Hernehim 
          
pagina vrije poëzie 
Hernehim
                   Boeiend om te bezoeken. 
                   Vrij en onafhankelijk. 
                   © HC 2001-2011
Redactie:               John Zwart
Bijgestaan door:    Niesje de Jonge en Anke Labrie 

                   Themavrije poëzie  

Pagina laatst bijgewerkt: 01.11.2011 

Hernehim Cultuur kent al sinds 2002 een pagina waarop poëzie op een maand-
thema wordt gepubliceerd. Maar van het prille begin in 2001 bood de site ook een
mogelijkheid waarbij de dichter helemaal de vrije hand werd gelaten. 
Sinds 2010 is dit een eigen pagina poëzie op vrij thema, een open podium 
dat naast de maandelijkse thema's een permanent openstaande pagina is. 

Vanaf 1 maart 2011 tot nu zond u tezamen 192 vrije gedichten aan HC, 
122 inzendingen ervan werden op deze pagina gepubliceerd. 
Ter gelegenheid van ons jubileumjaar blijven al deze gedichten staan tot
1 november 2011. 
Wat het beleid voor het vervolg wordt, wordt besloten na het jubileum.
 
Hernehim Cultuur biedt continu vrije poëzie, wordt continu gemodereerd en wordt 
maandelijks met een nieuw kunstwerk geïllustreerd.

HOME 
Nieuws  
Blog en proza 
Themapoëzie 
Vrije poëzie   
Vertaalproject 
Proza 
Activiteiten 
Over schrijvers 
Contact     

 Archief pagina's 1 voorafgaand jaar: 
Nieuwsarchief 
Blogarchief 2010 dec-juli 
Blogarchief 2010 juni-jan 
Themapoëzie archief 2011 

 Verslagen en recensies: 
archief 2010 
archief 2009 
archief 2008 
 Overig proza archief: 
proza 2008 
   

oktober 2011 

Illustratie:     "herfstzon" 
Schilderij:     Acryl op doek 100x80 
Kunstenaar    Anke Labrie 

Deze nieuwe illustratie voor de maand oktober werd 
gekozen door de kunstenaar > Anke Labrie

 

 

 

 

 

 

 Themavrije inzendingen

 

 

 

   


Taal die ik bemin 

Liggen aan zee en rusten in het zand
slapen onder de maan 

geen woorden
ik omarm de stilte
neen geen woorden 

Alleen de taal van de zee
een taal die ik bemin 

 

© Inge Deconinck 

 

Inge Deconinck  

 

 

   


Samhain 

op je graf plaats ik
een pompoen
met waxinelichtje 

ik drink met jou
op leven en dood
scheiding is nu ijl 

ik neem een slok
de andere giet ik uit
op de aarde 

 

© Marion Spronk 

 

Marion Spronk  

 

 

   


Zomervakantie 

Op elke grof gestucte muur 
drie gekko's in de wachtstand 
te blauw zacht klotsend zwemwater 
weerspiegelt de bougainville 
de villa ademt zonlicht uit 
over de avond waarin zachtgeel 
lamplicht stroomt door 
de getraliede ramen 

wanneer de klokken beieren en door 
de smalle straten de processie 
passeert van de wenende madonna 
gevolgd door kleine bruidjes met 
ernstige blik en kaarsrechtgerugte 
vrouwen onder kanten mantilla's 

als het stof in de straten neerslaat 
staan wij stil bevangen door weemoed 
en het verlangen naar koestering zoals 
dat hangt in de nog warme lucht vol 
geur van overrijpe sinaasappelen en 
langzaam afkoelend zeewater en liefde 
voor eeuwig of een nacht 

 

© Gerdin Linthorst 
Zoals ook te horen was bij "Eijlders op Pad"
in de 'indian summer' op de Oeverlanden in 't Am*damse Bos

 

     Gerdin Linthorst 

 

 

   


Mijn stad, mijn stad... 
*
In en uit haar ben ik verwekt en geboren
*
Wie weet ga ik ooit nog eens in haar sterven ook
*
Desondanks geeft ze geen flikker om mij
met al haar zeven parken, haar mooiste wijken
of haar schitterend witte strand in de zomer 
*
Ze kent me niet, ze hoort me niet
ze ziet me niet eens
*
Ik besta niet * Voor haar* Geeft niet
*
Zij bestaat wèl * Zij * Voor mij
*
Met haar Lange Voorhout, haar Noordeinde
haar statige wijken, lanen en pleinen
of haar hoeren- en achterbuurten
*
Mijn stad, mijn stad...
*
Grenzend aan een bij tijd en wijle
soms liefdevol ontvangende
danwel een wederom woest voortrazende zee
in een meedogenloze winterstorm
*
Voor haar kent mijn liefde geen grenzen
*
Ze is van mij
*
Ze is mijn stad aan zee, zij
*
Gelukkig weet ik nog hoe ze heet 

 

© Rik Comello 
Ook te lezen op Pagina Proza - 'Geen verslag' van "Stadse Dichters"

 

     Rik Comello 

 

 

   


Nazomer 

wat staan de ogen hoog vanmorgen
hoger dan de zon
dan de neus
die voelt hoe fris het is
en zich terstond een rode kleur aanmeet
gezelschap voor de mond 

de nazomer, sleepboot van de herfst, passeert
scharlaken bakens door ochtendkou uitgezet 

 

© Vera De Brauwer  

 

     Vera De Brauwer  

 

 

   


Acropolis 

een bruine beer 
wordt omarmd 
door het kind 
van Carla Bruni 

moeder en dochter 
maken het 
naar omstandigheden 
redelijk goed 

de Eurogrizzly 
speelt in Athene 
met brokstukken 
van Bonus en Malus 

 

© Marion Spronk  

 

   Marion Spronk  

 

 

   


Over het onnoembare 

Hoog op de dijk wiegt het gras zich in slaap
en tussen de oevers het water
daarlangs geknield trekt het bevende riet
zich terug in een mantel van jade. 

Boven het pad rijgt de schemer een snoer
en hangt het in ruisende bomen
dooft aan de takken de rafels van goud
hult ze in roerloze dromen. 

Ver in oneindig sterft eeuwig het licht
en echoot verledens geleden
het glanst op het stille papier in mijn schoot
het laat zijn geheim niet ontleden. 

Ik denk mij daarboven nog verder omhoog
en raak het onmetelijk duister
ik vlucht naar beneden, vergrendel de deur
en sluit het onnoembare buiten. 

 

© Femmie Elshout 

 

Femmie Elshout 

 

 

   


Binnenkort 

de dag proeft naar 
rotte appel 

ik gooi ‘m 
in het compostvat 

straks in de lente 
wordt'ie gestrooid 
mee met de rest 
tussen mijn lentebloemen 

rot bloeit in het lentefeest van dat jaar 

 

© Inge Deconinck 

 

     Inge Deconinck  

 

 

   


Allegro 

Ik speel Haydn na een zwarte dag 
en voel een simpele warmte in mijn handen. 

De toetsen zijn willig. Milde hamers slaan. 
De klank is groen, levendig en kalm. 

De klank zegt dat de vrijheid bestaat 
en dat iemand de keizer geen belasting betaalt. 

Ik steek mijn handen diep in mijn haydnzakken 
en doe als iemand die de wereld in alle rust aanschouwt. 

Ik hijs de haydnvlag ? dat betekent: 
'Wij geven ons niet over. Maar willen vrede.' 

De muziek is een glazen huis op de helling 
waar stenen rondvliegen, stenen rollen. 

En de stenen rollen er dwars doorheen 
maar iedere ruit blijft heel. 

 

© Tomas G Tranströmer 

 


Het is altijd een probleem als er een Nobelprijswinnaar uitgeroepen
wordt die in een minderheidstaal schrijft. 
Heel vaak werden ze niet vertaald in het Nederlands, 
ook een minderheidstaal. 
De Zweedse dichter Tomas Tranströmer werd wel in onze taal 
toegankelijk gemaakt door J.Bernlef. Al méér dan 20 jaar geleden.
Het wachten is nu op herdrukken door De Bezige Bij, want de oude 
uitgaven zijn allang uitverkocht. 
Dankzij Meander publiceren we hier een smaakmaker: Allegro.

Tomas G. Tranströmer   

 

 

 

 

 

 

 

 

 

   


de kruisspin 

ze draagt het kruis van
dadendrang, de dwang
een web te weven zit
in spinnenbloed 

ze balanceert tussen
de takken van mijn heg
en vangt het licht met
zicht van achttal ogen 

als haar wiel voltooid is
leiden spaken naar de as
daar wacht ze af
totdat een vlieg
gevangen is 

in de gevangenis van rag
doet kruisspin zich tegoed 

 

© Anneke Wasscher 

 

   Anneke Wasscher  

 

 

   

 

Onder zeil 

Wind en water 
brengen leven 
in schijnbaar passief verband. 
Gevangen zeilmast trekt aan want, 
heft het loefboord 
dwingt het lij verdiept 
tot beweeglijk krachtbalans 

Romp verwerkt 
in wiegen 
heel dit samenspel, zij stuwt 
met machtsvertoon maar 
knort en knarst en kraakt. 
Gestaag ge-murmur 
is de ondertoon, 

een waterschoot die draagt 
toch onaflatend kloppend, 
bonkend op het levend hout 
Verdraaglijke massage 
voor jong en pas gebreeuwd, 
tot oud de veerkracht moe 
het zich ooit gewonnen geeft. 


In stilte ver beneden liggen zij, 
de ouden rustend in herinnering, 
bestemming is bereikt. 

 

© JohnN   

 

   JohnN   

 

 

 

   


Binnenpretje 

ik heb een binnenpretje 

en dat ben jij! 
onthul het bij voorkeur niet... 

