|
Hernehim pagina proza |
Hernehim![]() |
|
Boeiend om te bezoeken. Vrij en onafhankelijk. © HC 2001-2011 |
Redactie:
John Zwart Voor vorm en beeld Niesje de Jonge en Anke Labrie |
|
|
Laatst bijgewerkt: 31.12.2011 |
| Op deze pagina verschijnen de verslagen
van literaire evenementen en bijzondere presentaties, zowel als recensies door de Hernehim redactie. Ook proza met het karakter van verhalen vinden hier een plek - dit geldt dus niet voor prozatekst die meer als column of cursief gekarakteriseerd kan worden, daarvoor is de Blog en proza pagina bestemd. Ook deze pagina staat open voor vrije
inzending van proza door inzenders Voor vragen betreffende openbaarheid van de
site manier van inzenden etc. |
Archief
pagina's voorafgaand jaar: Verslagen en recensies: Overig proza archief: |
|
| Een Open Podium voor podium indrukken - Hernehim Cultuur stelt wat zaken bij |
|
dit moet me van het hart...
Op deze pagina zullen
voortaan
minder verslagen en
|
Beste lezers, Jarenlang was dit een pagina waarop soms
langere verhalen verschenen, proza
|
| Afwikkeling van achterstalligheid |
|
In november woonde Hernehim nog een Open
Podium van Monique Groeneveld en Jos van Hest bij op het Cultuurplein, 2e etage van de Centrale Openbare Bibliotheek Amsterdam. Een verrassend programma. We schreven er nog wat over. En op 3 december was uw verslaggever zelf deelnemer tijdens het Fluxus Festival op drie verschillende locaties in Zaandam. Aan de vooravond van St.Nicolaas kon dit nog spektakel opleveren, want zowel slammers als ingetogen dichters kruisten daar verbaal de degens. Ook daarover laat Hernehim nog van zich horen.
Vanaf het weekeinde van de 17e december volgt zoals elk jaar een rustige
tijd. |
|
| Een dubieuze poëziewedstrijd - Fluxus Festival Poëzieprijs 2011 - geplaatst 31 december 2011 |
|
Aan het begin van dit verslag
moet ik eerst iemand eens goed in het zonnetje zetten: |
|
...integere handen van Gerard
Beentjes
|
Blijkbaar stonden dit jaargang de
sterren niet gunstig voor Rob. De avond was onzeker |
|
Vlak voor de dag kreeg ik nog een
mailtje van "Fluxus" dat het eerste optreden niet om (Wordt vervolgd.) |
Jolies Heij
|
| Het laatste Open Podium in de OBA van 2011 voor wat Hernehim Cultuur betreft - geplaatst 29 december 2011 |
|
|
De OBA op ODE
|
|
|
De dichters en andere open podium
kunstenaars: Tonny Hollanders is IJslands georiënteerd, Gelukkig komt er niemand met een IJsland- grap op de proppen. Ze las een 'elfje', die horen we niet zo vaak – en ze ging door met gedichten op liefde en erotiek. Goed om warm van te worden op zo'n koud eiland. Cor Bakker heeft vierdimensionale gedachten, hij las uit zijn bundeltje waarin hij graag verwijst naar Pablo Picasso, het zijn namelijk verwoorde dromen. Zoals de Spaanse schilder zijn doeken vaak op zijn dromen baseerde, droombeelden. Ze kenmerken zich door bizarre onmogelijkheden, diverse passeren er de revue zoals in "Koffiemolen op Terschelling" Heleen Heiligers mijmert in haar gedichten over een verlaten huis, dat inmiddels niet meer bestaat. Maar op het podium in zijn verlaten fase weer tot leven gebracht door de dichteres. Een wat trieste, melancholische sfeer rust er op de poëzie over haar voormalig (ouder)huis, gelegen aan de Amstel. Het werd gesloopt voor de bouw van de Stopera aan het Waterlooplein. De nostalgie wordt mooi getroffen met het beeld van de achtergelaten oude motorfiets, eigendom van de vroegere buurman-medebewoner. Opgewekter werd zij in haar gedicht over 'stadsnatuur', die niet afgeleid wordt door alles wat er aan menselijke onrust gebeurt, tijdens een stadswandeling door de Kalverstraat naar de Bijenkorf. Erg genoten heb ik van het spel van twee studenten van het naastgelegen Amsterdams Conservatorium. Stefanie Seidel en Anna Steinkogler vormden samen een duo harp en saxofoon, zij speelden zeer virtuoos de 20e eeuwse Russische muziek van de compo- niste Ida Korovska. Zij kregen al aandacht als openingsnummer en kwamen nog twee keer terug met een stuk tussen de dichters in. Als we hen in de toekomst niet op grote muziekpodia gaan horen eet ik mijn hoed op ;-) |
|
En plots kwam er een groepje van
vier vrouwen tegelijk het podium op. Zij werden wat naar voren gehaald in het tijdplan, want één van hen is vrijwilligster bij de Voedselbank en haar dienst moet stipt om vijf uur beginnen. Een applaus waard zo'n sociale inzet. Ze zijn een Antilliaanse groep van stichting "Simia Literario" – literair zaad – die elk jaar een gezamenlijke bundel uitbrengt. Deze vier leden schrijven in de taal van de Beneden- windse eilanden, Aruba, Bonaire en Curaçao - maar ook in het Nederlands en het Engels van de Bovenwinden. Benedenwinds overheerst het Papiamentu of Papiamento. Op Aruba claimt men 'de oorspronkelijke schrijfwijze', op Curaçao hanteert men 'de logische schrijfwijze'. Twee eilanden zo dicht bij elkaar maar toch iets van eigenheid in de taal, vooral hoorbaar in het verschillend gebruik van de klinkers "u" – fonetisch oe – en "o". Olga Orman verklaarde hoe de slaventaal doorspekt raakte met leenwoorden uit Afrika, uit het Spaans en het Nederlands en later ook het Indiaans van de oorspronkelijke Zuid-Amerikaanse bewoners in de West. In de loop der tijd ontwikkelde zich een zelfbewuste zelfstandige taal die de mensen verbindt met hun identiteit. Joan Leslie schrijft tegenwoordig meest in het Nederlands. Op de Bovenwindse eilanden wordt vooral Engels gesproken. Eugenie Herlaar valt op in de groep, zij ziet er het minst Antilliaans uit. Zij is het kind van een Nederlandse moeder en een Curaçaose vader en bijna blank. Maar wel geboren in Willemstad op Curaçao. Zij hoort dus ook echt thuis in de Simia Literariogroep, want daar gaat het immers om de verschillende kleuren van de Antillen en het zelfbewust zoeken naar de eigen identiteit van elk individu en zijn of haar eigen taal. Zoals er soms wordt gezegd van zwarte mensen dat ze een "bounty" zijn: zwart van buiten, wit van binnen, zo zeggen deze dames dat ze een "bruine bast en witte vingers" hebben. |
|
|
Ik
heb ze lief, © Margerite Luitwieler |
Hun jaarbundel
van 2011 draagt de titel "Die ik
ben" en dat slaat dus zowel op haar die schrijft als op de taal die de schrijfster gebruikt. Verfrissende gezichtspunten, je zou wensen dat spoedig alle Antillianen net zo gaan denken. We hoorden in "Jouw naam" hoe de dichteres staat aan het strand - waar de schepen aankwamen – en de voetsporen in het zand beschrijft van de naamloze slaven. Met die voetsporen en haar gedicht geeft ze die mensen elk weer hun eigen naam. We hoorden ook Arubaans Papiamentu, soms staccato, soms slepend en vloeiend. Zelfs als je het niet kunt verstaan een genoegen om naar te luisteren. "Blakka Uma", een gedicht uit een prentenboek voor kinderen over haarkammen, een heel herkenbaar probleem voor kroeskopjes. En natuurlijk ontbreekt de spin Anansi niet, die uit Afrika meegebrachte slimmerik, die zich op de Antillen heeft ontwikkeld tot een protestfiguur. De dichters van De Kantlijn waren er niet en ook Leonice Leite da Silva was verhinderd en dat kwam niet ongelegen, want het liep met de klok alweer aardig uit de hand. Maar het was wel boeiend, al die aandacht voor ons voormalig overzees gebied. Ik hoorde nog Conrad van de Weetering, rond de tachtig inmiddels en 'still goïng strong': wie zegt nog dat een heel leven als balletdanser ongezond is! Op zijn bekende wijze draagt hij voor op dicteersnelheid. Het dwingt wel aandacht af, ook onze levenslange 'bestuurder' Ivo Opstelten heeft die techniek ontdekt! |
|
Margerite
Luitwieler danste het podium op met haar bundel Op Hoge Hakken
de Trap op. Het was weer de moeite
waard, dit voorlaatste podium, over drie weken al het laatste van © John Zwart – december 2011 voor Hernehim Cultuur |
Een bemoedigend vers Waar
watersnood de geur van Waar
regeringen in langgerekte Zo zullen
wij buigen maar niet breken © Gerdin Linthorst |
| Na 3 jaar weer terug aan de Schelde - Hernehim Cultuur bij de Muzeval - geplaatst 15 november 2011 |
|
Voorbij de hoge toren ligt de Grote Markt met het Stadhuis |
|
|
Daar in die Grote Pieter Potstraat
tref je "De Muzeval" aan in "Den Hopsack",
op elke tweede donderdagavond van de maand. Ik vergeet te vragen wat "nen hopsack" nu eigenlijk is, dus die naam blijft voortaan intrigeren... Bart Van Peer en Frans Vlinderman blijken twee baardige Vlamingen, daar voel ik me al snel bij thuis, al zijn ze van veel jonger jaargang dan ik. Maandelijks nodigen zij telkens een hoofdgast uit, die een heel uur lang flink mag uitpakken tot de pauze. Vandaag de 156e editie is er een dichter uit Nederland: Von Solo, op de komende 8e december zal het Luk Paard zijn – wonderlijkste aliassen treft men op de dichterspodia. In de pauze maken beide presentatoren een lijstje van mensen die zich komen melden met eigen werk. Na de pauze volgt dan nog een uurtje 'n spontaan open podium. Het pand "Den Hopsack"
heeft waarschijnlijk een andere functie gehad – misschien was |
Un petit peu de Montmartre en Anvers... |
|
Ondanks
de avond die door het weer nodigt tot uitgaan zijn er nauw een
twintigtal |
|
In de pauze raak ik serieus in gesprek met de dame die zich niet hoorbaar amuseerde tijdens de pornofragmenten die ons even tevoor werden geschilderd. Wij spreken over de kunst van het gebruik van metaforen en dat is geen toeval. Zij heeft zich aangemeld voor het open podium, maar krijgt een telefoon en moet opeens dringend weg. Helaas nog voor ze me haar naam heeft genoemd. Nog twee personen verlaten het pand en zo blijft wel een zeer pover gezelschap van een dozijn mannen en 1 vrouw over, terwijl toch de poëzie bij voorkeur vrouweninteresse geniet. Gelukkig maken op dat moment Eveline en Els hun entree, ze hebben de hoofdact gemist maar komen nog voor aanvang van het open podium. Zo herstellen zich de sekseverhoudingen weer een beetje. Het begint met Christel, de vrouw die zich zo heeft vermaakt met de nachtfantasieën van Von Solo. Ze betreurt het dat er zo weinig vrouwen zijn, want van die kant verwacht zij de meeste bijval? Maar zij begint met een loflied op de man, die zo presteren moet: buiten op zijn werk en thuis in bed (Oh nee...) Plaatsvervangend vind ik het voor haar man een beetje gênant, want vanaf het podium wijst zij naar haar echtgenoot en licht ons toe dat zij zeer tevreden is met hem, die reeds vijfentwintig jaar met haar 't bed deelt Gelukkig gaat zij niet verder op hetzelfde thema want er dreigt deze avond een lichte overdosis. Christel maakt het mij weer goed door te besluiten met een speels gedicht over het plezier van de "zotheid". Het niveau van de overige open podium bijdragen is zeer variërend, daarin verschilt deze Antwerpse gedichtenavond niet van Amsterdamse podia zoals Eijlders of OBA. Ook mede-organisator Frans Vlinderman (alwéér een alias) draagt gelaagde poëzie van eigen hand voor.
|
Wat nog meer Ik
mis jouw mij nabij zijn, samen tegenaan Ik
mis hoe je me gretig kust, zo zalig zoet Verslag
Muzeval 10 november 2011 |
| "Geef me de stad en ik ben gelukkig?" - Geen verslag, van de Middag van Stadse Dichters op Plein 1813 's Gravenhage - geplaatst 31 oktober 2011 |
|
In 2003 gaf de Uitgeverij P te Leuven een
indrukwekkende bundel uit, waarin een hele optocht van Vlaamse en Nederlandse dichters hun associaties met "de stad" in het algemeen, zowel als één bepaalde stad, bezingen. Zover ik weet is deze bloemlezing waarin alle aspecten in hoofdstukken worden behandeld met in totaal meer dan 200 gedichten, onovertroffen. Het boek "Suburbia" is allang uitverkocht, maar mocht u ergens nog een tweede- hands exemplaar ontdekken: aarzel niet maar koop het, of je krijgt spijt. Hoe kijken die dichters naar de stad? Er is sprake van onvoorwaardelijke liefde op het randje van sentimenteel, maar ook van hartgrondige haat. Hugo Claus voelt de dreiging en het opgedrongen schuldgevoel hangen in zijn stad en Luuk Gruwez zou het liefst zijn stad Kortrijk vernietigd zien in een bombardement, maar krijgt in de slotstrofe alweer spijt: "o, voor ik het vergeet, spaar mijn tante en de haren./ Spaar toch vooral mijn malle nicht/ die dertig is en aan een telraam zit.." Maar Tomas Lieske beschrijft met mildheid en een sprankje weemoed twee oude beschonken zwervers op een bankje bij Paddington Station in Londen. "Wie beschermt die twee? Hun zachte stemmen./ Hoe drukken zij de angst tot onder de klotsende drank?.../ Simon Vinkenoog beleeft Amsterdam vanuit zijn bed door het openstaande raam. "Hoe weet ik dat ik leef? Omdat ik lees en schrijf/ een klok beluister, die het kwartier slaat/ en de passen van een passerend paar?" "Eijlders
op Pad" beleefde gisteren 30
oktober al een tweede aflevering na de |
Rik Comello (Den Haag) hier met
vriendin, |
|
Vriend en collega-dichter Rik
Comello en John hadden beide wel een speciaal nieuw gedicht geschreven, waarin ze elk op hun eigen manier hun liefde voor de stad: "Geef mij de stad en ik ben gelukkig" tot uitdrukking brengen.
De stad, met aan de boorden van haar havens
de toewijding |
© Rik Comello |
|
|
Als toegift deze van scheepsarts-dichter Jan Slauerhoff:
Alleen
de havens zijn ons trouw |
| Het mysterie van het brein - Boekpresentatie in Haarlem - verslag en bespreking - geplaatst 24 september 2011 |
|
Gisteren was het Wereld Alzheimer
Dag en dat werd door Uitgeverij De Brouwerij uit Het komt zelden voor dat een
boekpresentatie zich zó ontvouwt: als uitgebreide video |
Een ontroerende foto van één van de
hoofdrolspeelsters in het boek,
|
|
"...Bert
is mijn mannetje
|
Of deze op citaten van Ben Wikkers: gat
in mijn hoofd |
|
© John Zwart – Hernehim Cultuur, 22 september 2011. "Kus
me nog eens wakker" Fotografie: Bert Verhoeff Teksten van: Gerrit Molenaar Vormgeving: Teun van der Heijden. ISBN
9789078905530 Internet Uitgeverij De Brouwerij
|
Eddy Beugels wordt "de
klopper" genoemd, Eddy is blij Eddy
is blij
|
| Nog meer poëzie in Leeuwarden, afgelopen weekeinde - bericht 16 augustus 2011 |
|
|
Leeuwarden, zondag 14 augustus 2011 - Er was het afgelopen weekeinde nog meer poëzie
in Leeuwarden.
