem 
   tegen een kennelijke staat van onzin 
   tegen macht of leger nog 

   tegen een staat van onvermogen 
   een staat van dienst 
   en lintjes als je oud bent 
   een bom kan slechts een steen verlichten 

   voor open monden, taal als taal 
   voor verwondering en adem 
   voor ieder woord, voor iedereen 
   een babyschreeuw dat is een lintje 

Genoeg nu over de festivaldichter van geweest. Op een ander podium wordt
het estafette-stokje overgenomen. Verleden jaar schreef ik een beetje gek-
scherend over "de enige
dichter die optrad in korte broek en op sandalen"..
Hij is er weer, Bernhard van Loon,
ik herken hem nu ook van "de kuiltjes in 
het zand, waar "zij" haar voetafdruk had gezet, die zich langzaam vulden met
water".
Maar waarom zou de ene dichter wél reeds
bekende gedichten mogen
herhalen en de andere niet? 
Van Loon is de eerste dichter die het niet alléén doet achter de microfoon, 
er zullen nog
meerdere volgen. Hij wordt bijgestaan door Jouke van der Krieke,
die hem muzikaal
ondersteunt, en ook eigen liedjes zingt. 
Van Loon schreef een cyclus van gedichten op de
maanden van het jaar en 
met juni beleefde Bernhard van Loon een hoogtepunt: "kruisjes en rondjes in
je kruis te zetten / een sappige perzik of droge abrikoos...". 

Ik zei het al: de "erotiek" was even aanwezig als Vinkenoog op het derde 
Drentse
Open-Dicht, maar laat ik niet flauw zijn, ik zal ook niet zeuren over 
het ontbreken van de
verbinding naar de beeldende kunst, want verbeelding is
alom aanwezig in het werk van
Van Loon: metaforen, immers dáár houden 
veel dichters en poëzielezers toch van? 
Als je Martin Beversluis ooit ontmoette zul je hem nooit vergeten. Hij zou 
een oude Chinese wijze kunnen zijn, ware het niet dat op de plek waar je
dan spleetogen zou
verwachten er open, diepe poelen zinderen. Kijk hem
aan en hij kijkt terug, bij jou naar
binnen. 

Alsof hij zichzelf lanceert barst hij los, met een gedreven voordracht. 
Poëzie
vol felle emotie "hoe wij genieten van al die ellende" en diepzinnig-
heid "we kijken naar het universum vanuit de gevangenis van het denken". 
En natuurlijk een passioneel werk
over Simon Vinkenoog - die zijn levenslust
van begin tot einde behield - dus waarin
Beversluis hem brandend doet 
recyclen tot as en daarmee nieuwe voeding van de grond,
weer aarde. . 
Het zal mij later verbazen dat de jury deze dichter geen plekje toewijst bij de
beste drie,
waarmee ik niet gezegd wil hebben dat Ko de Laat geen terechte
winnaar zou zijn. 
Immers een jury is een jury en een verslaggever is een verslaggever. 

       Martin Beversluis       
       Ria Westerhuis -

           Delia Bremer -
           schildert met de rug naar het publiek toont niettemin kwetsbaarheid

© Eigen foto's Hernehim Cultuur 

 

De eerste vrouwen stappen de podia op. Delia Bremer, lang golvend blond 
haar dat neervalt op eenvoudig zwart, blote voeten. Van eerdere jaren ken ik 
haar als de
maakster van eigenzinnige liefdesgedichten. Geen rozengeur en
zo, maar de realiteit.
Over hoe het al héél wat is, als datgene wat we liefde 
noemen standhoudt tot het
gloren van de volgende ochtend. 
Vandaag is ze niet zo cynisch als toen, maar er is
treurnis: ze kan niet 
vertrouwen op haar gezichtsvermogen. Zij verbeeldt zich een
verloren liefde te
zien, maar weet dat het niet kan... "...alsof ik je opnieuw een lied hoor zingen..."
Zij verbeeldt het zich maar. En de verbinding naar het thema maakt ze
heel 
concreet door te schilderen terwijl ze voordraagt. 

In een samenwerking met Ria Westerhuis houdt ze zich inmiddels ook bezig
met
gedichten in het Drents. Niet zo vreemd in een tijd en streek waar Daniël
Loohues
wereldberoemd werd tot ver over Drentse grenzen met zijn Drentse
liedjes. "Hier kom ik weg" en 't giet zo-as 't giet klinkt ons Hollanders anders 
in de oren dan
de Drent, die gewend was aan zulke geluiden op de achtergrond
bij zijn happen van
de paplepel. "Laat ik als de wiedeweerga weggaan uit 
Emmen, want het regent dat
het giet!" Maar nee hoor, dat betekent het niet. 
En zo is het ook met de gedichten
die wij van Ria in duet met Delia horen, 
het klinkt allemaal gemoedelijk, het publiek
schenkt applaus... 
maar twee dames vertrekken met opgestoken veren: "Wat een
vieze gedichten,
ze moesten die twee vrouwen opsluiten!" Heus, dit boze commentaar
is goed
vertaald door Ria en Delia zelf, ze vertellen het mij met een geuzenblik in de
ogen. Ja lezer, goed begrepen, hun bundel "Minnezinne" bevat erotiek... 
op zijn Drents. 
Ik zei het al: het is een warme dag, het is niet te vermijden.
    

 

 

Vanuit Gent is de Vlaamse Erika de Stercke gekomen, ze heeft een hele
batterij attributen meegebracht. Paspoppen, onderdelen ervan, letterlijk zelfs,
dat zijn haar rekwisieten bij haar voordracht. 
Ze zet er achteloos één 'n lampenkap op bij wijze van
hoofd. De versregels
een woordspel, vaak op klank gekozen, in het momentum van
een voordracht
niet steeds gemakkelijk te doorgronden. Maar ook schildert zij met
woorden, 
laat landschappen opdoemen. Ja "verbeelding" roept ze op, als zij "op het 
gebinte van de gekalkte boerderij een bemost pannendak laat rusten
". 
Maar
in scherp contrast hiermee eindigt ze plotseling met onverbloemde 
erotiek. Het zal
immers nooit gebeuren dat Vlaanderen achterblijft bij Holland,
op welk vlak dan ook.  

 

        Erika de Stercke

  Driek van Wissen - 

  Hoe bouw ik het op ... ach laat ik toch maar met Berend Botje,,,,

     Niet voor de poes 

     "Dankzij de grotemensenwetenschap 
    
Is door een kleine ingreep in mijn genen 
    
De angst voor u als kat geheel verdwenen" 
     Zo sprak de muis, "vindt u dat niet knap?" 

     "Hap", zei de kat, "ik heb nog steeds een gen 
     Waardoor ik dol op domme muizen ben."  

 

 

Daar is Driek van Wissen! Over de impressie die deze "hoofdgast" maakt 
staan
hierboven al wat regels. Zijn faam geniet hij natuurlijk vooral vanwege
zijn schijnbaar
moeiteloos voortdartelende vrolijke sonnetten. De dringende
behoefte aan contact met het andere geslacht die Erika de Stercke doet 
natrillen met haar slotgedicht
doet hem spontaan(?) besluiten zijn repertoire
te herzien. Het sonnet dat volgt kent
natuurlijk een wending, waarin de nare
eigenschap in bed van vooral mannen, het
snurken, de hoofdrol speelt. 
Hierin toont hij zich toch de meester van vormvaste, rijmende gedichten. 
"Vind maar eens wat geschikte rijmwoorden op snurk" zegt hij
na het lezen
van het gedicht waarin een vrolijke noot gezongen wordt door het "mannen-
koor van Urk". 

E
en poosje geleden schreef Van Wissen in samenwerking met een tekenaar
een boekje
met dierengedichten. Uiterlijk een kinderprentenboek met rijmpjes,
de inhoud biedt aan
volwassenen ook veel vrolijkheid. 
De dieren zijn net mensen, aldus Driek, ze hebben
net zoveel afwijkingen als
wij en dus kennen ze ook een psychiater "Dierendokter Dik" 
"De grote dierendokter Dik / is heel goed, maar niet goed snik...". 
De raad die deze dierenzieleknijper geeft verraadt veel van de gedachten van
de dichter over deze beroepsgroep. We maken kennis met een papagaai 
die lijdt aan het syndroom van Gilles de la Tourret. 
Van Wissen wijdt ons ook in in de geheimen van het "snelsonnet" door hem
gracieus
genaamd "sonnettette": een gecomprimeerde vorm waarin de 
terzinen tot twee regels
zijn ingedikt. De chute wordt dan heel bondig, 
het leent zich bijzonder voor een gedicht
op de actualiteit. 
Hij plaatst er vrijwel wekelijks één op gedichten.nl 
Lach mee met "Niet voor de poes" als Japanse wetenschappers bij een 
muis het
gen manipuleerden waardoor het diertje geen angst meer had voor
een kat. 

 

Ko de Laat vertoont in stijl veel overeenkomst met de hoofdgast. 
Het dagelijkse leven,
het nieuws, dat alles geeft hem ontelbare 
aanknopingspunten voor veel gedichten op
rijm, vrolijke kwatrijnen
en ook sonnetten en snelsonnetten. 
Niet alleen plezier maar
ook weemoed spreekt er uit zijn werk dat
om de toegankelijkheid gewaardeerd wordt
door een groot publiek.
 

De weekafsluiting 

De weekafsluiting was voor vele scholen 
Een rotsvast vrijdagmiddagonderdeel 
De kinderen playbackten hun idolen 
Verzorgden stukjes pointeloos toneel 
Of dansten zeer aandoenlijk uit de pas 

Het lijkt voorbij met zulke capriolen 
De roosters zijn te vol, van klas tot klas 
Geen kind niet wetend hoe het is bestolen 
Weet straks nog wat de weekafsluiting was. 

 

          

          Wibo Kosters - begint zich steeds meer te ontpoppen als slammer           

 

Twee zulke dichters als Driek van WIssen en Ko de Laat opvolgend, geeft
geen gelukkige programmering, dus ertussen was Paul Borggreve geplaatst.
Iets heel anders,
toch was het misschien beter geweest om op die plek 
bijvoorbeeld Wibo Kosters te
horen, voor het nodige contrast. 
Vorig jaar liet ik hem gitaarspelen, maar het was een mondorgeltje, misschien
kwam
het omdat ik zelf deelnemer was dat ik dit toch duidelijke verschil niet
heb opgemerkt,
dus vandaag kijk en luister ik met extra aandacht. 
Puur op de kracht van het woord Wibo, de slammer klinkt erin door! 

de moddrfokkrz, 
crapuul dat in goten 
afglijdt tot aan grondwaterniveau, 
ze praten over me, 
's avonds plakken ze aan 
mijn raam en zeggen dingen 
over mij en de blauwschimmelkaas, 
je wil het niet weten... 

    

 

Paul Borggreve doet zijn voordracht in wisselwerking met een hele markt-
kraam. Voor elk
gedicht van hem staat een schilderij van Groninger beeldend
kunstenaar Kees Wiersema
model. De gedichten zijn contemplatief, we 
zitten met 'n recessie als gevolg van de kredietcrisis opgescheept. 
We zijn schuldig: Flitskapitaal en piramidespellen, alles valt onder
het zwaard
van zijn oordeel, dat op "aanbidding van de Mammon" neerkomt. 
Elk gedicht in
de cyclus wordt met het geschilderde beeld onderstreept en 
besloten door de dichter met
een devote diepe knieval. 

 

 

       Paul Borggreve 
       maakt een dramatische knieval voor de Mammon 

                  
Slotact van Gijs en Pom
  epontaan besluit 

© Eigen foto's Hernehim Cultuur 

 

Op het omslag van het Magazine staat het fotoportret van Ingeborg Klarenberg,
zittend op een grote zwerfkei. Eén van de jongste deelneemsters van het 
Open-Dicht van 2008, die
destijds veel indruk maakte op Pom Wolff - 
hij luisterde ademloos naar wat zij las van haar
handgeschreven blaadjes. 
Ook nu zijn er tegen het einde van de middag weer verschillende aankomende
talenten
, die vanuit de "Kunstbende" hebben deelgenomen aan de Gedichten- 
wedstrijd op het thema Overleven
Tijdens hun optreden begint de jury de balans op te maken. 
En Driek van Wissen doet zijn
tweede voordracht. Ik voel al een tijdje dat het
wel erg veel is wat ik allemaal zal moeten
verwerken, niet alles beklijft nog. 
Tegen half vijf lijkt het feest ook een beetje in te zakken. 
Maar misschien ligt dat ook aan mij en aan een deel van het publiek bij wie 
grenzen van het
vermogen tot opnemen worden bereikt. 

Pom Wolff en Gijs ter Haar besluiten van het laatste optreden een slam-
spektakel te maken.
Met gedreven voordracht bouwen ze een gezamenlijke
act waarin de volgende telkens inhaakt
op het werk van de vorige, een ketting
van indrukwekkende synthese. 
Beide podiumbeesten
staan er als de profi's die zij inmiddels zijn: Gijs als 
een overhellende regenspuwer op een
kerkdak waaruit de woorden golven, 
Pom die zijn bezweringen als vlammen laat komen vanuit
een getormenteerd
gemoed. Op de foto's zie ik dat hij al aardig vordert in het oefenen voor de
indrukwekkende Komrij-onderlip. Zo is er vlak voor het einde toch nog de 
passie van een menselijke onweersbui compleet met bliksem en donder. 

 

 

Prijswinnaars 

De jury onthult de prijzen: Plek nummer vier aan de jeugd: 
Laura van Loon, zeker een
waardig opvolgster van Ingeborg Klarenberg, 
dus het omslag voor het Magazine 2010 staat
hiermee al vast. 
De derde plaats voor Delia Bremer, de danseres en dichteres die in haar
gedichten zo ongelukkig is in de liefde, maar samen met Ria Westerhuis
de ene extase na
de andere beleeft. 
De tweede prijs gaat naar een slammer, Wibo Kosters
en de festivaldichter 2009 verklapte ik al, dat is Ko de Laat: humoristisch
en onderhoudend. 

 

       Laura van Loon -
       met haar gedichten haar leeftijd ver vooruit    
          ©  Foto's:  Eigen foto's Hernehim Cultuur  

           Verslag John Zwart - Hernehim Cultuur 18 augustus 2009 

 

Zelfs een uitgebreid verslag als dit kan nooit compleet zijn, veertien dichters
zijn besproken, maar wie zijn er nog... 

Ik ging voorbij aan Rik Holwerda ("lopen. lopen, lopen"), René Maertens
("puntdichten"), Petanak ("slechte beurt bij het NOC, startverbod")
Niek Satijn ("open dicht en slakkenslijm"), Mischa van Huijstee ("insecten-
leven"), Gerdina ("poëziedingetjes") en de Dames Samen ("bekkenslag en 
alle dieren weg").
  
Wat betekenen die aantekeningen van mij? Ik zou het echt niet meer weten. 
Misschien kunnen
jullie er zelf iets bij bedenken. 

 

   
 
 
 Tsjêbbe Hettinga in de Prinsentuin - bericht over een interview van John Zwart 15 augustus 
   
BInnen de setting van het festival Dichters in de Prinsentuin wil ik graag een
stukje schrijven over het interview dat ik had met de Friese dichter Tsjêbbe 
Hettinga
(1949). 
Hettinga heeft al lang geleden een ongeneeslijke oogziekte opgelopen, 
waardoor zijn gezichtsvermogen in de loop der jaren zo is verslechterd dat 
hij nu al geruime tijd nagenoeg blind is. In tegenstelling tot bijvoorbeeld 
Vincent Bijlo - blind geboren - die zich altijd van brailleteksten bedient, maakt
Hettinga uitsluitend gebruik van zijn fenomenale geheugen. Alle poëzie die
hij voordraagt is even toegankelijk in zijn brein als zijn ziende collega's 
simpelweg bladeren in hun bundels tot zij het gedicht van hun keuze hebben
gevonden. 

Al heeft hij in Groningen Nederlands gestudeerd komen zijn gedichten tot
stand in de hem meest vertrouwde taal: het Fries. "Ja, ik draag altijd en 
overal voor in het Fries. Natuurlijk vaak met projectie van een vertaling. Ik 
besef terdege dat het moeilijk is om te luisteren op gevoelsniveau en tege-
lijkertijd ook intellectueel mee te lezen. Maar het publiek mag ook wel een
beetje moeite doen". 

          
Ik woon nu ruim 8 jaar in 'Fryslân' en kan het 'Frysk' inmiddels goed lezen
en verstaan, mijn zelfkritiek belet me echter om het te spreken. Tsjêbbe 
Hettinga respecteert dit, en toont dat door aan het begin van het gesprek 
zelf ook onmiddellijk over te schakelen op het Nederlands. Hettinga's 
gedichten worden in het Nederlands vertaald - met inbreng van hemzelf 
uiteraard - door Benno Barnard en David van Reybroeck. Hij vindt zelf dat
hij niet op hetzelfde niveau waarop hij zijn Friese originelen schept de 
Nederlandse vertalingen kan maken. Het Nederlands staat net een ietsje 
verder van hem af. 
Maar anderen schreven al Duitse, Engelse en Spaanse vertalingen. 
Voor het eerst declameerde Hettinga zijn Friese gedichten voor een groot
publiek op de Buchmesse van Frankfurt in 1993. Men was gefascineerd 
door zijn indringende meeslepende wijze van lezen, al kon men hem niet
verstaan. In 1995 verscheen er een tweetalige bundel Fries-Nederlands: 
"Frjemde kusten - Vreemde kusten". Epische gedichten over mensen en
Friese, maar ook ongedefinieerde landschappen. 
Allemaal heel gevoelsmatig en de lezer in zijn fantasie meeslepend. Sinds
die tijd werd Hettinga een graag gevraagd voordrager door mensen die zijn
benadering onderschrijven: "Om te genieten moet je openstaan en 
toegankelijk zijn".
In die attitude draagt hij ook voor: "Ik kruip in mijn tekst
en voer mezelf mee". 
Ik kruip in mijn tekst en voer mezelf mee Het is op die manier dat ook mensen die geen Fries verstaan zich op hun
beurt door hem laten meevoeren. Het voordrachttalent van Tsjêbbe Hettinga
is zo uitzonderlijk dat er in Groningen mensen zich aandienen, die speciaal
voor hem op dit festival aanwezig wilden zijn. Dat waren bijvoorbeeld de 
mensen van de Blindenbibliotheek Groningen, waar hij na zijn studie een 
tijd werkte als opnametechnicus. 
Nauwelijks kan ik me nu nog voorstellen dat ik tot 2006 niets van deze 
dichter had gehoord, terwijl hij in 2001 de Gysbert Japicxprijs al in de wacht
sleepte. In 2006 hoorde ik hem voor het eerst in Leeuwarden en werd 
onmiddellijk gegrepen toen hij me meezoog in een ware odyssee. 
Datzelfde jaar wijdde de VPRO een uitzending aan hem waar zijn tweetalige
bundel "Fan oer see en fierder - Platina de zee" (2003) werd besproken.
Toen hoorde ik voor het eerst het gedicht dat vervolgens mijn liefste Hettinga-
gedicht zou worden: De Krûk, een broeierig dreigend verhaal dat handelt
over de ontmoeting van een man en een vissersvrouw, ergens aan een
Middellandse Zeekust gesitueerd, maar zonder dat duidelijk wordt precies 
wáár.. 
Recenter werk stuurt Hettinga de wereld in als DVD: "Het Licht van de Zee -
La Luz del Mar"
(2007). De beelden die hij laat opdoemen zijn heel levendig.
"Hoe komen die tot stand, bij iemand die al lange tijd slechtziend is en nu
vrijwel blind?"
 
"Ik visualiseer de beelden vanuit herinnering,.kleuren spelen daarin een 
sterke rol. Ik beschik over een duidelijke herinnering uit de periode dat ik 
nog het zicht had".
 
