Hernehim 
          
pagina thema poëzie 
Hernehim
                   Boeiend om te bezoeken. 
                   Vrij en onafhankelijk. 
                   © HC 2001-2009
Redactie:               John Zwart
Bijgestaan door:    Monica Boschman en Anke Labrie 

                   Thema van de maand: Jong zijn 

Laatst bijgewerkt: 08.03.2010 

Hernehim opent aan het begin van elke maand een nieuw thema. 
Een openingsgedicht van een gerenommeerde dichter, of uit de eigen
redactiegelederen, zet de toon. 
Alle dichters die zich door het thema aangesproken voelen kunnen 
toepasselijk bestaand of nieuw geschreven werk inzenden
Het thema staat de hele maand open. Een afgesloten thema blijft 
staan onder het actuele zodat alle inzendingen tenminste gedurende 
een volle maand op deze pagina te lezen zijn. 

HOME 
Nieuws  
Blog en proza 
Themapoëzie 
Vrije poëzie   
Vertaalproject 
Proza  
Activiteiten 
Over schrijvers 
Archief 
Contact     
   

Maart 2010 
Thema van de maand: Jong zijn 

Illustratie: lente - 1910
Olieverf op linnen van Ferdinand Hodler  
Expositie: Het werk bevindt zich in privébezit.  

   
   
introductiegedicht  


De dooden en de kinderen 

Kom vaak bij ons. Jij die begint te leven 
Verstaat ons 't best en bent het dichtste bij. 
Een kerkhof vind je, evenals een wei, 
Een plaats goed om te draven en te spelen. 

Je praat met dingen die geen antwoord geven, 
Die enkel lachen, stil, lang, als de zon 
Er schaduwen als glimlachen doen zweven. 
Ook grauwe steenen in een dartle bron 

Zijn oude watermannen van heel vroeger. 
Zij moeten stilstaan en zij lachen goedig 
Als je, schoenen en kousen in de hand, 
Over hun hoofden springt naar de overkant 

Om toovenaars te zoeken in het woud. 
Je gaat stil zitten op een dooden boom, 
Wilt blijven kijken, maar slaap maakt je loom. 
Dan komen wij en worden even oud. 

J.J.Slauerhoff 

 

 

 

Het gedicht hiernaast komt uit de oorspronkelijke bundel
"Serenade", waarin het gedeelte -Voor de kinderen-. 
De dichter Jan Jacob Slauerhoff (1898-1936) is geboren in 
Leeuwarden en voer een deel van zijn leven als scheepsarts
aan boord van passagiersschepen op Oost Azië en Centraal
en Zuid Amerika. In zijn jongste jaren kwam hij graag op
het eiland Vlieland, waar zijn moeder van afkomstig was.
Hoewel hij een afkeer had van Friesland en Nederland, om de
burgerlijkheid die hij verfoeide, kwam hij tijdens zijn studie in
Amsterdam nog graag naar de pastorie in Jorwerd, waar hij
vriendschap had gesloten met de dominee en een korte 
liefdesrelatie had met diens dochter Heleen. 
Heleen zou altijd zijn trouwe correspondentievriendin blijven.
Op haar werden diverse gedichten geïnspireerd in de cyclus
"Landelijke liefde". 
Het werk van Slauerhoff is heel veelzijdig, door zijn varende
leven dat onderbroken werd door enkele langdurige verblijfs-
perioden in China, Indië, Spanje en Marokko. 
Slauerhoff schreef ook enkele romans en een serie korte 
verhalen, waarvan het bekendste "Schuim en asch" is. 

De bundels van Slauerhoff zijn slechts antiquarisch te koop.
Verzamelde poëzie "Alle Gedichten" uitg. Nijgh&Van Ditmar. 

Meer over Slauerhoff in de rubriek "Schrijvers" 

 

   

inzendingen

ingezonden themagedicht  

thema "jong zijn" 


bezoek 

Dat wij elkaar die eerste handjes geven, 
we moeten wel klein zijn: kniekousen, jasjes 
met veel ceintuur en knopen voor het aftellen. 

We rekenen nog niet, taal zeggen we, we leren 
schrijven of het is zondag want ik ben bezoek: 
ik ben van waar het anders is. Daarom zingen 
ook van mij woorden de versjes in, dat het 

past. Wij weten meer: het schip, de vuurtoren, 
we weten water nieuws dat ergens overstroomt; 
daar is mijn pop, daar ga je mij om aaien, kijk 
waar het donkert in de beelden, dat zijn wij. 