Melvin van Eldik in de Prinsentuin van Leeuwarden - Foto H C |
|
We
schrijven niet zo vaak over slamconcoursen, daar zijn andere sites voor.
Jee
Kast expressief in woord en gebaren |
|
| De Laatste Slauerhoff Wandeling - bericht 15 augustus 2011 |
|
|
Van nieuw en van oud
Hoe het precies was, doet er niet toe. Het was
anders dan de eerste keer op 13 juni, Redactie Hernehim Cultuur De Glazen Koepel te Leeuwarden - © Foto
Friesland Bank |
|
"Alles heb ik
teruggevonden,
Jan Slauerhoff |
Romaanse kerk Jorwert
(ca.1150)© Foto St. Alde Fryske Tsjerken de bejaarde kosteres, die schuin tegenover het pad over het kerkhof woont, heeft altijd het oog op elk komen en gaan... |
| De Landelijke Liefde-wandeling - Een reportage over een cultuur-poëzie-natuur ervaring in midden Friesland - geplaatst op 15 juni 2011 |
|
Op tweede pinksterdag, de
dertiende juni, liepen we de eerste wandeling gewijd aan Jongema State is al een
aantal jaren mijn adoptiegebied als natuurgids, het heeft voor mij |
SLAUERHOFF WANDELING De wandeling verloopt
langs historische dijkjes en bolle bruggen
Vaak ervaar ik dat mensen met
'een groen hart' ook openstaan voor toegankelijke |
|
Landelijke Liefde Wij
stonden gebogen over de vliet; Ons
spiegelend zooals wij niet Een
steen in 't water en terstond Een
zoen, niet bij machte kortstondige weelde Jan
Slauerhoff
|
Het werd een mooie en geslaagde
dag - dat zeg ik volmondig na ervaring van diverse
|
|
Zelfs
op het kleine kerkhof zat zij graag, Daar
wilde ik vóór haar staan, als uit haar droomen
|
Het was een welkome ontmoeting en
kennismaking, al begon het helaas te regenen. |
|
Toen moesten we de lange
wandeling nog maken en het was al bijna half vier i.p.v. Het verslag van onze eerste
Landelijke Liefde-wandeling in 2011*).
|
Traject
Stadswandeling Leeuwarden Traject Slauerhoff
Wandeling |
| *) Interessant? Kijk op Activiteiten voor onze herhalingen | *) de bussen rijden alleen op werkdagen, eens per uur: Jorwert lijn 93, Raerd lijn 94. |
| Het Spaarne stroomt, het Spaarne stroomt voorbij - Een impressie van de Haarlemse Dichtlijn - geplaatst op 6 juni 2011 |
|
Het Spaarne stroomt...het Spaarne
stroomt voorbij...voorbij de stad... Er wordt wat afgewandeld
tegenwoordig. Dat was natuurlijk altijd zo maar ik, uw nijvere De opening weer in de Vishal, dat
lage lange gebouw dat neerknielt bij de Bavokerk aan de |
De St.Bavo aan de Grote Markt |
|
De molen maalt In het
tweede leven er wordt
getrouwd en ja
hoor knarsetandend want een
molen wil iets malen producten
baren, olie © Sylvia Hubers
|
Alle "dienstregelaars"
van de 6 podia grepen vervolgens hun kans om de toehoorders te Toch was ik blij dat ik eerst in
het gevolg van Sylvia mocht vertoeven, op haar tocht door |
|
|
de Adriaan
|
|
Zegt de
ene rietveld- zegt de
andere rietveld- zwanger raken. © Hans Clavin
Zomer II Ruik
eens aan mijn schouder © Myrte Leffring
|
Omgevingsrumoer kan een enigszins
storende factor zijn, maar toch kan een wandeling Van 14:15u tot 15:30u was ik
vrij. Vijf kwartier om vrij in te vullen, maar het aanbod bleek |
|
Het laatste blok van 15:35u -
16:30u waarin ik zelf weer aan de andere kant van de microfoon
©
John Zwart / JohnN
Met dank aan Dries Havermans,
Nuel Gieles, Marten Janse en al die andere vrijwilligers - Hier is een LINK naar de video die de Stichting Haarlemse Dichtlijn maakte van de dag Voor de ouderen onder ons: |
One night song als ik
jou zou jij
dan en als
ik dan zouden
wij dan © Pom Wolff
Het
Donker Spaarne ziet zijn tegendeel Wie
langs 't Donker woont ziet 't leven vrolijk: Een
meisje danst lichtvoetig pizzicato haar © JohnN – juni 2011
|
| Poëziewandeling Oost-Watergraafsmeer - deelnemersverslag van JohnN - geplaatst op 3 juni 2011 |
|
De Amsterdamse dichter Albert
Hoogendijk heeft zijn stadsdeel Oost-Watergraafsmeer Als maker en gids organiseert hij
soms wandelingen met natuur- en poëzieliefhebbers. |
Gemeenlandshuis,
Diemerzeedijk 27, Amsterdam (1727) Eén van de plekken waar we even stil stonden. |
|
Oude Diemerzeedijk
De weg
©
Albert Hoogendijk |
We waren met acht deelnemers, een
mooi aantal voor een gids/dichter om te kunnen We liepen een route die ik hier
eenvoudig weergeef: Nog een stukje door de Indische
Buurt, langs de woning van de dichter en toen hoorden © John Zwart - Voor Hernehim Cultuur, 1 juni 2011 |
| Poëtisch varen op de kleine wind - deelnemersverslag van JohnN - geplaatst op 31 mei 2011 |
|
Vrijdagavond 20 mei kwamen Zaanse
liefhebbers van het woord rond half acht bijeen in |
Kees-Jan
Sierhuis - initiatiefnemer van "de kleine wind" heeft er iets
mee, |
|
Wormerveer
Cor
Bruyn schreef nog van
© JohnN |
Tevoren had ik me bedacht dat het
niet leuk is op een nachtelijk uur op de Dam in Zaandam vorm van een leidingbreuk. Er viel een trein uit en de volgende was 20 minuten vertraagd – en wat was het nog een eind lopen van het station naar de aanlegplaats... De schipper en Kees-Jan stonden al op de uitkijk toen ik er aan kwam over de brug: "hij komt toch wel?" zag ik ze twijfelen. Bijna acht uur, maar nog net op tijd – de diesel werd gestart en spoedig gleed heel wat Zaanse historie en daarmee mijn kindertijd aan me voorbij. Alles nog wel herkenbaar maar natuurlijk ook veel moderniteit en zichtbare welvaart. In plaats van met oude schuiten en pieremachochels pronkt menig zaanerf nu met kapitale jachten. Een paar oude fabrieksgebouwen staan nog in hun oude enigszins vervallen staat: "Geloof" en "Verwachting" - andere hebben een metamorfose ondergaan en daarin kun je nu luxe wonen in een appartement met uitzicht over het water en ver over het land aan de overkant. Op de Noord staan nog een paar van de groenhouten huisjes, zoals eentje waarin vroeger oma en opa woonden, maar de meeste hebben plaatsgemaakt voor flats. Het oude kerkje staat er nog, maar de enorme molenschuur van "De Jonge Prins", die in mijn kindertijd een theaterzaal huisvestte en waar de stem van mijn moeder menigmaal heeft geklonken in één van haar hoofdrollen voor de Zaansche Operette Vereniging, is weg – op de plaats verrees een nóg groter appartementengebouw. De forse toren met zadeldak van de RK-kerk troont daar nog altijd hoog bovenuit. We voeren onder de oude Zaanbrug door, óók al vervangen door een breder en zwaarder nieuw exemplaar. De groei van het autoverkeer sinds mijn jeugd liet zich aflezen aan de grote hoeveelheid bruggen die we passeerden op een tocht van 2 uur, er zijn er minstens een drietal bij gekomen. Al varende werd er af
en toe een blokje voorgedragen.
|
|
De Zaanbocht alweer een stuk
achter ons gleden we langs de Dubbele Buurt en de vroegere |
Het mirakel van Bakkum Ze
sprak plat Amsterdams Haar
meest vermakelijke grap Amsterdam
bracht vrouwen van de wereld Maar
na een glas rosé aan het strand Wat
tijd doet met een oude foto
© Kees-Jan Sierhuis
|
|
Nostalgia Herinnering VertrouwenGeloof Hoop Liefde en Vriendschap grijze namen boven lang verstorven kielzog, verbleekt op een verdwenen rivier verweerde
bakstenen slechts
dichtersstemmen ©
JohnN
watertoren op de voormalige
zeepziederij Jan Dekker De
Adelaar, |
Varend van 'de Koog' naar Zaandam
valt het me weer op welk een metamorfose al die fabrieksgebouwen van
Honig, Verkade en Albert Heyn hebben ondergaan. En ik zocht
meisje van verkade ingehouden
zou ik je moeten proeven allang
aan je verslaafd geraakt wellustig
zwelg ik zonder schaamte dus
heerlijk mag ik jou genieten – puur –
© JohnN
Tekst: © JohnN / John Zwart – voor Hernehim Cultuur 30 mei 2011. |
| Presentatieverslag en recensie "Bedevaart" - de tweede poëziebundel van Atze van Wieren - door John Zwart - geplaatst op 10 mei 2011 |
|
In februari ontving ik een
uitnodiging voor de presentatie van weer een nieuwe bundel met Op zaterdag 26 februari trof ik
temidden van 20e eeuwse nieuwbouw een eerbiedwaardig |
Hantumhuizen - "[...]geslachten/ brachten door de jaren heen |
|
die mij met kleine mond verweet te dun te schrijven. Dit
jaargetij is dun: de
roep van vogels Dun
zijn de jaren die mij resten
|
In het interview met redacteur
Desmensen van Uitgeverij IJzer kwam de wording van De gedichten in de bundel
"Bedevaart" zijn soberder, nog "dunner" in de woorden
van Het gedicht hiernaast: "Verschijning" wordt gelezen, veelzeggend.
|
|
WP99 is de dichters contactgroep
waarbinnen Atze van Wieren zijn werk regelmatig toetst. Van Wieren maakte daadwerkelijk
een pelgrimage langs alle kerken die door hem worden |
Jorwert -
Al die kerken staan daar op met de hand opgeworpen heuvels, |
|
Misschien wel omdat ik temidden van
de Alde Fryske Tsjerken woon, terwijl het Groninger Hoogeland voor mij beladen is met nostalgie. Een merkwaardige coïncidentie dat de Friese dichter Atze van Wieren zijn eerste gedichten van deze bundel ook in Groningen schreef. Het landschap is verschillend. De stad Groningen, kortweg "Stad" genoemd door Groningers, in onderscheid van de provincie, is als dominant centrum van de regio sterk gegroeid in de moderne tijd, terwijl de kleine dorpen van het Hoogeland weinig veranderden. Met uitzondering van enkele heel dichtbij gelegen dorpen zoals Winsum en Hoogkerk bleef veel nog bij het oude. Misschien is het daarom dat het in de kleine Groninger dorpen zoveel indruk maakt als je de nieuwbouwwijken achter je laat en plotseling oog in oog staat met een oeroud verleden. Dan juist lijkt de stad niet ver weg. Hoeveel verleden zal de stad onstuitbaar opeten? Je proeft dat gevoel uit het gedicht 'Kerk te Dorkwerd': "...de stad is met zijn staarogen/ tot op een steenworp genaderd//" "...in de terpzool rest/ van mensen voor wie/ de wierde de wereld was//" "...Ach Heer, keer de stad." In Aduard, ook dicht bij "Stad", die uitspreidende stad: Herinnering aan de abdij met ooit een ziekenzaal waar de lekenbroeders (ziek van zware veenarbeid en het opwerpen van dijken) moesten genezen. Daar zal bij hen de twijfel hebben toegeslagen: "..staarden door lage ramen naar buiten/ Zo, uit hun doen, kwamen de vragen...// Als kleine jongen maakte ik een fietstocht vanaf de Zaan, waar ik toen woonde, en stond in Jisp opeens voor het hek van het kerkhof, waarop versierd met een doodshoofd stond: "Memento mori". Terzijde van de kerk van Leens las Van Wieren: "Sub specie eternitatis" en schreef: "Vlees wordt stof en het woord verwaait/ herscheppen zich tot eeuwig nieuw begin" een hoopgevender benadering van onze eindigheid. Teruggekeerd in "Stad" bezocht de dichter de Der Aa-kerk. "de stilte van het Hoogeland/ zal alleen hoog in de toren/ nog te horen zijn..." Kinderklassen hebben geen oog voor de vermaningen op de pilaren. |
|
Ik lees in de bundel als een
Arabier, van achter naar voren en volg daarbij de dichter in zijn maakproces. In het eerste hoofdstuk duik ik nu onder in de 'Pelgrimage Friesland'. In die provincie doet de stad Leeuwarden minder inbreuk op het landschap, maar dat lijkt tijdelijk. De nieuwe uitbreiding naar het zuiden zal Goutum inlijven, zoals dat lang geleden met Helpman ten zuiden van Groningen is gegaan. Ook noordwaarts wil Leeuwarden groeien. Toch is Friesland leger zoals ik merkte toen ik, jonger van jaren, de Elfstedentocht reed, na eerst de Groningse tegenhanger, de Noorder Rondrit te hebben volbracht. Hier in Friesland kwam het water vaker – en áls het kwam over een veel groter gebied. Een hard en bedreigd leven op en rond die terpen in een rondom godverlaten land. In 'Kerk te Bornwird' vraagt de dichter zich af of ze het hier ooit zonder god konden rooien – en hij denkt van niet. "Welke goden zijn hier/ aangeroepen om vrucht/ te doen dragen en vervloekt/ als de godganse boel/ weer eens onder water liep..." Een hiernamaals als een onmisbare belofte: "...dan sille wij hierneij/ ien better wenning krije". Bij 'Kerk te Raard' moet ik eerst denken aan de houten vóórmiddeleeuwse kerk die daar op de terp moet hebben gestaan aan de Middelzee, nog niet bedwongen en de voorgangers van de Jongema's die daar hun eerste steen nog te leggen hadden... De stenen kerk van nu in Raerd is vroeg 19e eeuws. Maar hier blijkt een misverstand: de dichter bezocht Raard, een ander dorp aan een andere oude zeearm, de Lauwerszee. De kerk daar 13e eeuws, van grote kloostermoppen. Hij denkt aan de steile tijden waarin "koppen op vroom stonden". "Zullen zij hun jassen/ spreiden en hosanna roepen?/ Zullen ze het hek openen...//" en hij treurt om de vliegers die, hier neergehaald, begraven liggen - wachtend? |
Vannacht
een kant en klaar gedicht Het
was in alles af Toen
is het weer gegaan Ik
krijg geen vat op wat
|
|
zeg je. Ik zeg niks. Ik
ben de stille jongen achter
op de rammelende zijn
klomp verloor © Atze van Wieren uit "Bedevaart"
*)
"Hoe God verdween uit Jorwert" - Geert Mak. Atze
van Wieren, Buitenpost. "Bedevaart" – Uitgeverij IJzer,
Utrecht – 2011 |
Ik ken de 'Kerk te Paesens'
waarvan je buiten op het wijde wad alleen de spits maar ziet. Het middengedeelte van de bundel
is het omvangrijkste hoofdstuk dat de titel van het |
| Poëzie a-la-carte aan de Kloveniersburgwal in Amsterdam - een aanbeveling - door John Zwart - geplaatst op 8 mei 2011 |
|
van Hernehim
- de redactie wil graag weer eens aandacht