Hij vraagt zich soms af hoe dat werkt bij dichters die blind geboren zijn en
zou daarover wel eens met hen van gedachten willen wisselen. 
Tijdens deze Dichters in de Prinsentuin vestigt Hettinga de aandacht op 
zijn laatste uitgave de DVD "Equinox" verschenen bij Friese Pers in 
maart 2009. 
Hij leest de cyclus "Under mûzebiters" - "Onder kiekendieven" die uit
5 gedichten bestaat. Met zijn toestemming publiceert Hernehim Cultuur er
hiernaast één naar eigen keuze: 

 

 

4 Nimmen sil it hearre, 

Want de sudersinne, dy't kwânskwiiis tasjocht, 
Swijt; en wat lytser as de mûzebiter wurdt, 
Wat grutter de langst skûljend yn it brekkend 
Koarn: eagen, dy't inoar sykje om te flechtsjen 
Under it skellen fan 'e seefûgels en 
De swarte hiinsten hymjend nei de wite stâl 
Fan 'e wolken, dy't leafde oer har hinne 
Gean lit en de fette trage middei, slacht har 
Losslein hier foar har eagen fan klaai, krûpt al 
Werom nei de rivier ferburgen yn lichte 
Seedampen fan de sompige delta wei, 
Liet de mêskleurige salmen tsjin 'e stream yn 
Skitterje, en komt en raast, bûten de tiid, 
Bûten de wetige romte, bûten sinnen. 

 

De vertaling: 

     4 Niemand zal het horen, 

     Want de zuiderzon die schamper toekijkt 
     Zwijgt; en hoe kleiner de kiekendief wordt, des te 
     Groter het verlangen dat schuilt in 't brekende 
     Koren; ogen zoeken elkaar om te vluchten 
     Onder het schelden van de meeuwen en 
     De zwarte hengsten die hijgen naar de witte stal 
     Van de wolken, waar de liefde over heen mag 
     Gaan. En de vette trage middag schudt 
     Het losgemaakte haar voor de ogen van klei, 
     Kruipt al weer naar de rivier die zich hult in 
     Lichte zeedampen uit de zompige monding, 
     Laat de meskleurige zalmen tegen de stroom 
     Schitteren, en komt en raast, buiten de tijd, 
     Buiten de eigenwijze ruimte, buiten zinnenl 

     © Tjebbe Hettinga. Uit "Equinox" 2009 

 

© Tekst van John Zwart - Hernehim Cultuur - 13 augustus 2009 

© Copyright foto's: Eigen foto's Hernehim Cultuur 

 

 

 

 

 

 
   
Dichters in de Prinsentuin - Voor de 13e maal in Groningen -  29 juli tot 31 juli 2009 verslag van Loes Essen - geplaatst 12 aug.  
Thema: L x B x H (x t)  
"Het grootste poëziefestival van Europa", zoals presentator Klaas Knillis 
Hofstra
(als altijd van top tot teen in het wit) meermaals met trots (en enige
dichterlijke overdrijving) zou verkondigen, ging van start op woensdagavond
29 juli in Jazzcafé De Spieghel
Daar spraken dichters uit Nederland en Vlaanderen zich poëtisch uit over de
uitgestrektheid van het Groninger landschap, zoals verbeeld in een film-
reportage van Theo Uittenbogaard over een treinreis van de schrijver 
Bob den Uyl. 

Het thema, aangeduid met de formule, symboliseert de vier dimensies: 
lengte, breedte, hoogte en tijd. 
Het programma van voordrachten en andere activiteiten sloot hierop aan. 
Naast de tachtig dichters, die de twee volgende dagen in de Prinsentuin 
op het 'theeveld' en in de loofgangen, aangeplant in renaissancestijl, konden
worden genoten, bood dit festival nog tal van andere activiteiten, zoals een 
wandeling door Groningen, die was georganiseerd door Marc Tritsmans
Han van der Vegt en Ward van der Houwen
Het publiek werd daarbij vanaf  'Spaceship Earth' meegenomen voorbij de 
dampkring, langs zonnen en planeten naar de verste uithoeken van het heelal.
Han van der Vegt bracht samen met muzikant Jan Frans van Dijkhuizen 
zijn sciencefictionepos "Exorbitans" ten gehore, een lang en beeldend gedicht
dat is gebaseerd op het Middeleeuwse epos 'De reis van Sint Brandaan'. 

Als elk jaar stonden er boekenstands op de omlooppaden van de Prinsentuin,
met als nieuwtje een boekenruilbeurs. 

  

     Dichters in de Prinsentuin 2009              Een deel van het 'theeveld'

       © Eigen foto Hernehim Cultuur 

          
       
Dichters in de Prinsentuin 2009        Klassieke rozentuin en loofgangen 

       
        Dichters in de Prinsentuin 2009 - Niet alleen fotografen ook 'n tekenares

          

Dag 2 en dag 3, donderdag 30 juli en vrijdag 31 juli waren stralende dagen,
de redactie van Hernehim Cultuur was op beide dagen aanwezig. 
Bij aanvang op het 'theeveld' werd bekendgemaakt, dat de dichters 
Eva Gerlach en Abdelkader Benali hadden afgezegd. Er waren echter nog
zoveel dichters, al dan niet met klinkende namen, die hun opwachting 
maakten, dat deze mededeling vrij gelaten werd ondergaan. 
Het zonovergoten 'theeveld' zat en lag vol, leek wel drukker bezocht dan ooit. 

Het is ondoenlijk alle tachtig dichters aandacht te geven. 
Enkelen wil ik graag in het bijzonder noemen: Rutger Kopland, David Troch,
Willem Jan Otten, Gerrit Komrij, Charlie May, Emma Crebolder. 

 

Rutger Kopland begon met een gedicht uit 1997: 

 

De laatste bevindingen 

Er waren zoals we dachten te weten twee werelden 
de echte en die andere 
dit onderscheid is onlangs bij nader onderzoek 
een overbodige illusie gebleken: deskundigen 
hebben in menselijke hersenen gezocht 
en geen verschillen gehoord of gezien 
integendeel, wat zij vonden was met geen pen 
te beschrijven, zo ongelooflijk eenvoudig 
zo mooi 
zij noteerden: 
"De nacht viel in de ramen van ons instituut, 
maanlicht streek over de jonge borsten 
van onze vrouwelijke proefpersoon 
en ja, de door haar hersencellen aangedreven apparaten 
zuchtten en in onze microscopen zagen we 
in haar moleculen melkwegen van verlangen 
Wij zoeken nog koortsachtig naar formules." 
Aldus enkele opgetogen, onbedoeld lyrische citaten 
uit hun verslag. 

                                              
Rutger Kopland - 1997

       
        Rutger Kopland  
Met geamuseerde ironie merkte hij op, dat wat de onderzoekers in het
gedicht noteren nu juist datgene is wat zij niet met hun wetenschappelijke
aanpak zouden
kunnen vinden. Zij zien melkwegen van verlangen in de 
moleculen van hun proefpersoon, "maar als je moleculen meet, meet je 
moleculen, niets meer en niets minder en zeker niet zoiets menselijks 
als verlangen." 

Er volgden nog enkele gedichten: Gesprek, Ovidius, Een koraal (over de
Leichtigkeit van een vertolking van Bach) en Brief
Naar aanleiding van Gesprek, dat over therapie handelt, merkte Kopland op,
dat zwijgen van kardinaal belang is (we refereerden hieraan al eerder, zie 
de
impressie van de Kopland-avond in Amstelveen 29 januari 2009; waarover
ik eerder schreef op de proza pagina's van Hernehim Cultuur - L.E). 
Kopland: "Ik zou willen zeggen, dat ik zwijg over mezelf, 
want ik weet niet wie dat is".  

 De foto's van Rutger Kopland, David Troch, Willem Jan Otten, 
  en Emma Crebolder zijn van Jako Fennek (met dank). 

 

Een koraal 

Volgens zijn tijdgenoten was Johann Sebastian Bach 
een virtuoos organist "hij speelde met 
een onnavolgbare "Leichtigkeit"".

lichthandigheid zou je het kunnen noemen, maar dan zo 
licht dat het was alsof het geen handen waren 
die speelden 

ik vermoed dat ik wel weet hoe het klonk 
alsof ik hoor hoe hij het zelf is die daar boven 
in deze kerk in die kleine machinekamer 
muziek zit te maken 

je hoort het eeuwenoude mechaniek, het gekreun 
van scharnieren, het geklepper van toetsen 
het gekraak van de vloer, het zuchten van wind 

hoe er van lucht muziek wordt gemaakt 
en er een koraal langzaam door de ruimte zweeft 
als een onzichtbare gewichtloze vogel 
Leichtigkeit 
                                                            
Rutger Kopland - 2004

Een koraal komt uit de cyclus 'Wat water achterliet' uit de bundel 
'Een man in de tuin', uitgegeven bij Van Oorschot in oktober 2004. 

        David Troch 
      
       Willem Jan Otten 
David Troch uit Vlaanderen fluisterde op de hem eigen lijzige wijze tot 
een geboeid publiek. 'Het begon met letters voor je naam' en hij bracht 
het thema in één regel
metafysisch onder met: 
"Wie dood gaat krijgt een dak boven het hoofd". 

luisterrijk 

deze kamer is gemaakt voor kousenvoeten, 
voor het horen vallen van een naald. blind 
herkennen we elk geluid, het schuifelen en 

het stilstaan, het wegschuiven van het laken 
en het voorzichtig neervlijen naast het naakte 
lichaam dat het onze is. we protesteren eerst 

half binnensmonds, maar stemmen al snel 
het ademen tot één ritme af, tot er geen naald 
meer tussen past. zo wordt alles, alles zacht. 

                                                      David Troch - 2008 

Willem Jan Otten over een man die een stok werpt voor zijn denkbeeldige
hond Vidocq. 
/... 
Hij komt me tegemoet want nam 
het bospad andersom en losjes 
zwaait hij met zijn riem en roept 
met onbetwist gezag Vidocq, 
of werpt een stok die hij dan volgt 
met scherpe blik. Één ding aan hem 
is vreemd, althans zo menen sommigen 
van ons: hij heeft geen hond. 
.../ 

Hier zien we het thema fraai in filosofisch mysterie ondergebracht: 
om aan te nemen dat iets bestaat, hoeft het nog niet tastbaar aanwezig te
zijn.
   
    Gerrit Komrij 's avonds bij de Souffleur: Ik speel voor dichtertje in Nederland 
      Emma Crebolder  Voor het festival is een naam als Gerrit Komrij op de lijst natuurlijk mooi. 
Hij begon zijn voordracht met 

Duikvlucht 

Er hangt een hoge spiegel in de gang. 
Vooruit, ik kijk me zelf nog maar eens aan 
En voor het monster dat ik daar zie staan 

Ben ik - voorspelbaar - elke dag weer bang. 
Die man is gruwelijk 
die man moet dood 

Prachtige flarden bleven me bij, zoals: 
Als ik je van mijn liefde zou vertellen 
zou ik je, vrees ik, helemaal verliezen 
Één woord en al jouw achting voor me 
is vermoord 
ik gluur maar naar je hals 
en naar je handen...
ik ben een bijl bekleed met eendendons... 

Komrij eindigde zijn voordracht met: 
"Ik speel voor dichtertje in Nederland" 
Een gedicht vol zelfrelativering (en en passant relativering van ons,
en ons land erbij)
door deze Portugese expat, dat hij 's avonds 
op het Souffleur-terras nog eens
ten beste zou geven.

 

In de loofgangen bleef ik gekluisterd aan de voordracht van Emma Crebolder.
Naar ik later vernam, kwam zij in de plaats van Kreek Daey Ouwens, die 
verhinderd
was. Zij was ooit (om precies te zijn 1993) de eerste stadsdichter
van het Nederlandse
taalgebied (Venlo). 
Haar stem, zacht maar indringend als haar poëzie, trok mij aan. Steeds keek
zij even
op van de bundel waaruit zij voordroeg, diep in je ogen, bijna vorsend.
Wanneer iemand
toch durfde wegsluipen, maakte zij (al doorlezend) met een
glimlach een gracieus
armgebaar als om hem of haar hoffelijk uitgeleide te 
doen. Het is moeilijk te bepalen of
hierbij van enige spot sprake was of niet. 

Tussen de gedichten door vertelde zij rustig en helder over de achtergrond 
van het
werk. Zij heeft zich verdiept in cultuur en gedachtegoed van Zuid- en 
Oost-Afrikaanse
stammen. Crebolder maakte intensief studie van talen als 
Ewe (Kerewe), Zuid-Afrikaans,
Hausa en Swahili, dat zij inmiddels doceert. 
Ze kreeg van de ambassadeur van Namibië
ooit het verzoek om een gedicht
in het Swahili te schrijven en voor te dragen tijdens een
banket van een 
conferentie tegen overbevissing door Spanje. Dit gedicht, vanuit de vis
bezien,
droeg zij met expressie voor in het Nederlands en in het Swahili. 

Een bijzondere ervaring. Met scherpe observatie en speelse geest laat zij 
haar gedichten
spreken, zoals uit de bundel 'Dansen met een vos'. 
Voor mij een ontdekking, deze dichteres. 
Ik haastte mij haar bundels aan te schaffen. 

 

Een danser in trance

Zoals de zeldzame bosbok oprijst,
het geluid van naderend onweer verdringt,
zo verscheen de varenboom
toen ik een en al oor was
voor ondergronds stromen van water.

Eeuwen hebben gewerkt
aan het stollen van schors,
aan het doorzeven van blad.
Maar eerst kwam de boom
als een danser in trance
uit het niets op mij af.

Emma Crebolder 

Van de dichters in de Prinsentuin 2009 is ook weer een
verzamelbundel verschenen. Wie deze aanschafte tijdens
het Festival ontving daar aan gratis bladwijzer bij met het
gedicht "Niet kardemom, meergenaamd paradijskorrel,
niet rozemarijn..." geschreven door Emma Crebolder.
ISBN 978.90.77487.78.5 

 

Een prachtige, unieke voordracht wil ik u niet onthouden: Charlie May 
bracht van het epische dierengedicht van 'Willem die Madoc maeckte' op
vrijdagmiddag een indrukwekkende rapversie ten gehore, waarin heden-
daagse en middeleeuwse motieven waren
samengebracht. Reinaerd de
Vos
werd door Charlie met schwung en overtuiging tot leven gewekt. 
Een half uur lang voor een gefascineerd publiek. 
Met een selectie uit de 3469 versregels, alles uit het hoofd, begeleid door 
achtergrondmuziek, door hemzelf gecomponeerd. 

Als elk jaar werd Dichters in de Prinsentuin feestelijk afgesloten met een
poëtisch
en muzikaal samenzijn in en om café De Souffleur bij de Groninger
Schouwburg. 

Ik deed zo maar een greep uit de veelheid; Een verslag, of impressie, van 
een zo rijk
evenement als dit, doet altijd tekort. Je wilt eigenlijk eindeloos
citeren, het werk van
deze dichters de aandacht geven die het verdient, hun
manier van voordragen memoreren,
de ontspannen maar tegelijkertijd 
zinderend geïnspireerde (en inspirerende) sfeer
beschrijven, de prachtige, 
rozengeurige omgeving, het stralende weer, alle mensen (zoals
Correen 
Dekker, Maarten Praamstra en Arjen Nolles) noemen die dit weer mogelijk 
hebben gemaakt. Maar er is geen beginnen aan; altijd zal het te weinig eer
doen.
Ik kan alleen maar zeggen, mensen ga er volgend jaar heen! 
Beleef zelf deze unieke poëzie-ervaring. 

Graag deel ik nog twee toepasselijke Kopland-citaten met mijn lezers: 

In Groningen 

Je kwam en gaat weer weg, ook nu 
zo zal het blijven tussen ons, ik ben 
een onbekende plek 

Een lege plek om te blijven 

Ga nu maar liggen liefste in de tuin, 
de lege plekken in het hoge gras, ik heb 
altijd gewild dat ik dat was, een lege 
plek voor iemand, om te blijven. 

 

© Loes Essen - voor Hernehim Cultuur, augustus 2009 
   De foto's van Rutger Kopland, David Troch, Willem Jan Otten, 
   en Emma Crebolder zijn van Jako Fennek (met dank), 
   de overige foto's zijn eigen foto's van Hernehim Cultuur.  

   
 
   
Wizzelbörg - Gronings debuut van Nina Werkman -  Recensie van een bundel in streektaal - geplaatst 18 juli 2009 
   
Deze lente verscheen bij Uitgeverij Servo de debuutbundel "Wizzelbörg" van
Nina Werkman (Groningen). Een boekje vol gedichten in het Gronings, of 
"Grunnegs" om bij het taaleigen te blijven. 
Met deze bundel bevestigt ze de band met haar geboortegrond en de 
vertrouwde oude taal van de mensen daar. Hoewel er vroeger thuis vooral 
Nederlands werd gesproken groeide ze op met een vader en moeder die 
onderling hun streektaal trouw bleven, daarom is Grunnegs voor altijd 
verbonden met haar jeugd. 

Vóór de verschijning van deze bundel zagen al vele Groningse gedichten 
van Nina Werkman het levenslicht en werden ze geplaatst in literaire bladen
als "Krödde", "Noachs Kat" en "Liter". Nu zij al dit werk verzameld heeft 
kwam er hiermee een tastbaar anker met haar afkomst tot stand. 
Toen ik het boekje ter hand nam viel mij direct het opmerkelijke omslag op.
Het is een foto van een kunstwerk van Nina zelf. Ik geef er even mijn eigen
impressie van: Het is als de deegvorm van een gevuld rond brood, het is 
diametraal ingesneden, wat een glimp van de inhoud prijsgeeft. Van binnen-
uit lijken twee handen de beide helften uitéén te drukken. Het deeg is nog 
zacht, het brood nog niet afgebakken. Symbolisch bevrijdt zich de inhoud 
uit haar omhulling. Grunnegers staan bekend als diepzinnig maar gesloten
 - je moet ze open breken om ze echt te leren kennen, dat lijkt de auteur 
met dit omslag te willen bevestigen. 
Maar misschien heb ik het wel helemaal mis en zien we een hard keramisch
kunstwerk waaruit de naar vrijheid hunkerende geest zich met moeite tracht
te bevrijden. Dit alles geeft te denken, zoals dat ook met poëzie hoort te zijn!

                                             Nina Werkman

Lezend bemerk ik dat een Nederlandse vertaling ontbreekt. Hebben dichter 
en uitgever uitsluitend gedacht aan een regionaal lezerspubliek? Of gaat men
ervan uit dat Grunnegs zo dicht bij het abn ligt dat een vertaling overbodig is?
Als niet-Groninger heb ik 12 jaar in de stad Groningen en in Delfzijl gewoond
 - ik kan dus zeggen dat Grunnegs mij vertrouwd in de oren klinkt. Toch is 
lezen anders. Om de inhoud goed te laten binnenkomen bemerk ik telkens 
dat ik graag hardop ga lezen. Dat maakt veel verschil. 
Tegenwoordig laten veel poëzie-uitgevers hun bundels vergezeld gaan van een
cd waarop de dichter het eigen werk voordraagt. Met de sterke voordracht 
van Nina Werkman zal deze poëzie nog dichter bij het gevoel van de lezer/
luisteraar komen. Een gemiste kans die wellicht nog goedgemaakt kan 
worden.
             Wizzelbörg 

De bundel is verdeeld in drie afdelingen: 

I  Dansen 
2 Knopen veur t oftellen 
3 Wizzelbörg.

 

De gedichten hebben een nostalgische, soms weemoedige sfeer. Je zou ook
wel kunnen
spreken van "heimwee" volgens de interpretatie: een terug-
verlangen naar iets, of een tijd die voorbij is, maar alleen een bestaan krijgt in
haar besef van nu. 
Bij de eerste twee gedichten word ik al blij verrast: "zai dij dragt" gevolgd door
het prachtige
"handenbinders" - waarmee Nina Werkman in 2005 de Jan 
Boerprijs won - het zijn oude
bekenden voor mij. 