 

© Inge Deconinck   

 

     Inge Deconinck  

 

 

   


Vraagtekens 

Zijn het wegen of paden 
-zonder kruising- zijweg of achterpad 
het belopen ervan 
zonder enig doel 

Is het vangnet 
waarin ‘n mens tijdig gevangen 
na sprong en salto huizenhoog 
riskant en bijna fataal 

Is het een kaart 
een plattegrond 
gezocht door kinderhand 
spontaan getekend 

Voor mij: een verhaal 
voor het tastend oog 
in lichte tinten 
van pastel. 

 

© Harry C.A. Daudt 

 


Schilderij zonder titel
Abstracte compositie in acryl op doek 
door:
© Mayamba - 2010

 

 

   


Geuzen 

O, Nederland
let op Uw Saeck
de Euro wordt verkwanseld
door valse speculanten 

Uw mooie Tael
wordt opgeslokt
door popi anglicismen 

Hufterigheid vreet zich
platvloers een weg
door dit geliefde land 

Zijn er nog geuzen
die Angst en Kwaet
kunnen keren? 

 

© Marion Spronk 

 

   Marion Spronk  

 

 

   


vrijheidsbeeld 

macht heeft gebloed en maakte vlekken
op blazoen van land dat zich in staten
weet verenigd 

toch blijft symbool van vrijheid daar
bewaard, geborgen in de trots en
grootsheid van een dame 

verankerd op de plek waar leven zich
met gretigheid beweegt, kan de
verbeelding steeds haar lokroep horen 

al langer dan een eeuw richt zij haar
blik op wat nog komen gaat, in golven
wordt de hoop herhaald 

de hartstocht brandt, de vlam in fakkel
van haar hand is haast onsterfelijk
net als de droom 

 

© Anneke Wasscher 

 

   Anneke Wasscher  

 

 

   


Ontnuchtering 

ze beweerden dat
het leven
een toverbal zou zijn 

voorzichtig lik ik
het zoete rood 
geel en groen volgen 

opeens
wordt alles grijs 
in mijn mond 
bah, wat vies 

de kikkerprins
sabbelt
op een gouden knikker 

 

© Marion Spronk 

 

   Marion Spronk  

 

 

   


Ik ben een ram 

die zichzelf wellicht bij de horens neemt
bijna zesenvijftig jaren jong
spaarzaam vermogend
een geruststellende gedachte
ik heb weinig te verliezen 

het onmetelijke heelal
een soep die tegen pruttelt
voor de mens ontoegankelijk 

onze hoogmoed
uitgelopen op een verwoestende nederlaag
van de aardse natuur 

zo knikken wij
onze eigen spiegel aan diggelen 

ik ben niet monddood
doe niet aan achterkamergeluiden
wandelgangen gekreun 

ik leef 

niet dat ik wil dat iemand mij begrijpt 

 

© Rudolf Schinkel  

 

   Rudolf Schinkel 

 

 

   


Haren in de wind 

Was ik de wind die blaast, ik vond 
haar in het veld van pluizenbollen 
en ik - gevuld met pluisjes - 

gaf elk die ik voorbij zou hollen 
iets van haar eindeloosheid die 
de mensen stil verbaast 

 

© JohnN   

 

   JohnN   

 

 

   


Fascinatie 

het meisje zwaait naar de overkant
niets te zien, dan het gortdroge land
en wat magere koeien 

hoe kan ’t mij boeien, dat meisje
en haar hand, wat ligt er verborgen
aan die andere kant 

waarom stel ik mij die vragen
zelfs de roerdomp die ‘k plotseling zie
tussen dorre rietkragen verzet geen poot 

in de lucht wat gevorkte vegen
de vlerk van een engel misschien
en toch, ik blijf verlangen, naar dat 

wat de schilder niet heeft ontbloot 

 

© Hanny 

 

     Hanny  

 

 

   


kopje onder 

mijn gedicht valt in het water 
en ik kijk toe 

hoe zinnen vervagen 
woorden kopje onder gaan 
en schreven en rondingen 
betekenissen laten varen 

een voor een spoelen 
de gewassen letters aan 
ze helpen elkaar op het droge 
mijn zeehonden op het wad 

ze komen in beweging 
maken hun afdrukken 
in het onbeschreven zand 
en nemen de waterweg 

mijn gedicht valt in het water 
ik krijg er een verhaal voor terug 

 

© Monica Boschman 

 

     Monica Boschman   

 

 

   


Wijdvoetig 

Elke wereldstad herbergt te veel aan
bewegende zelfportretten
in een door ons zelf gecreëerd woud
van beton en steen en staal 

graniet
woest en vrijwel ongerept
zonder loof en naald 

doodse meren kil uitgebraakt
met maar één doel 

deze bron
in het hart van boomgaarden
trapsgewijs 

hier begint het oogsten 

dit landschap
deze natuur
ligt goed in het gezicht 

zelden ziet een tuin zo perfect 

 

© Rudolf Schinkel 

 

     Rudolf Schinkel 

 

 

   


sterven 

als ze denkt aan doodgaan, krijgt
ze toch opeens weer hoop dat een
tiental zongerijpte korenschoven
klaarstaat voor de oogst 

als haar tuin op sterven ligt, bederf
allang de kleuren stal, dan schudt ze
uit het dekbed van een droom wel
honderd bonte vogels in de bomen 

als leven eens onbuigzaam lijkt, dan
veinst ze lenigheid met lach, beweegt
gedachten in een stem die zegt
ik kan wel duizend dingen doen 

maar als verwachting tijd verdrijft
en elke stap weer achterblijft dan
opent ze de ramen 

een laatste wil ligt op haar vensterbank
en adem van de wind verwaait de witte bladen 

 

© Anneke Wasscher  

 

Anneke Wasscher  

 

 

   


Het miskend genie 

Ze lijken me trouw gezworen 

want na zoveel jaren
kom ik ze steeds nog tegen
als een verse kloon van
die grote broer van vroeger: 

keukentrapje bij de hand
zien ze neer op wie kwetsbaar lijkt
bewaren achterbakse hoon tot het
onverhoeds moment als je niet kijkt. 

Zonder mijns gelijken
valt hen het leven zwaar –
ik speel mee, geïmponeerd, verberg
dat ik ze ken in hun waar formaat... 

niet erg, want ach, lang geleden al
keek ik het miskend genie
in 't gelaat, niet geïntimideerd
tot afgewend de blik – 

en doorzag. 

 

© JohnN  

 

JohnN   

 

 

   


soepgedicht 

met mijn handen graaf ik 
in een ruif vol woorden 

ik denk aan 
soep met sliertjes 
en soep met ballen 

een dampend bord 
getik van een lepel 

waar vind ik 
een gedicht met sliertjes 
een gedicht met ballen 

heter gegeten 
dan opgediend 

 

© Monica Boschman 

 

     Monica Boschman   

Monica Boschman biedt op haar website
een vijftal 'soepgedichten' aan, als smaakmaker
op haar receptenboek. 
Het boek is vanaf morgen ook te bestellen,
hier mag u eerst al een lepel proeven! 

 

 

   


alweer 

weer
weet ik het niet 

onweer
weet ik het ook niet 

gewoon weer
niet te filmen 

 

© Monica Boschman 

 

     Monica Boschman   

 

 

   


Soixante neuf 

jouw lichaam
past me beter
dan mijn kleren 

ondersteboven van jou
streel ik
ons huisnummer
in de lakens 

jouw lichaam
past me beter
dan mijn kleren 

 

© Inge Deconinck  

 

     Inge Deconinck  

 

 

   


bonne journée! 

de hôtelière wenst het koppel une bonne journée 
zouden die mensen weg mogen? 
naar huis? 
we kijken op vanuit onze boeken 
en beloeren hen jaloers 

wíj hebben nog vier dagen te gaan 
eer onze straf is uitgezeten 
wat hebben we misdaan 
dat ons zelfs geen blik wordt gegund 
op de omringende bergen? 

regen, regen en nog meer regen is ons deel 
en als het veertien graden wordt 
dan is dat veel 

zie, ze lopen de trap af, die twee, 
valies in de ene, paraplu in de andere hand 
boe! lafaards! couards! 

... chançards... 

 

© Vera De Brauwer 

 

     Vera De Brauwer  

 

 

   


gevonden worden 

ik wil gevonden worden
wie zoekt die vindt 

enfin wie me vindt
vertel ik mijn gesloten boek 

 

© Inge Deconinck  

 

     Inge Deconinck  

 

 

   


De aarde nog woest en leeg 

elke dag van twaalf of meer
wat zon zonder windregen
een zomerdag 

binnen een maanlandschap
" als de eerste scheppingsdag" 

zuid van deze roerige kaap
de noordelijkste voetbalweide;
kille kunst in de felste koude 

jaarlijks een terugkerend tafereel;
de trek naar dit mals ogende groen 

zwaaiende geweien 
ontgoocheling 

niet begrijpend verder richting kustcontreien 

 

© Rudolf Schinkel 

 

 

 

    

     Nordkapp - Midnattsolen (Foto Norske Turistservice & Hurtigruten)

 

 

     Gedicht: Rudolf Schinkel 

 

 

   


Knikkeren 

Glanzende stuiters liggen tegen de schutting op een rij 
In het midden die hele grote, groengeel met rood en blauw 
Raak ik die dan zijn ze allemaal, echt allemaal van mij 
Maar mis ik op een haartje na, dan is de buit voor jou. 
Ik zet me schrap, schat de afstand, blaas bezwerend 

Op het sterren vonkend projectiel, haal diep adem en 
Laat los, en met mijn vingers cross rolt de grote stuiter 
Rechtaf op zijn doel: Raak ! Glas op glas knallen ze 
Veelkleurig vlammend op elkaar, ik heb gewonnen ! 