vragen voor de Poëzie Winkel van Perdu Amsterdam. Want het is toch iedereen uit ervaring bekend dat het aanbod van poëziebundels bij de gemiddelde boekhandel vrij beperkt is, misschien met uitzondering van Selexyz Scheltema in Amsterdam en v/h Van Gennep in Rotterdam. Aan de Kloveniersburgwal 86 in Amsterdam - vlakbij de Munt is een speciale poëzie- winkel waar niet alleen uit een groot assortiment gekocht kan worden, zonder wachten op de aflevering van een bestelling die uw boekhandelaar natuurlijk graag voor u doet... En een belangrijk aspect: u wordt bediend door mensen die alles van poëzie weten, het kan zomaar zelf een dichter of dichteres zijn die u helpt. Tenny Frank bijvoorbeeld, leest zelf graag alle nieuwe titels als eerste - en wat haar bijzonder aanspreekt legt ze graag opengeslagen op de presentatietafel. Dit voorjaar was zij bijvoorbeeld erg enthousiast over "Het Boek der rusteloosheid" van Fernando Pessoa. Dagboekimpressies van de jaren 1930-1932 die zich laten lezen als prozagedichten in de prachtige vertaling van Harry Lemmens. Tenny Frank: "Noodzakelijk, aantrekkelijk, onvermijdelijk is Pessoa voor het begrip van het wezen van Literatuur en Poëzie. Sla "Het Boek der rusteloosheid" op een willekeurige bladzij open, je geest verdrinkt erin en wil nooit meer bovenkomen. Je lichaam zwemt verder …" |
Poëziewinkel Perdu
|
|
Citaten - 1930: "Als ik aandachtig kijk naar het leven dat de mensen leiden, tref ik daarin niets anders aan wat het zou doen verschillen van het leven van de dieren. Zowel dieren als mensen worden onbewust door de dingen en de wereld geslingerd; zowel dieren als mensen vermaken zich met tussenpozen; zowel dieren als mensen doorlopen dagelijks dezelfde organische kringloop; zowel dieren als mensen denken niet verder dan ze denken, en leven niet verder dan ze leven. De kat slaapt en koestert zich in de zon. De mens slaapt en koestert zich in het leven met alle verwikkelingen ervan. Kat noch mens bevrijdt zich van de noodlottige wet te zijn zoals hij is. Geen van de twee probeert de zware last van het zijn op te heffen..." |
1932: |
| Kinderspel en grimmiger vormen - een verhaal over spelen door de tijden heen - door John Zwart - geplaatst op 4 mei 2011 |
|
|
Het naoorlogse spel kreeg realismevormen:
Oudere broers, buurjongens en neven gingen bij de BB, leerden vliegtuigspotten en liepen wacht op hoge gebouwen, op uitkijk tegen het nieuwe "rode gevaar". Ze droegen trotse insignes. Wij droomden ons niet langer indianenopperhoofd of stoere cowboy die zijn lasso zwaaide. We wilden het liefst maar Amerikaanse GI's zijn, kauwden kauwgom en heel stiekem rookten we Lucky Strike. We maakten jazzmuziek op een theekist, wasbord en een toeter als een neptrompet. Op school was er levendige ruilhandel van khakigoed uit de dump - een shirt en kepie in een maat die paste dat was één groot feest. De oudere broers, buurjongens en neven speelden allang niet meer, sommigen gingen naar Korea om "de roden" aan hun eigen front een lesje te leren, de oude die-heart communisten emigreerden naar Nieuw Zeeland, het verst van alles weg. Het was een paar jaar vrede. Maar vrede leek nooit écht geweest. |
|
. wat kippenveren gestoken op een haarband en je was Winnetou |
We werden volwassen en voelden
dat echte vrede iets anders was dan afwezigheid Het varen op benauwde
oorlogsschepen - alleen op de commandobrug is er royaal © John Zwart |
| De nagel van de tijd - een bewogen bundel - besproken door John Zwart - geplaatst 11 april 2011 |
|
Dichtbundel
van Gerard Beentjes (Eemnes). |
Gerard Beentjes draagt voor uit eigen werk © Copyright foto Gerard Beentjes
|
|
|
Beentjes wil niet alleen maar de
buitenkant kennen van andere culturen, hij wil tot "...zeg nu habibi Beentjes beseft wel dat de tijd
en daarmee de wereld verandert, maar hij wil de |
|
de nagel van de tijd De bundel bestaat uit 39 gedichten over 7 hoofdstukken verdeeld: 1. Het
stamhoofd vertelt Het eerste deel – 8 gedichten
– bevat onder andere de hier besproken gedichten |
vertellen een ander verhaal dan ogen die over letters van inktzwarte taal bewegen je
ogen kijken achter mij de
kreukellijnen van je handen je
oren horen een melodie
|
|
Deel zes – zwanger – volgt in
7 gedichten de zwangerschap vanaf 7 weken De bundel 'de nagel van de tijd'
is evenals 'de dame en de vrouw' van Paul © John Zwart – voor Hernehim Cultuur – 9 april 2011. |
| James Joyce - Een mijmering van Ronald Offerman - geplaatst 27 maart 2011 |
|
Hoe zou dat toch komen dat ik die
klassiekers zo traag verteer? Komt dat onwillekeurig door mijn eerbied voor die beroemde auteurs, wat mij belet in mijn gewone vlotte leestempo door zo'n boek te snellen? Er zijn van die boeken waar ik lang over doe. Aan de Toverberg van Thomas Mann ben ik geloof ik al tien jaar bezig. Elke keer pak ik het en lees een stukje. Dan leg ik het weer weg en vergeet het blijkbaar, tot plotseling de gedachte opkomt: "o ja, die heb ik ook nog". En dat is echt niet omdat ik het geen mooi boek vind hoor, integendeel: de Toverberg is prachtig. Oblomov was ook zoiets, ik heb er een jaar over gedaan voor ik het uit had. Oorlog en Vrede, net zo'n tien jaren plan als die Toverberg. En Odyssee en de Ilias pak ik keer op keer, intussen zijn dat ook al weer heel wat etappes geworden. Toch lees ik gewone romans in een keer uit. |
Steeds vraag ik me af of het voor
anderen net zó is of dat ik een buitenbeentje ben. |
| De dame en de vrouw - Geen gewone bundel - besproken door John Zwart - geplaatst 24 maart 2011 |
|
Het is alweer geruime tijd
geleden, dat Paul Roelofsen in samenspraak met Jos van Deze dichter verdiende het mijns
inziens om op Hernehim Cultuur wat aandacht te |
47 gedichten in drie groepen bijeenDe Witte Uitgeverij – 2010. ISBN 9 789461070111 |
|
Paul Roelofsen (2e van
links) in de OBA Amsterdam |
Paul Roelofsen (Harlingen 1940)
heeft een journalistieke achtergrond, schreef ook De gedichten van de bundel zijn in drie groepen ingedeeld: 1. Voor wie niet denkt |
|
Zoals bij Roelofsen te verwachten
is zet hij ons daar weer eventjes op het verkeerde "De dame en de vrouw"
is een boekje vol verbazing en Breughel taferelen, je vraagt |
Troje Het
veulen koldert wolvin
met rode bek rond witte bok en
daar de mannen van het rechte pad voor
jou, Helena lief, in het warme gras,
Uit:
"De dame en de vrouw", Paul Roelofsen –
© John Zwart - 23 maart 2011 - voor Hernehim Cultuur |
| Trapsgewijs - Het vieren van zeventig jaar artistieke traditie. - geplaatst 3 februari 2011 |
|
Nog even terug naar het oude jaar. Het roemruchte Dichterscafé Eijlders,
bij het Leidseplein (komende uit de Leidsestr.
|
Stamgast van het eerste uur
Ed Hoornik
(1910-1970) Dichters van "De Amsterdamse School"
|
|
Naamloos vers voor de naamloozen Het
was een gewone jongen, Een
eenvoudige zoon van zijn vader, Die
uit veelheid veel heeft gezwegen, In
angstuur en heen-en-weer-loop Geen
beitel, geen lier was hem nader |
Dichter-schrijver
Gerard den Brabander (1900-1968) was één van de stamgasten van De dichter De dichter is alleen maar dorst en buikeen tot den boorde berstensvolle kruik Hij gist en borrelt tot hij eindelijk barst en in de droesem zinkt en tandenknarst Dit
kleine gedichtje tekent den Brabander ten voeten uit. Geen ronkende
lofzangen,
|
|
En na het licht En na het
licht ik heb het
ergens Kees
Godefrooij |
Paul en Ron stellen elk jaar
een kleine bloemlezing samen uit hetgeen men in de voorafgaande 12 maanden zoal liet horen. Op de zondag 19 december j.l. was dat een uitgave waarmee het 70 jarig jubileum werd gevierd: "Trapsgewijze woordenstroom". Een veelkleurig boekje, even veelkleurig als dat langste podium dat ik ooit in dit Eijlders meemaakte. Vanaf vier uur liep het uit tot half acht, met gelukkig wel een aantal praat en drinkpauzes. 59 Gedichten kon ik gelukkig de dagen erna in alle rust opnieuw nalezen - 37 dichters droegen er elk een drietal voor. Een marathon van méér dan 100 gedichten overspoelde het publiek. De reguliere podia zijn natuurlijk wat bescheidener in omvang. Zonder er een speciale waardering aan te hechten heb ik er een 4-tal uitgezocht om hier nog eens te publiceren,.Om mezelf een plezier te doen en om mijn lezers een indruk te geven wat ze hebben gemist als ze nog nooit eens naar een "Eijlders podium" kwamen! Ik heb zo'n vermoeden dat die Eijlders Bloemlezingen, die altijd maar in een heel kleine oplage worden gemaakt nog wel eens een 'verzamelobject' kunnen worden. © John Zwart - 3 februari 2011 - voor Hernehim Cultuur |
|
70 oud
geworden toen de stoet met de kist mij ontdekte ik leef nog! riep ik ik leef nog! weggejaagd werd ik maar wat is dit? dit plezier deze jolijt Karel Kramer
|
Tijd van leven Op woeste grond
gevestigd Geef haar tijd
van leven, De wijn smaakt
altijd naar de stok Gerdin Linthorst |
|
Tijd zat Er is nog tijd
zat Tijd speelt
geen rol Ronald M Offerman
|
Op de vierkante meter van het Eijlders podium in actie © Foto Hernehim |
| Bij de VSB Poëzieprijs 2011 - Beschouwing van John Zwart - geplaatst 30 januari 2011 |
|
|
|
|
|
|
|
Eigenlijk is dat een blijvend kenmerk van
zijn werk, zijn fascinatie voor de oerkracht
© John Zwart 29 januari 2011.Voor Hernehim Cultuur Een
klankbeeld over Armando uit 2009 naar aanleiding van zijn 80e
verjaardag
|
Dag en nacht De
blozende dag vertoont zich in een Armando
|
| Het uur van de waarheid - Commentaar van John Zwart - geplaatst 27 januari 2011 |
|
"Wat is de poëzie? Elke
kritiek is weer een poging tot antwoord op die vraag. De volledige inleiding van Nasr is HIER nog te beluisteren.
|
De eregalerij
van de top-10 geflankeerd door |
|
Onder de sterren Onder
de sterren geslapen. Lang in de tijd Ik
zag een foto die iemand vanuit een kuil had genomen. Ik
denk aan mijn vader, heel ver van huis, niet meer Ik
zou zo graag licht willen reizen, met in mijn rugzak
Henk van Loenen Eerste
prijs Turing Nationale Gedichtenwedstrijd 2010
|
Onder leiding van
autoriteit Gerrit Komrij maakte Nasr deel uit van de zeskoppige jury © John Zwart voor Hernehim Cultuur. |
|
Het gedicht "Monumentje" van Anke Labrie staat op pagina vrije poëzie. |
| Revisie op subsidie - Beschouwing van John Zwart - geplaatst 23 december 2010 |
|
Er werd geschreeuwd en ik was bijna in de verleiding ook te
gaan meedoen. |
schreeuwen en boksen |
|
>>>> |
|
Maar misschien kunnen we wel wat geld weghalen
bij de rijke fondsen? Ik bedoel die © John Zwart – 21 december 2010. |
Geef
mij dichters die zich niet zonder
angst voor een valse tegenstem dat
dichters met een keel van zichzelf |
| Dichter Guillaume van der Graft overleden - we staan even stil bij een christelijk dichter - Bericht van John Zwart - geplaatst 26 november 2010 |
|
Zondag 21 november 2010 overleed in zijn
woonplaats Utrecht een dichter die we kennen als Guillaume van der Graft. Als predikant ging hij als Willem Barnard (Rotterdam -1920) door het leven. Je zal maar doodgaan in de slagschaduw van Harry Mulisch, ben je dáárvoor negentig geworden... Ze merken nauwelijks op dat je er niet meer bent. Hernehim Cultuur vindt dus dat we Guillaume van der Graft nog even in het zonnetje moeten zetten. Want naar zijn eigen zeggen genoot hij in literaire kringen maar een bescheiden aanzien. Als tijdgenoot van de vijftigers maakte hij er toch geen deel van uit. Hij had ook geen vrienden bij de Cobra-groep. Ze gingen hem in het afscheid van het leven allemaal vóór: Hans Andreus, Lucebert, Bert Schierbeek. Van die oude kern is nu alleen nog Gerrit Kouwenaar (1923) in leven. Zijn christelijke identiteit maakte dat hij teveel verschilde van Lucebert, Vinkenoog of Kouwenaar. Guillaume van der Graft werkte in het verleden nog samen met Martinus Nijhoff en hij had begin jaren vijftig contact met T.S.Eliot. Eigenlijk was van der Graft zo'n typische dichter-predikant zoals we die in de 19e, begin 20e eeuw kenden. Hij bedreef iets wat hij zelf typeerde als "poëthotheologie" en debuteerde met een verzameling gedichten onder de titel "exilio" in 1946. In totaal heeft hij een 20-tal bundels geschreven. Zijn creativiteit stond nog het meest in dienst van zijn werk als zieleherder: hij maakte veel nieuwe psalmberijmingen en hij schreef 76 liedteksten voor het Liedboek van de protestantse kerk. Vanaf 1998, toen hij deelnam aan de Utrechtse "Nacht van de Poëzie" maakte hij, reeds op leeftijd, een come-back na enkele inspirerende ontmoetin- gen met jonge dichters als Ingmar Heytze en Ruben van Gogh. |
Ds. Willem Barnard - Guillaume vd Graft |
|
Een
voorbeeld van Guillaume van der Grafts poëtotheologie: Blijft de geheimtaal De engel der
menselijkheid moederlijk met een warmte van zon vaderlijk met geur van aarde tussen
de sterren en het water Guillaume
van der Graft
|
Vervulling Zij is
vervuld van mij; Ik
leger mij opzij. mijn
bloed en vlees te worden wanneer
ik niet genoeg van Morgen
is het weer vroeg, dan Uit: "Mythologisch" – 1950 |
| Dichterscafé Eijlders Amsterdam gonst van de poëzie en snelt op een jubileum af - Een verslag van John Zwart - geplaatst 22 november 2010 |
|
Er waren dit weekend weer veel
podiumdichters op pad. |
Een debuut
is altijd een roos waard
Grappige bijdragen van Martin
van de Vijfeijke, dus de lach deze middag ook weer |
|
"Midlife crisis Waarom
werd ik nooit ouder Het gat waarover ik heen en weer spring wordt steeds breder. Wanneer val ik erin?" |
"...De treinen reden over
de dijk en/ het gebouw van machinefabriek Jonker/ stak hoog en donker boven mij uit..." De mooiste regel "Niets kwam er ooit nog terug" naar het slot toe, dat de essentie samenvat. Zelf heb ik mijn werk nagespeurd op ongebruikelijke thema's. Op één punt kwam ik enkele gedichten tegen vanuit de blik op het verval van het eigen lichaam. De enige dichter waarvan ik weet dat die zich daar een hele bundel lang mee bezig hield is de Zuid-Afrikaanse Antjie Krog. In Eijlders lees ik dus als themawerk een 'vervalgedicht'. Een voorbeeld ervan hiernaast (die overigens niet in Eijlders heeft geklonken). |
|
Presentator Paul
Lokkerbol besluit de middag/avond met een mededeling en een (C) John Zwart – 22 november 2010 |
Café
Eijlders, bij het Leidseplein Van september
t/m mei, Elke derde zondag van de maand: |
| Het Nederlands Letterkundig Museum - Een bezoekje van Anneke Wasscher aan Den Haag, en ook des Graven Haeghe - geplaatst 14 november 2010 |
|
|
Letterkundig Museum - De
portretten van de Nationale Schrijversgalerij Het museum exposeert ca.