In het eerste deel, met die misleidende titel "dansen", is de jeugd in een 
streng milieu bijna
voortdurend aanwezig. De perceptie van een kind, poëtisch
zuiver geraakt met passende
woorden door datzelfde kind dat intussen dichter
en volwassen werd. 
In het kerngedicht daarvan `...ain roos allain, zel ik bie swaarde jassen pazen /
om vast te holden, aan bovenste knoopsgat tou,...` 

In "Vervoaren" de hang naar veiligheid van het heel jonge kind in 'n gevaarlijke
wereld ´...Waal is nait meer te zain...´ `...de zee is aibels daip / en t is plat 
ies doar wie op voaren...`
besluitend met de geruststelling van de vuurtoren 
die juist tegen het invallen van de
duisternis zijn licht ontsteekt `...mit vaaier
aarms dij liekoet swaaien / kom mor bie mie, din bist op stee.` 

In het tweede deel gaat het om het kind dat groter wordt, soms proef je er 
een omkering in,
mededogen van het kind met de ouderdom. In "Mooi weer"
´...wie kinnen te / vogelkieken goan, hest genog sloapen...` 
´...wie lopen deur ons paark, / ik heb t ol stoet al in n puutje doan, / dat 
magstoe droagen`. 

Het kerngdicht `"Bezuik" heel teer ´Wie motten swaaien, t dut niks, t gaait 
over / loater of nait mor ik bin al weer vot en doe nog / veul te baang veur 
kuskes.` 

"t Dut niks": kenmerkend voor hoe de Groninger zijn emoties verbergt en
daarmee juist niet.
Terwijl de overwinning van de schroom behaald wordt in
"Van wind en rag" met de onschuld van de verleiding door een engeltje: 
`ik bin n engeltje / ...ik bin t ja mor`
Met het laatste deel komen we in het hier en nu. Daarin vinden we ook 
landschappelijke
en andere sfeertekeningen. In "Groene Strand" met een 
knipoog naar ´n bewonderde dichter:  `Der sweemt wat geel deur dörre 
haaide - t het vroren en nog bluit de brem der / ...doar deur of over, nait 
van d´eerde - in dookgeel, twij - Koplandse - peerden.` 

in "Oet zicht": ´soms as mie stad mit heur benaauwde grenzen / te koareg
wordt, te veul aan oren droest// ... bouw ik van mien gedachten / n nij hoes.`

En, wat elke dichter bij tijd en wijle overvalt: ook hier de twijfel aan het 
dichterschap.
Of het wel lukken zal in de eenvoudige taal van het land de
grote gevoelens onder woorden
te brengen: in toal van dou´. 
`Wol ik ook zo geern wat groters schrieven - mien woorden lieken mie nog
mainst te klaain´.
In "Grunneger zummer" `...heb wie wat keven / mien poëzie
en ik, wat ik ook mog / verwachten, hou ik mie n dichter docht. / van hail dat
denken is ter nait veul bleven.` 

En daar ben ik het dus grondig mee oneens: In "Wizzelbörg" is t er hail veul 
bleven! 

© John Zwart - juli 2009. Hernehim Cultuur 

Hoogholtje 

Kinnen nog bienoa wel zien treden vinden 
op t hoge holt boven Wiemers, van wotterkaant 
tot wotterkaant, van dou hai doar hin en weerom 
runde omreden hai haar n vrund op t haim 
van boer wieder in t laand. 

Kinnen bienoa nog wel heur gegiebel heuren 
op padjes tussen bezzentoen en brugje, kinnen 
klaaine haand nog zain in klaaine hand. 

Twij leutje jonkjes dij doar mit nkander speulden 
dou, dij snoaks heur snouketugen deden in onder-
waal, oet zicht van pa en moeke en van plietsie, 
dij mit heur mondjes dicht plezaaierritten reden 
op dooie houk van woagen. 

Zo stommegeern wol k waiten wat of ze zeden, 
dij leutje jong van boer, dij vervast ook al dood is 
nou, en hai. Aal waiten zunder vroagen. 

 

Hoogholtje = hoog vast houten bruggetje over een hooivaart. 

Zo zijn er veel woorden in deze gedichten die ons terugvoeren
naar een tijd, al verblekend, die dan weer tot leven komt:
Buusdouken = katoenen zakdoeken, die een onderliggende
betekenis krijgen als ze deel uitmaken van het 'striekgoud'
en 'doukjes voor t blouden' worden, in strakke pakketjes.
Porstoulzuiken = paddenstoelen zoeken 
Op hozevörrels = op kousenvoeten, heimelijk lopen  
Twijduustern = schemering, toont de verwantschap die het
Grunnegs met andere talen kent. 

 

Wizzelbörg - gedichten, uitgeverij Servo, Assen. 2009
                     ISBN 9789057860881 
                    
64 pag. 37 gedichten in de Grunneger toal.

 

 

 

 
   
Solidariteit - kunstenaars voor Iran 5 juli 2009 -  Manifestatie Mozes & Aäronhuis - geplaatst 9 juli 2009 
   
Zondag 5 juli in de Mozes & Aäronskerk aan het Waterlooplein in Amsterdam: 
De voormalige synagoge in een sociaal-democratische stad was de plek waar
een aanklacht tegen de valse zonen van Allah klonk. 
De manifestatie van solidariteit bracht zeker
500 mensen samen. 
We zagen opnieuw de brute y-tube filmpjes en we hoorden uit de mond van de
vertellers hoe
de mensen in Teheran nu niet meer de straat op durven, maar 
hun onderlinge verbondenheid
willen vasthouden. 's Avonds na zonsondergang
gaan ze naar de daken, onbereikbaar voor
de onderdrukkers, en roepen 
"Allahu akbar" en horen de antwoorden uit alle richtingen komen,
stemmen die
elkaar hun solidariteit betonen. Het religieuze karakter van de uitroep heeft de 
oorspronkelijke betekenis verloren, het is tot kreet van herkenning van en steun
aan elkaar
geworden. 
De oppositie in Iran heeft nu een martelares, de 27 jarige studente Neda Salehi
Agha Soltan, die op 20 juni door een gericht schot op demonstranten om het 
leven is gebracht. 
Neda betekent in het Perzisch: stem en roeping. Het is een wonderbaarlijk 
Perzisch woord.
Het woord "stem" betekent in het Nederlands het 'geluid' en 
de 'keuze' van iemand. En ook
in het Perzisch heeft het woord "neda" (stem) 
beide betekenissen. Elke stem is tegelijkertijd
een individueel geluid en een
keuze. 
Maar "neda" betekent ook roeping, iemand wordt geroepen door een stem, door
een andere stem. In een interview van een BBC correspondent met de verloofde
van Neda Salehi verklaarde hij dat zij seculier was, géén aanhanger van Mousavi
maar een vrijheidslievende, het was "Azadi" - de vrijheid - waar zij om riep. 
Niet zomaar voor zichzelf, maar voor haar hele Perzische volk. Neda-e-Azadi. 
 

  Green Isfahan 

                    Neda Salehi Agha Soltan 

 

 

 

 

 

"Een vreselijk ontvlambaar mengsel is ontstaan in Teheran: een gewelddadige
Allah en de gewelddadige zonen van Allah en het Perzische verlangen naar
Azadi. Wat een poëtische toestand, wat een episch drama". (Afshin Ellian) 
Schrijnende poëzie bracht dit alles voort. Niet van woede en vergelding, maar
van bewogenheid, verdriet en hoop. 
Nafiss Nia las een reeks gedichten, over 'de kleuren van de zonsondergang',
over de mensen die elkaar zoeken in verbondenheid. Zij schreef een nieuw 
gedicht speciaal voor de solidariteitsgedachte hier in Nederland. 
Narcis Zohrehnassab las een door haar nieuw geschreven revolutionair gedicht
in het Farsi dat door Nafiss Nia in het Nederlands vertaald werd, in bezwerende strofen telkens beginnend met 'dit is niet de nacht'. 
Nasser Fakteh las een gedicht op Neda, die vermoord werd in Teheran, zijn
geboortestad. 
Babak Amiri begeleidde zichzelf op gitaar, er waren blijkbaar traditionele 
Iraanse liedjes bij, het was ontroerend hoe soms het publiek spontaan begon
mee te neuriën en te zingen. Amiri ondersteunde ook de Nederlandse Selma
Peelem
die haar liederen in het Engels zong. 
Het slot werd verzorgd door het Shandiz Ensemble: piano, cello en zang - 
Hamid Tabatabaei, Imre Keblusek en Mehrnaz Salehi. 

© John Newswatcher - voor Hernehim Cultuur, 8 juli 2009. 

 

"Where is this place?" (Poem from a rooftop) 

Tomorrow, Saturday, June 20, is a day of destiny 
Tonight the cries of Allah-o-Akbar 
are heard louder and louder than the nights before 
Where is this place? 

Where is this place where every door is closed 
Where people simply are calling God 
Where is this place where the sound 
of Allah-o-Akbar gets louder and louder? 

I wait every night to see if the sounds 
will get louder and whether the number increases 
It shakes me 
I wonder if God is shaken 

Where is this place where 
so many innocent people are entrapped?
Where is this place where no one comes to our aid 
Where is this place where only with our silence 
we are sending our voices to the world? 

Where is this place where the young shed blood 
and then people go and pray? 
Standing on that same blood and pray 
Where is this place where the citizens 
are called vagrants? 

Where is this place? You want me to tell you? 
This place is Iran 
The homeland of you and me. 
This place is Iran 

(Anonymus girl's voice on a nightly Teheran rooftop) 

 

"Waar is dit?"  (Gedicht vanaf het nachtelijk dak) 

Morgen, zaterdag, dan komt het er opáán 
Vanavond zal het roepen: "Allah-o-Akbar" 
luider klinken, luider nog dan alle voorgaande 
Waar is dit? 

Waar is dit, waar iedere deur gesloten is 
Waar de mensen gewoon maar God aanroepen 
Waar is dit, waar dat geluid van: 
"Allah-o-Akbar" steeds meer aanzwelt? 

Telkens blijf ik wakker om te weten of dat roepen 
luider wordt, of steeds méér stemmen klinken 
Het grijpt mij aan 
En ik vraag me af, wordt God niet óók geroerd 

Waar is dit, waar 
zoveel onschuldigen vastzitten, in de val? 
Waar is dit, waar ons niemand te hulp schiet 
Waar is dit, waar de wereld onze stem alleen 
in stilte vermoeden kan, zonder geluid? 

Waar is dit, waar de jongere zijn bloed vergiet 
en daarna de mensen in gebed gaan? 
ze bidden, terwijl zij in hun bloed staan 
Wáár is dit, waar gewone burgers 
straffeloos als 'tuig' worden geduid? 

Waar dit is? Zal ik je 't zeggen? 
Dit is Iran 
Het huis van jou en mij 
Dit is Iráán 

(Anonieme meisjesstem vanaf een nachtelijk dak in Teheran) 
Vertaling John Zwart - 8 juli 2009 

   
Dwaas 

Vleugels die ik niet heb wil ik breken, 
het vliegen dat ik niet kan, stoppen 
ik wil thee drinken met 
de noga die ik niet lust 
mijn ogen dichtplakken van licht 
afscheid nemen en slapen. 

Ik wil terug naar het verloren moment 
naar de vergeten lach 
naar de tuin en de vijgenboom. 

Maar ik ga huiverig voorwaarts 
naar het blinde vooruitzicht, 
het voorspelbare toeval, 
het stille gezelschap, 
naar morgen met de hoop een tros druiven 
te plukken in het ochtendgloren. 

 

© Nafiss Nia 

 

Het weerzien 

We leven in tunnels en kijken 
door ringen, figureren op afstand 
achter de schermen. Zoomen in 
op de hemel, blauw dat verstart 

- een schot door het hart - 

Wat willen we zien dat het bloed 
vloeien kan, dat geen ader gelaten 
ons voor genaakbaar behoedt? 

Geen handen die grijpen maar toetsend 
verslaan, de knop in de aanslag 
één vinger één duim en stroom 
voor de lader nabij. 

Ach Vader Uw bloedmooie dochter 
Neda van volk dat nu stemloos lijkt: 
zij is de toon van het water, het manend 
zwijgen als de nacht ondergaat 

 

© Louise 

   
 
   
Poëzie tussen de damesliefde en op het dakterras - 27 juni 2009 -   weer een OBA Open Podiumdag - geplaatst 29 juni 2009 
   
Zaterdag 27 juni in de OBA. Het Open Podium was op laatste kennisgeving
verplaatst van de 2e etage naar het expositiecentrum in de tussenverdieping.
Daar loopt een thema-fototentoonstelling binnen het kader "Oog voor de vrouw"
Momenteel met het focus op de lesbische vrouw, de hele maand juli nog te
bezichtigen. Poëzie tussen panelen met collages naar de onderwerpen:
vriendschap, liefde, dans, muziek - én levensgrote zwart-witte kunstfoto's. 

Veertien dichters waren er uitgenodigd, vijf ervan hadden blijkbaar besloten dat
die dag liever buiten - misschien aan het strand? - moest worden doorgebracht.
Toch nog zo'n 30 mensen waren er die, gezeten op kussentjes op de brede
traptreden, amphitheatergewijs kwamen luisteren naar negen voordragers.
Presentator Jos van Hest kon zijn taak ontspannen vervullen, en sommige 
dichters kregen heel royaal aandacht. 

Co Woudsma, was één van de gelukkigen aan wie Jos de meeste tijd 
besteedde. Woudsma, een open vijftiger, heeft al twee bundels op zijn naam
staan, die werden uitgegeven bij de Bezige Bij. Aan elk ervan werkte hij 8 jaar.
Zijn debuut was "Viewmaster" in 1997. "Geluksinstructies" volgde in 2005. 
Veel van zijn gedichten baseren zich op de inhoud van bijbelse verhalen, soms
zelfs twee verschillende verhalen binnen één gedicht. Hij bevestigt dat hij een
echte "researcher" is. Soms behoeven de onderliggende lagen enige uitleg. 
Hij heeft ook meegewerkt aan het boek "Filosofie van de zwijnen", dat in 
samenwerkingsverband tot stand kwam met prozaïst Klaas Rozemond en 
illustrator Jet Nijkamp. Over varkens dus, maar meer over biggetjes, "porky's".
21 Hoofdstukken telkens bestaande uit een verhaaltje, een tekening en een
gedicht, dat laatste van Woudsma dus. 
Kamal Alzoughayar hebben we dit jaar al eerder gehoord in de OBA. Dit keer
had
zijn optreden wat meer voeten in aarde want zijn voordracht benodigde 
een beamer en een
dvd-speler. Kamal is (impressionistisch) schilder én dichter
en voor deze gelegenheid had
hij een werkstuk gemaakt waar spectaculaire
astronomische beelden, een zangeres met een
lied, en popups van een serie
van zijn schilderijen onderdeel van waren. Over de projecties
en filmische 
beelden klonk de muziek en las hij zijn liefdesgedichten. 
De voordracht liet mij met enigszins verdeeld gevoel achter. Luisteren naar een
lied, de impressies van schilderijen ondergaan, kijken naar wentelende en 
aanstormende sterrenstelsels en dan óók nog luisteren naar poëzie is veel 
gevraagd om gelijktijdig te doen. 
Ook is de taalvaardigheid van Kamal nog niet goed genoeg voor een boeiend
interview, er
vallen veel pauzes waarin hij zoekt naar woorden. Nederlands is
een moeilijke taal voor
wie niet vertrouwd is met het Noord-Europees idioom. 
Dat kan tijd vragen, misschien moet
hij nog 'rijpen', zijn gedichten zijn wel 
degelijk poëtisch. 
Ineke Riem, jong, pittig, roodharig. Heeft een jaar de Rietveld Academie 
geprobeerd in
de nieuwe opleiding `schrijven`. Zij had als kind altijd getekend
en gedichten geschreven,
dus dacht na de middelbare school dat die nieuwe
Rietveld voor haar dé opleiding was.
Ze is vóór het tweede studiejaar gestopt,
had er niets geleerd, volgens eigen zeggen. 
Vervolgens is ze de autodidactische weg weer ingeslagen. Op aanraden van
haar moeder deed ze mee aan een gedichtenwedstrijd in het maandblad 
Libelle binnen het kader van
de Libelle Zomerfeesten. Ze heeft gewonnen, 
haar gedicht verschijnt in het julinummer van
het damesblad - ze hoopt mét
een kadertje over de dichteres plus foto. 
Ze schrijft heel
verdienstelijke poëzie, uitstijgend boven het 'damesbladniveau'
en mocht ook meedoen
met ´t project Blauwe Boeddha van de Witte Uitgeverij

Fotopaneel expositiecentrum

Poëziepubliek

Co Woudsma 

                   

                  Kamal Alzoughayar geïnterviewd door presentator Jos van Hest

                  

Hans van der Werff, sympathieke vijftiger, vertelde een autobiografisch verhaal
over de kortstondige vriendschap die hij sloot met een kraai. Ja inderdaad, met 
een vogel! Een open en eenvoudig verhaal, met toch nog wel een onderlaagje.
Verder was er nog een drietal dames uit Amstelveen, die daar al vijfentwintig jaar
in
een schrijvers-dichtersgroep bijeenkomen en nu pas voor het eerst het OBA
Open
Podium bezochten. Carla Muller, één van hen, las ook poëzie. 
Ellen Imhof las een paar
gedichten waarvoor zij inspiratie opdeed tijdens haar 
vakantiereizen. 
Van de "OBA oudgedienden" namen Gusta Bastian, Fieteke Leenes en 
Conrad van de Wetering aan het podium deel. 

Het was weer een heel gevarieerde middag die besloten werd met een hapje
en drankje
op het dakterras, waar in informele sfeer ook nog gedichten werden
gelezen. 

Volgende aflevering zaterdag 25 juli, en vier weken later natuurlijk de 
Zondichtmiddag van Hernehim Cultuur in de Kargadoor van Utrecht: 
op 23 augustus

 

 

Ineke Riem,
jong, pittig, roodharig 
gaat Libelle lezeressen aan de poëzie brengen 

 

Verslag: John Zwart - 28 juni 2009 
© Foto´s: eigen foto´s Hernehim Cultuur 

   
   
   
Texel revisited - 21 juni 2009 -   een deelnemersimpressie van JohnN - geplaatst 25 juni 2009 
   
Vooral weer winderig net als verleden jaar, maar dat hoort nu eenmaal bij 
een eiland. Met snel zeilende wolkenluchten gescheiden door glasheldere 
blauwe wakken, waar
doorheen een zon priemend knalt, toch nog goed voor
roodverbrande konen. Met
aandacht van de mensen en van de natuur die 
met zwalkende 'havsulen' boven ons
hoofd luidkeels commentaar geeft, met
een gestoorde haan die midden op de dag
de ochtend kraait. 
Met verwarrende autoritten over het eiland dat met zeven dorpen zijn best 
doet veel
groter te lijken dan de drieëntwintig strekkende kilometers van de
werkelijkheid, waarop buslijnen met vele haltes in ál die dorpen en bij ieder
kampeerterrein en naar
elk bungalow- of attractiepark leiden, waardoor een 
rit van 't ene uiteinde naar het
andere een uur drempelsdansen wordt. 

Maar toch, helemaal aan het Eierlandse Gat, waar je de Vliehors van het
volgende
eiland óver die stroomgeul al ziet opdoemen, openen zich deuren
van een onverwacht,
bijna overdadig, luxe verblijf voor één nacht, met 
voorzieningen die onmogelijk in een
korte tijdsspanne voluit te genieten zijn:
o, wat moet er toch véél kunnen als de mens
met vakantie gaat, zijn we 
daarom permanent zo gejaagd en moe...? 

Maar de zonnewendezondag 21 juni kent een rustpunt van verbeelding: 
het Midzomerschans Festival aan de Waddenzeedijk, waar een niet té 
massaal publiek komt
rondslenteren van kunstenaar naar kunstemakers, 
van muzikant naar zangers, van
folkloristisch vermaak naar een eigentijdse 
acteerprestatie. De smalle Schansweg
één parkeerlint tussen witbewolde 
groene schapenweiden. "Laat de auto zoveel mogelijk op de Helderse kant
achter",
was het verzoek van de organisatie, dat schept
wel verplichtingen
naar de mensen die over zo grote afstanden op dit gróóte eiland
uitgestrooid
worden. Dat men echter ook een beetje rekent op flexibiliteit van degene die
wel met eigen paardenkrachten de oversteek maakt is begrijpelijk. 
Een handicap kan zich op een eiland voordoen met de communicatie: mijn
mobieltje
dat óók al nabij het Sneekermeer aangeeft geen bereik te hebben,
blijkt nu - eenmaal
het hoofddorp Den Burg voorbij - het nut van telefoneren 
niet meer serieus te nemen.
Heel vervelend als je maatje uit Den Haag nog
moet aankomen en je op afspraak met
elkaar bent overeengekomen contact
op te nemen zodra van wal wordt gestoken uit
Den Helder. 