We moeten zwaaien, het geeft niet, het gaat over 
later of niet maar ik ben al weer weg en jij nog 
veel te bang voor kusjes. 

 

© Nina Werkman 

 

ingezonden themagedicht  

thema "jong zijn" 


Tien 

voeten op andermans land 
krijtwitte hinkelbaan 
steentje in de hand 
zwiepend touw 
draaien, spinnen, springen 

barsten van de kou 
glijden, vallen, sneeuwbal 
handen blauw 
stalen buizen sprietlopen 
passen, meten, evenwicht 
zondag zoethout kopen 

appels jatten, belletje trekken 
schuilen, lachen, gezien 
de weg was onze straat 
oh, was ik nog maar even tien 

 

© Hanny 

 

ingezonden themagedicht  

thema "jong zijn" 


twee kindervoeten 

twee kindervoeten rennen naar de zee 
de branding komt steeds dichterbij, het 
zand glijdt weg, de bodem zakt, maar 
angst voor een verdwijnend land bestaat 
nog niet, vertrouwen gaat heel ver 

twee kindervoeten rennen naar de zee 

nooit is de hoogtij van de vloed het 
spelen moe, herhaling wordt geboren uit 
de levenslust van golven, verbazing houdt 
zich vast in trance van ademloos 

twee kindervoeten rennen naar de zee 

geen tijd voor zanderige boterhammen 
geen tijd voor vliegers in de wind 

wie speelde er ooit zo lang met mij, zo 
weergaloos lang, wie kwam terug? 
misschien heb ik het wonder nog nooit 
echt gezien of is het tij gekeerd 

ik zoek de kindervoeten weer 
ik wil het feest van zee 

 

© Anneke Wasscher 

 

ingezonden themagedicht  

thema "jong zijn" 


Jonge vader 

het vaderschap stond 
mijlenver van zijn leven 
tot hij 't zag - hoe het vulde 
de kom van zijn handen, 
die knuistjes die nu al zijn 
vingers omspanden 

nieuw geluk was geboren 
kreeg na het flesje de hik 
"lief", fluistert hij, "mijn hart 
weet veel beter dan ik" 

 

© Aukje Tillema 

 

ingezonden themagedicht  

thema "jong zijn" 


Ode aan Groningen 

Van Turfsingel naar de 
Noorderhaven waarna heel 
abrupt het ommeland ons 
welkom heette, 
liepen we langs het water 

tot zich een mooi plekje 
aan de oever bood, 
jij in je blije zomerjurk 
en ik in verlegenheid, 
gewoon wat praten over 

niets, een vogel in de vlucht 
en zag je die vis? En peinzend 
zwijgen; toekomst veel te ver, 
een snoepje. een slokje fris. 
Daarna terug, daar waren weer  

de stadscontouren. Mijn hand 
in licht beroeren van dunne 
stof, één enkel streel langs vlecht, 
die was zo lang... wat wisten wij 
van het geluk dat bij ons was; 

we waren jong, heel jong nog 
en bovenal heel bang. 

 

© JohnN 

 

    
© Copyright Hernehim Cultuur 2001-2009   

Hernehim      

een cultuurpagina 

HOME 

   
   
   
   
   
           Hernehim 
          
pagina thema poëzie 
Hernehim
                   Boeiend om te bezoeken. 
                   Vrij en onafhankelijk. 
                   © HC 2001-2009
Redactie:               John Zwart
Bijgestaan door:    Monica Boschman en Anke Labrie 

                   Thema van de maand: Het huis 

Laatst bijgewerkt: 28.02.2010 

Hernehim opent aan het begin van elke maand een nieuw thema. 
Een openingsgedicht van een gerenommeerde dichter, of uit de eigen
redactiegelederen, zet de toon. 
Alle dichters die zich door het thema aangesproken voelen kunnen 
toepasselijk bestaand of nieuw geschreven werk inzenden
Het thema staat de hele maand open. Een afgesloten thema blijft 
staan onder het actuele zodat alle inzendingen tenminste gedurende 
een volle maand op deze pagina te lezen zijn. 