Maar ik deel mijn winst graag met de verliezer, ik deel 
Mijn winst graag met het meisje met die blauwe ogen 
Ik deel mijn winst met haar, het gaat toch om het spel 
En niet om de knikkers, en bovendien speel ik heel 
Graag weer eens een ander spelletje met haar. 

 

© Cor Visser 

 

     Cor Visser   

 

 

   


moeders kind 

zijn moeder draagt een rode minirok
wanneer ze schreeuwend aandacht vraagt
dan staat het schaamrood op zijn kaken 

zijn moeder streept haar ogen zwart
en als ze daardoor donker kijkt, dan
wordt het kind zo somber als de nacht 

zijn moeders was is altijd helder wit
en komt er op zijn kleren soms een vlek
dan trekt hij witjes weg 

zijn moeder verft het tuinhek groen
maar laat het dicht, wanneer haar zoon
naar buiten mag dan is hij groen als gras 

het moederskind kruipt in de huid van
een kameleon en stemt zijn kleuren af
op HAAR totdat hij barst 

 

© Anneke Wasscher  

 

    Anneke Wasscher   

 

 

   


Die ik ken 

JIJ, die in het gras 
liggen wil 
de zon aan een touw 
naar beneden 
haalt 

JIJ, die in de wolken 
verhalen lezen wil 
in twee talen 
en elke dag 
tot 'n zomerdag boetseert 

JIJ, die in je huis 
met z'n geluiden schildert 
inkeert 
in het dons van 't bed 
waarin je luilekkert 

Houd je 
niet stil 
zing en dicht 
dicht en zing 
als het levendige kind 
dat in je schuilgaat 

 

© Harry C.A. Daudt 

 

     Harry Daudt 

 

 

   

Can't Stand The Rain


I can`t stand the rain
Against my window
Bringing back sweet memories
I can`t stand the rain
Against my window
Because he`s not here with me

Hey window pane
Do you remember
How sweet it used to be
When we were together
Everything was so grand
Now that we`ve parted
There`s one sound that I just can`t stand

I can't stand the rain
Against my window (chorus)


To hear it as sung by Tina Turner 
     (Anna Mae Bullock -1939) in 1985 

Regen (Kan die regen niet uitstaan)

Oh wat haat ik die regen
tegen mijn ramen
om die herinnering voor mij
wat haat ik die regen
tegen mijn ramen
want hij is er nu niet bij

Heeee vensterruit
weet je het nog
hoe fijn het altijd was
Als we samen waren
wat was het zalig dan
maar nu we uit elkaar zijn
is dit het geluid wat ik niet verdragen kan

Oh wat haat ik die regen 
tegen mijn ramen...(refr.)

Vert.: JohnN 08.08.2011

 

 

 

   


In het zicht van 

in gedachten zie ik
jou verteerd worden
door die wrede ziekte 

voorzichtig steek ik
een wit vlaggetje
boven mijn loopgraaf uit 

ik voel de schaduw
van mijn boosheid
door jouw verraad 

in een opwelling stuur
ik een kaart met: Sterkte
ooit waren we tóch vrienden 

 

© Marion Spronk  

 

Marion Spronk  

 

 

   


Vlekkeloos 

ik ben fan van wasmachines
ze draaien en spoelen mijn kleren tot ze vlekkeloos zijn
het droogzwieren
klinkt als muziek in mijn oren 

door het ronde glas zie ik mijn lievelingsjurk vrolijk draaien
zij mag straks dansen aan de waslijn en
vanavond mag ze met me mee een glas drinken 

indien ze vlekkeloos blijft 

 

© Inge Deconinck  

 

Inge Deconinck  

 

 

   


Waarom is geen antwoord 

de waanzin groeit
ongezien in zijn hoofd
als een grommende vulkaan 

na jaren ontploft hij
in een offensief
van dodelijke haat 

het meer kleurt rood
van vermoorde kinderen
die het leven omarmden 

 

© Marion Spronk 

 

Marion Spronk  

 

 

   


Er was een dag 

Er was een dag dat
ik blij eraan dacht hoe Holland
er bij lag: in de wereld een eiland
zonder dood en geweld – het
veilige land van niets aan de hand  

Toen kwam een dag van
mijn zicht op 't noorden, in hun
land met natuurpracht zo groot wisten
Noren zich klein – elk wil vergeten
hoe ooit vikingen moordden.. 

In vree' samen leven met
ieder het zijne uit werken en helpen
bij buren of ver in het rond 

Nu leef ik een dag van niets
meer begrijpen – onmogelijk blijkt
mogelijk, dat heeft me verstomd. 

 

© JohnN – 24.07.2011 

 

 

Norge rouwt 

 

 

 

 

JohnN   

 

 

   


Zeebuffet 

Ruimte
dit is wat ik voel als ik met opengeslagen ogen
aan jouw zuurstof snuif
jij houdt niet van wetten en stenen
maar schenkt weg wat je te bieden hebt
instinctief
de ene keer met gouden lepels, verleidelijk als een zeemeermin
de andere maal opgefokt als een hitsig watermonster 

zonder onderscheid in rang en uiterlijk
omarm jij het leven
tussen waterbodem en maan 

we kijken toe
lachen en gapen
net genietende vissen op het droge 

 

© Erika De Stercke 

 

Erika Destercke  

 

 

   


Voor enig houvast 

was het slechts uiterlijke schijn
het verbloemen van die onrustige wereld in je hoofd
of zocht je hier een weg waar jij misschien van droomde 

waarbij je het daglicht om elke vinger wond
woelig de nachten gezelschap hield
met jouw warmbloedige omgang 

was het pad naar de jongensklas je levenspad
of vervolmaakte jij louter hier jouw levenskracht
met enig houvast 

 

© Rudolf Schinkel  

 

Rudolf Schinkel 

 

 

   


enclave

een stukje wereld
waarbinnen ik de schepping
lichtjes stuur
voorwaarden voldoe
aan paradijselijk gevoel

bomen van kennis
en kruiden van herinneringen
waar het ongenood bezoek
welkom is te zingen

erbuiten heerst
het kwaad van menselijke
onrust die dwingend
wil beheersen al
wat zich in bezit ontplooit

daar wordt bestraat, geknot,
geschoren en geveld
geknipt gestript
met machinaal geweld

 

© JohnN 

 

JohnN   

 

 

   


terug naar toen 

het wasrek vangt de zon in witte doeken
herinnering zoekt zekerheid van licht en
veiligheid met eindeloos verstoppen
een tent van lakens tekent kindertijd 

ik schilder bloesem op behang van lang
geleden, de randjes aan de bovenkant
omlijsten beelden in het heden met een
gouden krul, zodat de gloed verwarmt 

in gedachten ga ik verder over pad van
vroeger, pijn van kiezelstenen onder
blote voet kerft werk'lijkheid in het
besef dat naakte waarheid bloedt 

vergeelde flitsen van bedompte zondag
verveling die gesmoord werd door een
ronde langs kanaal, de brug stond
open toen de tijd nog lijden kon 

illusie van een blijheid die niet was
verteert het arm verlangen, bedekt het
laatste restje glans met stof, dan dek
ik weten toe met witte doek 

 

© Anneke Wasscher  

 

   Anneke Wasscher   

 

 

   


Binnentijd 

rumoer en gekrakeel
zijn soms te veel
mijn buitenkleed te dun
voor het leven 

als ik de wereld
bewust buitensluit
ben ik een mens
met gesloten gordijnen 

een hijskraan takelt
energie uit mijn tenen
ik verdicht het licht
voor mijn hongerende ziel 

 

© Marion Spronk   

 

Marion Spronk  

 

 

   


Prikkels 

De nacht zou zalven zeggen ze 
maar de spieren bijten naar een onbeduidende spanning 
lakens zijn klam en mijn hoofd draait als in een 
wasmachine gesmeten dweil rond 

de nacht zou helen beweren ze 
maar hij hakt hersenen uit elkaar en gooit 
de voorgeschreven rust net afval op een vuilblik 
zelfs het voorbijrijden van auto's weerklinkt als een vogel 
die tegen een raam botst 

hij 
de nacht 
ooit 
waarin ik mijn lichaam verliet en tegen een ander aankroop 
voor hem koester ik 
onderhuids 
een streepje licht 

 

© Erika De Stercke 

 

Erika Destercke  

Ook gepubliceerd in "De Haarlemse Dichtlijn 2011"

 

 

   


ik volg wat lessen magie 
in een leerzame avondcursus bij volle maan 
vannacht ga ik aan de slag met mijn kennis 

 

© Inge Deconinck 

 

Inge Deconinck   

 

 

   


Snel weg 

vertrokken, met aan mijn zijde een diepe slaap
eindelijk is de geest uit mij getrokken,
mijn heem in de oppas gegoten
en ik wil niet meer terug, voorlopig! 

een schootveld vol neon,
ik volg witte lijnen,
verdwijnend in een gulzige nacht 

naast mij slaapt een stoel een gat,
naar een niet vreemde wereld
met mijn ogen eet ik de verte waarin men woont 

waar heldere meren uitdagend glanzen
tussen de uitgestrekte wouden gelegen 

 

© Rudolf Schinkel 

 

Rudolf Schinkel 

 

 

   


Ochtend in Patara 

Ver van woon- en
werkverkeer, weg van de
lawaaierige Randstad,
baden wij in rust aan de
Turkse zuidrand. 

Na een heldere sterrennacht,
zet de schemering de dag
op een kier. Hanen kraaien
victorie over de stervende
nacht en sterrennevels smelten
in het aanzwellende licht. 