 


Als geluidsscherm was er voor de dichters een tipi/tent opgezet 


Luisteraars binnen en buiten onder de zeilende cumuluswolken 

                     Rik Comello 
laat het oude Griekse epos herleven op het centrale podium 


Kalliope
heeft zich alweer bij haar sirenen gevoegd voor haar eigen optreden 
Natuurlijk treffen we elkaar binnen de wallen van de Schans waar mijn 
telefoon me nijver meldt dat er vier onbeantwoorde oproepen op me wachten,
waar ik nu niet meer
op te wachten zit. 
Intussen leest Karin Beumkes onverstoord dóór onder de halfopen 
beschutting van een tipi-tent, waar de dichters zowaar beschikken over een
miniatuur
geluidsversterkertje. Ook Frans Terken, sinds afgelopen winter 
weer actief op de
podia, en Edith de Gilde, voor de tweede keer ook uit het
Zuid-Hollandse naar dit eiland getogen, nemen elk een blok voor hun rekening.
Vooral van Frans horen we
nieuw werk. 
Pom Wolff dobbert blijkbaar nog ergens op het Marsdiep, hij zal zich
later nog
aansluiten. 
Rik Comello en ik staan voor onze hoofdact in het programma op 't centrale
podium
waarvoor een grote tentaccommodatie is opgezet en waar zelfs een
professionele
geluidsinstallatie staat. Flexibel als we zijn doen Rik en ik maar
even een 'wandelend
overleg' terwijl we ons zonder de geplande voorbereiding
naar het binnenterrein van de
Schans begeven. En passant voeren we een wervingsactie uit voor een actrice die spontaan de kleine rol van Kalliope in 
onze Odyssee-act wil waarnemen.
Els, de partner van Rik is ziek, en de 
mogelijke stand-in is nog niet aanwezig. Maar
met zoveel artiesten om ons 
heen - én onze charme niet te vergeten - lukt het al in
de tweede poging een
dame te strikken die het aandurft. 
Vlak voor onze aanvangstijd treffen we nog maar vier personen aan in de 
podiumtent,
waarin er minstens plaats is voor vijfenzeventig mensen en méér.
Dichtbij gaat juist
een muzikaal programma van start, terwijl wij ons testen van
de microfoons doen -
en juist dàn komt er een wolk over die wèl begint met
uitregenen, aanzwelt tot een korte maar hevige stortbui en iedereen die zich 
op het open middenterrein bevindt stormt de tent
binnen: volle bak! 
Odysseus kan uitvaren voor zijn zoektocht naar het eiland Ithaka
en Kalliope
speelt zonder enige plankenkoorts haar verleidingsrol om de Griekse
held van
zijn thuisreis te weerhouden.
Daar pak je ook mensen mee die het niet zouden opbrengen om naar een stel
saai
voorlezende dichters te komen luisteren. Rik en ik beschikken over 'n flink
bestand
van zee-poëzie, dus daarmee kunnen we gemakkelijk dit uitéénlopend
publiek ertoe
bewegen langer te blijven. 
Deze hoofdact wordt voor ons het hoogtepunt van de dag. De eigenvolk kring 
van 'dichters-onder-elkaar´, die wederzijds zo graag de maat nemen, bevalt ons 
minder. Daarbij ontstaat zo gauw een zurig sfeertje, dan maar liever nieuwe 
contacten of frisse zeewind. 
We nemen na het eten ruim de tijd voor bijpraten, borrelen hoort daar ook bij,
er gaan maanden voorbij dat we elkaar niet zien en er zijn nog zóveel 
zeemansverhalen die
we van elkaar nog niet kennen. Dat bestand aan levend
proza tussen ons beide
groeit gestadig aan, ook als we samen naar de 
veerhaven terugrijden gaat dat
nog dóór, en tijdens de overtocht op het ijzeren
strijkijzer waarop onze benen de
deining missen. 
Natuurlijk roepen we elkaar nog iets toe, de volgende dag, elk weer op eigen
plek terug: Den Haag - Friesland: 

"Dag Sjonnie! 
Ik bedoel, dag der aarde enige engel van een mannelijk zeegeslacht, hier met
die andere oude zeerot, je enige echte eigen andere dichterlijke compaan 
van een wereld die maar weinig mensen van binnenuit kennen. Kortom; met die
die ene. 
Als ware ik het schampschot tussen de Willem Ruys en de Oranje. 
Met mij dus... In juni, juli en augustus. 
Wederom was het een stralende dag. Daar. Op het Texelse. Zij het minus 
enkele “mal ententes” jouwerzijds. Die [gelukkig maar] aan mij voorbij gingen,
omdat ik er al was, et cetera. Desondanks en wat niet al, ik hoop dat we 
elkaar kunnen blijven treffen omdat het iedere keer weer tot wederzijds oud
nieuws en echte dromen leidt. 
Volgens mij, juni, juli en augustus dan. 
Weest gegroet. Ik zie je, ik zag je en ik zal je... 
Tot dan, Rik" 

"Hoi Rik! 
Altijd weer een plezier om samen op een of ander festival(letje) te staan. 
En ik
mag wel zeggen, zonder jou had het voor mij op Tessel niet compleet
geweest,
en ja 'mal ententes' hadden misschien wel een onverdiende invloed
gekregen op
mijn impressie, zodat ik wel zeggen móet: jij hebt een groot 
aandeel in mijn goede gevoel over deze nieuwe eilandbelevenis, zelfs mijn
spontane aanwerving
van een misschien wel veel betere Kalliope, (dat geldt
niet voor Els natuurlijk,
maar tóch...de kinky hornblaas ster), schrijf ik ook
voor een belangrijk deel op
jouw konto. En dan, inderdaad, die plotse heftige
regenbui, dat kon eigenlijk geen
toeval zijn. Eindelijk gerechtigheid en zelfs
een rechtstreeks ingrijpen vanuit de
hemel. De goden zijn dus niet geheel 
en al onrechtvaardig en ze tonen gevoel
voor een stel vrolijke, cynisch- 
positieve zeerotten. Anders dan de zee zelf, die
de mens die haar bevaart
een rotzorg zal zijn. But you made the difference man! 
En niet te vergeten die schitterende Utrechtse meiden van Divina die ons 
bijna
een half uur op één plek vasthielden met hun sirenenzang, en dat nog
zonder
dat we elk met een hand aan de mast gespijkerd stonden. En niet te
vergeten
het vlammend roodharige Gothic sterretje van Harmony Glen die 't
klaarspeelde
om jou, geharde zoutwaterbonk, een brok in de keel te zingen..
Tessel, en geen Tesselschade. On se rencontre, bien sûr!  
John." 

 

© JohnN 
Voor Hernehim Cultuur een impressieverslag van zijn deelname aan het
tweede  Midzomerschans Festival op Texel.
23 juni 2009. 

© Copyright - Eigen foto´s Hernehim Cultuur -  2009 

                       Toi & Moi 
                       een pantomime act van levende beelden op het centrale veld 

                        
                      Divina - een a capella groep van 16 vrouwenstemmen uit Utrecht

                      
                       Harmonyglen met hun eigen interpretatie van Ierse Folk 

   
 
   
Sunsation in Flevoland in de ban van de dynamiek -  20 juni 2009 -   verslag John Zwart - geplaatst 24 juni 2009 
   
Alweer de 28ste keer, het poëzie, performance en muziekpodium Festival 
Sunsation
,
in de voormalige openheid van de Flevolandse akkervelden tussen
Lelystad en het dorp
Swifterbant. Ooit gestart toen cultuurliefhebbers het 
gevoel hadden dat er nauwelijks
cultuur te proeven was op deze schaars 
bewoonde voormalige zeebodem van eindeloze
monocultuurakkers. 
Nu is dat maar betrekkelijk, het is maar wat je onder het begrip
'cultuur' verstaat.
In de jaren dat deze polders tot ontwikkeling werden gebracht kon men
ervaren
dat hier de grootste collectie nog ongeschonden historische en voorhistorische
b
odemschatten verborgen lag. 

De Amerikaanse land-art kunstenaar Robert Morris vond ergens in Oostelijk
Flevoland
een plek om een landschapsingreep te verrichten, die was 
geïnspireerd op de voorhistorische overblijfselen van zonnewende vieringen,
zoals het Schotse Stonehenge. 
Aardwallen in concentrische cirkels met daarin op zuidoost, oost en noordoost
een
vizier dat van binnenuit blik gunt op de zonsopkomst, vanaf een toen nog
maagdelijke
horizon opstijgend in het winterpunt, het lentepunt of het zomer-
punt, waarvan de zon
zich vervolgens weer terugtrekt: 

Het Observatorium. 

          Swifterbantmensen 

          Klokbekers liggen in de grond, 
          asvlek merkt het haardvuur; 
          tij vloeide zorgzaam sediment, 
          conserveerde oercultuur. 
          Onberoerd bleef het daar rusten 
          tot het opeens te kijken lag. 

          Nieuw land duikt op, dijkomringd 
          als gold het hier de jongste dag. 
          Maar dit is ouder dan het oude  
          - waar dagelijks werd rondgewroet - 
          hier toont zich even prehistorie 
          totdat die dragline graven moet. 

          © JohnN 

Geschreven b.g.v. 25 jaar Flevoland.            Gepubliceerd  in
"De Vriendenkring"
Cultuurhistorisch Tijdschrift voor Flevoland.

De astronomische en natuurbeleving is in de loop der jaren verloren gegaan.
Natuurlijk roepen presentator van het jaar, òf de jarenlange inleider Heer Bol,
nog altijd: "zon kom, Zon Kom, ZON KOM!" - wijlen Johnny van Doorn 
citerend, die dat
alweer vijfentwintig jaar geleden voor het eerst op deze plek
uitriep. 

Maar verder is het alternatieve karakter allang verloren gegaan met een
professioneel
podium, optreden door renommee's, ondersteund door de 
onmisbare techniek. Ook het
publiek heeft zich aangepast en gedraagt zich 
anders. Kwamen de oorspronkelijke
bezoekers hooguit met een kleedje of 
kussentje en een rugzakje, nu slepen de mensen
hele tuinmeubelsets mee, 
picknickmanden en koeltassen. 

                                                    Het noordoostvizier 
                                                    Zonsopgang 20 juni 2009
                                                    © Eigen foto Hernehim Cultuur 

Met flinke sponsoring kun je veel doen, maar dat betekent ook dat 't intussen
allerminst nog een laagdrempelig podium is. Een kleine tegemoetkoming is
dat ruimte wordt geboden aan de winnaar of winnares van de jaarlijkse Almere
Poëzieprijs
, om zijn of
haar 'aanstormend talent'  te komen tonen. 
Het pakt dit jaar heel eigenaardig uit, ik had
me verheugd op de komst van 
Saskia van den Heuvel, die op mijn verjaardag, de 20e
mei, tot winnares werd
uitgeroepen - de zondag ervóór was ze nog bij ons, bij Hernehim
in de Karga-
door in Utrecht. 
Maar géén Van den Heuvel, die aangekondigd wordt, Gerrit Pleijter verschijnt,
'n keurige
grijze heer, de aow-gerechtigde leeftijd al gepasseerd. Geen dichter
die je onmiddellijk
als 'aanstormend talent' karakteriseert, wel is zijn gedicht
fraai en echt poëtisch van
woordkeus. Maar in welke hoedanigheid is hij hier?
Het is me nog niet helder, ik heb zijn
portret gevonden op de website van de
Almere Poëzieprijs, maar zonder toelichting,
misschien een publieksprijs? 
Wie maakt ons wijzer? 

Het thema van dit jaar is 'de dynamiek'. Het is inderdaad dynamisch geweest -
en nòg
rond de locatie, al jaren springen overal de windturbines uit de grond. 
Sinds verleden
jaar scheert vlak langs het landschapsobject de zanddijk van de
nieuwe Hanzespoorlijn. En om de plek vanaf de snelweg te bereiken moeten we
nu opeens eerst twee grote
rotondes nemen, die uitvindingen van nieuwe 
verkeersvertragingsterreur. De lege
horizon van Robert Morris van voorheen is
ver te zoeken. 

De eregast zou Simon Vinkenoog zijn, maar Simon - die toch bijna nooit 'nee' 
zegt
tegen een uitnodiging - is er niet. Waarom, dat horen we pas halverwege 
't programma
uit de mond van Bart Chabot die het aandeel van Simon heeft 
overgenomen. Het roken
dat schijnbaar nooit invloed had op de onstuitbare 
vitaliteit van de bejaarde Vinkenoog
heeft toch zijn sporen achtergelaten in het
lichaam. Het aderstelsel in zijn benen blijkt
ernstig aangetast, dezer dagen 
moest een onderbeen van de legendarische dichter
worden geamputeerd. 
Toch zal hij weer dansen met zijn Edith, volgens Chabot, al is het
op één been
of op welke andere manier ook, want Vinkenoog's levensenergie is niet
kapot
te krijgen en 'naar omstandigheden maakt hij het goed', liet hij ons - als altijd
even
optimistisch - horen. "Je leven een vuurwerk, of niet", citeert de biograaf
van Herman
Brood, die graag komische teksten op alle ondeugden mag 
schrijven, we krijgen dit keer
een hilarisch verhaal, gemaakt  op zijn cocaïne
experimenten. 

         Gerrit Pleijter   

                              

Simon Vinkenoog gefotografeerd in Schoonoord tijdens het Drents Open
Dichtfestival van verleden jaar.
© Eigen foto's Hernehim Cultuur 

  Anneke Claus 

                              Sofie Cerutti 

 

Dit verslag verloopt niet helemaal chronologisch maar dat is onder invloed van
alle onverwachte feiten die de aandacht vragen. 
Er is nòg een ontbrekende deelnemer, Tonnus Oosterhoff, heeft zich verslapen.
Er is altijd wel een dichter die niet de avond
tevoren al naar het hotel in Lelystad
komt om liever nog wat in z'n eigen bed te kunnen slapen
maar in conflict raakt
met zijn wekker - soms kan een changement de situatie nog redden,
soms is 
de vertraging zo hopeloos dat het geen zin heeft om nog te schuiven. 
De presentatie wordt gedaan door Vincent Bijlo in duo met zijn vrouw 
Mariska Reijmerink
Thom Ummels, Sofie Cerutti en Anneke Claus, die zijn er allemaal al vanaf 
het
begin, om vijf uur. De beide dames hebben het koud. Sofie grijpt een 
onbeheerd vest,
achtergelaten door Vincent die het verwisselde voor een jas, 
tengere Anneke kleumt in haar rode trui voor een piepklein elektrisch kacheltje
naast het podium. 
De jonge Anneke Claus, is erg succesvol: de laatste tijd zie ik haar steeds 
vaker in de
aankondiging van podia door het hele land. Zij werd kort geleden 
gekozen als de nieuwe Stadsdichter van Groningen
Sofie Cerutti vertegenwoordigt de nieuwe trend van sms-
poëzie, korte gedicht-
jes ingekaderd binnen het schermpje van de mobiele telefoon van
160 tekens, 
spaties inbegrepen. 
Thom Ummels behoort tot de 'founding fathers' ;van dit festival. Vorige maand
verscheen
van hem bij Uitgeverij Contrast zijn bundel "Stilte en storm"

Heel veel in het overig programma is poëtisch muzikaal of muzikale poëzie, 
hoe je het
maar wilt benoemen. Mariska Reijmerink zingt een gedicht van 
Emily Dickinson, zichzelf
begeleidend op de piano: 
This is my letter to the world. Het trio Drie eilanden brengt
gedichten op
muziek met zang van Dick Vestdijk: Lucebert, Marsman en Slauerhoff: 
Alleen in mijn gedichten kan ik wonen, allemaal goed verstaanbaar met 
heel heldere
stem gezongen. Mark Boog staat met 4 man op het podium, 
inclusief hemzelf. Hij zingt
begeleid door zijn muzikanten zijn eigen gedichten,
o.a. uit de bundel Encyclopedie van de
Grote Woorden: Geluk en Liefde. 
Maurice Buehler wordt ook omringd door een band,
met een knipoog naar het 
thema dynamiek: "Poetry in motion"

De twee pure muziekitems die er uit springen zijn No blues met een prachtige
mix van donkere bluesklanken gemixt met de heldere tinkeling van de Arabische
ud - zij treden
in de eerste helft van het festival op, het slot komt voor rekening
van Roosbief met haar
band. 
Een knappe synthese van 'naieviteit' met professioneel muziekmaken, die ik 
fijner ervaar om 'live' te horen dan zoals eerder gehoord via radio of  tv.. 
Een meisje met pit
die ik zonder aarzeling in het volgende rijtje toevoeg: 
Nienke Laverman, Wende Snijders,
Leine. Allemaal getalenteerde jonge 
zangeressen met verschillende stijlen die ik het eerst 'live' hoorde op een 
poëziepodium

© John Zwart - 23 juni 2009 

           Hoofdrekenen (een en een) 

          Idealiter schaffen we het af. 
          Dat ene woord. Gewoon niet meer gebruiken. 
          Twee lettergrepen. Klinkt als: KRIE. 
          Van de krekel. En: SUS. Als de zoon van God. 

          De lippen eerst terugtrekken, daarna tuiten. 
          Dat nooit meer doen. Hoogstens voor 'wiedes'. 

          Het verschil zal direct te merken zijn. 
          Aan den lijve. De beurs voelt zwaarder op de borst. 

          Geld is een afspraak. Vooral aan houden. 
          Anders lost het op. 

          Hij gaf mij het zwaarste woord. 
          Hij hoefde er niks voor. Twee lettergrepen. 
          De lippen eerst terugtrekken, daarna tuiten. 

          Het werd vreselijk licht. Wij hielden onze adem in. 
          Eén voor een losten alle andere woorden op. 

          Anneke Claus 

 

          raak me aan 
          raap me op 
          breek me open 
          sluit me af 
          eet me op 
          trap me stuk 
          gooi me neer 
          raak me kwijt 
          zet me bij 
          bewaar me goed 
          verzamel me 

          Sofie Cerutti

 No blues - Synthese van Amerikaanse en Arabische stijl 

Roosbief - Puurheid en naïviteit uiterst professioneel 

  © Eigen foto's Hernehim Cultuur 
 
   
Haarlemse Dichtlijn -  31 mei 2009 -   verslag John Zwart - geplaatst 3 juni 2009 
 
De Haarlemse Dichtlijn is al een Pinkstertraditie aan het worden. 
Het is een initiatief dat voortkwam uit de maandelijkse donderdagavonden in 
Taverne de Waag aan het Spaarne, op de hoek van de Damstraat. "Woorden
in de Waagschaal"
is de kreet die de lading van een open podium vol poëzie,
proza, muziek en interviews moest dekken, bedaard en bedreven in goede
banen geleid door Dries Havermans
Telkens een seizoen lang vanaf de herfst tot aan de afsluiting in deze zelfde
meimaand. Dat podium in de Waag is in wezen al een voortzetting van iets
wat eerder begon in Café Snaefell. De "Dichtlijn", kwam tot leven in hetzelfde
jaar dat de Waag vaste stek werd, in 2004. Haarlemse dichters hingen toen
hun pennenvruchten buiten op aan een waslijn. 
Overigens heeft die Waag al een roemruchte cultuurhistorie, Cobi Schreier 
verzamelde er al muzikaal talent in de jaren zestig. 