HOME 
Nieuws  
Blog en proza 
Themapoëzie 
Vrije poëzie   
Vertaalproject 
Proza  
Activiteiten 
Over schrijvers 
Archief 
Contact     
   

Februari 2010 
Thema van de maand: Het huis 

Illustratie: tuinpad met kippen - 1916
Olieverf op linnen van Gustav Klimt   
Expositie: Verloren gegaan werk *)

*) Afbranden van Schloss Wilmersdorff 1945.  

   
   
introductiegedicht  


Laat het zo blijven 

Zo leefden we daar in Venetië weken 
als man en vrouw. Schrijf me nooit. 

Ze had in haar handen wel geschiedenis, 
genoeg, maar geen ander dacht ik. 

Hopeloze liefdes daarvan denken ze 
vaak dat ze interessant zijn. Niet voor 

mij, ze horen er gewoon bij, als regen, 
warme regen. Om te groeien en te rotten. 

Zo lagen we lang te kijken hoe het water 
uit het barokke plafond brak. (arthouse) 

Zouden we elkaar ooit ontmoeten? We, we
zijn toch, zei ik waarom moet het zo, zo 

Een grijs riviertje, modderig, van oog 
naar oor, dat ik dat dacht, dat is wat 

ik mij nog heel scherp herinner. 

Liefste, ik zie je liever niet weer. 
Laat het tussen ons zo blijven, as ever, 

kisses, C.
Of iets dergelijks.

 

Rutger Kopland 

 

 

Het gedicht hiernaast is van Rutger Kopland, een van 
de dichters van de oudere generatie die nog altijd graag
gelezen wordt, ook door veel jonge mensen. De bekende 
dichtersnaam is een pseudoniem voor R.P.H van den 
Hoofdakker (1934) emeritus hoogleraar psychiatrie aan
de Rijksuniversiteit Groningen, de andere kant van zijn
bestaan. Een tweesporig leven, nu in stil getij in het dorp
Glimmen in het grensgebied van Groningen en Drenthe.

Een rustig en bescheiden man, die zich liever niet liet
binnentrekken in het spektakel die een uitverkiezing tot
Dichter des Vaderlands met zich mee zou brengen en 
ook onderscheiding met koninklijk eremetaal hield hij af.
Vele bundels met vaak filosofische poëzie van zijn hand 
werden met prijzen bekroond. De belangrijkste twee zijn
de Herman Gorterprijs van 1975 voor de mooie bundel
"een lege plek om te blijven" en de P.C.Hooftprijs van 1988
als oeuvreprijs. 

Legendarisch is nu al het gedicht "jonge sla" geworden,
waarover hij zelf zegt: "als ik ergens kom voordragen hoop ik
dat ze daar maar niet om vragen".
Het gedicht hiernaast komt uit de bundel "wie wat vindt 
heeft slecht gezocht"
(Van Oorschot 1972). 

 

   

inzendingen

ingezonden themagedicht  

thema "het huis" 


Achter het stille raam 

achter dat hoge stille raam, 
uitziend over de tuin 
die niet meer is 
-parkeerblik- 
ziet mijn oog slechts donkerte 

mijn blik keert om, 
droomt neer in boomkruinen 
waar door lindelente 
gestorven jonge vrouwen 
voorbij fietsen 

en achter mij haar stem 
ik ben nu heel oud, jij bent 
het enig kleinkind 
dat mij nog bezoekt 
ik ken je als je praat 

ik kan je mijn lange leven 
gaan vertellen, avonturen 
weinig en toch zoveel gebeurd 
dat nu als een zucht voorbij 
schijnt door het harde werken 

weer neem ik afscheid 
zij raakt mijn hand met bei' 
haar handen, ja je bent het echt, 
de andere morgen roept ze: 
zuster, ga ik nou dood? 

ik kijk omhoog 
-van tussen het blik- 
naar het hoge donkere raam, 
nu weet ik zeker: ik zie 
haar schim, zij lacht naar mij. 