Dan begroeten honderden
tortels koerend de morgen-
gloed en zwermen zwaluwen
met ons uit voor het ontbijt. 

 

© Hein van den Assem 

 

Hein van den Assem 

 

 

   


Thuisland 

Van bergen vluchtte ik naar velden
Van hoofd naar haar
Van muren naar ruimte
Van aardgeur naar zeezout. 

Ik voel me thuis hier, Niets is teveel.
De zon schijnt dagelijks. De wind waait
gretig mee, de regen laat de laatste tijd
vaak op zich wachten en het KNMI
hebben we ook niet meer nodig. 

Ik voel me thuis hier. Er is water, er
is brood en er is iedere dag wat te
beleven. Zelfs vrijdag is toegevoegd
aan mijn vrije dagen. Naast andere dagen. 

Kleuren verrijken mijn leven. Ik loop
een blauwtje, Ik sta rood, Ik kijk door
een zwarte bril en ik erger me groen en geel
aan de bruine regering. Het voelt zo thuis. 

Ik voel me als een vis in het water. Geen heimwee
naar verleden geen verlangen naar vaderland.
Geen wens om terug te gaan. Nog even en
Ik kan zelfs Nederland, Iran noemen. 

Kunst is geen vak, maar een verspilde hobby 
(behalve voor de verkiezingsfilmpjes)
Cultuur is allang overbodig. (alleen 
als iemand jarig is) en rechts zijn 
is helemaal in, ook voor de linksen. 

Heerlijk om voortaan als een inheemse
door het leven te gaan, uitschelden als
vrijheid beschouwen, de protesteerders als
tuig en de beschaving ronduit negeren. 

Ik voel me thuis hier. Dichten is
een groot bedrijf, maar klein beklijf
en steeds meer vraagt men of ik er
naast iets nuttigs doe. 

Van bergen vluchtte ik naar velden
Van hoofd naar haar
Van muren naar ruimte
Van blinde woede naar opluchting
Van tirannie naar tolerantie
Van aardegeur naar zeezout
Om me terug te vinden in een tijd
waar mijn aangifte voor een verloren
liefde niets waard is,
wel die van de belasting, waar mijn stem
niet meer telt, wel bij de stembussen. 

 

© Nafiss Nia

 

   Nafiss Nia 

 Het gedicht "Thuisland" werd gisteren ook 
 gepubliceerd op NRCnext 
  

 

 

   


Nabij 

ze lijkt een peinzend meisje 
ik vraag me af: wat doet ze hier 

weet je nog niet 
dat Engelen hun vleugels 
invouwen als een mens 
hen nodig heeft 

ze dimmen hun immense licht; 
te veel voor mensenogen 

 

© Marion Spronk  

 

Marion Spronk  

 

 

   


eeuwigheid 

geloof jij in de eeuwigheid
een kind vraagt me de weg
het kijkt verwachtingsvol omhoog
mijn ogen zijn al ver 

ik vlucht en staar in het luchtledige
daar vind ik nog een handjevol gedachten 

ik ken de eindigheid van kort bestaan
het uitzicht op gebroken licht van ondergaande zon en 
duisternis van nacht wanneer de maan verstek laat gaan 

een evolutie van de zin voltrekt zich in mijn geest
onzichtbaar in dit lichtjaar - het denken is geweest 

ik lees nog even in de ogen van het kind de wens 
om door te gaan 
waarschijnlijk wil het dat ik verder zoek 
een schat verwacht aan 't einde van een regenboog 
een droom licht op 
ik volg haar op de voet tot aan de horizon 

 

© Anneke Wasscher  

 

   Anneke Wasscher   

 

 

   


Juli  

Het regent o wat regent het! 
De klachten zijn niet van de lucht, 
men boekt nog een last-minute vlucht 
uit vrees voor een verblijf in bed. 

De stranden zijn geschoond en net, 
kampeerders weren zich geducht, 
de watersport ligt op zijn rug, 
men surft alleen op internet. 

Toeristen drommen toe van ver 
musea stromen vol, terrassen 
leeg, getapt de stadse bierbrouwer. 

De handel weet zich aan te passen 
en duiven, die zijn van oudsher 
tegen zondvloed opgewassen. 

 

© Jeanne Wesselius 

 

Jeanne Wesselius 

Jeanne was jarenlang een trouw bezoekster van
het Open Podium van de Bibliotheek te Amsterdam.
Zij overleed in 2010. 
Uit respect sluiten we deze maand af met haar gedicht
"Juli"
uit haar laatste bundel: 'uit de eerste hand' 
verschenen bij 'De Vleermuis' te Roermond 2009. 

 

 

 

 

   


De nachtwaker 

Kwetsbaar is de stilte die steeds dieper ademt. 
De nacht trekt het masker van jouw gezicht. 
Het donker ontkleedt jouw lichaam, 
heel langzaam, heel subtiel. 
Hoe breekbaar is een slapend mens. 

 

© Ellen Groenewoud 

 

Ellen Groenewoud    

 

 

 

 

   


Cristina Branco: Sensus 

Laat haar dit nu maar zingen, over de woorden
in haar oor, hoe ze, nu hij ze niet meer spreekt
zich voortsleept langs de straat. Laat haar maar
klagen met zo'n zachte klank, laat haar de stralen
van de zon verscheuren, de bladen van de roos
voor het vergeten van zijn lijf, hoe blank het was,
hoe sterk, hoe naakt – 

Laat haar vertellen van de kamer, met de gordijnen
voor het licht gehangen, haar jurk over het einde
van het bed, en van zijn stem die bloot en hevig
danst over haar huid en hoe zijn baard haar kneust
en hoe hij neuzelt langs haar nek en langs haar
navel en aan haar bijt en om haar lacht, zoals
alleen maar hij dat kan. 

Wees zachtjes met die morgen en die middag,
wees zachtjes met de jurk en het gordijn en waar
hun handen gaan, met wat hij aan haar doet en zij
aan hem, zwijg van de geluiden die hij uit haar haalt
en van zijn schreeuw. Dat hij haar houden mag
voor niets als hij het wil, zolang het goed is
en dat niets hem lief. 

Laat anderen ontkennen wat ze niet horen
willen en fluisteren onder elkaar en smuiken
over de schaduw van de nacht. Dat wat hij
nooit vergeten zal; wat hij ook zonder woorden
van nu af altijd weten zal. Laat haar dit nu
maar zeggen want, als ik het al zou kunnen,
ik waag het niet. 

 

© Nina Werkman 

 

Nina Werkman  

uit de bundel "Van liefde en koude min" 
Monnier, 2009 

De zangeres Cristina Branco zingt Slauerhoff poëzie 
die vertaald is en gecomponeerd tot Portugese Fado. 
Hernehim plaatst dit gedicht n.a.v. de Slauerhoff Wandeling 

 

 

   


De reis 

een streep trekkend door lijnen
die voor de hand liggen, neem ik de trein 

laat mij vervoeren door lavendelvelden
en terrassen met stokoude gewassen
zonnebloemen die buiten mijn kader groeien
rotspartijen waar korstmossen gedijen 

het landschap lijkt voorbij te varen
zoals de jaren rugwaarts roeien
en in mijn jas gevoerd met lapjes leven
bloeit soms even weer de goudenregen 

 

© Hanny 

 

Hanny   

 

 

 

   


Zelfopoffering 
(voor de special forces vrijwilliger en de zelfmoord activist) 

misschien ben ik niet voor dit offeren geschapen 
zoals verklaard tot hoogste goed 
door lieden die vertellen hoe het moet 
zichzelf zo graag benoemen als rechtschapen? 

waarom toch zoveel jaren lang te leven 
en niet als resultaat van eerste tegenspoed 
ter wille van een ander's heil en goed 
in zelfvervulling reeds te sneven? 

zijn het wellicht de valse regels voor 't leven 
van stond af aan door heersers ingeprent 
hoe het slechts zalig is zich op te geven 

voor de onwrikbare regent 
die zelf zich handhaaft op zijn troon 
en anderen de geest laat geven 

 

©  JohnN  

 

JohnN   

ter gelegenheid van "Veteranendag",
morgen, 25 juni 2011, Malieveld Den Haag  

 

 

 

   


Zouden we 
allen dezelfde taal spreken 

mens onterende conflicten
de vele hongerende monden
en ontaarding van onze leefomgeving
door menige inhaligheden 

het zou er niet meer zijn
wanneer we weten
los te laten 

het bovenaardse
en vrijmoedig het leven minnen 

 

© Rudolf Schinkel 

 

Rudolf Schinkel 

 

 

   


De vergeetboeken 

Zij schijnt zichzelf 
te zoeken 
op pagina’s 
in dubbeldikke boeken 
recent verschenen 

Gerecenseerd en aanbevolen 
door dagbladredacteuren 
die van wel en 
zoveel meer 
van wee weten 

Zij schijnt zichzelf 
daarin te vergeten: 
het eten van hoofdstukken 
woord en bijwoord, zin en bijzin 
tussen de regels door: goede raad 

Ik schijn haar 
te vinden 
als een vijfvingerig bruinbroos blad 
tussen vergeelde bladzijden 
van een vergeetboek. 