350 geschilderde portretten en |
|
Letterkundig Museum - Pantheon Het Letterkundig Museum heeft een boek
uitgegeven met kleurenafbeeldingen van Letterkundig Museum en Koninklijke Bibliotheek: het Nationaal Geheugen.
|
Het verstrijken van de uren
dwingt me verder te gaan naar de parafernalia "Schrijven houdt de dood op
afstand." is een uitspraak van Charlotte Mutsaers,
|
| 1927-2010 Harry Mulisch R.I.P. - Harry Mulisch bijgezet in de literaire historie - geplaatst 10 november 2010 |
|
Een flamboyante figuur naar Nederlandse begrippen, en Nederlanders zijn
over het algemeen niet zo gek op typen die zich een verheven stijl aanmeten. Toch is er een verzachtende omstandigheid, die hen geldt die niet uitsluitend met zichzelf ingenomen zijn, maar ook zelfspot vertonen. Dit gaat duidelijk op voor Harry Mulisch de Nederlands-Oostenrijkse schrijver die zich weliswaar met de ganse aardse schepping én het heelal bezig hield, maar ook een echte Amsterdammer was. Grachtengordel, soit, maar wel aan de stad verknocht. Jaren geleden, na de voltooiing van 'De ontdekking van de hemel', zou hij al beweerd hebben dat de Nobelprijs voor de Literatuur hem nu eigenlijk wel eens behoort toe te vallen, een uitspraak die door pers en vijanden - ja die had hij natuurlijk - zo vaak is herhaald, dat de schijn ontstond dat hij voortdurend sprak over zichzelf als de potentiële Nobelprijswinnaar. Maar een andere uitspraak over zijn betekenis in de wereld en de letteren luidt: "Ach, ik heb een aantal boeken geschreven, en dat is alles", en ook: "iedereen moet dat doen waarin hij goed is". Ook zijn kunnen als schrijver relativeerde hij met de uitspraak: "Dat is een talent dat je hebt gekregen, om dingen op te kunnen schrijven. Veel mensen hebben dezelfde aandrang maar kunnen dat niet onder woorden brengen, omdat ze dat talent missen. Zo zou ik bijvoorbeeld willen schilderen maar ik kan dat niet". Om zijn ijver, waarmee hij gewerkt heeft aan zijn oeuvre, zo'n 65 uitgaven - romans, verhalenbundels en geschriften - hoeft hij ook niet aanbeden te worden, want, zo zei hij: "Mijn hele leven heb ik alleen maar gedaan waar ik zin in had". |
![]() Harry Kurt
Victor Mulisch (Haarlem 29 juli 1927), |
|
Ruim een jaar geleden,
in september 2009 verscheen abusievelijk op |
Zijn exhibitie van "bijna goddelijkheid" zou zijn hoogtepunt
hebben gevonden in de uitspraak: "Dat ik sterfelijk ben moet eerst maar eens bewezen worden". Dat tot nu toe iedereen eens sterft zou niet betekenen dat dit onmogelijk ook eens iemand niet zou kunnen gebeuren - dat hij, Harry Mulisch, als eerste mens niet sterfelijk zou blijken te zijn. Maar als je het beschouwt in verband met de kwaadaardige maagkanker die hem trof - waarbij zijn maag in zijn geheel moest worden uitgenomen en hij die aanslag op zijn voortleven overwon - zou je kunnen zeggen dat hij in die fase van zijn leven werkelijk even onsterfelijk is geweest. Marita Mathijsen, emeritus hoogleraar Nederlandse Letteren sprak vandaag, op 6 november tijdens de uitvaart in de Stadsschouwburg ook over die onsterfelijk- heid-uitspraak: "De dood is democratisch en treft toch iedereen zonder aanzien van de persoon. De dood heeft nu bewezen dat Harry Mulisch sterfelijk is. Maar het geschrevene is de overwinning op de dood. Hij leeft dus nog steeds in zijn werk, dat we altijd kunnen blijven lezen". Ammerlaan, uitgever van de Bezige Bij; Mulisch' Duitse uitgever; Van der Laan, burgemeester van Amsterdam; Kitty Courbois; Marcel van Dam, van de vrienden- club en de beide dochters Frieda en Anna spraken mooie teksten, hoe kan het ook anders. Ik weet bijna zeker dat Harry met een glimlach om de lippen in zijn vurenhouten kist lag. "Ik ben de tweede wereldoorlog", ook zo'n uitspraak die gemakkelijk als groot- spraak kan worden aangezien. Maar je zal maar het product zijn van de liefde van een Oostenrijkse nazi-collaborateur en een Duits-Belgisch-Nederlandse Joodse moeder. De splijting tussen 'goed' en 'fout', tussen dader en slachtoffer, liep dwars door zijn eigen persoonlijkheid. De nadering van de gruwel uit het oosten scheidde zijn ouders. De oorlog en de gevolgen ervan zijn duidelijk een rode draad in zijn werk dat hij zelf als een samenhangend geheel ziet. |
|
Er zijn vele interviews opgenomen en op deze uitvaartdag krijgen we
diverse fragmenten te zien. We horen een uitspraak die beklijft. Als kind was hij met de Duitse huishoudster in Berlijn in de Tiergarten, daar raakte hij verdwaald in het Labyrint. Volgens zijn zeggen ontstond zo het eerste besef van zijn levensdoel, de benauwenis beheersen door de dingen te doorvorsen en verklaren. Het kan worden gezien als de kiem van zijn schrijverschap. Afstandelijk en toch empatisch, een contradictie. |
De laatste gang over
Zorgvlied |
|
Harry Mulisch debuteerde in
1952 met de roman "Archibald strohalm", waarmee hij naar de Reina Prinsen Geerlingsprijs dong. Het manuscript leverde hij op de late avond van de sluitingsdag in. En hij won, op 25 jarige leeftijd als jong talent. de Bezige Bij gaf hem uit, al zijn volgende werken zouden door dezelfde uitgever worden uitgebracht. De bekendste overige
romans zijn: Drie daarvan werden
verfilmd* |
Een kosmopoliet, oneindig vele vertalingen van
zijn werk, maar toch een Amsterdammer zoals Van der Laan terecht opmerkt. Tweeëndertig jaar op hetzelfde adres aan de Leidsekade op kuierafstand van het Leidseplein, de plek waar 'alles' gebeurt, in de stad waar Mulisch zich duidelijk het best thuisvoelde. Een kosmopolitische stad met toch ook nog altijd de sfeer van een joods verleden. Want in zijn afscheid van deze wereld toont Mulisch zich echt de Jood die hij in wezen ook is: geboren uit een vol-joodse moeder. Zijn kist wordt nergens gereden, aan de Leidsekade en op het Leidseplein zowel als op Zorgvlied wordt hij steeds op de schouders gedragen. Telkens de gehele weg met een Klesjmer orkestje voorop, dat Jiddische treurmuziek speelt. De hand in wonderen, die Mulisch lijkt te hebben in zijn boeken, kan ook in zijn laatste gang nog worden vermoed, want boven de Amstel prijkt een prachtige regenboog tijdens de korte vaartocht van de Leidsekade naar de Amsteldijk. Weinig woorden daar, de regen stroomt, de kist zakt... Allen mogen een schepje zand op het deksel gooien, iemand gooit nog een bos witte rozen in het open graf, dochter Anna neemt het schepje niet aan, met beide blote handen graaft ze in het zand... Harry Mulisch R.I.P. "Ik ben een groot schrijver, daar helpt geen moedertjelief aan". © John Newswatcher - 6 november 2010.
|
| Een protest van dichter Baban en een reactie van Hernehim Cultuur - een spijtbetuiging van Baban Kirkuki ontvangen 30 oktober - geplaatst 31 oktober 2010 |
|
Beste collega dichters,
Als een dichter had ik de droom om
stadsdichter te worden van Utrecht. Dit is
Toen ik vluchtte uit Irak wist ik niet dat
Nederlands mijn nieuwe taal zou worden.
Het allerbeste,
|
|
| Ode aan de vertraging - een overdenking in het kader van het thema van oktober "stilte - verstilling" - door Annette Reinhoud - geplaatst 26 oktober 2010 |
Ik meen dat ik deze prachtige titel een keer uitgebeeld heb gezien in een ballet van Hans van Manen, waarin het illustere duo Alexandra Radius & Han Ebbelaar in 'slow motion' schitterend recht deden aan een fenomeen dat inmiddels lijkt uitgestorven. Ballet is bij uitstek een geschikte manier om de menselijke beweging van een diepe schoonheid te voorzien waarbij de vertraging extra bewondering afdwingt voor de lichaamsbeheersing van de dansers. In deze perfectie huist tegelijkertijd ook het drama, omdat schoonheid om de schoonheid niets wezenlijks meer toevoegt. Zoals het licht bestaat bij de gratie van het donker is harmonie een schommelend evenwicht. Niets is statisch. Er is altijd een vorm van beweging nodig om zowel tot rust als tot bloei te geraken. Om lekker te kunnen slapen moet je eerst moe zijn. Eten doe je omdat je honger hebt. Drinken om de dorst te lessen. Genoeg is dan ook genoeg en alles wat teveel is verwordt tot ballast. De niet aflatende stroom aan
groots opgezette theaterproducties van musicals, ijs- en Rust, ruimte en stilte…zij
behoren tot de ondergeschoven kindjes van de huidige tijd, |
Ballet "Twilight"
Alexandra Radius en Han Ebbelaar
Een oefenopname van dit ballet met
pianobegeleiding
|
Als alle televisie en filmbeelden die zo pijnlijk snel op ons afgevuurd worden en alle zinloos harde geluiden die dat nog eens moeten versterken in de vertraagde versie kunnen worden uitgezonden, snapt het publiek misschien iets van de beoogde bedoeling van de makers. Dat kan dan zowel betekenen dat er niets meer overblijft van de inhoud, omdat die er in wezen al helemaal niet was, als ook dat de kwaliteit van het gebodene ineens ontroerend mooi en aangenaam diep het hart binnenkomt. Pareltjes van de laatste soort zijn er gelukkig nog wel en zijn dan ook gestoeld op het uitgangspunt: minder is meer. Oude uitzendingen worden
nu meestal als traag en saai bestempeld, maar die © Annette Reinboud
|
| Over het nut van 'geloof in het leven' - bij de grote reddingsoperatie in Chili van 13-14 oktober - Impressie van John Zwart - geplaatst 21 oktober 2010 |
|
Het ziet ernaar uit dat ik mijn
dag-nacht ritme helemaal in de war heb geschopt. Want ik Wel even wat anders dan
geregisseerde emo-tv. Hier zijn kale puur menselijke emoties |
estamos
bien De tekst van het
verlossende briefje dat na 17 dagen
het duurt al
drie weken gedicht van de mijnwerker Victor Zamorano. |
|
Geen
geregisseerde emo-tv, hier zijn kale puur menselijke emoties aan © Foto copyright deMorgen.be
|
Intussen komt het bericht dat de
voorbereiding (er wordt eerst een arts naar beneden |
|
Eindelijk vallen man en vrouw
elkaar in de armen en versmelten een minuut lang... © John Zwart – 13 oktober 2010
|
Eindelijk vallen
man en vrouw elkaar in de armen en versmelten © Foto copyright deMorgen.be |
|
De laatste nacht nog op 700 meter diepte, mijnwerker-dichter Victor Zamorano © Foto copyright deMorgen.be |
Deel 2 – Vertrouwen dat de angst verdringt. Die positieve stemming onder die
vrouwen allemaal samen in die tent op een kale Na mijn ochtendrust kijk ik weer
verder. In de herhaling zie ik nu ook beelden van |
|
Intussen zijn de eerste mannen
alweer veilig thuis. Er is een interview met een mijn- Wij maken vooral in Europa een
tijdperk door van secularisatie. Daar is de laatste jaren © John Zwart – 14 oktober 2010
|
Fenix 2 © Foto Copyright Prensa Nacional de Chile
Naschrift: |
| Seizoensopening Woorden in de Waagschaal, Haarlem - 28 september - bericht van John Zwart - geplaatst 16 oktober 2010 |
Woorden in de Waagschaal, voor het zesde jaar in Taverne De Waag, het historische waaggebouw aan het Spaarne, hartje Haarlem, voortaan op de vierde dinsdag vd maand. De seizoensopening was 28 september. Zoals altijd geleid en met zeer belezen aankondigingen van Dries Havermans. En in het hart van de avond een bijzondere gast waarmee Nuel Gielens een vraaggesprek houdt. Men komt samen vanaf 20:00u, Dries stelt het programma vast en men gaat om 21:00u van start. Altrijd goede geïnteresseerde bezoekersopkomst, 30 á 40 personen, meer plaatsen zijn er ook niet.