 

© JohnN 

 

ingezonden themagedicht  

thema "het huis" 


Onder ons gezwegen 

sinds kort heb ik dit krot gebombardeerd 
tot toevluchtsoord van mijn lichtste dichtersjaren 
harten, hangsloten, alles kan tenslotte breken 
de dode kat die in de greppel gonst van vliegen 
neem ik voor lief als een vergankelijk teken 

de schemeruren waarin het sijpelt door het dak 
zijn zeldzaam om de lemen woorden snel te rechten 
zo ook de nachten dat de raki en de zinnen vloeien 
ik zoet de vijgen, de olijven in liefdesstrofen pers 
met minnaars op mijn lippen, de goeden en de slechten 

ik dank de goden en barbaren in het algemeen 
je weet nooit hoe vloeken aan de houten wanden hechten 
hoe sporen naar de greppel naast een dode kat verwijzen 
want zie de mannenschoenen leggen nog getuigenis af 
van hoe ik voor dag, hier en nou, letterlijk moest vechten 

 

© Geertruud Otten 

 

ingezonden themagedicht  

thema "het huis" 


Voorbij 

Het huis waarin wij samen waren 
biedt anderen liefdesonderdak, 
maar tussen ons staan nu de jaren 
waarin geluk aan scherven brak 

Het huis waarin wij samen waren, 
de kamer en het zachte bed, 
voorbij. Voorbij zijn ook de jaren, 
in diepe lijnen vastgezet 

Lijnen in gezicht en handen 
waarmee wij hebben liefgehad 
Voorbij, verbroken alle banden 
Vreemden zijn wij in dezelfde stad 

 

© Cor Wulffelé 
Uit zijn bundel "Dode zanger" - nov.2002 ISBN 90-807514-1-3

Dit gedicht plaatste ik in respect voor dhr. C.Wulffelé 
die ik kende in de jaren 2002-2004.
Hij was toen reeds op jaren en had een slechte gezondheid.
In het laatstgenoemde jaar wilde hij niet meer achter de pc
en zou ook geen poëzie meer schrijven. 
Ik weet niet of hij nog leeft. (Red.Hernehim) 

 

ingezonden themagedicht  

thema "het huis" 


Ouderlijk huis 

Zij boog zich omdat ze moeder was 
naar mij toe: “Tem me maar.” 

Vader leunde mee met haar verwende kant. 
Een vader doet zo. Weet langer. 
Hij zit stevig in elkaar. 

Kent de tuigen om een vrouw uiteen te halen. 
Het schroeven, het beitsen, het gommen. 

Ik reikte ze hem aan. 

Nu doen graafmachines wat hen is opgedragen: 
me overvallen met haar grond. 

Hier groef ze ons in. 
Geest, die door mijn afgesloten gangen 
nog dezelfde onrust blaast. 

Grondig wilde zij die behandeld. 
Ach, hoe we hier liggen. 

Ik draai de hoek om. 
Te haastig voorbij. 

 

© Lisette Waterschoot 

 

ingezonden themagedicht  

thema "het huis" 


Ons huis, ons thuis 

Hier, met oude foto's aan de wand 
met beelden uit vervlogen tijd 
de stoelen netjes aan de kant 
op 't rode kleed met franjerand 

Hier, waar de klok de tijdloosheid 
van alles om mij heen bestrijdt 

Hier, gekapseld tegen storm en wind 
meer dan beschutting die ik vind 
hier binnen heb jij iets gebouwd 
waaraan mijn hart is toevertrouwd 

 

© Cor Visser 

 

ingezonden themagedicht  

thema "het huis" 


Huisje nummer zeven 

de geur van vers gemaaid gras 
verbloemt het dorre leven 
in dit hof, dat nimmer groen was 
zoek ik huisje nummer zeven 

een bord geeft wat weg is aan 
Lindeplein, slechts een gegeven 
ik zie geen linde staan 
maar wel huisje nummer zeven 

daar versteent meneer van Lem 
hij was wat achter gebleven 
de gemeente metselde hem 
in huisje nummer zeven 

 

© Hanny 

 

ingezonden themagedicht  

thema "het huis" 


Hunsingo  
(voor C.O.Jellema

Onherbergzaam is dit land 
in de winter 
als zijn grenzeloze ruimte 
al wat zich erin bevindt 
oplost in zijn mist, 
kil wijst het de vreemdeling 
naar onbestemde plaatsen 
langs onkenbare wegen 

Het is 't onbewoonde land 
na de oogst 
als het gewas de kleffe klei 
weer zeebodem laat,  
schaarse boerderijen  
in verweer tegen de leegte 
in zichzelf gekeerd de 
schouders optrekken 

Meanderend de wegen als 
't verloop van diep 
gelegen maren waarlangs 
straks bij vorst en tegen wind 
schaatsers voortgaan, doelgericht 
zoals de laatste bietenwagen 
hier overhellend grommend 
door de bochten wringt 

Wie zo volhardt verschijnt 
aan 't eind 
vanuit 't grijs een wierde 
warm bewoond, 
verlichte vensters ogen van 
hem uitkijkend door de tijd 
over het pad. Komt iemand? 
Je werd allang verwacht 

 

© JohnN 

 

ingezonden themagedicht  

thema "het huis" 


Trouwdag 

Verdomd na 38 jaar sta ik nog steeds 
te klepperen en weer geef je niet thuis. 