 

© Harry C.A. Daudt

 

Harry Daudt 

 

 

   


tranen 

wat moet je doen 
als je al je verdriet 
opsluit zodat niemand het weet of ziet 

gezien iedereen recht heeft 
op zijn of haar verdriet 
wacht ik even 

tot iedereen weg is 

 

© Inge Deconinck 

 

Inge Deconinck   

 

 

   


De kraanvogel, de schilder 

wanneer zie ik de kraanvogel weer
die mij bezocht destijds
mijn dromen leken waarheid toen
hij landde in mijn handen 

nu schuift mijn schilder
voorzichtig tussen ’t groen
de alpino schuin over ’t oor
een rode sjaal, kwast in z’n mond 

het witte haar, pluizig
als een paardenbloem, penseelt
hij de natuur, die uitwaaiert
voorbij mijn grenzen van gras 

niets past meer zoals weleer
toen ik luisterde naar m’n ogen
en tussen strakke streken
die vogel zag 

 

© Hanny 

 

   Hanny    

  

 

 

   


Oergodin 

sterrekind in mij 
dans 
dans het ritme van mijn vuur 
door de ogen van de dageraad 
die seizoenen opent 
aan de voeten van de zee 

sterrekracht in mij 
speel 
speel me in mijn leven 
laat mij golven nemen 
in gerijpte overgave 
waar dalen plonzen 

oergodin 
fonkelvrouw in mij 
leef 
leef je hart met me mee 
in mijn voeten 
waar mijn luchten flitsen 
in oneindigheid 

 

© svara / 2010 

 

   Svara      

 

 

   


onmiskenbaar 

ik kan het niet ontkennen:
Pappa, ik lijk steeds meer op jou
je liep mij veertig jaren voor
dus ik zag jou zoals ik mijzelf
niet kennen wilde 

vooral toen je veel ouder werd
en ik om je lachte, als
je na elk halfuur achter je bureau
drie rondjes liep door het gebouw 

Anders worden de scharnieren stram 
zei je, maar, al

was ik er niet blij mee
ik kreeg jouw haar en
nu je er niet meer bent
voel ik mijn knieën 

 

©  JohnN
mei 2011

 

JohnN   

in het thema "van wie heb ik het?" 
gebracht op het Eijlders podium van 22 mei 2011

 

 

 

   


Aard-man 

de aardappelen gepoot 
en sjalotten geplant 
rechtte de moede man zijn rug 
wees omhoog 
naar een vlucht vogels 
boven zijn heilig land 

kijk, alles vliegt en vreet 
de tijd aan flarden 

leven noch dood 
of iets van waarde 
zal beklijven 
en toch 
sprak de man 
met vuile vingers 
zou ik hier graag nog wat blijven 

 

© Hanny 

 

 

   Hanny    

 

 

   


karadzic 

hij was een man van de balkan 
hij was gevlucht voor de oorlog 
ik kende de oorlog alleen 
uit de verhalen van mijn oma 

hij was een psychiater
we vonden elkaar in het verlangen
om elkaars oorlog te leren kennen
ik begon de verbeelding af te tasten 

ik vertelde hem al mijn verhalen
hij zweeg discreet
zoals het een psychiater betaamt 

toen begon ik de verbeelding af te stropen 

ik proefde de geur van buskruit
fantaseerde over soldatenpikken
kalashnikovs hard en lang
getrokken in de intimiteit
van de behandelkamer 

ik werd verliefd op zijn ogen 
maar hij schrok terug voor zo veel geweld 
en dumpte me ter plekke 

dankzij hem
heb ik de oorlog in mezelf ontdekt 

er werd een psychiater opgepakt 
die zich voor natuurgenezer uitgaf 
en ontkende beul te zijn 

o, wat zou ik die karadzic graag omleggen 

 

© Jolies Hey
(Ëilders, 22.05.2011) 

 

   Jolies Hey    

 

 

   


Kortgewiekt rad 

Een rad voor de ogen
veel te lang
aan opgelapt raderwerk
hang ik
aan haken en nagels
verloren 

uit mijn hoofd schuren
vastgeschroefde scharnieren
hun dagelijkse vlijt
zonder al te veel woorden
stil geratel
bleek en grijs 

een molensteen plet
gefilterd verlangen
in opkomend water
dondert in vlagen
naar beneden 

op gladde latten
een wulpse waterjuffer
spreidt trots
haar venstervleugels 

 

© Erika Destercke 

 

Erika Destercke  

 

 

   


Luisterend oor 

ik hou mijn luisterend oor
tegen een schelp
tot ik zee hoor en zilt proef 

haar lamp brandt als antwoord op
mijn luisteren
de zee verlicht als nooit tevoren 

haar golven stranden fluorescerend aan
met blote voeten proef ik de vloedlijn 

 

© Inge Deconinck 

 

Inge Deconinck   

 

 

   


Het meisje en de zee 

wonderlijk hoe gedachten 
suiker spinnen 

het zoete de mond beroert 
van het meisje in de wolken 

aan haar voeten wijkt het water 
de zee, de zee 

ebt langzaam weg 
en neemt in haar kielzog mee 

de glimlach van een jonge man 
en hoe zij wachtte 

 

© Hanny 

 

   Hanny    

 

 

 

   


merel 

als ik bang ben dat de wereld niet
meer wil, tilt de verwondering me
toch weer op 

een merel in mijn tuin zoekt
instinctief en vindingrijk
op grond van vogeldrift 

haar snavel pakt de afbraaktak
voor hergebruik en luister van
de heg verbergt een huis 

daar wacht een warme buik
met grootsheid van geborgenheid
op het geluid van leven 

straks maken veren zich weer
los van dons, gaat klapwiek
over rand 

dan vliegt het jong met veel
vertrouwen oude wereld in 

 

© Anneke Wasscher  

 

   Anneke Wasscher   

 

 

   


beschermengel van bermen 

je fluit zo zacht dat ik je hoor en
zie, je danst met kinderknieën
en geurt naar alle moeders 

in namen vang ik delen, web
van bloei verbonden schermen
bruidsboeket van voorjaar 

we maaien de berm
maar jij keert terug
en fluit naar mij 

 

© Monica Boschman 

 

Monica Boschman   

 

 

   


Herkansing 

Hij staat al te wachten; 
de nette pet op 
de klompen nog fris geel. 
Laarzen bungelen in de ene, 
overall in de andere hand. 
Een man met werk behangen. 

Hij zint op een begin. Ik geef gas. 
"Ik zie je te weinig, 
werken, altijd werken. Geen tijd jongen. 
Voor je moeder niet en…" 
Ik schakel. Plankgas, de snelweg op. 
"Begrijp je dat?" 
Ik knik, en 

altijd weer zie ik die 
betekenisvattende handen. 
De dirigent die zijn klank en kleur pakt. 

Een omweg. 
De velden zijn rood verbrand. 
"Het is droog jongen, voor de tijd van het jaar" 
Ik versnel. 
Dan verandert zijn vrouw – mijn moeder – 
mooi wordt ze, mooier dan ooit. 

"Druk hier. 
Iedereen heeft haast" 
Ik kies de rechterbaan 
en neem gas terug, ongemerkt. 
Vertel over mijzelf, wat ik wil 
wie hij voor me is 
slaan we over, we rijden een nieuwe route. 

 

© Hans Puttenstein 

 

Hans Puttenstein 

 

 

   


de vierde mei 

wordt nu een maand verkocht 
door postbus eenenvijftig 
marktwerking weet u wel 

misschien is het nodig 
om de sluipende aantasting 

maar als het straks stil is 
ze ontroeren 

de duiven op de dam 
blijken opeens te koeren 

in het plantsoen heeft 
de merel zijn rijk alleen 

geluiden bleven zoals toen 
met een verre koe die loeit 

waar een bus stilstaat aan 
'n berm die uitbundig bloeit 

nu niet na luchtalarm 
'nooit meer, nooit meer!' 

werden wij mensen anders -  
nauw houden we ons nog even in 
schuldige barbaren 

 

© JohnN 
    1 mei 2011

 
 

JohnN   

herplaatsing
april 2009-mei 2011 

 

 

   


Pépé 

Van moeder mocht ik hem weleens gaan wekken. 
Dan sloop ik stil, zijn deur stond op een kier, 
de kamer in... en sprong, ik was toen vier, 
op bed om mij fluks naast hem uit te strekken. 

Toen wachtte ik tot hij me toe zou dekken 
en op de deur zou kloppen (voor de sier). 
"Dag Sinterklaas! Ons meiske? Is niet hier." 
Al goed dat Sint het dek niet weg wou trekken! 

Pépé liet steeds weer nieuwe mensen komen: 
ook Zwarte Piet en Mie Katoen of Knudde 
en allen werden door hem beetgenomen. 

Zo klein ik was, ik weet nog hoe het ging, 
hoe hard mijn buikje van het lachen schudde. 
Ik heb aan hem slechts één herinnering. 