                            

Nu is de Dichtlijn een evenement met een festivalkarakter geworden dat stevig
op de benen staat. Die conclusie mag je wel trekken bij de vijfde jaargang, 
die liefst negentig
dichters uit het hele land weet aan te trekken. 
Aangespoord door Dries Havermans en Sonja Kagie, ga ik op de Pinkster-
zondag voor
de tweede keer meedoen. Door de vrolijke en ongedwongen 
sfeer en het decor van de
mooie historische binnenstad van Haarlem, heb ik
deze keus opnieuw gemaakt en zal ik
het Pinksterfestival Vurige Tongen op
Ruigoord aan me voorbij laten gaan. Op zulke
dagen is de wereld veel te groot
voor een enkel mens, zelfs als je die beperkt tot
Amstelland-Kennemerland. 

 

Net als op de ochtend van Pinksterzondag 2008 ben ik al wakker op het 
moment dat
mijn radiowekkertje afloopt, door de zon die mijn gezicht 
beschijnt door een kier van
het gordijn. Vroeg op weg, want stranden en 
allerlei festijnen zullen heel wat auto's
aanlokken. 
Honderdvijftig kilometer moet ik er voor rijden - een mens zijn hobby is zijn 
lust en zijn leven - net als van de zeilers die mij overal voor bruggen met
opstaande klep
laten wachten. 
Op de Afsluitdijk is het helemaal mis: verleden jaar groot onderhoud aan
de
bruggen, deze zomer wordt tot augustus gewerkt aan de Lorenz én de Stevin
sluizen.
Files voor de wegverleggingen én een sluis vol bootjes en een paar
echte schepen, die allemaal de Waddenzee op
willen. Ruim de tijd om al
wachtend een broodje te eten en koffie te drinken.

Zeilers die mij overal voor bruggen met opstaande klep laten wachten

Warm en moe stort ik mij te Haarlem de Appelaar parkeergarage in, nog
juist tien minuutjes respijt om de opening in de Vishal mee te kunnen 
maken. 
De Vishal, een van de schilderachtige aanbouwsels van de grote St.Bavo
kerk, die er
temidden ligt als een kip tussen haar kuikens. Er wordt allang
geen vis meer geveild,
het is een expositieruimte voor beeldende kunst 
geworden, prachtig licht valt door het
glazen dak. Glazen dak? Ja, en nu
er een paar honderd mensen zich verdringen rond
het midden, waar de 
journalist-dichter-schrijver Nuel Gieles zijn openingsspeech laat horen 

voelt het aan als de tropische kas van de Hortus in Amsterdam. 
Maar laat ik niet die
vervelende Hollander zijn, die altijd iets te mopperen 
heeft, óók als de zon eindelijk
eens heerlijk schijnt, laat ik vooral positief
zijn. 
De speech van Gieles is geestig en gevat, hij heeft er heel wat herkenbare
dichtregels
in gestopt die met zijn proza net weer een andere richting gaan
dan je dichtersgeheugen
doet verwachten, Nijhoff en Beets komen hier 
nog even tot leven. 

En Haarlem heeft een nieuwe stadsdichter: Sylvia Hubers, die bij haar 
benoeming van
dichter-goudsmit Wim Groenhart een prachtig sieraad 
opgespeld gekregen heeft, in
de vorm van twee initialen.H en S dooréén
gevlochten - de H van Haarlem waar
doorheen zich de S van het Spaarne
kronkelt. Maar net zo goed háár eigen initialen,
zelden gezien dat een 
stadsdichter in naam zo'n eenheid met de stad vormt 

In slamcafé Cicero schijnt ooit het woord "pantykousje" gevallen te zijn, 
als de ultieme
lustafknapper. Zoals in Duitsland een kledingstuk gelijkend
op de ooit populaire hotpants, maar dan als gebreide wollen onderbroek 
gedragen, de bijnaam "Liebestöter"
kreeg. Zo is de Haarlemse Liebestöter
dus het "pantykousje", dat woord mag
gedurende de rest van de dag niet
gebruikt worden. 
P.M. Delèfre heeft een lied
geschreven voor deze dag en laat dat lied nu
juist over... pantykousjes gaan!. 
Gelukkig gaan we nu de buitenlucht in, daar stelt het dweilorkestje 
"Huiskamergeluk"
zich op om door de binnenstad te meanderen van de ene 
dichtlijnlocatie naar de andere dichtlijnlocatie,
en zo worden alle dichters
naar hun voordrachtstek geleid. 

... 
en langs Spaarnes boorden
gaat een lijn die zoemt van woorden 
die weten ruilt voor diep ervaren 
van heilloos in de verte staren 
tot bijkans een liefdevol gevoel 

  De Vishal 

Nuel Gieles opent met zwier 

Huiskamergeluk

       We wandelen tussen het flanerend publiek door over Vismarkt en Klokhuis-
plein naar
de Damstraat waar ik een plekje zoek op het terras van Café Koops
 - het is veel te
mooi weer om binnen te gaan voordragen - ik ben niet bang
voor buiten lezen zonder
microfoon. 
Ons groepje voornamelijk grijze heren, 50, 60 zelfs 70 plus, ook twee
dames,
gelukkig wat jonger. De van oorsprong Bosnische Sanja Percela, die eerst 
oorspronkelijke gedichten uit het Servo-Kroatisch naar het Nederlands 
vertaalde,
maar nu ook direct in het Nederlands dicht, en Jacqueline Duurland,
die een fascinatie heeft voor de Amerikaanse schilder Hopper. Jos Zuijderwijk
uit Amsterdam,
onvermijdelijk met baseballcap, verder herken ik Louis 
Lazaroms
van een eerdere
ontmoeting in de Waag. 

Tussen de poëzieblokjes door kunnen we genieten van het virtuoze 
accordeonspel
van Roelof Ruis, heel wat anders dan het gejengel door de
daklozen voortgebracht bij
de ingang van onze supermarkt. 

Dichters bij Café Koops in actie 

                    Autist 

                    Als je hoger moet zingen 
                    ga je op de tafel staan. 
                    Je spreekt te hard en eentonig 
                    alsof je niet geniet. 
                    Als je echoot 
                    ben je nauwelijks te verstaan. 
                    Wat je niet ziet 
                    is er niet. 
                    Je leeft je eigen leven en 
                    spreekt je eigen taal 
                    maar ik weet het, 
                    jij bent geniaal 

                                                   Louis Lazaroms 

 

Zoals Hopper dichten 

Zoals Hopper dichten, 
zo dat je eenzame kamers ziet 
met kille kleuren en bleek licht. 
De secretaresse die niet bukt, 
de doorzakker die niet drinkt 
en de echtgenote die niet neukt. 

Zoals Hopper dichten, 
zodat huizen zich openen 
en primaire tinten spreken. 
De vrouw die aan het venster wacht, 
de trein die aankomt 
en de verf die de tijd tart. 

                                             Jacqueline Duurland  

 

Ik neem even een 'time-out' om ook nog wat dichters op andere locaties
te gaan beluisteren. "Letters" is vlakbij, een horecalocatie in de voormalige
drukkerij van
Joh. Enschede&Zn. Hier zagen vroeger al onze nieuwe bank-
biljetten en postzegels het levenslicht. 
In de lounge daar een groepje geheel gedomineerd door dames, waar
ik als
uitschieters Jeanne Wesselius uit Amsterdam beluister en Gusta Bastian,
die me
wat macabere poëzie laat horen. 
In de Waag hoor ik Willem Brand en Sylvia Hubers, wissel er een groet 
met John Broekhuis. Dan wil ik eigenlijk nog even snel met het bootje 
'de Waaghals' naar
de molen 'de Adriaan' meevaren, waar ik Joop Scholten
weet en Frans Terken uit
Leiderdorp, maar het bootje heeft helaas vóór half
vijf de veerdienst al gestaakt. 
Een interessante locatie had ook het Archeologisch Museum geweest, waar
de
oude Hr Aachenende, Koos Hagen, Max Lerou uit Den Haag, Pandorra
en Pom Wolff samen een interessant gevarieerd dichtersgezelschap vormen,
maar daar nog
heen te lopen, dat wordt nu te laat. 
Ik moet terug voor de afsluiting voor Café Koops. Daar kan ik nog 'met verve'
mijn
gedicht: 'Onderhuurders' laten klinken. Een mooi besluit na de middag
die ik begon
met 'Hoe zal het Haarlem gaan', mijn bijdrage aan de door de
Haarlemse Dichtlijn uitgegeven jubileum bloemlezing. 

Letters 

             

             Schoon, blauw 

             De wereld werd wakker, schoon, 
             blauw. Ik kookte een ei. De buurman 
             liep in zijn tuin. Ik kon niet zien waarheen 
             waarvoor. In het kleine universum 
             werd mijn kerel wakker. Hij draaide 
             zich om. 

             Er was een balans in deze dingen. 
             In precies afgepaste hoeveelheden 
             deed het leven zich aan mij voor. 

             Precies. En mooi. 

            Ik had nog net wat zout
            op mijn ei kunnen strooien. 

            Meer van deze dingen 
           zou alles hebben verklooid. 

                                                   Sylvia Hubers 

 

De jager op zijn fiets 

Zie de jager op zijn fiets, 
de generaal van zijn eigen 
eenmansleger. 
Hoe voller zijn tassen, 
hoe leger zijn hoofd. 

Zingevende Zen 
of mediterende tik. 
Hebben wij niet allemaal 
een blinde vlek en nooit genoeg? 
Wie niet jaagt, wie niet leeft. 

Zie de jager op zijn fiets 
voortgedreven straat na straat 
gaat hij en geeft al 
wat in zijn ogen bruikbaar is 
het liefst het eeuwige leven.

                                    Willem Brand 


Napraten en genieten in de Vishal 

We gaan nog even een paar drankjes genieten in de warme vishal, zonder
warme vis. 
De drie prijswinnaars van de schooldichtwedstrijden worden geëerd en ze 
mogen hun
winnend gedicht voor de microfoon laten horen aan een publiek
dat voor 80% uit
dichters bestaat. Dries Havermans reikt de prijzen uit in 
gesloten dikke enveloppen. 
Het valt mij op hoe zelfbewust de Haarlemse dichtende jeugd is, op die 
leeftijd in
hun plaats had ik ongetwijfeld beschroomd staan hakkelen. 

Hannes Kuiper, met zonneklep, heeft buiten een schilderij gemaakt tussen
de klok
van één en vijf uur, onder impressie van de Haarlemse Dichtlijn. 
Het doek wordt bij
opbod geveild met opbrengst voor een goed doel. 

Vanuit enkele leden van het orkestje Huiskamergeluk heeft zich tenslotte
een
dixieland formatie gevormd en zo eindigt de dag in dans en gezellige 
prietpraat. 

© John Zwart - 2 juni 2009 - voor HC 

 

Foto´s © Hernehim Cultuur - eigen fotomateriaal 

   
   
Hernehim in de Kargadoor - aflevering 1 van 17 mei 2009 -   beknopt  verslag - geplaatst 21 mei 2009 
   
Voor een eerste aflevering in een serie van drie dit jaar, in een voor ons
nieuwe stad, kunnen we tevreden zijn over de Hernehim Cultuur 
Zondichtmiddag van 17 mei. 

We hadden ruim 30
mensen binnen in de Werfkelder op Oude Gracht
no.36 waar goede dichters en sfeervolle
gitaarmuziek klonken. 
Vijf genomineerde dichters voor twee HC Gedicht van de Maandprijzen 
stonden in het eerste
deel voor het voetlicht. Anneke Wasscher met 
"Alleen" - Nina Werkman met "wat hij liet" - Jos Versteegen met 
"Gewond" konden gedrieën hopen op de prijs voor het thema "Gemis' 
(februari). De uitslag bracht blijdschap voor Nina Werkman uit Groningen. 

Hier volgen het winnende gedicht en het juryrapport van Jos van Hest 

wat hij liet 

Nu nog een doosje maken met een zijden voering, 
de plaats bepalen voor het absolute oor, de warmte, 

handen die houden, het toveroog dat alles ziet. Al wat 
zich achter dag en daad verstopte, wat niet geworden 

is of al geweest, het visioen van hoe het klopte: geen 
schaduwen dan haasjes op behang; de vrede van 

Tiberias, regels die adem gaven, de schommel zang 
en hemelvaart; een eeuwig later waarin het voor- 

goed ging komen, met al wat heel en evenwaardig, 
wat eigen aardig, een leven lang in orde was. 

Een poosje blijven in het zachte gras en dan wat 
pijnlijk overschiet begraven, voor altijd in het hart, 

woorden van dood en dromen; dat ik zijn moeite loon 
en nu alleen verwachten wat hij liet. 

Nina Werkman 

"Wat een geheimzinnig gedicht! Met regels waar je meteen een
associatie bij
krijgt, die per onmiddellijk een beeld bij je oproepen. 
En ook met regels die
dat niet hebben, die ‘open’ blijven, maar op een
aangename manier open. 
Een gedicht dat prikkelt om tot in de puntjes begrepen te willen worden,
en
tegelijkertijd een gedicht dat door mag stromen zonder dat alles op
een vaste
plek hoeft te vallen. 
Een buitengewoon vrolijk en speels gedicht, ook een muzikaal gedicht
dat
klinkt, mede door zijn verstopte rijmklanken (liet / ziet; verstopte / 
klopte; behang / zang; evenwaardig / eigen aardig; overschiet / liet; 
adem gaven / begraven)
en onnadrukkelijke alliteraties (leven lang; 
dood en dromen; dag en daad; handen die houden; geworden / geweest).

Een wonderlijk aspect van het gedicht is de tijd waarin het zich afspeelt:
er is
een wisseling van tegenwoordige tijd en verleden tijd, een 
verschuiven van
wat er moet gebeuren (in de eerste regels) naar wat er
was, naar een toekomst
die herinnering is tot een laatste regel waarin
het nu, de toekomst en het
verleden samengaan. Het gedicht begint
met Nu nog, tegen het eind duikt de
tijdsbepaling een leven lang op, 
onmiddellijk gevolgd door Een poosje.
Er is sprake van een eeuwig 
later waarin het voorgoed ging komen, en van
een nu alleen verwachten
wat hij liet. 
Al die wisselende tijdperspectieven maken het gedicht enorm 
intrigerend." 

Jos van Hest  

Opnieuw Anneke Wasscher met "historie"- Daan de Ligt met 
"Atlantikwall - Frouke Arns met "rad van fortuin", als de kanshebbers
voor de prijs voor het thema "Historie" (maart). 
Hier was de uitslag gunstig voor Daan de Ligt uit Den Haag. 

Hieronder het winnende gedicht en opnieuw een juryrapport. 

Atlantikwall 

er ligt een oude bunker onder 't zand 
men zegt: hij is vervallen en verlaten 
toch hoorde ik er iemand zachtjes praten 
een herfstdag, er was niemand op het strand 

er ging een steen opzij, er kwam een hand 
en even later zag ik twee soldaten 
ze oogden traag, hun legerjas vol gaten 
ze klommen over de betonnen rand 

er huizen schuwe geesten in dit land 
gerezen uit de schrijnen der fanaten 
ze nemen 's nachts bezit van onze straten 
en kalken vreemde tekens op een wand 

Daan de Ligt 

"In drie kwatrijnen met het omarmend rijmschema abba en met 
slechts twee
rijmklanken, mannelijk en vrouwelijk, komt het beeld van
een bunker letterlijk
tot leven. Als in een droom klimmen twee al langer
dan een halve eeuw dode
maar nog immer levende soldaten in slow
motion uit een bunker, uit hun graf,
onder het zand vandaan. 
Twee schimmen verrijzen uit het verleden, eerst hun
stem, dan hun 
hand, dan hun jas; ze worden levend in nachtelijke straten van
nu, 
in nachtelijke hoofden van huidige dromers voor wie de oorlog niet is 
afgelopen. 
Het is een mysterieus, onrustbarend gedicht dat nachtmerrieachtige
 trekken
krijgt. Vooral de laatste regels zijn in dit verband zeer onheil-
spellend. Na meer
dan zestig jaar kalken de soldaten hun leuzen op
een muur; wat ze precies
schrijven blijft in het gedicht onleesbaar, 
maar dat het niet anders dan woorden
van weerstand zijn, 
schrikbarende tekens die gevoelens van onbegrip en
schuld oproepen,
lijkt duidelijk. 
Het gedicht wordt regel na regel, kwatrijn na kwatrijn steeds beter, 
niet alleen
qua beeld maar ook qua klankkleur. Het eerste kwatrijn is
nog wat braaf, een
inleiding waarin een omgeving met een historie 
wordt neergezet; in het tweede
kwatrijn valt het accent op de spook-
achtige, sinistere gebeurtenis die daar
plaats vindt; in het derde 
kwatrijn wordt dat vervreemdende beeld nog intenser
en krijgt het een
nog grotere geldigheid. Het gaat daar niet meer om twee
soldaten 
maar om tal van schuwe geesten die opdoemen uit de schrijnen der
fanaten
en die de levende lezer ter verantwoording roepen." 

Jos van Hest 

De muziek werd verzorgd door Mooncrow en de presentatie was in
handen van Jet van Swieten
Van Jos Versteegen en Nina Werkman verschenen recent bundels 
waarover in vervolggesprek
vragen werden gesteld. Nina heeft zelfs alweer
een nieuwe bundel die nog op stapel staat, maar in de loop van dit jaar
uitkomt bij Uitgeverij Holland in de Windroos reeks. Van Daan de Ligt 
kwam een tijdje terug, in 2007, een laatste bundel uit. 