Mijn brieven worden niet gelezen, 
ik zie ze liggen op de kokosmat, 
sommige aangevreten net als ik 
de tand des tijds heeft 
het papier geen goed gedaan. 

De voeten traag door roest en meer gewicht 
ga ik kilo’s zwaarder terug. Mijn missie is 
nog niet ten einde. Als ik verstijfd 
in hanepoten aan je schrijf 

bezorg jij dan de post meneer 
per auto of per zwarte koets, 
nog eenmaal samen, gordijntjes 
dicht en zo intiem als toen. 

 

© Gusta Bastian 

 

ingezonden themagedicht  

thema "het huis" 


Ik zoek het huis 

de lichtinval herinnert zich het oude huis 
verlangen vindt de kleur die ik het liefst 
wil zien 

de kamer past nog als een veelgedragen 
jas, de geur van oud vertrouwen klampt 
zich vast 

gedachten tasten langs de muur met 
handen van een kind, verwachten steun 
te vinden 

de voetstap op de houten vloer kan van 
een moeder zijn, haar moet ik toch 
herkennen 

misschien vertekent schemering mijn 
beeld, is wat ik zie een onvervulde 
wens 

 

© Anneke Wasscher 

 

ingezonden themagedicht  

thema "It hús" 


Ut hús 

It hús otteret my fuort 
de hurd wapperet my nei 
de gong glânziget fan langstme 
my nei de doar te dikerjen 

as hie ik der gjin jierren 
soarch kloane 
yn in griengiele gloed 
wurd ik no opdreaun 

dat ik gean 
stap 
foar 
stjit 
de stoepe ôf 

as ik omsjoch prúst 
it hús my út 
ruten blikkerje yn it tsjuster 
stiennen foegje harren byinoar 
in HEGE RECH slút it ôf. 

 

© Miranda Mei 

 

thema "het huis" 

 

Uit huis 

Het huis ettert me weg 
de haard wappert me na 
de gang glanst van verlangen 
mij naar de deur te staren 

alsof ik er geen jaren 
zorg heb gekloond 
in een groengele gloed 
word ik nu opgestuwd 

dus ik ga 
stap 
voor 
stoot 
de stoep af 

als ik omkijk proest 
het huis me uit 
ramen blinken donker 
stenen voegen zich aaneen 
een HOGE RUG sluit het af. 

 

© Miranda Mei 

 

ingezonden themagedicht  

thema "het huis" 


Huize Oudehorst  

rond de tafel van gebreken 
rollen stoelen af en aan 
wie lust heeft of wil spreken 
kan zich hier te buiten gaan 

aan thee met een biskwietje 
smachtend naar het blonde bier 
of cuba libre met een rietje 
tapt men uit and’re vaatjes hier 

kom kwezelen en klaverjassen 
doe handarbeid of gymnastiek 
op donderdag is ‘t bingo krassen 

en rond de tafel van kreupelhout 
brult broeder Wout weer fanatiek 
wel eten hoor! anders worden we niet oud 

 

© Hanny 

 

ingezonden themagedicht  

thema "het huis" 


Dozen  

We hebben het leeggehaald 
het stond er 
vol kartonnen dozen 
van een bekend zeepmerk 

Ze zou het gezien hebben 
en gewaardeerd 
ze zeepte ons in 
en ons wasgoed 

Ze was er 
handig in 
in het inzepen 
het wassen en strijken 

 Van zaterdag tot 
en met maandag rook het 
in huis naar zeep 
ze maakte graag schoon 

Wij doen het nu 
veegschoon 
de makelaar kan 
elk moment met een klant komen 

De dozen moeten 
opgestapeld, opgeruimd 
onze geschiedenis 
in dozen die naar zeep ruiken 

Dozen die we dichtvouwen 
en met plakband sluiten 
een afsluiting die nog ademt 
haar adem van palmolive. 