|
De straten
zwijgen er verstomd Aan dit
verbanningsoord
|
|
Myrte Leffring |
Twee dichters kwamen
een recente bundel presenteren: Merik van der Torren uit
Je zit bij een zee vol water © John Zwart – 10 oktober 2010 |
| Eijlders met haast ongekend aantal voordragers - Een impressieverslag van het eerste dichterscafé van het seizoen 2010/11 van John Zwart - geplaatst 14 oktober 2010 |
|
Zondag 19 september was Hernehim
weer in Dichterscafé Eijlders in Amsterdam. In de oproep hadden ze gezegd: "Kleur
in gedichten, of kleurrijke gedichten willen Het was een drukke middag, ik heb
het niet allemaal meer scherp in het hoofd. |
Café
Eijlders, bij het Leidseplein Van september
t/m mei, Elke derde zondag van de maand: |
|
Fotoarchief © Hernehim Cultuur (april 2010) |
Ronald Offerman bracht wat "ouwe
dingen" een kleurrijke ode aan de stad Amsterdam in de nacht: "de stad voor mij alleen", helemaal in de stijl van Ramses Shaffy ("het is stil in Amsterdam/ de mensen zijn gaan slapen..."). Bram de Waard kleurde wat minder schilderachtig over "blauwgroene poep" en over "de man die ik ook had kunnen zijn" die faalde: "tien jaar later/ heb ik het gemaakt". Jos Zuijderwijk beschreef met donderende stem - die dag in colbert gekleed – de "kleuren op het voetbalveld" op treurige wijze. Hij liet vervolgens de kleuren van bliksem en donder knetteren in een vervreemdend gedicht over een vakantie- reis met zijn toenmaals driejarige zoon, die spaghettislierten at temidden van het hemelse tumult. Paul Lokkerbol was voor éénmaal ook gestoken in korte broek voor zijn I.M. op de legendarische Wim Schroot met van Annie M G Schmidt gestolen gedichten, zoals Wim dat steeds placht te doen. |
|
Ergens viel een one-liner "liefde
op de arbeidsplaats duurt tot kwart voor vijf". Van wie? |
Sander Brouwer -
J.C.Aachenende kijkt toe |
|
'Gejatte
gedichten' van Wim Schroot "Er
was eens een kalf in Coevorden "Er
was eens een vrouw uit Abcoude,
(Trijntje Fop) |
Peter WJ Brouwer
– geen familie - hield het voor de verandering bij de En
de namen die ik vergat Het is alwéér
Eijldersfeest in Amsterdam – en óók Marathon – a.s.
zondag © Verslag John Zwart – 10 oktober 2010
|
| Over Zaandam en Krommenie, en daar tussenin - Een bericht over De Groote Weiver en meer van John Zwart - geplaatst 9 oktober 2010 |
| Het
is alweer bijna tien jaar geleden dat ik Rob Vos ontmoette: docent drama,
acteur, schrijver, dichter én Zaandammer. Door hem kwam ik weer eens terug in de streek van mijn jeugd: voor een mooi festival dat hij organiseerde in "Het paleis op de Dam". Op de Záándamse Dam welteverstaan. En via hem kwam ik ook terecht bij Stichting Fluxus, in Serah Artisan op de Zaandamse sluis. Na vele jaren en omzwervingen, werd ik me bewust hoe het leven ook was voortge- gaan, hier in de streek van mijn jeugd. Volop nieuwe activiteiten op creatief gebied zijn er gaande daar aan de Zaan. Tijdens zo'n Fluxus Poëziefeest kwam ik in contact met Kees-Jan Sierhuis die vertelde dat er een Dichterskring Zaanstad in het leven is geroepen met tweemaandelijkse bijeenkomsten in de Krommenieër Groote Weiver. Hé, het Weiver? Herinneringen uit een ver verleden werkten zich opeens naar boven. Ik had een visioen van mijn vader, op zijn fiets op weg naar Padlaan, later op zijn Avros brommertje, naar z'n werk. Een gebouw waar een enorme hoofdletter K gevat in een cirkel op het dak stond. Vlakbij was het Weiver. Een stukje Krommenie waar de generatie van mijn vader met het walsen van linoleum, het weven van doek, het maken van blikconstructies en 't zuiveren van stookgas zijn brood verdiende. Aan de
Zaandijkerweg, grens tussen Zaandijk en Wormerveer woont
allang |
|
De
oorspronkelijke Groote WeiverToen nog in de oude gasfabriek. Foto © Vrijwilligerscentrum De Groote Weiver |
Het Weiver was een naam uit het
verleden voor mij, maar mijn gebrek aan kennis is nu ingevuld. In de jaren tachtig kwam de oude gasfabriek leeg te staan - het gebouw met die grote K was al veel éérder gesloopt en heeft plaats moeten maken voor een woonwijk. Het gasfabriekgebouw bleef overeind in afwachting van een bodemsanering. In 1984 werd de gasfabriek gekraakt door een stel creatieve idealisten die vonden dat het gebouw een belangrijke functie in de buurt moest vervullen. Het werd gedoopt "De Groote Weiver" en er kwam een kringloopwinkel, een ruimte voor podiumartiesten, een filmhuis en een eetcafé, waar tegen proletarische prijzen vegetarische maaltijden werden geserveerd. Allemaal functies en activiteiten door vrijwilligers opgezet. Mooie dingen zijn ontstaan zoals een politiek café, benefietavonden voor goede doelen, en heel wat Zaanse bands hebben daar voor het eerst op een podium gestaan. In de beginjaren van De Kift, The Ex, Huub van der Lubbe en Jan Rot, waren ze echt allemaal dáár. Dat alles met zwaar vervuilde grond onder de vloer... Met tegenzin werd er ontruimd in 2006. |
Ik
heb die oude gasfabriek in zijn gedaanteverwisseling naar een sociaal en
cultureel centrum niet gekend, maar ik kan me voorstellen dat het vertrek
is gegaan met pijn |
Ik las erover bij Pom Wolff
die er wél was om zijn guigeltonlijden over het publiek uit |
|
|
Ja, JohnN daar heb je veel aan
gemist, zo voelde ik me wel ingepeperd. Maar op 17 september zou ik al een herkansing krijgen, dan organiseert Kees-Jan de seizoensopening van de Dichterskring Zaanstad in "De Groote Weiver" in Wormerveer met een speciale thema-avond op De Oudheid. Het is een bijzondere avond geworden voor mij, ook al vanwege het weerzien van het drastisch veranderde Krommenie en Wormerveer... maar daarover schrijf ik buiten dit kader. (zie blog - red.)
Hiernaast Kees-Jan in actie in
augustus j.l. |
| Kennismaking
met De Groote Weiver Wormerveer - op 17 september
Het
podium is goed toegerust met meerdere microfoons en een professionele
licht- |
Weer
siddert in mij In de
lenteschemering Zoals
de zoete appel
|
|
.... Hij
die weet zegt het niet.
|
Niet minder meeslepend is Jacob
Spaander – een echte Zaanse naam – maar ik denk dat hij liever bekend is onder zijn artiestennaam Jacob Passander. Hij draagt voor met de begeleiding van de klarinettist Ditmer Weertman. Samen presenteren zij zich ook wel als het duo "Zaagsel en schors" goed voor een lach als je Spaander heet! De dichter met de blonde paardenstaart leest Lao Tse en Plato omspeeld door de klarinetklanken. Ik zie het, zei hij
|
| Ger
Belmer voert me in de tijdmachine van de Oudheid naar de vorige eeuw. Eén van zijn gedichten krijg ik mee voor op Hernehim, een echt sonnet: Akkerliefde Hij
stond tussen koren, was
hij verliefd op haar. Het
bleef bij eenzaam lokken,
|
Het slameffect ontbreekt deze avond
ook niet. Martin Beversluis miste ik in het eerste programmadeel – ik kwam iets later binnen door een zware onweersbui op de afsluitdijk en natuurlijk het nostalgische dwalen door Wormerveer en dat stukje Krommenie dat aan mijn oude woonplaats zit vastgegroeid. Daartegen had ik geen weerstand kunnen bieden. Maar in het tweede deel krijg ik nog een kans hem te beluisteren. Hij doet een paar van zijn bekende successen zoals het gedicht dat hij op Simon Vinkenoog schreef. *) wijziging red. Ondanks de voortschrijdende tijd mag ik óók nog wat doen. En een beetje ben ik daarop voorbereid. Er is een gedicht dat ik las op ongeveer veertienjarige leeftijd en dat trof mij toen als een blikseminslag. Het eerste besef hoeveel lading een gedicht kan hebben, terwijl het toch maar uit enkele strofen bestaat. Het past wonderwel in het thema "De oudheid" want het speelt in Mesopotamië en de beschaving daar is nog ouder dan de Griekse. Het is een gedicht van P.N.van Eijck: "de tuinman en de dood" En als eigen werk ga ik nog verder terug, namelijk naar de prehistorie, gekoppeld aan de actualiteit. Juist in september werd in Flevoland het oudste menselijke overschot ooit in Nederlandse bodem opgegraven, na koolstofproeven geschat op ca. drieduizend jaar. Ik lees het publiek "Onderhuurders in het voorbijgaan" en "Swifterbantmensen". |
|
*) wijziging redactie. In de plaats van het
gedicht "Simon" denkt de redactie de lezers er een plezier mee te doen door het gedicht "Bij de dood van Solomon Burke" te plaatsen. Door Martin Beversluis op de vroege zondagmorgen geschreven. Ik
ben de grote stem die
Martin Beversluis 10.10.10 Is
het niet te paard van Teheran naar Ispahan
|
Een Perzisch edelman: "Vanmorgen
ijlt mijn tuinman, wit van schrik, Ginds,
in de rooshof, snoeide ik loot na loot, Ik
schrok, en haastte mij langs de andere kant, Meester
Uw paard, en laat mij spoorslags gaan, Vanmiddag
– lang reeds was hij heengespoed – "Waarom",
zo vraag ik, want hij wacht en zwijgt, Glimlachend
antwoordt hij: "Geen dreiging was 't Toen
ik 's morgens hier nog stil aan 't werk zag staan, P.N. van Eijck
"de tuinman en de dood"
|
| Tenslotte
word ik nog verrast met het fenomeen: "jammen"! Naast de klarinettist Ditmer Weertman en Jacob Passander, welke laatste nu op een handdrum zijn gevoel voor ritme laat horen, komen er ook nog een blokfluitist en een basgitarist op het podium. Dichters met slam ervaring voegen zich in de muziek met hun voordracht... de ontspannen sfeer en het voorbeeld van Martin Beversluis halen mij over de streep. Ik doe mijn financiële crisisgedicht "wonderbaarlijk slijk" dat heel ritmisch is en in crescendo uit elkaar spat. Ik ervaar een heel leuke avond in Wormerveer, die mij heeft goedgedaan. Ik kom er zeker nog eens terug. JohnN – 8 oktober 2010.
|
| Nederlands en het Afrikaans - Een bericht van Floris Brown en een beschouwing van John Zwart - 19 september 2010 |
| Afgelopen
woensdag kwam weer eens een bericht uit Zuid-Afrika van onze trouwe mededichter, Floris Brown. Eigenlijk was het een uitnodiging voor 't afgelopen weekend, maar ik veronderstelde niet dat onze Nederlandse en Vlaamse lezers onmiddellijk op eerste impuls in het vliegtuig zouden springen. Geen bericht voor de agenda dus, maar het was een goede gedachte van Floris om ons eens deelgenoot te maken van wat zich afspeelt op het gebied van de taal in zijn land. Ik vind dat Zuid-Afrika en het Afrikaans – dat toch behoort tot het Nederlands taalgebied – meer aandacht verdient dan het van ons krijgt. Toegegeven, we hebben veel waardering voor Elizabeth Eijbers, die een groot deel van haar leven in Nederland woonde, en ook schrijvers als Antjie Krog en Breyten Breytenbach worden met enige regelmaat in ons land uitgenodigd, o.a. op Poetry International in Rotterdam. Maar het Afrikaans is een taal in de verdrukking en verdient hartstochtelijke propa- gandisten en hééft die ook in Zuid-Afrika. De dreiging naar de marge te worden gedrukt door overheersing van het Engelssprekend bevolkingsdeel is veel groter dan de invloeden die wij hier ondergaan. Het Afrikaans is een rijke en levendige taal die voortdurend evolueert, je ziet dat heel duidelijk in de poëzie.. |
Breyten Breytenbach Proteaprys vir Poësie 2010 |
Bij
de voorstelling van de debutanten
|
Misschien betekent het besef van
dreiging van marginalisering juist een stimulans |
|
De universiteit van Stellenbosch
kent gelukkig nog steeds een uitgebreide faculteit © John Zwart – 19 september 2010 |
Floris
Brown
|
| DOD - Verslag van een zondag op het Slenerzand, Schoonoord - 5 september 2010 - Terugblik van John Zwart |
|
Het Drentse Open-Dichtfestival
voor de vierde keer alweer, dit jaar een stukje Vanaf elf tot na het middaguur
kwamen de deelnemers in een gestage stroom |
|
|
Het begin is weinig spectaculair
en er is ook nog niet zoveel publiek. In andere Niettemin doet Ko de Laat,
die natuurlijk zijn Festivaldichterschap 2009 mocht |
Kermiseten ’n Beker maïs, ’n fruitcocktailGebrande pinda’s en Krakauer ’n Ribbelreep gebakken meel En in je maag vanzelf ’t Sauer Wie
niet aan oliebollen hecht We
doen ons elk jaar weer tegoed Van
suikerspin tot zwijngebraad
|
|
© Foto Copyright Hernehim Cultuur |
Mart Brok volgt, hiervóór
staat al een impressie van wat hij doet. Hij leest zijn gedichten als een "bluesy" liedtekst met telkens terugkerend refrein en begeleidt zijn kookthema-gedichten met veel spectaculaire rookeffecten. Het wordt een soort jazz terwijl hij met gitaarbegeleiding door Harm Bos van 'wentelteefjes' en 'bakvissen' zingt. Mart, die zijn theaterachtergrond verraadt met zijn optreden, komt oorspronkelijk uit het zuiden (geb. te Breda) maar vestigde zich sinds enkele jaren in ZO-Drente. Voorgoed mag je wel zeggen als je weet dat hij de voormalige waterzuivering-installatie in Nieuw-Amsterdam heeft omgetoverd in een woning + "taalwerkplaats" Verleden jaar al hoorde ik in de
jeugdcategorie de toen 14-jarige Laura van Loon |
|
Iede Koffeman
is terug van weggeweest. Hij heeft een schrijversblok overwonnen. |
|
Hart en tong de liefde van de man gaat door de maagwaarheid van oude zegswijzen maar al wat gezegd is nog niet wijs en de maag een zak met zuur waarin tederheid verteert liever
dan het hart op de tong opdat
|
Telkens als er een blokje van drie
– vier dichters heeft opgetreden is er een onder- breking van 10 minuten tot een kwartier waarin Rob Schapendonk het publiek hapjes serveert vanuit zijn kookkraam, Kunsterik – het pseudo van Rik Holwerda – vult de pauzes op met kleine gedichtjes: "hé kookkunstenaar, wat sta je daar te snijden, in je knollen en citroenen..." John Zwart slaat meestal 's avonds aan het dichten, als de tv uitblijft en het rustig is, wanneer dan de inspiratie komt ontstaan de beste gedichten. Het eten wordt desnoods uitgesteld tot het te laat is om nog te gaan koken. In tegenstelling tot Ko de Laat, die hij in dichtjaren met een flink aantal kan verslaan, vindt hij niets in bestaand werk dat verband houdt met de kookkunst. In de laatste drie weken schreef hij een paar nieuwe gedichten, speciaal voor dit podium: "Langzaam voedsel" en "Hart en tong". Ongemerkt wordt daarmee het bruggetje overgestoken naar de liefdespoëzie via de aanraking van de geliefde, met handen die eerst werden gewarmd aan een soepkom "dan mag ik haar raken/ aan alles wat wenkt". Afsluitend als verrassing een anderstalige bijdrage in de vorm van een ballade van Cornelis Vreeswijk in het Zweeds "Balladen om Herr Fredrik Aakere och lilla söte fröken Cecilia Lind", waarvan John een vertaling maakte met de slotregel "Oh kus me opnieuw! zei Cecilia Lind". |
| Deze
voordracht geeft een mooie aansluiting voor Ria Westerhuis, één
van de twee "Minnezinne-meisjes", die in duo een bundel uitgaven met erotische poëzie in het Drents. Zij is weer één van die dichters die druk aan het kokkerellen gaan op het podium. Haar vaste begeleider Rob Zandgrond – hoe Drents kan een naam zijn! – voegt gitaarklanken toe. Enige 'dubbelzinnige' gerechten tovert ze uit haar pannetjes waar de "schuumkoppen" op stoan en ze werpt bananen naar het pu- bliek. Ria is vrijgevig, en ze biedt zomaar "Hét recept" aan voor Gordon van de salade die ze heeft gemaakt om te serveren aan zijn ex-minnaar. Het
recept dat Gordon zijn ex-minnaar toestuurt |
Henk Boogaard wijdt een
ode aan een muziekinstrument, zijn gitaar wordt |
| Hannelly
Krutwagen heeft het niet makkelijk na dit welbespraakte optreden.