Verder werden er na de pauze ook gedichten gelezen door:
Monica Boschman, dhr. J.C.Aachenende, Simon Mulder, Leonice 
Leite da Silva, Hiltje Hettinga
en Anke Leenders
John Zwart had nog een toegift. Hij las een gedicht dat hijzelf bijdroeg 
aan het project "Poëzie
in het Park" van Amsterdam Wereldboekenstad
2008/2009. Hij liet zien hoe moeilijk een
willekeurige Amsterdammer het
een dichter maken kan, wanneer hem wordt gevraagd een dichtregel
op 
te geven... waar de dichter vervolgens binnen een paar dagen 'n compleet
gedicht rond dient te
creëren. De dichtregel die een Bijlmerbewoner hem
verschafte voor Poëzie in het Bijlmerpark luidde: "beter voorkomen dan 
oplopen". 
Toch lukte het binnen de limiet een gedicht te schrijven! 
Verder werd nog de aandacht gevestigd op het vertaalproject, waarin een
Nederlandse vertaling kan worden ingezonden van een gedicht van Dylan
Thomas
, die voorgedragen mogen worden op het volgende podium van
Hernehim Cultuur in Utrecht, 23 augustus

De mensen die hebben opgetreden, zowel als het publiek dat alleen maar
kwam om te luisteren, allen
waren zeer tevreden. We gaan vol goede 
moed naar de 23e augustus! Het was zeer de moeite
waard en het gaat 
wéér mooi en boeiend worden. En evenals 17 mei: de entree steeds gratis.
Een meer uitgebreid verslag volgt morgen op de pagina "Activiteiten" 

© Hernehim Cultuur - 21 mei 2009 

Foto´s © Hernehim Cultuur - eigen fotomateriaal 

 
   Anneke Wasscher (Groningen) 


   Jos Versteegen (Amsterdam) 


   Nina Werkman (Groningen) 

  Daan de Ligt (Den Haag) 

 
   Frouke Arns (Nijmegen) 

   Presentatie 
   Jet van Swieten (Nieuwegein) 

 

   Muziek 
   Mooncrow (Utrecht) 

 
   Dhr.J.C.Aachenende (Amsterdam) in de pauze in gesprek met
   Loes Essen (H.C. Redactie)

. 
   Simon Mulder (Amsterdam) 

   
   
   
Verjaardagsgedichten -   aanvulling op ons bericht over de jarige OBA hieronder - geplaatst 8 mei 2009 
Zou OBA directeur Hans van Velzen eventjes op deze site hebben gelezen,
wat wij ervan vonden? Van de voordragers op 2 mei, waaruit een keuze 
moest worden gemaakt voor het feestprogramma van 16 mei als afsluiting
van OBA-90 in het Theater van 't Woord?. 
Vandaag kregen vijf (niet drie) mensen de uitnodiging om daar op 't podium
hun ode nogmaals te laten horen. De lijst wordt aangevoerd door Leonice 
Leite da Silva
en Paul Roelofsen. Verdere namen: Tenny Frank, Martin 
van de Vijfeijke
en David Kraal

Het programma vermeldt voorts optreden van Mustafa Stitou, stadsdichter
van Amsterdam, die ook zijn speciaal voor de OBA geschreven gedicht 
zal voordragen. Zijn gedicht "Tempel" zal tevens op een wand in de entree
worden aangebracht.
Schrijfster Renate Dorrestein komt vertellen over en lezen uit haar nieuwe
roman "Is er hoop". De presentatie is in handen van Martijn Donders en er
is muziek van Danny van Kessel (piano) en Sanne Landvreugd (saxofoon).
Voor meer informatie verwijzen we onze lezers graag naar de OBA site

Mustafa Stitou 

© Eigen foto's Hernehim Cultuur 

 

       Tempel 

Keer deze tempel de rug niet toe
hier strijken talrijke goden neer 
van ademende waarheden is deze tempel vergeven 
hier bespreekt het brein het brein 
bezingt wonder wonder en tegen wonder 
hier wordt de beul bestudeerd en de bij 
er staan heelallen op de planken 
droefenis stelpende alfabetten 
de letters der ketters vliegen klapwiekend op 
de rede beent over het water 
hier kwijnt de kwelgeest weg 
autocraat wordt onttroond kind gekroond 
(schedels in de regen schedels in de zon) 
hier wordt betekend benevens beneveld 
kan men hier sterven leren en leven? 
hier stokt het hanige heilige woord 
het eindvonnis wordt versnipperd hier 
keer deze tempel de rug niet toe

Mustafa Stitou - Stadsdichter van Amsterdam 2009 

   
Verjaardagsgedichten -   een extra Open Podium van de jarige Openbare Bibliotheek Amsterdam - geplaatst 6 mei 2009 
   
Niet de laatste zaterdag van de maand, maar de éérste op 2 mei, een 
ongebruikelijke dag, kwam een aantal dichters bijeen op het Cultuurplein op
de tweede étage van de OBA. 
De reden was de uitnodiging van het Open Podium om een serie gedichten
te schrijven op de viering van het 90 jarig bestaan van deze Amsterdamse 
bibliotheek. Jos van Hest introduceerde de mensen en voerde een gesprekje
met hen, zoals dat ook altijd gaat op de 'gewone' Open Podium bijeenkomsten.
Deze keer werden alle voordrachten aandachtig gevolgd door bibliotheek-
directeur Hans van Velzen, die ijverig aantekeningen maakte. Op hem rustte
de taak om een drietal gedichten te selecteren voor het eindfeest in het 
Theater van 't Woord op zaterdag 16 mei

Er was dus eer te behalen. Eén deelneemster leek te pogen de directeur te
willen hypnotiseren, geheel afgewend van presentator Jos van Hest en het 
overige publiek - wat bij hem uitlokte tot de terloopse opmerking dat er óók 
nog anderen aanwezig waren. Vergeeflijke hilariteit. 
Het publiek was niet zo talrijk als we dat op de vaste OBA-OP dagen gewend
zijn, 't waren voornamelijk de deelnemers met vrienden, vriendinnen of partners.
Misschien was het niet genoeg bekend, anderzijds lokt een voordrachtmiddag,
die uitsluitend op de OBA verjaardag als thema is gericht, niet sterk genoeg,
zolang buiten de lentezon schijnt. 

Toch waren de verschillende invalshoeken boeiend genoeg en Jos wist van 
een tweetal bijdragen een leuke act te maken door een parodie op het bidden
van het Onze Vader en zijn expressieve voordracht van een leuke dadaïstische
bijdrage als vrolijk slot. 
U merkt het, het was wel degelijk een amusante middag. 

Nog steeds groeit het aantal deelnemers van niet-Nederlandse origine. Deze
mensen weten vaak een veel persoonlijker inhoud te geven aan zo'n thema 
als 'Jubileum van een Instituut' dan de autochtone dichter. Soms is hun 
hartstocht zó groot dat Jos van Hest uitroept: "nou zeg, kan het niet een onsje
minder?" Strofen langs historische lijnen waren er natuurlijk ook, vooral door 
de Amsterdammers en andere Nederlanders. Maar vaak door de tijdgeest even
aan te raken met een detail, zoals het leesverbod van sommige boeken in de
oorlog, het inschrijven van uitleenkaarten met de kroontjespen, de metafoor van
de bibliotheek gezien als een boekenmolen, herkend in het gebouw. 
Dhr. Van Velzen moet kiezen, dat blijft altijd een moeilijke taak. Wij willen 
hem zeker niet beïnvloeden, maar - zonder suggestief te zijn - hebben wij een
tweetal uitgekozen uit alle poëzie die ons die middag heeft aangesproken.

© John Zwart - voor Hernehim Cultuur, 5 mei 2009 

   
OBA 90 

Ik ben geboren in de librije 
niet de voorraadkamer van de keuken 
ik leed honger maar leerde wat 

van een manuscript dat zei: 
wie opgaat in boeken 
zal verstand, fantasie en gevoel ontwikkelen 
en daar een soep van maken 
die over negentig jaar nog 
en naar meer smaakt 
op de zevende verdieping, lees hemel. 

 

© Paul Roelofsen 

 

Bij jou 

Ik ken je niet zo lang 
Maar bij jou, voel ik me thuis 
Een veilige plek… 
Heel fijn… 

Open en warm ben je voor mij 
Zo warm als een moeder 
Jij weet alles of bijna alles 
En ik heb veel met jou gelezen. 

Je accepteert me zoals ik ben 
Ik accepteer je zoals jij bent 
Nu ben je negentig! Bijna een eeuw 
Jij bent een geschiedenis geworden. 

 

© Leonice Leite da Silva 

 

 
 
Een nieuw vertaalproject van Hernehim Cultuur -  1 mei 2009  Redactie HC - geplaatst 2 mei 2009 
   
Tijdens de regenachtige late herfst van 2008 kwam bij de redactie het
idee op om het ultieme regengedicht - van Verlaine, in originele Franse
versie - als een vertaalproject aan onze dichters-lezers voor te leggen. 
Een 'uitdaging', zo noemt men alles tegenwoordig modieus, jammer dat
daardoor dit woord zo afgesleten is. 
Hoe dan ook, een flink aantal van de HC dichters pakten het op, en 
serieuzer dan we hadden durven hopen. 
Genoeg reden om het nog eens te doen. Na een half jaar willen we 
de dichters met vertaaltalent uitdagen om het gedicht 
'Do not go gentle into that good night' 
van de Britse dichter Dylan Thomas (Swansea, Wales) te vertalen. 
Drie maanden heeft u de tijd om in te zenden. In ons podium van 23 aug.
in Utrecht willen we een aantal van de vertalers uitnodigen om voor de
microfoon het resultaat voor te dragen. Misschien de eerste op 17 mei al?

Een project voor de tijd van lange lichte avonden tot de nacht valt: 

 

Do not go gentle into that good night 

Do not go gentle into that good night,
Old age should burn and rave at close of day;
Rage, rage against the dying of the light.

Though wise men at their end know dark is right,
Because their words had forked no lightning they
Do not go gentle into that good night.

Good men, the last wave by, crying how bright
Their frail deeds might have danced in a green bay,
Rage, rage against the dying of the light.

Wild men who caught and sang the sun in flight,
And learn, too late, they grieved it on its way,
Do not go gentle into that good night.

Grave men, near death, who see with blinding sight
Blind eyes could blaze like meteors and be gay,
Rage, rage against the dying of the light.

And you, my father, there on the sad height,
Curse, bless me now with your fierce tears, I pray.
Do not go gentle into that good night.
Rage, rage against the dying of the light.

 

 

 

   Dylan Thomas  

Cigarettes and whiskey... 

   
 
 
De Eijlders Dichtmiddag van april -  19 april 2009  Verslag van John Zwart - geplaatst 30 april 2009 
   
Amsterdam -
Tijdens de Culturele Bazaar, het laatste weekend dat Amsterdam het 
feit nog kon vieren dat zij Wereldboekenstad was - wás ja, 't is alweer
voorbij - brachten we van Hernehim Cultuur nog een snel bezoek aan
Eijlders bij het Leidseplein. 
We waren druk deze dagen, in de aanloop naar een nieuwe maand, met
een nieuw thema op Hernehim Cultuur: "helden", in de aanloop naar de
eerste aflevering van ons nieuwe 'live' podium in Utrecht. (zondag 17 mei,
notéér die dag!). Maar Eijlders wilden we in de late middag van 19 april 
toch niet missen. Een recordaantal dichters - het leek wel of bijna alle 
stemmen die daar de laatste jaren klonken te horen zouden zijn - gingen
poëzie lezen. Niet van henzelf maar van andere, gerenommeerde dichters
die ze bewonderen. 

 

De lentezon had de mensen naar buiten gelokt, naar de terrassen, de
pleinen en de parken, maar alléén al het grote aantal van 35 deelnemers
zorgde ervoor dat er flink veel volk kwam opdagen voor de belangrijkste
deelnemer "met stip": dichter Pom Wolff. Hij was de volgende in de rij 
van trotse uitverkorenen die er op kunnen bogen een 'Eijldersbundel' te 
mogen samenstellen. 
Niet allen hielden zich aan de suggestie van de organisatoren om vooral
liefst poëzie van anderen, in plaats van zichzelf, voor te dragen. Maar de
deelnemers die zich daar wel aan hielden kwamen met prachtig werk van
beroemde namen zoals J.C.Bloem, Jan Hanlo, Hans Andreus, Jan Arends
Wislawa Szymborska en Jan Slauerhoff, dat zijn degenen die ik mij zo 
gemakkelijk herinner. Opmerkelijk veel dode dichters - van alle alleen 
Wislawa Szymborska nog in leven - wat hoopgevend is voor de overlevings-
kracht van het klassieke gedicht in een tijd waarin hermetische gedichten
in vrije vorm bon ton lijken te zijn. 
Pom Wolff in actie  Sander Koolwijk voor 't eerst in Eijlders
Van de mensen die zich vóór het plechtige moment van de presentatie 
van de bundel lieten horen waren er enkele op uitnodiging van Pom Wolff
gekomen: Karlijn Groet, naar wie door hem consequent wordt verwezen
als de dichteres 'met de gekwelde lip', Marc Tiefenthal uit het bevriende 
Antwerpen en slam-collega Sander Koolwijk
Ook Friesland ontbrak niet ondanks de weinig vleiende wijze waarop Wolff
zich meestal over de Fryske poëzij pleegt uit te laten: "gedichten in het
onverstaanbaars". 
De 'éminence grise' van de Amsterdamse dichters, de hr. J.C.Aachenende
ontbrak evenmin, we verheugen ons erop dat wij hem op 17 mei ook gaan
horen in Utrecht. Ook Frouke Arns, die we tot voor kort alleen kenden als
Juveneva, was er. En ook zij komt op 17 mei naar de Kargadoor als één van
de kanshebbers op de Hernehim Cultuurprijs voor 't Gedicht van de Maand.
Frouke Arns 
  Pom Wolff heeft zich bij de keuze uit zijn werk voor de bundel 'De ziekte 
van Guigelton'
allerminst terughoudend gedragen. Er staan juweeltjes in uit
zijn productie van recente jaren, sommige vaak en graag gehoord op vele
podia, de meeste ook al eens gelezen op zijn eigen website Pomgedichten.
De gedichten van Pom Wolff geven je beurtelings een onverwachte oorvijg, 
laten soms schrikken en dan weer is er een tedere streling. Hij weet met 
korte fragmentarische verzen wezenlijke emotie op te roepen, of op zijn 
minst je tot herlezen te brengen en aan het denken te zetten. 
Wat ik in zijn proza mis, vind ik volop in zijn poëzie. 
Blijf vooral dichten Pom! 

© John Zwart - voor Hernehim Cultuur

Foto's: Eigen foto's Hernehim Cultuur   
 
   
Het laatste weekend Amsterdam Wereldboekenstad - 18 - 19 april 2009  Geplaatst 21 april 2009 
   
Vorig weekend sloot Amsterdam het Wereldboekenstadjaar af met het 
laatste interactieve element: een veelzijdige Culturele Bazaar in de 
fraaie Tolhuistuin aan de Buiksloterweg, direct gelegen aan de plek waar
GVB pontjes de fietsers en wandelaars van Noord met Centrum verbinden
en omgekeerd. Vooral het weer was een enorme positieve factor voor dit 
schitterend besluit: door de lentetuin werden we begroet met kleurige 
tulpenperken, uitbundig roze prunuskruinen en nog veel meer andere 
blijmakende bloesembomen. 
Amsterdam Wereldboekenstad had de formule van de Poëzie in het  Park-
reeks van afgelopen zomer weer eens tot leven gebracht - met een paar
publiekstrekkers als Stadsdichter Mustafa Stitou, schrijfster en 
columniste Nelleke Noordenvliet, bestsellerschrijvers Suzanna Jansen
en Herman Koch - met poëzie aan de wasdroogmolen, wapperend in het
windje - met poëzie bungelend aan de bomen - met een podium voor de
resultaten van een poëtische internationale studentenuitwisseling - met 
werk uit workshops. Maar voorál met Dichters in het Gras, een flinke 
afvaardiging van de vele tientallen dichters, die in de loop van het vorig 
seizoen geheel belangeloos aan de evenementen in al die Amsterdamse
Stadsparken hebben bijgedragen. Dichters die de poëzie heel dichtbij de
mensen brachten in de betrekkelijke rust van één van de tien Stadsparken
uit de reeks, in een intieme sfeer vanonder een parasolletje. 
Affiche voor Frankendael 
met een dichtregel van Annie MG Schmidt. Dezelfde  foto staat
model voor het omslag van `Het beste van Poèzie in het Park` 
               
                Met poèzie bungelend aan de bomen 

Telkens waren vooral de omwonenden - de dagelijkse gebruikers van de
Amsterdamse parken - er tevoren bij betrokken door enthousiaste lieden
als Jacques Brooijmans, die langs kramen en deuren gingen om de 
Amsterdammers dichtregels te ontfutselen. 
Aan de Dichters in het Gras dan de opdracht om in korte tijd rond zo´n 
regel een gedicht te schrijven. Ook de stadsdeel wethouders leverden 
hun bijdragen in de vorm van inspiratieregels. Al deze dichters werden 
door de organisatie beloond met de 100 beste van alle gedichten die zo
tot stand kwamen te bundelen. Een gelegenheidsuitgave van Amsterdam
Wereldboekenstad: `Het beste van Poëzie in het Park´ 
ISBN 978-90-70532-38-3, Stichting Ex ex Uitgevers, Amsterdam. 

Tachtig dichters schreven samen de honderd gedichten van de bundel, 
die werd samengesteld door Mick WItteveen, Jacques Brooijmans en 
Jos van Hest. 
Twintig van hen waren dit weekeinde vanuit de verschillende stads-
delen, maar ook van ver buiten Amsterdam opnieuw bijeengekomen in
deze Tolhuistuin in Noord. Een groene setting weliswaar wat kleiner dan
de parken, waarin we vorig jaar uitzwermden, maar toch in de sfeer van
een ontspannen picknick. Hier volgen nog hun namen, de meeste zijn 
ook al goede bekenden van Hernehim Cultuur en vele van hen traden op
in de OBA: 
Marjet Cliteur, Vera De Brauwer (Maarkedal, Vlaanderen), Jako Fennek
(Zwitserland), Kees Godefrooij, JohnN (John Zwart, Friesland), Ezra de 
Haan, Tonny Hollanders, Ineke Holzhaus, Anke Labrie, Nafiss Nia, 
Olga Orman, Paul Roelofsen (Alkmaar), Joop Scholten, Juan C Tajes, 
Merik van der Torren, Gerrit Vennema (Den Haag), Jeanne Wesselius,
Pom Wolff, Co Woudsma en Jos Zuijderwijk. 

De muzikantengroep De Kift speelde lustig door in de grote tent, het 
programma dat daar binnen
parallel liep was - vanwege de maar kleine
onderlinge afstanden, soms wat storend voor de dichters
die aan een 
ingetogen voordracht de voorkeur geven, maar toch was de braderie-
achtige sfeer
zeker niet onaangenaam onder de vrolijke lentezon. 
Dat de verschillende programma onderdelen omspeeld werden met 
zangoptreden van Wende Snijders en Leine zorgde, samen met het 
uitgelezen weertje, ook voor veel bezoekers. 

Hoe een individueel deelnemer de dag persoonlijk heeft ervaren kunnen
we illustreren met
een impressie die we konden overnemen van de
weblog van Vera De Brauwer uit Oost-Vlaanderen die, evenals de groep  uitwisselingsstudenten uit Duitsland en België een lange reis heeft 
moeten maken: 
"Poëzie in het gras - Tolhuistuin 18 april 2009 
Een impressie van mijn deelname aan het slotevenement van “Poëzie
in het park” in de Tolhuistuin in Amsterdam: Opnieuw was ik één van
de “Dichters in het gras”. Ik had het geluk helemaal aan de ingang/
uitgang te staan: iedereen die toekwam of vertrok, moést langs mij 
passeren. Als een soort visboer moest ik mijn waar aanprijzen en zo
kon ik vaak enkele mensen “strikken” voor een voordracht. Ik liet hen 
altijd kiezen: gedichten in vrije vorm, sonnetten of gezongen gedichten.
Tot mijn groot plezier kozen ze zonder uitzondering om te starten met
gezongen gedichten. Het was dan ook het geschikte weer om te zingen:
de zon scheen, er was een effen blauwe lucht, iedereen was in lente-
stemming. Wat me ook opviel: dat ze zo'n waardering hadden voor de
sonnetten. Toen ik na de voordracht kaartjes uitdeelde waarop mijn 
weblogs vermeld staan, vroeg men steeds wat “gorgelrijmen” waren. 
De naam Cees Buddingh' deed bij niemand (?) een belletje rinkelen, 
maar toen ik de Blauwbilgorgel begon voor te dragen, kenden ze het 
zogoed als allemaal (één iemand kon zelfs een deel van de tekst 
meezeggen) en toen wilden ze mij er als toemaatje graag enkele horen
zingen. Samengevat: geen grote drommen publiek tegelijk, maar wié 
naar me kwam luisteren deed dat met gemeende belangstelling, vroeg
steeds zélf naar nog meer gedichten, vroeg hier en daar uitleg, gaf 
complimenten én bedankte me achteraf voor de voordracht. 
Ik vind het een goede formule met veel interactie. 
Misschien was de locatie minder goed dan in de grotere parken: 
de dichters zaten te dicht bijeen en er was teveel hinder van het nabij
gelegen podium waar de muzikanten aan het optreden waren. Hoe dan
ook vond ik het een geslaagde namiddag en een mooie afsluiter van de
evenementen rond Poëzie in het Park... Vera De Brauwer, 21 april`


Metéén lezen natuurlijk in die bundel, wáár sta ik...? 

     
       Luisteren even afwisselen met rustig lezen


Hieronder een willekeurige greep poëzie uit de bundel: 

Op blote voeten 

Laat deze nazomer me goedgunstig zijn 
me vertroetelen met warmte en rode wijn 
met daverend dubbelliggen in goed gezelschap 
en rozig ontspannen in een bruisend bubbelbad 

Laat me zwevend wandelen op blote voeten 
aarde ruiken terwijl mijn handen wroeten 
laat me lui in het gras uitstrekken 
naar de wolken staren die over trekken 

Laat me jou zien zoals je bent 
en ik omhels je zoals je bent 
laat me stil zijn en vol geste 
strelend stralen is het beste 

Ik wil de zon voelen op mijn tenen 
Jou zien dansen op je blote benen 
De muziek van je lach voelen trillen 
En, ...zomaar IK HOU VAN JOU gillen! 

Everdina Eilander, sept. 2008 
Opdrachtregel: "Ik wil de zon voelen op mijn tenen". 