 

© Harry Daudt 

 

ingezonden themagedicht  

thema "het huis" 


Woning 

Ze blijft maar staan. Net als wij gehecht 
aan vaste stek, de dingen op hun eigen 
plek. Tussen geuren van geheimen, 
stof dat dommelt onder boeken geparkeerd 
in kasten, onder vloerkleden, het waterbed. 
Muizenissen schuilen achter het behang.  

De baarmoeder van heimwee. 
Vesting voor geschreeuw, gezwijg, 
voor kamerbrede tripjes van verlangen. 
En altijd met een tafel om te leren delen 
in dat licht zo ingetogen als herinnering. 

Zelfs onbewoond nog wachtend op 
gemorrel van de sleutel in het slot, 
op digitale klokken stil van tijd verschietend. 
Leeg of niet, pal achter ramen tikken ze: 
seizoenen die in file door het uitzicht gaan – 

 

© Inge Boulonois 
   
Uit de bibliofiele bundel "3 x 3 x 3" 

 

ingezonden themagedicht  

thema "het huis" 


Te laat 

Achter de brede voordeur 
met de leeuwenkoppen 
is het stil 
het dikke tapijt smoort 
de voetstappen 
en niemand heeft de klok 
aan zijn staart getrokken 

het is de stilte van de 
ingehouden tranen 
als de deur zacht kreunend 
sluit 
ontmoeten ze elkaars ogen 
zien de hunkering voorbij 
en laten los, te snel 
de trillende lucht van 
verwachting zakt neer op 
de kop van de pauw in het kleed 

al wachten ze op 
het ene gebaar 
ze lopen elkaar 
voorbij - 
het hart in de keel 

 

© Aukje Tillema 

 

ingezonden themagedicht  

thema "het huis" 


het huis huilt 

verlaten stoelen kennen de 
bewijzen van de daden, in 
schuilplaats zoekt een 
boetekleed de schuld 

het huis huilt hol en 
huivert bruine vlekken 
op de vloeren, behang 
verraadt in bloed de wraak 

beelden van een oorlog 
wennen nooit aan open 
wonden, de toga van de 
pleiter zal tot stof vergaan 

procesgang gaat gehuld 
in groots gebaar van woorden 
getuigenis wordt schaamte- 
loos monddood verklaard 

toch wordt de arme aanklacht 
niet vergeten, want lege stoelen 
zullen altijd koude doden weten 
hebben wel hun angst verstaan 

 

© Anneke Wasscher 

 

ingezonden themagedicht door: Jelou   

thema "het huis" 

 

Je had nog zo gezegd 

Het dak besloeg een ruimte 
groter dan jouw onrust 
vluchten kon 

Ik ga ervoor, lag nog vers 
onder de pannen, de koekoek 
was getuige 

De muur was blij geweest, 
het frisse geel een jas om 
warm te dragen 

Je geur had sfeer gebracht in 
weggedoken hoeken, sporen 
wanhoop uitgewist 

Het rook naar levenslust, al 
hing de spiegel daar met 
droeve ogen 

Ik ga ervoor, had jij gezegd, 
maar onder het dakspant 
verklaarde jij jezelf 

volkomen onbewoonbaar. 

 

© JELOU 

 

ingezonden themagedicht door: JohnN  

thema "het huis" 


Ald' plaets  

Oneffen vensterglas verzacht 
strakke akkerlijnen, 
spiegelt honderdvijftig jaar 
verkavelinghistorie, 
maar door steeds meer gaten 
wekt winterwind de vlekken 
in 't vergaan velours tot leven 

Het boeket rozen door lang 
gestorven handen zorgzaam 
in de vaas geschikt 
vervalt tot stof  
Elke vroege lente bloeien 
de sneeuwklokjes nog, scheurt 
de gevel weer wat breder 
Herfststormen dollen 
met dakpannen, 
zolang de broedervete duurt. 

Sinds de dood door de 
draden van traditie knipte, 
neemt hij het erfdeel mee, 
steen voor steen.  

 

© JohnN 

 
    
© Copyright Hernehim Cultuur 2001-2009   

Hernehim      

een cultuurpagina 

HOME 

 


De culturele pagina's worden onafhankelijk gepubliceerd en geredigeerd door John Zwart