Zij heeft het zichzelf óók nog niet eenvoudig gemaakt. Ze dacht dat ze alles zonder papier moest doen, zoals op slam-competities. Dus doet ze alles uit het hoofd, want ze heeft er zelfs niet aan gedacht het op papier mee te brengen, zodat ze ook geen geheugensteun achter de hand heeft. Knap gedaan, maar één enkele hapering, soms in mooie sonnetvorm, melancholische tafelmijmeringen over verloren liefde, gevoelige gedachten over een naaste die lijdt aan dementie. Machiel Sol zet zijn potjes op een camping kookstel en kruidt zijn gerechten met klanken uit zijn gitaar. Hij is een erotische fijnproever – "....ik ga je niet opeten/ Daarvoor ben ik teveel een proever, een/ Bijter en een snoeper … " – zoals hij zich toont in de voordracht van het gedicht "Vrouw", dat ook in de Festivalbundel 2010 staat afgedrukt met een foto om van te watertanden. Mischa van Huijstee, de man die de over-zelfverzekerde Rita Verdonk zo mooi in een prozagedicht neerzette. Hij heeft een hele act uitgewerkt en neemt tijdens zijn voordracht zelf plaats in een kookpot, als de missionaris bij de kannibalen. Het gedicht heeft een wijde horizon die gaat van de 'oersoep' tot aan een pakje kant-en-klaar in één minuut. De vlammen onder zijn zitvlak zijn symbolisch, gelukkig maar, er zou een vreemde soep uit hem zijn getrokken met het aroma van zijn stoere tuinmanschoenen. Tenslotte Delia Bremer, als altijd blootsvoets. Danst en schildert en dicht – en wat al niet méér. Schrijft zowel Drents als Nederlands en komt met mooie tekst met gelaagde inhoud. Ze is vergezeld door haar vaste begeleider op gitaar. Voor de vierde keer neemt ze deel aan dit festival en eindigde al eens op de derde plaats. Intussen is ze merkbaar gegroeid in de kwaliteit van haar werk. Twee jaar geleden behaalde Delia hier de derde prijs.... Wat wordt het nu....?
Nico Dijkshoorn en Ko de Laat
verzorgen samen het grote afsluitende blok, |
"ik ga zitten til
je mij op in een dans je
bent warm liefde
zingt in je gezicht gaat de brug weer dicht"
|
|
© Foto Copyright Hernehim Cultuur |
De Festivaldichter 2010 is
Delia
Bremer uit Nieuweroord - opkomend talent Hée: "En die andere Laura
dan, Laura Wijnands?" zult u als oplettende lezer © John Zwart – voor Hernehim Cultuur 10 september 2010 |
| Veel bomen omgewaaid, één heel bijzondere op 17 augustus 2010 - Beschouwing van John Zwart |
| De
zomerstormen van augustus hebben daken en caravans en ook bomen belaagd. Veel bomen, vol in het blad, waaiden om, overal in het land, in Twente zelfs rond de vijfhonderd. Een bijzonder slachtoffer viel in Amsterdam, Keizersgracht 188. Acht jaar werd gestreden om die boom tussen het stadsbestuur en de omwonenden. Vellen en opruimen, of laten staan tot het natuurlijke einde komt. Door criticasters werd nogal gesmaald over die overdreven sentimenten. Nu is de 173 jarige kastanje gevallen. Jammer, maar het zou eens gebeuren. Kwalijk vind ik dat opnieuw weer mensen hun
stem verheffen om hun 'gelijk te halen' Laat ik mij nu dan óók eens in de geest
van Anne Frank verplaatsen. Ik denk niet - John Zwart 31 augustus 2010 |
23 februari 1944 April is inderdaad schitterend, niet te warm en niet te koud met zo nu en dan een regenbuitje. Onze kastanje is al tamelijk groen en hier en daar zie je zelfs al kleine kaarsjes. 13 mei 1944 Onze kastanjeboom staat van onder tot boven in volle bloei, hij is zwaar beladen met bladeren en veel mooier dan verleden jaar. 15 juni 1944 Zou het komen, omdat ik zo lang m’n neus niet in de buitenlucht kon steken dat ik zo dol op alles wat natuur is, ben geworden? Ik weet nog heel goed, dat een stralend blauwe hemel, piepende vogels, maneschijn en bloeiende bloemen m’n aandacht vroeger nog lang konden vasthouden.
|
Aesculus hippocastanum 1686124
|
Boomnummer:
1686124 Einde natuurlijke levensduur: augustus 2010 (173 jaar)
|
| Prinsentuinen veroverd door slampoëten - 8 augustus 2010 Verslag - door John Zwart met tekstaanvullingen en foto's van Anneke Wasscher |
| Niet alleen
Groningen kent een Prinsentuin in het oude centrum, ook Leeuwarden heeft er één, die is misschien zelfs al ouder, want de tuin maakt deel uit van het verdedigingsbolwerk van de historische stad met de Oldehove. De Leeuwarder Prinsentuin is ook al heel lang 'cultureel groen' - want er staat een muziekkoepel tegenover de 'uitspanning' "De Koperen Tuin" met de naamgeving waarvan eer wordt betoond aan de Leeuwarder auteur Simon Vestdijk. 's Zomers worden in die koepel concerten gegeven. Nu is er een nieuw initiatief waarmee de Leeuwarder Prinsentuin zich ook poëtisch manifesteert tegenover het festival van die naam in Groningen. Melvin van Eldik heeft vandaag in 2010 in Leeuwarden iets neergezet zoals Tsead Bruinja in 1997 dat deed in Groningen: Dichters in de Prinsentuin van Leeuwarden dus vandaag. Wellicht het begin van een nieuwe slamtraditie. Wéér een zomers openluchtfestijn met het voordeel ervan (de mensen komen graag de deur uit) maar óók met het risico van slecht weer. Het geluk is met Melvin en zijn slamfeest. Ik tuurde 's morgens naar de lucht en op de buienradar en kreeg toen twijfel: "als het regent ga ik er niet eens heen..." Maar rond twaalf uur breekt de lucht, het wordt een mooie droge middag.
|
De
organisator timmerde flink aan de weg:zelfs posters verschenen in het stadsbeeld, zoals hier op het Raadhuisplein. (© Foto Anneke Wasscher) |
|
Gijs ter Haar in de
Prinsentuin Leeuwarden |
Op naar Leeuwarden dus, net als Erika
Destercke, Martin Beversluis, Daan Doesborgh, Wibo Kosters, Joost Oomen, Mark Spijkers en Gijs ter Haar. De zon schijnt, de singel ligt propvol van bootjes met luchtig geklede mensen, over de golvende paden van het bolwerk maken vele Leeuwarders en toeristen een zondagswandeling. Rond de muziektent klinken klanken uit blik en er zijn nog maar hooguit 30 mensen verzameld, staand of zittend in de nabije grasranden. Het is toch wel hier... toch niet in caférestaurant De Koperen Tuin aan de overkant van de vijver...? Maar het is wel degelijk in de koepel, waar het instrumentarium van "Winterjong", de muziekgroep van Boris de Jong, staat opgesteld. Als het om kwart over twee begint en de aankondiging schalt uit de boxen, worden heel wat voorbijgangers aangetrokken zodat het gehoor flink aanzwelt, gelukkig maar, dit slamfeest verdient de zegen van de zon en een veel groter publiek door het "zwaan-kleef-aan effect". Het zijn behoorlijke zwaargewichten die hier met elkaar de strijd der talenten aangaan. Zelfs ondanks het uitvallen van Ellen Deckwitz, die in december 2009 in Utrecht de NK finale won, zal ieder al z'n zeilen moeten bijzetten om hier te kunnen zegevieren. Hoewel ikzelf deze jonge Amerikaanse stijl
van voordragen niet beheers kan ik wel
|
Mark Spijkers vertegenwoordigt de "buitencategorie" want eigenlijk is hij geen slamdichter. Deze stadsdichter van de gemeente met een veel te lange naam waarvan Dokkum de hoofdplaats is, leest zijn eerste ronde wel degelijk zonder papier, zoals mannen als Gijs, Martin, Wibo en Daan dat vrijwel altijd doen - voor een niet-slammer is dat bewonderenswaardig. "Vreemdgaan is erg/ vreemdgaan is erg mooi/... roept de lange, langharige Mark, om dan tot de conclusie te komen "tussen vriendschap en seks bevindt zich een bed". Voor wat betreft Erika Destercke ben ik helemaal in het hoekje van het vóóroor- deel beland want j.l. maandag heb ik alles van haar al kunnen horen op de Maan- avond in Emmen. Joost Oomen ("JA tegen valkuilen in het huwelijksbed") is voor mij de volslagen onbekende, met net twintig jaar jonger nog dan Daan. Hij zet ook een knappe voordracht neer met grote inhouds- en gevoelswisseling. Naar mijn indruk leunt hij bij de "felle" gedichten iets te zwaar op het volume. Je kunt verbaal "slammen" (=gooien, smijten) maar je kunt ook door de mensen héénschreeuwen, waardoor je ze juist niet meer bereikt. Ach, ik ben maar een leek, dus dit is een terloopse opmerking v.w.b. mijn gevoel hierbij. Men moet die maar nemen voor wat die waard is. |
Wibo
Kosters |
![]()
De twee deelnemers uit Friesland - links
Mark Spijkers, rechts Joost Oomen |
Veel indruk maakt Gijs op mij in zijn tweede
blok met zijn gedicht dat hij opdraagt aan "de moeders" (van Leeuwarden) - daarbij krijg ik echt kippenvel omdat het wel lijkt geschreven op de actualiteit van de dag. Het drama van Nijbeets is er voor mijn gevoel zóver ingekropen dat zijn gedicht "actualiteit" ter afsluiting hiermee bijna overbodig wordt. Martin brengt op het thema ontroering een tekst over zijn overleden vader en zijn beslissing om zelf kinderloos te blijven "er zullen geen nakomelingen zijn/ als ik doodga ga jij ook". Ontroering is er ook bij het luisteren naar Joost als hij een liefdesgedichtje kiest "...een opgedraaid muziekdoosje/ een melodie om op te sterven..." Gijs schildert met rake realistische zinnen de ontluistering van de ouder wordende vrouw die tevergeefs haar onweerstaanbaarheid van weleer blijft demonstreren in "Stervende meisjes" ....de kont die net geen kont meer is... " Slamdichters lijken toch vaak een somber wereldbeeld te hebben waarvan ze schijn en verval scherp in beeld brengen, maar dat doen ze met een cynisme waaronder de goede luisteraar mededogen kan vermoeden. De pauzeblokken worden door
"Winterjong" volgespeeld en gezongen met al even |
"Winterjong" vormt een perfecte muzikale achtergrond voor een slammers- podium. De groep brengt de cd "Slapen is voor dromers" uit, met feestelijke doop in Bellevue, Amsterdam. (in december a.s.) We horen hiervan hier al "ochtendgebed" en "sigaret". De uitslag. John Zwart, voor Hernehim Cultuur -
met aanvullingen van Anneke Wasscher. Hiernaast> Aan het slot ontvangt
iedereen nog een "Paspoart foar Fryslân". |
© Foto Anneke Wasscher |
| Maanavond in poëtische setting - Een verslag van een tuinpodium van Drenthe Poëzie op 2 aug - door John Zwart |
| Stichting
Drenthe Poëzie heeft als opmaat naar het grote jaarlijkse
festival, dat op het Sleenerzand van Natuurmonumenten wordt gehouden, een serie "Maanavonden" op het programma staan. "Maanavond" klinkt toch heel anders dan maandagavond, al zijn alleen maar drie letters weggelaten. Maandag 2 augustus werd de tweede.in de reeks, waarvoor telkens geprobeerd wordt een locatie te kiezen die aanspreekt en de titel recht doet. In juli was men al bijeengekomen in Schoonoord bij de "Papenloze Kerk" het gerestaureerde koepelhunebed in deze regio, waar voelbaar het historische zwijgen van talloze eeuwen hangt. Afgelopen maandag werd ik naar Noordbarge geloodst, voorheen een randgemeente, nu behorend tot het veel grotere Emmen. |
het
historische zwijgen...
|
|
"De Stroetenhof" - Foto: Stiltetuin De Stroetenhof |
In een jonge groene wijk, bereik ik
langs een onopvallend graspad tussen struik- gewas door een verscholen grote tuin: Stiltetuin 'De Stroetenhof". De tuin is een aaneenschakeling van stukjes bos, open plekken, grasveld, natuurlijk begroeide bloemrijke perken en een vijver. Hier niet de stilte van het besef van ongetelde eeuwen maar de stilte van een natuurtableau, intiem en rustgevend. De behoefte aan zo'n plek werd in 1999 gevoeld door een groepje initiatiefneemsters die hiertoe een stichting oprichtten. Rust, inkeer en ingetogen creativiteit kan hier worden beleefd, daarin past ook voordracht - vrijwilligers zorgen voor de inspirerende omgeving. Zo'n veertig liefhebbers komen vanaf halfacht in
groepjes binnen. De zon laat zich |
| Het is
niet uit gemakzucht dat ik hier uit de aankondigingen van Rik citeer, het
is nu eenmaal wat gênant om een rijtje dichters aan te prijzen als je zelf in dat rijtje staat... "Voor Joke Rhebergen (Emmen) is een optreden in de Stiltetuin een thuiswedstrijd. Haar dichttalent heeft lang gesluimerd en kwam eerst naar buiten op latere leeftijd. Na diverse publicaties in poëzietijdschriften bracht zij in mei dit jaar een bundel uit: "Lawinehekken" Al lijkt de titel te verwijzen naar een ver Alpenlandschap blijft Joke met bijna al haar werk dicht bij zichzelf en haar dagelijkse bestaan. Schrijven geeft de Belgische dichteres Erika Destercke veel voldoening. Maar soms kan schrijven ook heel frustrerend zijn als een woord haar maar niet loslaat. Haar rugzak zit vol met kleine strookjes papier waarop zij haar gedachten schrijft. Soms zijn het verhalen van anderen, vrienden, medereizigers in de trein of gebeur- tenissen in de stad die de inspiratie vormen voor een nieuw gedicht. Erika volgde 'Literaire Creatie' aan de academie te Deinze en trad al meerdere keren op zowel in België als in Nederland. De Vlaamse dichteres was in 2009 ook te gast op het derde Open-Dicht Festival in Drente. John Zwart heeft zijn "roots" in de Zaanstreek liggen. Vijftien jaar zeevaren, een jeugd tussen schepen, voorliefde voor Jan J Slauerhoff en een filosofische levens- visie vormen de basis voor zijn gedichten. Sinds 2000 werden er een aantal in diverse bloemlezingen opgenomen, en kwam een drietal bundeltjes uit in eigen beheer. De laatste, "Zeearmen", is daarvan de meest succesvolle." |
In de Stroetenhof -
Noordbarge - naturel optreden in een bosamfitheater |
|
|
Joke is als laatbloeier heel blij met haar
bundel die dit jaar tot stand kwam dankzij de inzet van haar levenspartner. Zij houdt van woordspelingen en opsommingen waar ze dankbaar veel verrassingen in kan verstoppen. Ze oogst herhaaldelijk een glimlach. Haar boekje zit vol met 'geeltjes', die zal ze ons liefst allemaal willen lezen. Ze is hier als enige uit Emmen, dan mag je terecht rekenen op "een streepje vóór". Tegen het einde van de avond mag zij nog een toegift doen. Jammer is dat ze zich- zelf daarbij verliest, elke spanningsboog kent immers zijn einde bij het vriendelijkst publiek. "Less is more" is de bekende wijsheid voor podiumkunstenaars die ik Joke wil meegeven. Erika heeft haar repertoire, evenals ik, kennelijk ook wat aangepast aan de locatie. Ze laat ons mooi 'natuurwerk' horen. Maar ook krijgt zij weer de lachers op haar hand als ze denkend aan "Het grote voorlichtingsboek" ook keuzes uit haar scabreuze repertoire niet schuwt. "Als het wat later wordt op de avond, word je ondeugender Erika!" zo vat Rik het voor ons samen. JohnN (John Zwart) had als 'natuurman' van tevoren vanzelfsprekend allang rond- gekeken in deze Stiltetuin via de website, die er mooi fotowerk van vertoont. De stilte als onderwerp drong zich onstuitbaar op met nieuwe inspiratie. Hij opent met een cyclus van drie korte gedichtjes, nieuw geschreven speciaal voor deze plek. Dat wordt door de tuinbeheerders en vrijwilligers bijzonder gewaardeerd. |
|
als er woorden vallen als er woorden vallen eigenlijk zou ik hier moeten
zwijgen door een dichter met zijn
woord die haar de stilte is het kwetsbaarste niets (zonder titel) we leven in een luide wereld © JohnN |
Keukenplezier Er
is het eiwit schuimend de
bloem op de vensterbank is knap in de hoogte geschoten met
tijd goochelt de oven de
stengel door de warmte verzwakt
© Erika Destercke |
|
|
In deze stille tuin in Emmen is daar opeens een
stille tuinman die opstaat en vertelt dat hij niet alleen tuiniert maar óók wel eens een gedicht schrijft. Hij laat parlando horen. Het gaat over een zeilmeisje maar dat vergeef ik hem graag. Mischa van Huijstee verrast en heeft zich nu al een plekje bij Hernehim Cultuur veroverd op de blogpagina. Naar de reacties te horen is iedereen zeer tevreden
met wat er geboden is.