 

Hoopvol 

al tijden trim ik 
tussen bomen, langs water 
van de sloterplas 
met in mijn hart 
de klaagzang van de geuzenlaar 

mijn longen vuil, mijn oren vol 
van bouwkabaal en stemmen 
van lawaaiig kroegverlaten 

op het ritme van mijn pas 
dreunt diep in mij de wens 
van ieder mens 
steeds groen te willen zien 
stadsvogels horen zingen 

Jako Fennek 
Opdrachtregel: "het klaaggezang van de Geuzenlaar" 

© John Zwart - Voor verslag - Hernehim Cultuur 

   
   
   
Podia bezocht in maart - Centr. Bibliotheek Amsterdam - Meer Woorden meer Kleuren Utrecht   Geplaatst 4 april 2009 
   
De Openbare Bibliotheek Amsterdam op 28 maart in de opmaat naar
de Week van de Poëzie*
, De Kargadoor Utrecht als de plek van samen-
komst op 29 maart voor de Redactie van Hernehim Cultuur en voor hen het
'voelen van het badwater' aldaar via het Podium "Meer Woorden meer 
Kleuren". 

Het is een drukke maand geweest voor de HC redactie, definitief zetten we
een samenwerking op met Stichting De Kargadoor in Utrecht. Hernehim
Cultuur gaat een reeks Zondichtmiddagen organiseren in het Cultureel 
Centrum de Kargadoor te Utrecht rond de auteurs die met hun werk een
nominatie kregen voor de Hernehim Cultuur Prijs van het 'Gedicht van de Maand'.

*Week van de Poëzie opening zaterdagavond in de OBA. 


      

Boven: Het OBA Podium weer goed bezocht, ondanks het lenteweer. 

Hiernaast: Gerrit Vennema (r), naast J.C.Aachenende vaste bezoeker.

Maar op zaterdagmiddag 28 maart waren we eerst nog in Amsterdam,
bij het OBA Podium van Jos van Hest en Riet Lamers. Bijna even goed
bezocht als vier weken eerder, ondanks 't lenteweer. 
Telkens duiken daar weer nieuwe deelnemers op die van gastvrouw Riet
Lamers voorrang krijgen op de 'wachtlijst'. Ja, die is er inmiddels, door de
animo van aanmeldingen. HC zal dus ook in de toekomst dit podium, 
waar ook regelmatig dichters hun nieuwe bundels komen voorstellen, met
veel belangstelling blijven volgen. 
Paul Roelofsen (Alkmaar) werd door Jos van Hest in zijn interview 
uitgebreid aan het woord gelaten over zijn band met August Willemsen 
en vooral zijn vertalingen uit het Portugees. Gerrit Vennema (Den Haag) 
werd in november Vriend van Hernehim Cultuur - omdat het jaar al bijna 
om was schonken we hem een exemplaar van Dichters uit het Web en 
als dank kreeg ik zijn eigen beheeruitgave 'Scherven Zomerlucht" in 
tegengebaar. Op het OBA Podium verraste hij met alwéér een nieuwe 
bundel "Een god voor even". De bundel bevat liefdes poëzie. Hij las er 
enkele gelaagde gedichten uit, waarin een erotische ondertoon. Deze 
bundel wordt verspreid via de Selexyz Boekhandel in Den Haag, maar ze 
is ook te bestellen bij de auteur zelf. De prijs, een bescheiden 11 euro. 

   
Patty Scholten behoeft geen nadere introductie. Zij was een jaar geleden
de gastdichter op het Jaarpodium in Het Theater van 't Woord en kreeg 
toen het eerste exemplaar overhandigd van
de jaarbundel "Van de
Oosterdokskade 2007"
. Toegankelijke dichteres waarvoor Jos van Hest 
graag ruim de tijd neemt. Patty Scholten staat vooral bekend als dichter
van vormvaste poëzie,
met een grote voorkeur voor het sonnet. 
Die zaterdag presenteerde zij in de OBA haar nieuwste
bundel "Noem mij
dier"
, zojuist verschenen bij Uitgeverij Atlas. Het zijn klassieke sonnetten 
over de relatie tussen mens en dier, vaak kritisch maar niet belerend. 
Prijs 15 euro.
ISBN 97 89 0450 15019 

Maakbaarheid 

We schiepen Herman, de transgene stier en 
een doorkijkkikker vol met doorkijkdril 
voor wie het bange hart beloeren wil. 
De mens zit met de dieren flink te pieren. 

Een rillend naakthondje, behaarde mieren 
en koeien die bestaan uit enkel bil. 
Een oor groeit op een muis tot een paskwil. 
In varkens kweekt men mensgeschikte nieren. 

Zelfs scheppers schiepen we in overschot, 
eenvoudig als de schepdrop bij Jamin: 
Ganesha, Horus, Allah, God. 

Biedt dan het dierenrijk geen tegenspel? 
Wij werden ooit gebaard door een apin. 
De dieren schiepen dus de mens. Jawel.
 

           
   
          

Foto en poëzie exppositie aan de wanden

Mike Platenkamp (Kargadoor) en Jet van Swieten (Hernehim) 

De zondag 29 maart, hebben we onze liason met De Kargadoor 
beklonken. In het pand aan de Oude Gracht 36 in het centrum van
Utrecht wordt ook geëxposeerd. De wanden tijdens
ons bezoek waren 
gedecoreerd met kunst in de vorm van zwart-wit foto's op A3 formaat,
geflankeerd
door gedichten. 
Op de begane grond is een ruimte voor workshops en een kleine bar. 

De poëzie voordrachten worden gehouden in de werfkelder, waar 'n publiek
van 50 bezoekers
of méér gemakkelijk een plaatsje vinden binnen een 
opstelling met bankjes. De akoestiek in
de ruimte beneden is zonder meer
uitstekend. 

Hernehim Cultuur zal op deze locatie graag de taalliefhebbers ontvangen 
op de volgende data: 

1. zondag, 17 mei 2009 aanvang 14:00u - deur open vanaf 13:00u. 
2. zondag, 23 augustus 2009 
3. zondag, 15 november 2009. 

Op deze dagen zullen de Prijzen voor het Gedicht van de Maand worden
uitgereikt.
Jet van Swieten, die regelmatig Open Podia heeft geleid bij 
OpSpraak in Nieuwegein, gaat in 't vervolg de Hernehim dagen presenteren.
Jos van Hest (Amsterdam) roept de winnaars uit.  

 

Deze vroege lentedag waren wij zelf gast van Baban, die ook in de 
Kargadoor zijn podium Meer Woorden meer Kleuren houdt, telkens de
laatste zondag van de maand. Baban is een aantal jaren geleden uit Iraq
naar Nederland gekomen, de oorlog ontvlucht - hij schrijft zijn gedichten
inmiddels in het Nederlands. Zijn inleiding ging over de somberheid die de
mensen in zijn greep heeft, zoveel oorlog en dreiging en nu nog een crisis
en economische recessie er bovenop, terwijl nu juist de lente te beginnen
staat! De mensen merken niet eens dat de wereld om hen heen weer kleur
begint te vertonen, alleen de kunstenaars en de dichters, zij zien het. 
Opeens na de kleurloosheid van de kille winter: warmte en kleuren. 
Monir Goran bespeelde sfeervol de "ud", het snaarinstrument uit het 
Midden-Oosten dat de voorloper is van onze luit. 
Acht dichters pakten de microfoon, naast Nederlands klonk er ook 
Arabisch - zelfs als je het niet verstaat muzikale poëzie, die zich laat 
genieten. Een drietal, Hanneke van Eijken, Jolies Heij en Daan Doesborgh
gaan aanstaande zondag 5 april met elkaar de competitie aan in de 
KargadoorSlam van Gijs ter Haar. Voor hen was het een soort vóórpremiere
van hetgeen zij daar laten horen. 
Daan Doesborgh leek ons een zeer geduchte tegenstander, maar er zullen
nog méér rivalen zijn. Marcel de Roos, ook 'n ervaren podiumdichter, liet 
eveneens knap werk horen. De zee en de liefde waren favoriete thema's, 
waarmee Baban zelf en ook de meeste andere dichters zich lieten gelden.
Dat ging ook op voor uw redacteur, als dichter beter bekend als 'JohnN', 
die in het programma van Baban ook 10 minuten vulde met vertalingen en
eigen werk. 
                              © John Zwart voor Hernehim Cultuur - 3 april.
          
          
          

               Hanneke van Eijken - Marcel de Roos - Daan Doesborgh 

Kargadoor

Utrecht centraal, centraler
kan het niet, hier in het hart
dat slaat en bonst tegen trap en klok
gevel de grachten, slanke straten
langs kaden

een ademhalen van tenger lente-
licht door monden aan willige takken
het bloeisel beknopt boven roerloos
water, dat eeuwenlang aderde

Ik zoek de werfkelder, de cargadoor
die poëzie regelt en opslaat
in de bakstenen tunnel het woord
geeft om het woord dat metsel is

rondom een vracht aan gedachten

ik denk de dichters die ondergronds
taal trekken als messen die smeren
vegen langs de wang van bange geesten
hun waar bewaken die eenzame kennis is

ik denk deze dag de zon daar ergens
met haar wolkeloze warmte in stemmen
pathetisch verklaren dat zij liefde
is ontnomen aan de dood

vind ik het pand aan de Oude gracht

vind ik Baban met zijn - meer woorden
meer kleuren- de juiste man

 

© Louise

 

   
Podia bezocht in februari - Eijlders Amsterdam - de Kargadoor Utrecht - Centr. Bibliotheek Amsterdam        Geplaatst 1 maart 2009 

 

 
Er werden de afgelopen maand weer drie dichterspodia bezocht door 
verschillende redactieleden van Hernehim Cultuur. Op 15 februari was dat
het roemruchte Café Eijlders bij het Leidseplein in Amsterdam, waar een 
enorme rij van 27 dichters elkaar in hoog tempo moesten opvolgen. 
Op 22 februari waren we in Utrecht in De Kargadoor, in de oude werfkelder
aan de Oude Gracht, daar werd het "meer woorden meer kleuren" program-
ma: Arabische Muziek, Nederlandse en Arabische poëzie en demonstraties 
kalligrafie, beluisterd en bekeken. De kunstenaar maakte de hele middag ter
plekke telkens op de poëzie geïnspireerd werk waarbij als uitgangspunt de 
Arabische schrifttekens dienden.
28 februari was het alweer tijd voor het maandelijkse OBA Podium van Jos 
van Hest en Riet Lamers, waar Hernehim Cultuur vrijwel nooit ontbreekt. 

Hiernaast: Hiltsje Jongsma (Fries-Nederlands) en Peter Goedhart  in Eijlders

Hieronder: Koos Hagen en Bram de Waard 

Peter Goedhart viel ons op met mooi poëtisch werk en ook Hiltsje 
Jongsma
- allang geen onbekende meer voor Hernehim - bracht mooi 
tweetalig werk. 
Ook van Koos Hagen lazen we al prachtige bijdragen, nu konden we hem
ook eens beluisteren met zijn eigen stem. 
Nienke Esther Grooten, ooit eens inzendster op deze site, daarna lange
tijd stil, toonde haar jeugdig talent dat zij zo vaak nog verborgen houdt. 
Kees Godefrooij las weer uit zijn zwarte romantiek en Floor Voerman en
Sander Brouwer ontbraken natuurlijk ook niet, zodat de 'harde kern' van
Eijlders zich weer liet gelden als vanouds 

Hieronder: Nienke Esther Grooten en Kees Godefrooij in Eijlders 

Trappetje af, onder straatniveau aan de oude Oude Gracht waar ooit de
stad Utrecht werd gesticht, beland je in de Kargadoor in een werfkelder.
Een gewelf waar geen enkel straatrumoer doordringt. Het is een ruimte
met een eigen karakter, een heel intieme sfeer, niet voor claustrofoben. 
Baban, van oorsprong uit Irak, presenteerde. Poëzie vooral zonder papier,
van Anne Broeksma, Tuvit Shlomi, Stephanie Tillieux. En nog 
andere poëzie, Nederlandse maar ook Arabisch-Nederlandse gedichten. 
Monir Goran bespeelde de ud, een Arabisch snaarinstrument verwant 
aan de luit, zonder fretten. Araz Mori schiep kalligrafische kunst. 
"meer woorden, meer kleuren" is een passende titel voor het kleurrijk 
programma. 

Hieronder: Anne Broeksma en Tuvit Shlomi in de Kargadoor  

Gelijktijdig met de Kargadoor in Utrecht trad onze Anne Borsboom
op in Brielle in een Cultureel Etablissement dat luistert naar de naam
't Kont van het Paard. Anne las nieuwe gedichten en proza en liet
merken dat zij zich even goed thuis voelt bij Vivaldi en Bellini als bij
good old café jazz. Hernehim Cultuur was er niet bij, maar er was
gelukkig wel iemand die een foto maakte.

Hieronder: Anne Borsboom met de saxofonist van trio Andriessen 

Hieronder:  Udspeler Monir Goran en Arabische kalligrafie - de Kargadoor

   

In de OBA viel Wim Hartog op, die meegebracht was uit Den Haag door Edith
de Gilde, met knappe poëzie. De jonge generatie was deze keer ook goed
vertegenwoordigd door o.a. Danika Vuurvogel en Naomi Beyer.

 

Het OBA Open Podium van 28 februari trok 52 bezoekers. 

 
   
Feestelijk Theaterpodium in Centrale Bibliotheek Amsterdam                 John Zwart  - Geplaatst 3 februari 2009 
Iedere maand een Open Podium in de OBA, dat vindt jaarlijks zijn 
weerslag in een bundeltje, waarin de organisatoren Jos van Hest en
Riet Lamers, de gasten bloemlezen die zij vanaf februari tot en met
december hebben ontvangen. 
Afgelopen zaterdag 31 januari was het dus weer zover. Maar omdat
het intussen alweer vijf jaar geleden is, dat dit tweetal het initiatief 
nam, was deze januari-aflevering niet alleen het jaarfeest maar 
tegelijk ook een lustrum. 

Tegen drie uur zaterdagmiddag stroomde het Theater van 't Woord, 
in de nok van 't nieuwe gebouw op het Oosterdokseiland bij het CS, 
bijna helemaal vol. En dat zegt wel iets voor een poëziemiddag, want
we hebben 't hier over een schitterend amfitheater met 270 zitplaatsen!
Vijfenveertig dichters, die in een orale marathon elk slechts 1 gedicht
kwamen voordragen, hadden ongetwijfeld wel enige 'aanhang' mee-
gebracht, maar het is duidelijk dat deze voorstelling ook de nodige
publieksbelangstelling wist te trekken. 
Vanaf 2004, met een paar rijtjes stoelen in de foyer van de oude 
vestiging aan de Prinsengracht, maakte het OBA Podium dan ook een
flinke groei door, in deelname en bezoekers. Kwamen er eerst slechts
een aantal Amsterdamse dichters, nu komen ze van buiten de hoofd-
stad tot uit de verste uithoeken van het land.

 

En wat de bezoekers dan ervaren is niet alleen de poëzie, ook allerlei 
'performers', zangers, muzikanten, singer-songwriters hebben de weg 
naar de OBA gevonden in de laatste jaren. De uitstraling van het nieuwe
gebouw, vanaf midden 2007 in gebruik, helpt daar wellicht óók aan mee. 

                                

       Dhr H.van Velzen, directeur van de OBA in zijn openingsspeech

  Jos van Hest de presentator. 
Kruipt soms in de huid van een dichter, die niet zelf aanwezig kon zijn.

Kleurrijk en klankrijk programma 

Een muzikaal begin door het duo Jo-Ann bestaande uit Joostje
Jochems (zang) en Annemiek Steinebach (piano) liet ons wennen
aan de sfeer van de theaterzaal. 
Directeur Hans van Velzen, hield na dit korte muzikale intro zijn 
openingsspeech, duidelijk met verdiende gelukwensen. Hij prees de
initiatiefnemers Jos van Hest en Riet Lamers voor hun enthousiasme
waarmee ze alle jaren aan het Open Podium voortbouwen. Hij verwees
ook naar de ontmoetingsfunctie die de nieuwe bibliotheek vervult en zag
in het succes van het open podium het bewijs ervan. 
Ook in het interview van de hoofdgast Tsead Bruinja door Jos van Hest
werd ernaar verwezen - want steeds méér mensen uit een steeds groter
gebied ontdekken de OBA als een plek om hun kunnen op een 
geïnteresseerd en welwillend - maar toch ook wel kritisch - publiek uit
te proberen. En dat houdt allang niet meer op bij de landsgrenzen,
immers we vormen één taalgebied met Vlaanderen. 
We zien dan ook regelmatig Vlaamse deelnemers verschijnen achter de
OBA microfoon. Bruinja (juist als tweede geëindigd in de race om het 
DdV-schap) en van Hest worden het erover eens dat die titel 
"Dichter des Vaderlands"
eigenlijk een te beperkte benaming is, en 
wellicht ook wel een beetje te "oubollig" klinkt. Vervolgens betrekt Bruinja
(geboren Fries) de taalgemeenschap met Vlaanderen wat chauvinistisch
ook op Friesland. De Friese taal en het streekeigene Nederlands krijgen
van hem alle aandacht in zijn poëzie-promotieplan. 
Hernehim Cultuur wil hierin veel verder gaan, want ook met het 
Zuid-Afrikaans
voelen we ons verbonden door verwantschap, minstens
zoveel als met het Fries. 
Elisabeth Eijbers en Antjie Krog zien wij als Zuid-Afrikaanse dichters
ook als dichters van ons eigen taalgebied. Poetry International beziet dat 
blijkbaar net als wij, immers brachten ze juist voor de Gedichtendag 2009
de cyclus 'Waar ik jou word' van Antjie Krog uit. 
Rep je naar de boekhandel, het boekje is bijna uitverkocht:
ISBN 9 789057 592980. 
Ook konden we op het OBA Podium het vorig jaar regelmatig exotische
klanken beluisteren van deelnemers uit Suriname en van de Antillen
tot ons genoegen meestal gevolgd door een vertaling in het Nederlands.
Maar soms is poëzie die je niet kunt verstaan alléén al muziek.
 

 

   
Zulke deelnemers waren het ook die ons deze zaterdagmiddag, 
tussen al het gesproken woord door, hun plezierige muzikale 
afwisseling boden. Raj Mohan liet ons mooie Hindoestaanse zang
horen in prachtige dynamiek, onder gitaarbegeleiding, en Henry Muldrow
zong zijn vrolijke liedjes, gevolgd door amusante animatiefilmpjes die 
geprojecteerd werden op het grote scherm. 
Door de beperking van de jaarbundel, waarin niet meer dan ongeveer 50
gedichten passen, zijn er maar evenzoveel dichters in de bloemlezing
"Van het Oosterdok 2008" opgenomen. Terwijl er met de gestage groei 
van de populariteit van het OBA podium in 2008 er wel een paar honderd
hebben opgetreden. Het wordt ondoenlijk een bloemlezing samen te 
stellen uit allen zonder dat er een kwaliteitscriterium op wordt losgelaten.
En dat is nu juist wat Jos en Riet niet willen. Ook in de bundel moet hun
credo "alle talent krijgt een kans" tot zijn recht komen. Als oplossing is
ervoor gekozen alléén nieuwe deelnemers, de mensen die in 2008 voor 
het eerst achter de OBA microfoon stonden, te publiceren. Vijftig in getal,
de 45 aanwezigen volgden elkaar in een alfabetische marathon op, voor
wie verstek moest laten gaan nam Jos van Hest de honneurs waar. 
Iedereen las het gedicht dat in de bundel staat en iedere bezoeker kreeg
'n gratis exemplaar van het boekje uitgereikt. Zij kunnen het thuis nog 
eens rustig nalezen. 
Wie staan er in? We gaan ze niet allemaal noemen, we beperken ons tot
de namen van de mensen die óók op Hernehim Cultuur publiceerden: 
Gusta Bastian, Annelie David, Vera De Brauwer*, Jako Fennek, Edith de
Gilde*, Peter Knipmeijer*, Lisan Lauvenberg, Jan Storms, Jet van Swieten,
Gerrit Vennema, Jos Versteegen
en Karel Wasch. Drie van hen wonnen
in 2008 de Hernehim Cultuurprijs voor het Gedicht van de Maand, twee 
van hen waren daarvoor tenminste één keer genomineerd. 
Nieuwsgierig geworden naar wat zij lieten horen? Je kunt nog een gratis
exemplaar mee krijgen bij een bezoek aan één van de komende Open 
Podiumdagen van de OBA. Zolang de voorraad strekt, dat natuurlijk wel...