 

© Vera De Brauwer 

 

Vera De Brauwer  

 

 

   


Veer X Drents lief 

ie hadden mien lief
zo lief
met óen lief
zo lief
det mien spieren
verkraampten
en ik oe smoorde
tussen mien strakke dijen
ie waren buten aodem
wat keek ie toen lief
mien lief
wat had ik oe toen
machtig lief 

 

© Ria Westerhuis 

 

Ria Westerhuis 
uut "Zundags goed" - februari 2011

 

 

   


we denken 

we denken dat het niet kan 
opstaan uit een graf 
we zijn niet meer zo 
van domweg geloven 

we denken dat het niet kan 
liefde aan de macht 
we zijn te bang voor 
onze eigen dromen 

we denken te veel 
denk ik 

 

© Monica Boschman 

 

Monica Boschman   

 

 

   


verdoofd 

ik zag je lopen S 
op het Damrak van Amsterdam 
in de Diezerstraat van Zwolle 
in je mouwloze zomerjurk 
je lange donkerblonde haar dat 
op je schouders viel van zomerhuid 

maar ik herkende je niet S 
ook nog die laatste zondag niet 
op de Nieuwestad in Ljouwert waar 
jij nog steeds lachte maar je ogen niet 

hoe lang al ben je dood 
in afschuw van het leven 
reik je de arts de spuiten aan 
om ook ons verdovingen te g
even 

 

© JohnN 
  

 

JohnN   

bewerkt
aug 2010-apr 2011

 

 

   


Er is genoeg 

een goede remedie
voor koopzondag
en Mac Donalds: 

haal alle bestrating 
uit achtertuintjes 
leg een moestuin aan 

radijs, wortels, sla
sperzieboon en spruit
zullen honger stillen 

 

© Marion Spronk 

 

Marion Spronk  

Heeft voor ons de oplossing in petto 
om te ontkomen aan de levensbedreigende radijsjes 
die op ons loeren 
vanuit de schappen in de supermarkt  

 

 

   


Moestuin 

wanneer ik in de winkel groente weeg
en afplak met een plastic strip voel ik
de weemoed onderhuids en luister in
het kille licht hoe schimmen stem
verheffen 

is het misschien gezichtsbedrog dat ik
de toewijding in oude beelden zie, een
kromgegroeide rug die in de moestuin
maaide, zon verleidde en de regen bad
op tijd te zijn 

een stille man gewend aan zo gewoon
was altijd dichtbij groei van het gewas
prees veelheid van het vers in kleuren
groen en wees me hoe de tuin steeds
glom van trots 

ik mis de rechte rijen sla in het gelid
gewilligheid van bonen in de holte van
zijn hand, geduld waarmee een weckpot
zorgzaam werd gevuld, de liefkozing van
levensloop 

 

© Anneke Wasscher 

 

   Anneke Wasscher   

 

 

   


Mamma Africa is bleeding 

Mamma Africa is bleeding like never before
Nobody wins, only losers during modern war 

Mamma Africa is bleeding babies die like lightning
Africa's women, the rock, die clenched fistr fighting 

Mamma Africa casts her black shadow over African soil
Her body pierced dipped ripped gauged in Baal's turmoil 

Mamma Africa bends her head. Silence... Too ashamed of
What new generations will read about her dead 

Dictators with bloodstained hands never stop nor step down
They cling to their castles, their gold, diamonds and crown. 

 

© Floris Brown – Worcester S.A.

 

Floris Brown   

   


Mamma Afrika bloei 

Mamma Afrika bloei soos nog nooit van te vore,
niemand wen, almaal verloorders in modern tyd oorloë 

Mamma Afrika bloei baba's sterf soos weerlig
die Afrika vrou, die rots, sterf met gebalde vuis al vegtend 

Mamma Afrika word verkrag. Vroue kinders staar
met verstarde oë. Hul liggame geketting. Geen wegkomkans 

Mamma Afrika se prag haar tapisserie word geverf
bloedig rooi. Soldate skree: "Kyk waar jy GAAN!" 

Mamma Afrika werp haar swart skadu oor Afrikaangrond
haar liggaam deurboor gedoop geskeur in Babelse onrus 

Mamma Afrika buig haar hoof. Stilte... te skaam oor
wat nuwe generasies gaan lees oor haar dooies. 

Diktators bloedbevlekte hande stop nooit, nié afstand doen
hulle klau aan hul kastele, hul goud, hul diamante en hul kroon 

 

© Floris Brown – Worcester S.A. 

Floris Brown   

 

 

 

   


Alphen 

je loopt ineens heel anders door een winkelcentrum
voor vandaag was de gestoorde met het automatische wapen
verder weg
na vandaag kijk je argwanend naar de andere shoppers
je vraagt je af: wat zit er in die tas 

ben je veilig tussen koffiemelk en muesli?
moeten de boodschappen voortaan bezorgd?
of durf je nog op straat te komen 

het leven heeft de dood in zich
dat is bekend
bij een computerspel is dat is heel anders 

want in het echt
is de vuurlinie
en kunnen winkelende mensen
en hulpverleners
het leven laten
omdat een instantie wapenvergunningen verstrekt
aan een gek 

 

© Hans Wap (DID) 

 

Hans Wap   

 

 

   


Een vriend van mij 
Heeft altijd instant soep in huis 
Want je moet toch iets aan te bieden hebben 
Als ze komen 

Ik zit met jou op het terras 
En bied jou een kliekje aan 
Uit mijn gedachtewereld 

 

© Juvu de Ruiter 

 

Juvu de Ruiter  

 

 

   


etiket kwijt 

wie weet nu nog mijn naam en voorschrift 
en van de hoed en randen van mijn nacht 

lees het etiket maar in mijn ogen 
daar staat geschreven wie ik ben 

wil jij mijn wasverzachter zijn? 

 

© Monica Boschman 

 

Monica Boschman   

 

 

   


Mooie dagen 

In het minnenstrelend water 
staat zij 
in doorschijnende gewaden 
vrij van geest en rimpels 

vissen nieuwsgierig tussen haar gladde benen 
toen was er verlangen in de nachten 

nu geprezen voor haar behouden schoonheid 
milde stem en vrijgevige handen 
in deze zedige dagen 

 

© Erika Destercke 

 

Erika Destercke  

 

 

 

   


De weg kwijt 

Het is makkelijk verdwalen 
in een woestijn 
het is maar goed dat wij straatnamen hebben 

 

© Christian van Midden 

 

Christian van Midden 

 

 

 

   


Prinsesjes 

De burgemeester zei:
de 'koninginnenach' is voorbij
de wereld bestaat uit boze meisjes
's avonds moeten ze gaan slapen 

 

© Hedwig Selles

 

Hedwig Selles 

 

 

   


Naar buiten 

de kunst bestaat er wellicht in

te weten 
wanneer je naar een schilderij kijkt 

en wanneer eenvoudig naar buiten 

 

© Inge Deconinck 

 

Inge Deconinck   

 

 

   


Jij 

Niet als ik je alle aandacht geef 
Of je juist negeer 
Niet met mijn verleidingskunst 
(die ik niet bezit noch waardeer) 

Niet als ik er onopvallend 
altijd voor je zou willen zijn 
Niet als ik je lichaam 
met al mijn verwondering zou proeven 

Niet als ik je heel graag wil 
Niet als ik je 
eigenlijk niet zou hoeven 

Niet als je mij helemaal zag 
en herkende het onuitgesproken kwetsbare verdriet 

Niet Niet Niet 

-niet dat je dit leest- 

 

© Miranda van Gogh 

 

Miranda van Gogh  

 

 

 

   


Ergens in maart 

vlak na een grootse maan
als de dagen lengen
waar nachten korten
steeg de zonnebaan
aan evenaar voorbij 

waaien uit het westen
getild van over het tij
soms velden dichte mist
die eenmaal kil aan land
zodra de ochtend brandt
vakkundig worden gewist 

vlechten vroege vogels
aan hun gehavende nesten
in vele toonaarden 

 

© Rudolf Schinkel 

 

Rudolf Schinkel    

 

 

 

   


Amsterdam 

de kleuren van onze stad steken 
vanuit de vlaggenstok omhoog 
aaien de kraaien in hun vlucht 
huppen in haren van vroege meisjes 

achter ieder krap kozijn 
schittert een nuance en schijnen ogen 
als zwartomrande vensters mee naar buiten 
luiken als opgeplakte wimpers 
haaks op de stoere singel 

Amsterdam 
in de natrap van de geschopte dag 
verken ik je oude blaren 
word ik gesust door een onbedoelde lach 
in het lied dat krijst door jouw 
gekleurde haren 

in de haast van een jonge eeuw 
toont het verloren genie 
een treurig timpaan 
een gouwe Jordanees jankt 
er zijn platte A tegenaan 

heeft er nog nooit een engel gezien 

 

© Aurora Guds 

 

 Aurora Guds   

 Uit het debuut "Droomschoot" 

 

 

   


Dag van het Water 

hoe ging het ook weer 
dat kinderliedje 
uit de oude doos 

over twee emmertjes water 
dat uit de dorpspomp kwam 
voor drinken en de was 

miljoenen mensen sterven 
nog in deze tijd 
door gebrek hieraan 

 

© Marion Spronk 

 

Marion Spronk  

De gemiddelde Nederlander 
gebruikt 160 liter drinkwater per dag 
het meeste spoelt door het toilet 
lang douchen is een goeie tweede 

 

 

 

   


Lente 

Bij thuiskomst ruikt het huis 
zwaar naar hyacinten. 
Mijn liefste slaapt licht. 
In verwachting van de lente 
en de wederkerende zon. 

Ik beweeg me 
tussen nacht en ontij. 

 

© Lisan Lauvenberg 
   Maart 2008 

 

Lisan Lauvenberg  

 

 

 

   


herinneringen 

met blote voeten in het gras 
luisterde ik stil 
naar wormen, kevers, merels 
en boze eksters 

met blote voeten in het gras 
schreef ik onhoorbaar 
over het plezier en de pijn 
van hun bewogen levens 

keek ik soms bewonderend 
soms jaloers, soms opgelucht 
naar het drukke geluk van mieren 
en de vredige onschuld 
van lieveheersbeestjes 

Kriebelig teken ik herinneringen 
met een inwendige glimlach 
langs de randen van vellen 
vol haastige aantekeningen 
hun belang nog verborgen 

teken ik de vrijheid 
van mijn blote voeten 
tussen wormen, kevers, merels 
mieren, lieveheersbeestjes 
en boze eksters 

 

© Jacques Brooijmans 

 

Jacques Brooijmans  

 

 

   


Het gras aan de Overkant 

In ieder einde schuilt een nieuw begin, 
dat willen veel religies doen geloven. 
Dus na het ondermaanse volgt Hierboven 
de zoete troost, Gods roze suikerspin. 