© John Zwart voor Hernehim Cultuur - 4 augustus 2010. Hiernaast: Voor aanvang en tijdens de
pauze
|
| OBA Open Podium juli editie - Verslag, Amsterdam 31 juli 2010 - door John Zwart |
| De
laatste zaterdagmiddag van de maand in de Centrale
Bibliotheek van Amsterdam, dan is er altijd dat podium, het enige dat geen zomerstop kent. Hernehim Cultuur maakte het weer eens mee op 31 juli. Het is de 79e keer meldt Jos van Hest trots. Het podium floreert nog steeds, altijd een maand vooruit al volgeboekt. Riet Lamers heeft het er druk mee. Zij heeft assistentie gekregen: voortaan wordt de organisatietaak verdeeld tussen Monique Groeneveld en Riet, deze vraagt iedereen mee te werken door het mail-verkeer uitsluitend over het adres *openpodium@oba.nl* te verzenden. (*asterix weglaten) Er komen een aantal bekenden aan de ovale tafel van
Jos: Martin van de Vijfeijke, |
Centrale Openbare
Bibliotheek Amsterdam, Oosterdokseiland © Eigen foto: Hernehim Cultuur |
|
De Blaffende Honden op
het Leidseplein |
Moedige debutanten zijn er ook: twee leden van de Schrijfclub De Kantlijn en Jeanine van Dijck met poëzie uit de kaaswinkel, maar de meeste moed toont de jonge Marcus Meesters, die een groot aantal aquarelillustraties heeft opgehangen op de rij panelen achter de grote tafel. Die illustraties maakte hij bij de verhaaltjes die hij bedacht op het Vondelpark. Plaatjes en teksten vormen samen een prentenboek dat hij in eigen beheer heeft uitgebracht via 'drie musketiers'. Een kloek besluit nadat een aantal uitgevers hem had afgewezen. Duizend (!) exemplaren waren nodig om de magische verkoopprijs van € 14,95 voor een geïllustreerd boek in vierkleurendruk haalbaar te maken. Ook hij heeft iemand meegebracht die hem ondersteunt, Hetty, die één van de tien verhalen uit het boek - over bosmuizen en een vleermuis - aan ons voorleest. 33 Dozen staan er opgestapeld in de woonkamer van Marcus, die ze vol vertrouwen aanbiedt bij de speelgoedbranche. Het optreden van Ronald Offerman beschouw ik ook als een moedig debuut, want net als Vesna laat hij zichzelf zien op een manier zoals ik hem nog niet ken: als lid van een driemanschap "De Blaffende Honden", ze treden op met een combinatie van Amsterdamse poëzie, idem zang, met professionele gitaarbegeleiding. Michael Abspoel zingt met zijn heldere stem over "Tante Jans", die dood is. Op voortreffelijke manier komt de Amsterdamse Tante Jans tot leven, begeleid door de Friese Peter Hoekstra op gitaar. Bezoekers van Dichterscafé Eijlders aan het Leidse- plein hebben al eerder met dit drietal kennisgemaakt, voor mij een verrassende nieuwe beleving van "smartlappen" in een originele benadering. Was "Tante Leen" ooit een begrip in de Jordaan toen die nog 'die ouwe Jordaan' was, voor de faam van "Tante Jans" verdwijnen alle beroemde bouwwerken en pleinen van Amsterdam van de aard- bodem, in de schaduw van haar overlijden. "Iedereen heeft toch wel zijn eigen tante Jans, of tenminste eens gehad". |
| Nog een
verrassing is Edwin Mulder (onthoud die naam), voor het eerst aan
tafel met Jos van Hest. Zijn leven bestaat uit "een creatieproces en een krantenwijk", zo vat hij het zelf samen en geeft daarmee al aan hoe de producten van dat creatieproces er ongeveer uitzien: korte teksten met onverwachte wendingen vol licht cynische humor. Gedichtjes die meer kleine liedjes zijn en soms lijken op citaten uit een cabaretvoor- stelling. Makkelijk in het gehoor, dus blijven ze bij, maar daardoor niet alleen: "... de mensen, ze komen, de mensen, ze gaan ze hebben een lege blik en 1 van die mensen ben ik ..." "... beste god, ik heb alles gedaan wat u zei kom nu maar met uw geluk ..." Uit een ontmoedigende toespraak voor twee mensen die een relatie willen aangaan: "... tot jullie 80 zijn gaar sudderen en elkaar in de naam van de liefde stukje bij beetje uit elkaar trekken..." Het is beslist wáár wat de OBA in de aankondiging
van het maandelijkse podium wil komen luisteren, altijd weer verrassende optredens".
©
John Zwart voor Hernehim Cultuur - aug
2010 |
Edwin Mulder vertelde dat hij ook
actief is als DJ |
| De 13e editie van het Poëziefestival "Dichters in de Prinsentuin" Groningen Stad - 28-30 juli 2010 - Impressieverslag van Anneke Wasscher en John Zwart |
Het is vandaag 28 juli en ik ben op weg naar Groningen voor de openingsavond van dat jaarlijkse festival dat zo langzamerhand al een wijdverbreide reputatie begint te verwerven. Voorgaande jaren vond die aftrap meestal plaats in Jazzcafé De Spieghel, maar nu heeft de organisatie de blik op "de Puddingfabriek" laten vallen. Een jaren dertig ex-industrieel complex waar ik eerder al eens de presentatie door uitgeverij Passage van de bundel "Bronwater" van Diana Ozon meemaakte - het gebouw kreeg een nieuwe functie als congres- en zalencentrum. Als thema voor 2010 heeft de Prinsentuin "Poëzie
als dagelijks brood" gekozen |
|
|
© Hernehim
Cultuur |
De Puddingfabriek heeft een soort atrium
met groene accenten rondom een centrale grote plataan en boven ons hoofd hangen omgekeerde kelken die nog het meest lijken op reusachtige witte puddingvormen, waarin later op de avond gekleurde lampen zacht zullen gaan gloeien. Maar voorlopig schijnt nog volop de zon. "Gaat het hier buiten gebeuren?" vraag ik de mannen, druk bezig op het podium, naar het voor de hand liggende antwoord. En ze hebben gelijk, waarom zou je ook binnen gaan als het buiten een mooie zomeravond is, het is immers vanaf de start een tuinfestival geweest. Voor de aanvang lopen er heel wat dichters rond "in het wild". Ik zie Nanne Nauta, die 't eerst zal optreden, Tsead Bruinja, de "aanstichter" van dit alles dertien jaar geleden, die me onlangs weer verraste met een prachtig "instantgedicht" als "dichter van de dag" op radio 1, Anneke Claus, de jonge stadsdichter van Groningen. En natuurlijk zie ik ook heel wat deelnemers die morgenmiddag of vrijdag in de Prinsentuin aan de Turfsingel optreden: Frouke Arns, met bescheiden trots op haar Meanderprijs dit jaar, Koos Hagen, Jolies Hey, Fieke Gosselaar, Jelou, Joost Baars, Delia Bremer, allemaal heel bekende gezichten, ook voor mijn lezers denk ik.
Käthy de Jong (r) en Grietje Elzinga (l) zijn er ook al vroeg |
| Het gaat
beginnen. Ik mis de gedreven, steevast in spierwit pak gestoken, Klaas Knillis Hofstra. Een onbekende bebrilde presentator neemt deze avond voor zijn rekening. Later verneem ik dat het Peter van der Beek is, enthousiast is hij wel: méér dan tachtig dichters zullen er optreden over de komende dagen en de Kleine Uil heeft de bundel waar ze allemaal met één gedicht in staan al klaarliggen, met de openingskorting eraf slechts € 7,50. ISBN 978.90.77487.89.1 Ik had me al afgevraagd wat "flarf" toch wel kon zijn, het associeert mij met een slecht dessert, zoiets als "haagse bluf", zoet schuim waarvan een grote hap een verdwijntruc speelt in de mond. Maar in de poëzie is "flarf" iets heel anders: een poëtisch spel op de computer. 1. Bedenk een zoekterm op Google, 2. Open het resultaat en kies een regel tekst, 3. Open een volgend resultaat en kies opnieuw een regel tekst, enz... Zo bouw je een gedicht. Wie van absurdisme houdt slaagt gegarandeerd. Nanne Nauta geeft een live-demonstratie waarin de logica doeltreffend wordt verslagen: "Heeft iemand nog vragen?" Na de snelle bloei van "slam" is een nieuwe dichtvorm geboren "flarf". Onthoud die term! Dan is "poetracks" aan de beurt. Daarmee volgt de synthese van poëzie en muziek. De beamer wordt gestart en opvolgend vloeien de portretten van W.F. Hermans, Harry Mulisch, Hugo Claus, Remco Campert enz. over het scherm, terwijl "Chopwood" Odilio Girod zich met stem en synthesizer in de gedichten verliest. Het gaat niet aan te zeggen: "het voegt een dimensie toe". De gedichten vormen een bron voor nieuwe muzikale inspiratie. Odilio is het instrument om daaraan vorm te geven, met geluid en lichaamstaal. |
Een deel van het publiek in het atrium van de Puddingfabriek |
|
© Hernehim Cultuur - Zinderende "Poetracks" van Tom Pintens |
Natuurlijk is er ook gewoon voordracht.