John Zwart voor © Hernehim Cultuur - 3 februari 2009 

Eerstvolgend open podium: 28 februari 2009 15:00 - tweede etage. 

 

    

          Tsead Bruinja        -                 Een volle zaal dichters en publiek 

    

    Vera De Brauwer uit Vlaanderen en Raj Mohan uit Suriname

 

 
 
 
Herman de Coninckprijs 2009 - Uitgereikt in Antwerpen                        door John Newswatcher - Geplaatst 30 januari 2009 
  "Nieuwe Sterrenbeelden" de beste bundel 

'Poëzie is de strijd tegen de cliché's', 
het credo van de organisatoren van de Herman de Coninckprijs
van de stichting Boek.be en de Provincie Antwerpen. Op 29 
januari - gedichtendag - werden de prijzen uitgereikt aan de 
uitverkoren dichters onder de genomineerden voor de Herman de
Coninckprijs 2009 in de Arenberg Schouwburg van Antwerpen.
Peter Verhelst verwierf met zijn bundel "Nieuwe Sterrenbeelden"
de juryprijs voor de beste dichtbundel van 2008. 
De jury - bestaande uit Lieve Coppens (voorzitter), Friedl Lesage,
Piet Piryns, Marc Reynebeau en Liesbeth Imbo - roemde de hoge
kwaliteit van de Vlaamse poëzie van 2008, welke in aanmerking 
kan komen voor de prijs van deze jaargang. Zij had er dan ook een
forse taak aan om tot een eindoordeel te komen over wat nu de 
'beste bundel van 2008' moet zijn. Uiteindelijk viel de keus op 
"Nieuwe Sterrenbeelden", uitgegeven bij Prometeus/Standaard 
Uitgeverij. 
"Een prachtige, met vakmanschap geconcipieerde bundel". 

 

 

Peter Verhelst een geconcentreerde laureaat 

Uit het verslag blijkt verder dat de jury is 'gevallen' voor zijn puurheid
en taal zonder omhaal. "Verhelst experimenteert in zijn bundel niet 
met vorm, hij gebruikt geen ingewikkelde taal of opzichtige metaforen.
Maar zijn taal en beelden werken, overrompelen de lezer en slagen
er in de complexiteit te verwoorden van wat aan de oppervlakte 
eenvoudig en eenduidig lijkt.. kortom een dichter die zich naakt en 
kwetsbaar opstelt en daar zijn kracht uit puurt." 

Zesduizend euro groot is de juryprijs voor de beste bundel. 

De jury reikte óók een prijs uit voor het beste debuut. Deze viel toe
aan de bundel "Tijd en landen" van Willem van Zadelhoff. Hij was in
de ogen van de jury "een overtuigende debutant" en deze kwalificatie
werd beloond met duizend euro. 

Over "het beste gedicht van 2008" had de vakjury geen stem. Daarop
kon elke internet-bezoeker van Boek.be zijn stem uitbrengen. Hieraan
was geen geldprijs verbonden, maar als het Vlaams publiek je gedicht
uitverkiest is dat op zich natuurlijk al een grote eer. Men stemde het 
vaakst op "Moeders", en daarmee komt de dichter Luuk Gruwez al 
heel plezierig in het zonnetje te staan. Zijn gedicht is op posterformaat
in een grote oplage gereproduceerd en hij krijgt ook al veel aandacht
omdat hij in opdracht van Stiochting Lezen Vlaanderen voor dit jaar 
het  Gedichtendagessay "Pizza Peperkoek & andere geheimen" heeft
geschreven, dat deze dagen overal in de boekhandels van Vlaanderen
te koop ligt 

 

Luuk Gruwez, de publieksprijs winnaar 

De prijsuitreiking was extra feestelijk door de deelname als gast van
Ramsey Nasr, die nog minder dan 24 uur tevoren juist was toegejuicht
als de kersverse Dichter des Vaderlands van Nederland en hier weer
hartelijk begroet als de voormalige Stadsdichter van Antwerpen. 
Verder traden Bart Moeyaert en Joke van Leeuwen, de huidige 
Stadsdichter, op. 

Hernehim Cultuur beschikt nog niet over vrijgegeven gedichten uit de
gelauwerde bundel "Nieuwe Sterrenbeelden", wel plaatsen we graag
ter kennismaking een gedicht van winnaar Luuk Gruwez: "De zwijger"
Buitenkansje: .
Onze Vlaamse lezers kunnen een gratis poster met zijn winnende 
gedicht "Moeders" bekomen als zij zich naar de gerenommeerde 
boekhandels reppen - bijvoorbeeld om het Gedichtendagessay aan te
schaffen, of anderszins - want zoals altijd geldt: 'zolang de voorraad 
strekt, de oplage is beperkt!' 

© Hernehim Cultuur - 29 januari 2009

 

De zwijger 

Ze huren mij voor feesten en partijen 
ter wille van mijn veelbesproken zwijgen 
waarmee ik hen vermaken moet 
als uitgelezen lekkernij. 

Ik word voortreffelijk vergoed, 
gevierd, vereerd, gesavoureerd 
voor elk uur stilte uit mijn mond. 
En met een koele handschoen van glacé 
mag een der fraaiste dames mij soms aaien, 
genadeloos langs kin en wang. 
Mijn lijf blijft stil, een willoos lijk. 

Hún mond staat open als een gulp. 
Ik ben hun kippenkluif, hun pruim met spek, 
hun bitterbal, de made in hun kaas: 
de vulling voor een ziel die zich verveelt. 
Ik ben hun allerliefste tamme knecht, 
begaafd met een voornaam gebrek. 

En wordt het laat, dan moet ik hen verlaten. 
Dan ben ik moe van hun geschater. 
Ik neem een bad en spoel hen van mij af. 

Want ik wil niemand mee naar bed 
en ik verzwijg dat ik besta, 
zelfs bang om in mezelf te praten, 
als stonk ik in mijn slaap nog uit hun bek. 

© Luuk Gruwez 

 

 
 
Maandelijkse Poëziemiddag - Café Eijlders Amsterdam
Impressie van aflevering 18 januari 2009  door Loes Essen
Zo langzamerhand kan men in poëzieland niet meer om Eijlders heen.
Vanuit Zeeland, Groningen, Friesland, ja zelfs Zwitserland stromen de
dichters toe om op dit podium te mogen staan. Achterin het café moet
je een trappetje op naar keuken en toiletten. Daar, tussen de verhoogde
zitjes aan weerszijden, is het podium. Steevast tref je links en rechts
de dichters Es van Essen en Sander Brouwer. 
Ja, Eijlders is een begrip.

          Eijlders, Korte Leidsedwarsstraat 

 

Historie. 

Op de site van Eijlders lezen we, hoe begin 1943 een bordje 
´Voor Joden verboden´ verplicht gesteld werd, Eijlders hing dit aan
een rubberen zuignapje. Het liet - tot niemands verrassing - al snel
los en belandde voortaan achter een kachel. Vanuit het café werden
ondergrondse activiteiten georganiseerd - of dit ongemerkt langs 
John Eijlders heenging weten we niet, maar hij zat vele maanden 
gevangen wegens vermoede betrokkenheid bij opslag van wapens 
in zijn café (in de banken?). 
Studentenverenigingen (ook al verboden in die jaren) vonden een
ontmoetingsplek in dit door kunstenaars (o.a. Bertus Aafjes, 
Ed Hoornik, Koos Schuur, Bert Voeten en Jan Elburg) goedbezochte
café. De naam als anti-nazi café was snel gevestigd en dit trok veel
volk aan. Later was het ook de plek waar leden van de 'Vijftigers'
samenkwamen. Hans Andreus, Remco Campert, Bert Schierbeek,
Simon Vinkenoog en vele andere schrijvers bezochten het regelmatig.
Het legendarische tijdschrift 'Braak' werd er opgericht.

      

      Telkens exposeren nieuwe kunstenaars op de wanden van Eijlders

In 1998 herstelden Mieke van Beeren, eigenaresse destijds, Floor 
Voerman, Dirk Oudshoorn en Kees Godefrooij de vroegere dicht-
middagen, sinds een paar jaar worden die gepresenteerd door Ron 
Offerman en Paul Lokkerbol. 

Thema van 18 januari: "Is het dan nooit genoeg?" Deze regel moet
de dichters inspireren. Na vieren stroomt het café vol. Ik zie bekende
gezichten; Simon Mulder, Pom Wolff, Tenny Frank, en natuurlijk de
dichters van de 'oude kern' zoals nestor Dirk Oudshoorn en Sander 
Brouwer. 
Zij zullen allen voordragen uit eigen werk. Er zijn ook opmerkelijke 
nieuwe gezichten gekomen. Meer dan 20 dichters, de meeste hier al
eens besproken, dus wil ik me beperken tot de nieuwkomers.

 

ODE AAN EIJLDERS

De waterloze gracht vol winderige regen
stuwt ijlend het tempo van mijn tred,
de ziel onder mijn arm zoekt zorg.
Dwars op de wereld,
haaks op het heelal,
lonkt Eijlders.
De pas vertraagt - ontvlucht de nacht.
Achterin, aan de ronde tafel,
zitten kaartend, schakend of galmend
de ridders van weleer in hun nis.
Genevervorsten.
Kroegvorstinnen,
Geile ouderdom wasemt drank her en der.
Raadsheren en adviseuses, denken zij zelf.
Oud, zo oud zijn we nochtans.
Ballen en balken versleten,
vrouwen op hol,
wat mannen vertraagd nog op jacht.
Mijn schaakmaat verleid ik:
Gul neemt hij de giftige pion.
Toch sneuvel ik weer in een duivels mat.
Dan zetelt de prachtreet
van een heel jongedame
boven op mijn witte vorstin.
Ongepast - maar weet zij veel,
met al haar digitale borrelpraat!

Hemelse Vrouwe op Leeftijd,
op wie ik hier al jaren wacht -
de iemand die me nog zou willen.
Mijn vlees zo zwak, zo zwak,
de geest, edoch, nog willig als een stier.
Kom op zo'n avond tot me,
vorm je mond rondom mijn dier,
ontruk me aan dit cerebrale spel.
De nasleep van mijn brein gedenkt nu Swing,
de zwarte panter op mijn zwarte jasje,
mijn rechter hand hem kroelend,
terwijl de linker zulke foute zetten deed.

Requiscat In Pace

Sierksma, oktober 2008

Een tengere jongeman in kostuum, David Kwa verbijstert alle 
aanwezigen met een apocalyptisch werk, dat hij in galopperende 
cadans over de mensen uitstort, een poëtisch doorwrocht werkstuk
over doemprofeten en door wormen aangevreten harten... 
Een ware belevenis. Ik kan niet bedenken wie hem tot voorbeeld
strekte, wel krijg ik associaties met Fellini, Goya of Breughel de Oude.
Beeldend, overrompelend, verpletterend. Hij oogst enorm applaus.
Ook Sierksma verrast. Hij opent met de uitspraak: 
Een mooi gedicht aanhoren / is de hemel binnengaan / net vóór de
deur gesloten wordt. 

Dan volgt zijn Kil Drieluik, Skiën aan Zee, Rijmen Reëel en Zeerijp.
Zijn Ode aan Eijlders moest het publiek tegoed houden maar de HC
lezers krijgen het hiernaast cadeau. 
Anne Koster is niet nieuw, maar ik wil haar toch noemen, omdat ze
me heeft geraakt, ontroerd, met haar intense poëzie, voorgedragen 
met doorleefde stem, die krachtig is en rauw, maar toch nu en dan 
breekt. Bijgebleven zijn: "De hemel hangt te laag vandaag..." en 
"een hand die streelt komt dichterbij dan ooit een pen met inkt..." 
Ze eindigt met een bitter gedicht over het gemis aan een God, aan
een vader voor iedereen: "er is geen vader / wij zijn kinderen van een
gebeuren .... God is stil" 

De voordracht van Philip Fokker (was hier 5 jaar geleden, maar voor
mij nieuw) wordt direct verstoord door geschreeuw van iemand om bier. 
De verstoorder doet ongewild het thema wel erg veel recht… Er vallen 
ruwe woorden, maar gelukkig wordt adrem en met humor gereageerd 
op de ruwe intermissie. 
De dichter pakt de draad weer op "....raap de alledaagsheid maar op/ 
het is niet eng."
Het volgend gedicht 'Sleutelkind', geeft beelden van 
eenvoud: "het sleutelkind in mij keert maar zelden terug / om thee te
drinken aan de keukentafel"
. Het laatste gedicht 'Rooseveltlaan' geeft
alledaagse observaties weer, kaal en zuiver als een zwart-wit-film. 
Wouter Ydema draagt zonder papier voor, gedragen, met een cadans
die aan slam doet denken. Op het internet vinden we hem terug en 
kunnen citeren: 

"Een ochtend in de polder

Noem een schip; denk aan blauw.
In de wolken melkwit koeien staan
vlak boven het land

mist

een aantal poten daar het zonlicht
graast de velden leeg." 

 

 

Ik moet het helaas hierbij laten, ik zou iedereen wel willen bespreken
maar beter is dat u als lezer zelf eens komt luisteren en meebeleven! 
Tot een volgende keer (elke derde zondag van de maand). 

© Loes Essen 

 

 
 
Alleen al in de running te zijn is een eer                                               Redactie HC - Geplaatst 19 januari 2009 
De Prijs der Brabantse Letteren 2009

90 Kandidaten zijn er, van gevestigde zwaargewichten tot prille debutanten.
Er zijn ieder jaar vele prijzen in heel letterenland maar er is altijd ook veel 
mededinging. De kans om bekroond te worden blijft dus toch steeds klein.
Maar, zoals we zelfs zien bij de kleine Hernehim Prijs Gedicht van de Maand
beschouwt bijna elke dichter het al een eer genomineerd te worden. Zelfs
menigeen voelt zich gevleid als hij of zij gevraagd wordt als gastdichter op
een nieuw maandthema. Het gaat bij veel prijzen dus bepaald niet in de 
eerste plaats om de 'knikkers' maar vooral om de bevestiging te krijgen
gewaardeerd te worden. 


Jeanine Hoedemakers is 'in de race' voor de Publieksprijs van de 2009
editie van de Prijs der Brabantse Letteren. Stemmen mag: LibraLink
Met haar gedichtenbundel "Sierlijk vallen" dingt ze mee. 
Tot 1 maart zal ze nog in spanning moeten zitten....

 

"Sierlijk vallen" is bijzonder, een bundel klein van formaat, passend
bij de kleine gedichten die er in staan. Haiku en senryu zijn favoriete
dichtvormen van Jeanine Hoedemakers. 
Ondanks de kleine afmetingen van het handgebonden boekje, dat werd
uitgegeven door 't Schrijverke in 's Hertogenbosch in de zomer van 2007
staan er 184 van in dit compacte bundeltje. 
De bundel zal slechts bij weinig boekhandels in voorraad zijn, het best
kan men zich met de dichteres zelf in verbinding stellen. 
De prijs van het kleinood bedraagt slechts 8 euro.
De HC redactie beschikt niet over een recensie-exemplaar maar uit de
besprekingen in andere media bleven de volgende twee bij ons naklinken:

de dood ademt niet 
die luchtstroom langs mijn gezicht 
is de wind geweest 

tijdens het wegen 
houdt zij haar borsten vast 
alsof dat scheelt  .  

 

 
 
Jubileumfeestje op komst - De Centrale Bibliotheek Amsterdam en het Open Podium - Geplaatst 1 januari 2009 
De Bibliotheek  Het Open Podium 
Het jaar 2009 wordt een jaar om te vieren voor de Centrale Openbare 
Bibliotheek van Amsterdam. In februari is het al 90 jaar geleden sinds de 
start van de OBA, met tot 2007 een centrumvestiging in een aantal 
grachtenpanden aan de Prinsengracht - maar in juli 2009 is het alweer
twee jaar dat de opvallende nieuwbouw op het Oosterdokseiland met
veel feestgedruis in gebruik genomen werd. 
We moeten nog 10 jaar wachten voor een echt gróóts jubileum, als de 
OBA in 2019 'n volle eeuw bestaat, maar ook het komend jaar zal zeker
niet ongemerkt voorbijgaan. 

In het begin eenvoudig een vestiging waar je boeken kon lenen, is inmiddels
de OBA uitgegroeid tot een veelzijdig brandpunt van allerlei activiteiten. 
Je kunt er internetten, geboeid in 'n luisterboek wegzinken, muziekcd's en
 DVD's luisteren, kijken en lenen, maar ook zijn er allerlei evenementen
te beleven.
Er worden exposities verzorgd, regelmatig zijn er lezingen, interviews met
bekende schrijvers en dichters in het Theater van 't Woord op de hoogste
étage, waar óók regelmatig concerten plaatsvinden. In de Mulischzaal is er
een maandelijks Filosofisch Café en vanaf het Cultuurplein op de 2e étage
zendt Amsterdam FM Radio elke donderdag en vrijdagmiddag een 'live'
cultuurprogramma uit. Op datzelfde Cultuurplein ontvangen Riet Lamers en
Jos van Hest maandelijks dichters, prozaïsten en muzikanten op hun Open
Podium. 

Komende maand, januari 2009, is het vijf jaar geleden dat dit Open 
Podium is gestart. Lamers en van Hest waren toen al de drijvende krachten
achter dit initiatief, dat straks zijn eerste lustrum mag vieren. Sinds 2007
gebruikt Hernehim Cultuur dit Podium mede als ontmoetingsplek voor de
internet dichters die hun werk virtueel bij Hernehim publiceren, maar elkaar
ook wel eens in levenden lijve willen aanschouwen en beluisteren. Vanaf 
januari 2008 werd telkens het Gedicht van de Maand bekroond, wie ervoor
genomineerd werd kreeg een uitnodiging, de winnaar mocht op een vraag-
gesprek met Jos van Hest rekenen. Sindsdien komen er deelnemers van 
ver buiten Amsterdam tot zelfs uit Vlaanderen. 

Riet Lamers en Jos van Hest waren vanaf het begin enthousiast. Jos blikt 
terug op de allereerste middag: "Een vijftal dichters las voor en er zaten ook
nog zeven mensen in de zaal. Gastvrouw Riet Lamers en ik vonden dat we
ermee door moesten gaan. En dat deden we dus". 

De opzet vanaf het begin was: iedereen krijgt een kans, rijp en groen,
plezierschrijvers en (semi)professionals. En zo is het nog steeds. Alle 
genres zijn welkom, gedichten, liedjes, columns, proza-fragmenten, brieven.
Het moet wel eigen werk zijn en men moet zich beperken tot 7 minuten 
per optreden. 

 

Op de bordestreden het Loflied op Am*dam van Simon Vinkenoog

Jos van Hest - al 5 jaar vol aandacht 

In principe kan iedereen zich aanmelden per email aan openpodium@oba.nl 
maar inmiddels is het aantal aanmeldingen zo groot dat de eerstvolgende 
aflevering meestal is volgeboekt waarbij er voorrang wordt gegeven aan de 
nieuwkomers. Het kan dus zijn dat je een paar maanden moet wachten. 
Maar je komt altijd een keer aan de beurt op de laatste zaterdag van de 
maand. Op zaterdag 31 januari wordt het jubileum gevierd. Dan verschijnt 
de bundel "Van het Oosterdokseiland 2008" met 50 gedichten van vijftig
verschillende dichters, die alle gedurende het afgelopen jaar optraden. 
Aanvang 15:00u en de presentatie en het lezen van de poëzie wordt met 
muziek omlijst. Alle bezoekers krijgen gratis een exemplaar mee. 

©  John Zwart - 31 december 2008 - voor Hernehim Cultuur 

 

           Hierboven nog enkele beelden van de OBA Podia in november en december 2008  
 
 
© Copyright Hernehim Cultuur 2001 - 2009                                                                 voor oudere artikelen ga naar archief 2008

 

       

Home Hernehim Cultuurpagina's  


De culturele pagina's worden onafhankelijk geredigeerd en mede mogelijk gemaakt door Hernehim Beheer bv