Zo'n stelling geeft het leven toch meer zin? 
Want ben je rijk of valt er niets te roven 
en ben je clean of kierewiet gesnoven, 
de hemeltram heeft plaats zat achterin. 

Tenzij je het een tikje anders ziet, 
dat al wie niet meer is, niet meer dan wás, 
wie met of zonder zin het leven liet, 
terugkeert als een bloem of geurig gras. 

En dan gegeten wordt door geit of koe? 
Ik ben dat nieuw begin op voorhand moe. 

 

© Vera De Brauwer 

 

Vera De Brauwer  

Sonnet rond het verplichte vers: 
"In ieder einde schuilt een nieuw begin" 
in de Willem Wilmink wedstrijd in de top-10 

 

 

   


vooruit 

vakken van leven en belang
zorgvuldig gedicht met ritsen 

de vulling bepaalt de smaak
laten we proeven en eten 

en daarna onze rugzak weer vullen
met zacht en lach en ach 

 

© Monica Boschman 

 

Monica Boschman   

 

 

   


op een dag als vandaag 

op een dag als vandaag waarop 
een mens in eenzaamheid 
in kille modder smoort – met 
tallozen gelijk 

waarop uit een mens net zo alleen 
't bloed vloeit dat verdwijnt in 
gulzig glinsterzand – met 
tallozen gelijk 

hardvochtig helder de zon 
waarbij hun blik verduistert – met 
tallozen gelijk 

blijven ze star en stil en ons 
een open vraag 

 

© JohnN - (12.03.2005) - 14.03.2011

 

JohnN   

 

 

   


Prima Materia 

Wanneer wij komen te liggen in
de handpalm van de tijd
die adem over jou en mij
doet strijken en ons dan
in één zucht wegblaast, 

Wanneer wij door eeuwen waaien
in het heelal van onze dood
zullen wij zoveel zwaarte krijgen
dat ik naar jou en jij naar
mij wordt toegebogen 

We zullen elkaar wel nooit meer raken
maar immer reiken,
reiken, en verlangen,
en bewaren. 

 

© Theo van de Wetering 
Uit "Waterkeer" ISBN 978-90-484-0124-6

 

Theo van de Wetering    

 

 

   


Humus 

zwarte gaten
in mijn zwervend hoofd
vul ik op met teelaarde
plant er bloemen in 

bloeiende haartooi 

 

© Inge Deconinck

 

Inge Deconinck   

  © Alphonse Mucha - Litho - Blumen 

 

 

   

Internationale Vrouwendag 

Denkend aan vrouwen zie ik rijen van kruiken 
traag van de bron naar ´t dorp teruggaan 
ruggen gebogen, slapend kind in 'n doek 
op de velden in trillende hitte staan 

Haar thuis bij ´t vuur waar zij maalt, kookt en bakt 
'n groep schamele hutten verspreid op het land 
haar gezin voedt zij dagelijks maar ook het vuur 
blijft slechts branden door haar werkzame hand 

die hout zoeken moet in het verwijderde woud 
langs vijandig' steeds verdere route -  
bang zijn haar schreden over stil dreigend pad 
dat zij gaat op vermoeide voeten 

 

© JohnN - 08.03.2005 

JohnN   

Morgen: 8 maart - Internationale Vrouwendag 

   

 

 

   

El condor pasa 

Gekleed in kleurige Indiaanse weefsels
word ik door een condor opgetild
tot hoog boven de toppen van de bomen:
onvergetelijke groene vergezichten. 

Krijsende vogels kondigen mijn komst aan,
giftige spinnen, schorpioenen, slangen
sluipen weg in hun eigen duisternis
zacht zet de gevederde boodschapper mij neer. 

Orchideeën omarmen en lianen leiden
mijn zoektocht door het oerwoud
honger stil ik met sappige vruchten
angstige gevoelens vervliegen 

Edelstenen liggen voor het grijpen,
kleuren die op een Hollandse winterdag
te uitbundig worden geacht, vallen in het niet
bij meervoudig fluorescerende gesteenten. 

Het huisdier van thuis is hier een
glanzende zwarte panter die voorzichtig
met een kleine jaguar speelt
baldadige apen kijken geamuseerd toe. 

De anaconda geeft kopjes, de schildpad geeft mij
zijn schaal met helder water, goed voor elke dorst
de panter spint met een poot op mijn schoot
de condor vliegt hoog over 

 

© Iris Koetsier 

Iris Koetsier   

   

 

 


Bremen Stad  

Kom speulen in de zomernacht 
trippelen met hanenpoten, blokletters 
blaffen in staccato spetters 
koppies geven met kattenkracht 

moezenissen en merries stelen 
kattekwaod in ’t kwadraot begaon 
met zachte pooties op ‘n rugge staon 
um oenze ondeugde slim te delen 

luustern bij volle maone uren 
onder ’t heldere sterrendak 
naor jazz en blues en rock-‘n-roll 

deur roeten naor binnen gluren 
hoe oen oor mien snorhaore rak 
en ik oe an de manen vaste hol 

 

©  Ria Westerhuis 
    Uit: "Zundags goed" uitg. het Drentse Boek febr.2011 

 

Ria Westerhuis   

 

 


Wat...kennen?  

Ik ken zijn woestijnen 
zijn oker woestijn 
zijn bloedrode woestijn 

Zijn woestenij 
waarin hij moeizaam 
adem haalt 
adem in en uit 

Zijn razernij 
waarin hij uithaalt 
naar vijand en 
vriend die vijand wordt 

Zijn brillenglazen 
waarachter zijn blikken 
doden willen 
met ook zijn zwaard 

Zijn doden 
die woest al 
uit zijn vergeetboek 
zijn gescheurd 

Zijn doden 
niet door eigen mantel 
bedekt; nee, prijsgegeven 
aan de gieren. 

 

©  Harry Daudt 

 

Harry Daudt 

 

 


Lief dierke  

k’heb nen verbond gesloten
me men lieve klene hond
n’echte krusing tussen vullus
en n’lovevolle beendrenbak
dus n’echten ren je rot raske  

en d’vrouw heeft zo’n katje
ook die mauwt den gansdag
pas naar buten mag zij d’nacht
want ’t benne dame van stand
z’ook beeld zij in d’volmoon  

glanzend schon  

 

© Rudolf Schinkel 

 

Rudolf Schinkel    

 

 


De aanstalten 

Hij zit en wacht. Gaapt
naar een vlieg die baantjes op het raam trekt.
Merkt op hoe mooi grijs wolken zijn verdeeld. 

Zijn buik rommelt als veraf onweer.
Hij pulkt aan zijn baard.
Krast blauwe achtjes op het blad.  

Als een trapezewerker duikt een merel
van het dak naar een tak. 

Hij lurkt aan zijn pen en dan
hoort Hanlo het getjilp
van die mus in zijn hoofd – 

 

©  Inge Boulonois 

 

Inge Boulonois    

 

 


De dokwerker 

hij toont de volle glorie van zijn lijf
en vestigt aandacht op zichzelf
met woordenloze taal 

de spieren bundelen zijn kracht 
verbinden de saamhorigheid
met solidariteit 

het openlijk vertoon van zijn verzet
gaat aan gezag voorbij, kijkt neer
op schande van de macht 

hij recht zijn rug en duwt de borst
vooruit, vindt trots in lef die
geen begrenzing duldt 

zijn beeld staat stil maar symboliek
beweegt, de stem van lichaamstaal
draagt ver 

ik kan niet om herhaling heen
mijn bange hart pompt
het opstandig bloed 

 

© Anneke Wasscher 

 

   Anneke Wasscher   

   1941 - 2011:  
   70 jaar februaristaking

 

 


Modern wij? 

de aarde rondt en kneedt en vormt 
kromt zelfs ver voorbij de horizont 
schept voetzolen als eksterogen 

door vlindergeknevelde ellebogen 
worden eeltloze handen geworpen
tong en derrière witogend en gelikt 

zilt de zee soms woest golvend wild
gaf en nam neemt en geeft
en modern wij stelen en vergiftigen 

 

© Rudolf Schinkel 

 

Rudolf Schinkel    

 

 


Een loopje 

De zoete zit
op zolderkamers
licht van Gouda – kaarsen
bij gebrek aan beter 

De blocnote
en het stompje potlood
in jas – of vestzak
bij de dichtershand 

De krant
van regio of streek
het landelijk dagblad
voor de broodnodige inspiratie 

Stamgast anoniem
op barkruk of terrasstoel
regenjas... natte dweil
weggedoken in hoge kraag 

De poëzie moet en zal
nieuw en
actueel
en beslist niet
belegen of oubollig 

Geen tranen laten
of vals sentiment
blijk van lieve lust
of bitter medelijden
het is al: transpiratie. 

 

©  Harry Daudt

 

Harry Daudt 

 

 


loflied 

altijd zuiver, zuiver altijd
klinkt jouw roeping 

ontmoet haar bij het begin
aan het einde en onderweg
geef haar een welkom en water 

laat, laat het, zo mag het
beginnen, het scheppen,
het vormen, het zingen 

geloof in je wortels
voed, voed ze en de kraan
bruist van beginnen 

zuiver altijd, altijd zuiver
tijd om te baren

 

© Monica Boschman 

 

Monica Boschman   

 (Bij vers 6 uit de Tao Te Ching)

 

 


terug vooruit 

In momenten van nutteloosheid 
dwaal ik af en ruik de zoete geuren weer, 
rond vreugde en misère uit een jeugd 
proef ik weer het bitter van vervlogen liefde 
die zo jong en sterk leek, maar sneller nog 
was opgelost dan de illusie groeien kon 

er schijnt geen weg meer terug 
hoewel de deur nog licht doorlaat 
op de drempel liggen als een buffer 
een wereldoorlog, rock-’n-roll, Vietnam 
flowerpower, een vleugje postmodernisme 
na de afgebroken Muur 

aan de andere kant zijn dierbaren 
onverwoestbaar overleden, 
het wenkend perspectief 

 

© Cor J van der Stokker 

 

Cor J van der Stokker      

 

 


Insomnia van de ambtenaar 

Vaak als het mij niet lukt om te gaan slapen 
Rest aan mij niets beters dan het tellen 
Van zes miljoen vierhonderdduizend schapen 
Pas dan lukt het aan de slaap om mij te vellen. 