De jonge Pim te Bokkel, die al mag bogen op de Cees Buddinghprijs voor zijn debuutbundel, heeft al een nieuwe bundel in de maak. Ik herinner mij een intrigerend gedicht over een waterdruppel. Pim is zijn stijl trouw gebleven ook zijn recente poëzie blijft dichtbij met een onverwachte wending. Als je hem hoort zou je willen vragen: "lees het nog een keer", maar hij verkiest ons nadenkend achter te laten. De andere dichter die zijn eigen teksten leest is Nyk de Vries, maar bij hem is er alweer een toegevoegd aspect: hij geeft als een Bob Dylan accenten met een mondharmonica ten beste en onderstreept het ritme van zijn gedichten met klakkend handgeklap. Ik hoorde Nyk de Vries onlangs nog op Poetry International waar hij optrad met zijn "Motorman" voor een volle schouwburgzaal. Er zitten verschillende werkelijkheden in zijn gedichten en hij laat ons ernaar zoeken. Het hoogtepunt van de avond voor mij is de Vlaming Tom
Pintens, die de |
|
Het slot valt van een oprecht mooie
avond. De organisatie is tevreden, nog nooit eerder zoveel publiek voor een openings- avond, prachtig weer voor een buitengebeuren bij het centrum van de stad - dat er af en toe een passerende trein over de wissels snerpte hebben we voor lief genomen. John Zwart - voor Hernehim Cultuur 29 juli 2010 |
Een impressie van de donderdagmiddag uit de
Prinsentuin
Vervolg van Anneke Wasscher |
|
De Prinsentuin Groningen
- Hoe nat en kil het was, op dag 2... |
Misschien had ik de buienradar moeten
raadplegen. Dan was ik er ook beter op gekleed geweest deze middag. Er was ons droog weer voorspeld. Aangezien ik nogal wantrouwig van aard ben en vaak merkte dat de weersvoorspellingen lang niet altijd waarheidsgetrouw zijn, was ik toch toegerust met een paraplu. Een mini weliswaar - en we moeten er ook nog eens met zijn tweeën onder, mijn poëzie- vriendin en ik! We hebben het twee uur volgehouden. Toen waren we doorweekt en stijf van de kou. Waarom werd er niet uitgeweken naar de vervangende “binnenshuis” locatie? Geen idee. Groningers zijn echt stoere mensen, ik verraad mijn afkomst met mijn gebrek aan doorzettingsvermogen, want ik ben van oorsprong namelijk een "westerling". "Dichters in de Prinsentuin".hóórt gewoon buiten. “Om drie uur is het droog” riep Klaas Knillis Hofstra. Wat we hoorden, was alleszins de moeite waard. Op
het theeveld opende |
| Nog
korter kon Are Meijer het zeggen in één van zijn gedichten,
waarin hij duidelijk maakte dat vooral zijn fysieke “lengte” aantrekkelijk is voor het andere geslacht. Sinds ik hem hoorde tijdens een optreden in de OBA in Amsterdam, ben ik een fan van hem. Daar las hij een schitterend gedicht over een autorit over de A 7. Die rit gaat eigenlijk over de dood van zijn vader. Na dit optreden in de Prinsentuin vind ik hem ook veelzijdig. De voordracht van Ingmar Heytze was wel zeer ongewoon. Hij trad op via het mobieltje van de presentator. Vanuit een zonnig Utrecht! Luid applaus van het publiek. “Jullie zijn met veel”, merkte hij op. Er was een korte pauze, tijd voor een "koek en zopie" om een winterse term te gebruiken, want het regende maar dóór. Jos Versteegen zag ik door een grauw- sluier. Hij zou na de pauze optreden en dat wilde ik absoluut niet missen. Vorig jaar stond ik nog samen met hem in de Kargadoor te Utrecht. Ik trotseerde dus opnieuw de nattigheid. Terecht want zijn gedichten zijn, zoals ik naast mij iemand hoorde zeggen "ontroerend en toegankelijk". Wat is alledaagser dan de zeven overhemden nagelaten door je overleden vader? Vooral wanneer “ze liggen in een plastic tas te wachten op de keukentafel". Zijn laatstverschenen bundel: “Zijn overhemden op jouw huid” lag te koop bij de marktkramen, net als de verzameling “Dagelijks brood”. Zodat ik behaaglijk warm en droog verder lezen kan, lekker thuis op de bank. 29 juli 2010 - Anneke Wasscher voor Hernehim Cultuur |
De immer optimistische Klaas
Knillis Hofstra: |
|
Jammer van
donderdag, dat drukt het aantal bezoekers |
"... van de bloeiende nacht ontwaken
in groen/ van de bloei de haren verward/ van de nacht gewoel..." Hélène Gelens "...Ik moet nodig op vakantie
naar een kamp/ "Ik heb een zwaan gered/ een
van papier,/ "Dichters in de
Prinsentuin 2010" © Tekst verslagen Anneke Wasscher en John
Zwart - voor Hernehim
Cultuur |
| De zon had niets meer te zoeken aan de Swifterringweg - Flevoland - 19 juni 2010 - Verslag door John Zwart - geplaatst 23 juni 2010 |
| Het
Flevolandse Sunsation Zomerfestival - de zomerse zonnewende ja, je
zou het niet zeggen met deze hedendaagse temperaturen - maar het was alweer zover. Over een paar dagen komt de zon alweer een minuutje láter op en gaat ze weer een minuutje éérder onder. Dat zonnewende evenement is een traditie daar in die polder en als je er al zó lang heen gaat lijkt het wel of je wel móet.... zonder er nog bij stil te staan. Ik heb maar twee keer gemist en daar het nu het 29e jaar is, offerde ik dus voor de 27e keer weer mijn nachtrust om ergens in 't vlakke polderlandschap de zon zeer waarschijn- lijk niet boven de kim te zien uitstijgen... net als 23 andere keren. Ach, vroeger woonde ik er vlakbij, dan gá je gewoon - ondertussen al tweemaal verhuisd, eerst naar Almere, betekende toch royaal een uur langer onderweg, uit en thuis. Maar na de recente verhuizing is dat "land-art object" Robert Morris Observatorium zo ver weg, dat er bijna 160 km moet worden afgelegd van vertrek tot terugkeer voor de huisdeur. Dus in het holst van de nacht, om 3 uur uit je nest, terwijl een avondmens er zelden vroeger dan middernacht in ligt... Een zwoele zomernacht kan dat draaglijk zijn, maar bij rotweer... is dat niet gekkenwerk? Een blogger op een andere site beweerde dat ik alles wat ik bezoek beschrijf als 'prachtig': een podium kan nog zo beroerd zijn en de helft van het publiek houdt het voor gezien, toch: JohnN beleefde er steevast een prachtige middag of avond, zo blogt deze blogger... Welnu, let dan op: hier volgt een opmerkelijk verslag. Beïnvloed door herinnering en teleurstelling, er bovenop een vleugje ergernis. |
Een historische foto: in
het jaar 2006 aanschouwden we © Foto 20.06.2006 Copyright Hernehim Cultuur |
"Heer Bol" altijd hoopvol voor de zon
|
Wie op 19 juni rond 04:30 de A6 snelweg
verliet en de Houtribweg N307 opdraaide werd onmiddellijk verblind, alsof een tegenligger zijn ongedimde vérstralers je in de ogen priemde. Maar het was de tijdelijke mast met stadionlichten op het provisorische parkeerterrein bij het Observatorium! Het terrein bij de aansluiting van de N307 op de Swifterringweg toont ons de onstuitbaarheid van de krassende nagels van de tijd. Bij de realisatie in 1977 lag het aan oost-, noord- en noordwestkant vrij in open landschap. Aan de zuid- kant eigenlijk óók, maar daar werd langs 'n laan van een dubbele rij prachtige kastan- jebomen en een klein parkeerveld een bosperceel aangelegd als scherm. Nog maar enkele jaren geleden was het een heerlijke natuursensatie om daar met een groep gelijkgestemde mensen samen te komen. Bij het eerste licht van het ochtendgloren werd je overspoeld door de zang van honderden vroege vogels. Recent is zowel de laan als de hele bosstrook kaalgeslagen. Langs die kale strook loopt een spoorwegtracé. Waar ooit de laan begon begint nu de afrit van een spoor onderdoorgang. Geen vogel meer te zien of te horen, in plaats daarvan geraas van stroomaggregaten. Waren er nog vogels geweest, ze zouden onmiddellijk op de vlucht zijn geslagen voor de ware terreur van technomuziek die losbarst als inleiding op het festival. Eerst verblind en vervolgens óók nog verdoofd.... Daarna weer concentreren op poëtischer zaken, men is op zoek naar "nieuwe vormen". |
| Eerdere
jaren al stoorde me het streven naar "prestige" dat het festival
volledig veranderde vergeleken bij de herinnering aan de jaren kort na het ontstaan. Altijd een ongedwongen sfeer waarbij spontane contacten opbloeiden tussen optredende dichters en publiek. Toen het evenement groeide kwam er een Organisatiebureau (Fabergé) aan te pas en een 'floormanager'. De laatste jaren lopen er overal man- netjes rond met uniforme sweaters van 'evenementmakers' (XL de Ateliers). Hernehim Cultuur besteedt op het internet ruimschoots aandacht aan het festival vanaf de aflevering 2002. Hoewel ik Hernehim meerdere malen heb aangemeld voor hun persberichten worden deze tot vandaag nooit ontvangen - gelukkig zijn er nog andere kanalen - maar het voelt als signaal van de arrogantie die geleidelijk lijkt in te sluipen. Het jaargang 2008 werd ik op barse wijze weggestuurd door zo'n XL jongeman, omdat ik de partytent niet in mocht, waar de deelnemers 'n ontbijt werd geserveerd. Thom Ummels en Joop Hardenbol, twee drijvende figuren uit de eerste jaren, ken ik al langer dan 25 jaar. Natuurlijk begroeten we elkaar en met Joop maak ik altijd een praatje. Joop is intussen slecht ter been geworden, hij zit nu op een klapstoel opzij van het podium. Dit jaar word ik bij mijn sociaal contact aangesproken door een autoriteit(?) die mij erop wijst dat "deze plek voorbehouden is aan optredende artiesten" (Er stonden nog 'n tiental klapstoeltjes, waar dat moment niemand op zat, terwijl ik stònd! Ja dan moet je de mensen zeker wegjagen). Zojuist voorzien van een fluit-oor dankzij de 110+ decibellen van Tribal Spirits (klik op de naam voor hun openingsnummer 'Possessed" voor een indruk) - "ik kan niet meer denken, ik kan het denk ik niet" - voeg daarbij dat het koud, nat en winderig was; dan begin je je toch iets af te vragen: "wat doe ik hier eigenlijk?" |
Tribal Spirits (Originally Fake) uw adres voor zware metalen |
|
Ruben van Gogh
Meer recente foto's worden later toegevoegd |
Maar laat ik me verder beperken -positief- tot
wat er verder geboden wordt dit keer. Heer Bol (Joop Hardenbol) verwijst naar het thema van dit jaar "Noorderlicht" en legt het verband uit, omdat dit verschijnsel ontstaat door verhoogde zonneactiviteit. En omdat het vooral geassocieerd wordt met noordelijke landen hebben ze gasten uit het noorden uitgenodigd: Scandinavië en Estland. Zonder veel hoop wijst hij ons op de aanstaande zonsopgang - hij ziet, met mij, de snel aanschuivende wolkenbank vanuit het noordwest. De winnaressen van een Kunstbende gedichtenwedstrijd Maaike Broekhuijsen en Brechje Olgers mogen ieder vanaf een soort duikplank bovenop de binnencirkel hun winnend gedicht laten horen, waarna drie danseresjes in witte gazen jurkjes daar boven de aanwakkerende wind trotseren - gelukkig nog zonder nat te worden. De presentatie wordt overgenomen van Heer Bol door Ruben van Gogh. De eerste dichter is Tonnus Oosterhoff. "klemde het deurtje/ dat mensen en dieren gescheiden houdt?" Hij voert ons in een sprookjeswereld waar gekozen moet tussen drie eikenhouten deurtjes, en waarin een jonge held de jongste prinses kiest om te kussen. Hij toont zijn betrokkenheid met de aanleiding van het festival met poëtische verzen als "de zon, die de aarde met haar stralen koestert" en hekelt de neiging om elkaar te overtreffen met het noemen van absurde Guinness records: "het meest recente hoogste gebouw van de wereld", "de man met de langste vingernagels", "de reus van Rotterdam". Hij draagt voor over mensen die ongeduldig claxonneren wegens een automobilist die op de rotonde een hartaanval kreeg: "de auto met overledene wordt de berm in geduwd" en besluit met de constatering: "de mens is een oververtegenwoordigd dier..." Dan komt de blinde Friese dichter Tjebbe Hettinga. Alleen door de beide eerste dichters ben ik alweer een beetje verzoend met de ontberingen van de dag. Tjebbe draagt in zijn fenomenale stijl zijn eigen odyssee voor waarin de zee, het Caribische strand, de natuur en vrouwen elk hun rol spelen in tropische sferen. De regen dreigt, maar Tjebbe blijft manmoedig achter de kleine katheder staan, vooruitgeschoven vanonder het overdekte podium waar muziekinstrumenten en techniek beschermd staan tegen natuurgeweld. Terwijl de dichter ons verhaalt over zonovergoten straten van Curaçao en van Bon Futuro in de Koraal Specht barst de eerste bui boven ons los. Er zullen er nog twee volgen... |
| De Zweedse
slamdichter Henry Bowers heeft méér
haar om de regen te trotseren, hij springt vanonder de luifel tevoorschijn om zich er weer onder terug te trekken wanneer hij met zijn DJ samenwerkt. Hij bewijst de DJ de eer die hij vindt dat hem toekomt: "DJ Lo Kut !" roept hij, wijzend. Niemand durft te lachen. Zijn haar is in een wrong op zijn hoofd vastgespeld. Heeft zich waarschijnlijk nog nooit geschoren: "I like my beard. Old people think I am a terrorist, kids think I am Santa Claus". Bij deze slamdichter dient zich nog sterker het taalprobleem aan, slammers zijn heel rad van tong en als het dan in het Engels is zou een briefje met tekst of een vertaling welkom zijn. Tegen de achterwand van het overdekte podium hangt een flink plasmascherm, maar om daarop een lichtkrant te lezen heb je in het publiek toch minstens een goede toneelkijker nodig. Tjebbe Hettinga sleept je met de muziek van zijn voordracht in het Fries altijd mee, ook al versta je niet alles even goed - bij deze Henry Bowers, waar het vooral om spitsvondige taalvondsten gaat, is dat moeilijker. Na het eerste nummer gaat hij gelukkig een tandje lager en wordt ook gevoeliger in "Stories for sale": "it is safe to say this kid has seen some hard times (...) he's got stories to tell that'll teach us a thing or two / he'll tell 'em if you pay him - (...) his thoughts for pennies but nobody's buying (...) never have I ever seen a kid with a sadder smile". Dan weer een muzikaal onderdeel. Uit Tallinn, Estland een trio, zang ondersteund door harmonium en percussie. Bijzondere klanken uit een onbekende noordelijke wereld. Kirtana Rasa bezingt in het Russisch de stilte van de toendra. Voor een ander nummer doet ze haar best om ons de kou en de regen -die inmiddels even is gestopt- te laten vergeten: het gaat over een warme dag tussen de korenvelden op het Franse platteland. Even gemakkelijk door haar in het Frans gezongen. De jonge Deense dichter Philip Tafdrup opent weer een blokje van het gesproken woord. Hij debuteerde pas onlangs met een bundel van foto´s en bijpassende gedichten. De bundel ontstond in Australië waar hij gefascineerd werd door het leven in het zuiden en voor zijn foto´s vooral in de grafmonumenten van Sydney. Omdat maar weinigen de Deense taal zullen beheersen citeer ik uit de Engelse vertaling: "(...) the afternoon drags itself along, slowly like half empty busses with defective air-conditioning on Ocean Street a few residents are seen in doorways in the shade from sun bleached awnings lazy and slightly horny bottles of soda or ice cream cones in their hands eyes gazing out towards white painted houses: Maybe one ought to conquer something?" Tijdens het optreden van Tafdrup is het droog
geworden, maar de volgende dichter... Droog is onder andere geïnspireerd door Paul van Ostayen "die stierf aan een overdosis tuberculose". Hmm. Misschien deze ´grap´ omdat Droog begonnen is met de traditie van de ´Eenzame Uitvaarten´? Vele grotere steden zijn gevolgd: dichters te laten schrijven bij de begrafenis van mensen waarvoor geen enkele nabestaande zich meldt. Hij is hiermee begonnen in Groningen. Een gedicht over de ramp met de Russische kernonderzeeboot "Kursk": Kursk Uit machinekamer negen ´kijk meisje en dat poppetje waar bankjes staan lief meisje © Bart F M Droog Uit: ´Radioactief´ / Uitg. Passage 2004.
|
Meer recente foto's worden later toegevoegd
Bart FM Droog © Foto Hernehim Cultuur |
|
Meer recente foto's worden later toegevoegd |
En ja het regent weer en niet meer
zachtjes, het regent hard, keihard. Tsead Bruinja, nog weer een Friese dichter, zal volgen... Sorry Tsead, ik hoorde je al zo vaak... en ik heb al drie bundels van je. Ik vlucht naar de grote tent waar zich intussen meer volk bevindt dan binnen de cirkel van het Observatorium zelf, onder de wenende blote hemel. In de ongeordendheid door het slechte weer mengen zich daar opnieuw deelnemers met ´t publiek, zoals het ooit altijd is geweest. Ik raak in gesprek met Kirtana Rasa, de jonge vrouw uit Estland. Tijdens haar optreden was mij haar talenkennis al over- duidelijk. We zouden Zweeds, Duits of Engels kunnen spreken, we kiezen voor het laatste. We wisselen onze ideeën uit over de ´multiculturele samenleving´, die Estland en Nederland met elkaar gemeen hebben. Maar wel met dit verschil dat in Nederland er mensen van heel uiteenlopende afkomst zijn toegestroomd, terwijl in Estland de verdeling in hoofdzaak bestaat uit énerzijds de autochtone Esten en anderzijds de Russen. Ook in Estland kent men spanningen omdat die Russen er vroeger geprivilegieerd waren - na het herstel van het soevereine Estland werden de Esten de bovenlaag en Russen raakten ondergewaardeerd. Ook de taal onderging deze herschikking. Toch zijn de scherpste kanten er na 20 jaar wel af. Kirtana treedt op zowel in haar eigen taal als met Russisch repertoire. We denken allebei dat in onze landen na nog één of twee generaties de wrijving zal zijn overleefd. "De Esten en de Russen, de Nederlanders en de Marokkanen, ze moeten onderling gaan trouwen en samen kinderen maken!" besluiten we vrolijk terwijl buiten de regen weer even is gestopt. Arjen Duinker en Kees ´t Hart staan op het podium een bijna eindeloze tweespraak op te voeren... Een soort rondeel maar dan als een perpetuum mobile: "... ja de zon schijnt mooi... mooi mooi mooi mooi mooi... ... een vrouw versierd met morellen... ja sinaasappels zijn krankzinnig... ... de zon schijnt voorbij de maan... ja de zon schijnt mooi... ... ogen als morellen... mooi mooi mooi mooi mooi... ... " De derde regenbui ontlaadt zich boven
ons. |