Eenmaal slapend droom ik dat ik weer ontwaak 
En al tellend weer probeer in slaap te komen 
Maar omdat ik halfweg dan de tel kwijtraak 
Schrik ik plotseling wakker uit mijn dromen. 

Vele lange nachten lig ik wakker in mijn bed 
's morgens kijk ik in de spiegel maar heel even 
Naar de schim van die ik was in het verleden 

Op mijn werk trekt de moeheid door mijn leden 
En na een hevig onbedwingbaar beven 
Val ik dan eindelijk in slaap voor mijn loket. 

 

© Cor Visser 

 

   Cor Visser     

 

 


bioritme 

ik luilekker 
nog wat 
onder de dons 
op het ritme 
van huiselijke geluiden beneden 

ze lokken me
het bed uit! 

 

© Inge Deconinck 

 

Inge Deconinck   

 

 


limerick

er was eens een vrouw aan het water 
die wilde haar kind nog wat later 

haar dochter van vijftig 
zei: ach ma wat spijtig 

nu loop je met kind en rollater 

 

© Theo Boer 

 

Theo Boer 
op de actualiteit van Harlingen
bij Dit is de Dag (EO)  

 

 


martelaren 

dat allah toch groot mag zijn 

driehonderd doden 
tot laatst in staat te horen 
angstroepen en gegil in pijn 

de omslag brengt uitzinnig 
feest het vieren van de overlevers 
ieder trekt naar het zelfde plein 

driehonderd zijn er al geweest 

driehonderd moeders horen diep
neergeknield het vrijdaggebed
hoe groot allah wel moet zijn 

ze moeten eraan geloven 

waarom anders was haar een kind
geboren wat hij het leven zo jong
verbiedt als alle anderen juichen 

driehonderd doden hoorden
angstroepen en gegil in pijn
het later juichen niet 

o,geef hen toch dat allah groot mag zijn 

 

© JohnN 

 

JohnN   

 

 


zo vaak 

zo vaak meer noten op hun zang 
dan ik kan horen, maar soms voel ik 

de noodzaak in een lied 
dat maakt me fan 

en stil. 

 

© Monica Boschman 

 

Monica Boschman   

 

 


Gebeiteld 

vastgebonden op 
een smalle plank 
word ik gekanteld 
voel geen onderlijf  

de bloeddruk daalt 
mijn hart fluttert 
ik val bijna flauw 
rond mij is rep en roer 

felle operatielampen 
bliepende machines 
achter mij een tafel 
met zagen en hamers 

na enkele uren 
zit mijn heup gebeiteld 
deuren openen en sluiten 
twee zusters rijden mijn bed 

 

© Marion Spronk 

 

Marion Spronk   

 

 


gesprek met de nacht 

wanneer ik de gordijnen dichtdoe 
somberheid van je gezicht en lichaam 
buitensluit, vraag ik me af 

voel jij je wel eens machteloos en bang 
voorgoed gevangen in het donker? 

niemand weet of je soms eenzaam bent 
er is geen meetlint voor verlatenheid 

argeloze sterren hebben nog pretenties 
ze willen je versieren met een slinger licht 

de maan staat wel dichtbij maar is veranderlijk 
ze heeft zich lang geleden ingelaten met de tijd 

waarschijnlijk ben je toch gehecht aan deze 
plek want elke avond kom je weer terug 

misschien speel jij een spel, herhaal je steeds 
de onbegrijpelijke pantomime van eeuwigheid 

als ik een keer niet slapen kan, dan leg je me 
in elk geval de regels van de stilte uit 

 

© Anneke Wasscher 

 

   Anneke Wasscher   

 

 


Het geheim van Stradivarius 

Een heldere toon stijgt trillend op 
Na een doelbewuste hamerklop 
Klank vloeit edel door bast en ader 
En komt dat van de Englen nader 
Muziek wordt gevormd vanuit de knop. 

Het enige wat voor hem nog telt 
Is dat de fijnspar wordt geveld 
Ontdaan van de takken en van mos 
Wordt weggesleept uit 't donkere bos 
Naar daar waar de schors wordt afgepeld. 

Dat is ook de plaats waar aan de zoom 
Groeit de golfdradige esdoornboom 
Wachtend op de scherpe stalen beet 
Van de man die Stradivari heet: 
Schepper van elke violistendroom. 

Na 't drogen van het kostbare hout 
In Cremona bewaakt als baren goud 
Vraagt Antonio d'zegen van 't kruis 
Voor vioolgereedschap en zijn huis 
En jaagt kwade geesten weg met zout ! 

Dan klooft hij de stam tot in het hart 
Voor elk vioolblad een kwartiers part 
Vaardig voeren zijn handen de guts 
In d'ogen onder d'fluwelen muts 
Ontstaat dat wat de verbeelding tart ! 

Het bovenblad van de viool gebouwd 
Glooit zacht gewelfd uit het vurenhout 
Het achterblad als een zoete wals 
Vindt bekroning in een slanke hals 
Die een fraaie krul wordt toevertrouwd. 

Als de zon verdwijnt achter de kerk 
Verlichten kaarsen rondom zijn werk 
F-gaten en inleg brengt hij aan 
De krans gebogen uit 'n dunne spaan 
Snaarschroev'n gesneden uit d'zilverberk.

En na het voltooien van dat werk 
Gaat hij naar het altaar van de kerk 
Waar hij in luistering van Gods Zoon 
De viool lakt: Glanzend, wonderschoon ! 
't Naametiket is zijn waarborgmerk. 

Precies rond 't middernachtlijk uur 
Straalt de viool in een heilig vuur 
En klanken vonken als juwelen 
Als Stradivari begint te spelen 
En dat maakt zijn violen nu zo duur ! 

 

© Cor Visser 

 

   Cor Visser     

 

 


Huisje tuintje boompje 

mijn huis staat 
in 
Vlaanderen 

ik maakte het 
met kleurrijke kaarsen 
poëtische verf 
muzikaal behang 
en vooral ook 
met spelende kinderen 

tot een thuis 

mijn tuin 
is 
Wallonië 

mijn tuin van Eeden 
en zeg es eerlijk: 
wie wil nu 
zijn tuin kwijt? 

Wallonië 
mijn zicht op groen 
een heuvelend land 
een landschap waar 
mijn wandelschoenen verliefd op worden 

in het Franstalige gras lig ik languit 
en lees ik 
tweetalige verhalen in de wolken 

 

© Inge Deconinck 

 

Inge Deconinck   

Levend op de taalgrens 

 

 


Miss Belgiës doornenkroontje 

Hoera, er is een nieuwe miss in 't land. 
Het is - alweer - een Vlaamse jongedame. 
Ze is tweetalig, hoeft zich niet te schamen. 
Al vindt men het wat vals langs Waalse kant. 

Ach, hadden zíj op 't Nederlands gezwoegd, 
dan waren zij misschien niet zo missnoegd. 

 

© Vera De Brauwer

 

Vera De Brauwer  

Nevenstaand gedicht is een 'sonnettette': 
een kwatrijn met rijm 'abba' en afsluitend in 2 verzen de 'conclusie' 'cc'.
Een 'uitvinding' van wijlen Driek van Wissen, 
die een zeer populaire vorm werd o.a. op nederlands.nl 
Het Gronings-Drents Dagblad van het Noorden schreef
als eerbetoon aan de vorig jaar overleden Groninger dichter
een sonnettetten-competitie uit. Onze Vlaamse VvHC Vera De Brauwer 
deed mee en eindigde uit 483 bij de beste tien, die op Gedichtendag
in de krant werden gepubliceerd - en nu uiteraard óók op HC: "proficiat!". 

Conclusie: 
"Laten we hopen dat de tegenstelling Vlaming-Walen heel spoedig
 mag verzachten/ wat mogen we anders van Christen versus Moslim 
 nog verwachten". (Red. HC)

 

 


Dosering 

een theemeester zoekt 
zorgvuldig blaadjes uit 

in het gekookte water 
komt de essentie vrij 
van geur en smaak 

nauwlettend kijkt hij 
naar zijn welkome gast 

soms zijn tien druppels 
toereikend voor de dorst 
méer zal hij niet schenken 

 

© Marion Spronk 

 

Marion Spronk   

 

 


monumentje 

hij zakte zomaar in elkaar 
liet al zijn wegwerptassen los 

een restje wijn en blikjes bier 
rollen rinkelend over straat 

geschrokken deinzen mensen terug 
geen mond-op-mondbeademing 

een enkeling pakt zijn mobiel 
iemand zet een blikje recht 

de tram waarin ik zit trekt op 

zolang ik hem kan zien 
kijk ik nog even om 

met zijn volle ruige baard 
in winterjas van mottig bont 
liggend voor een bloemenstal 
met al die blikjes om hem heen 
is het vanuit de verte net 
een gigantisch knuffelbeest 
alvast door iemand neergelegd 

 

© anke labrie 

 

Anke Labrie 

Dit gedicht werd gelauwerd in de Stadsschouwburg van Amsterdam
op de late avond van 26 januari 2011, door Ramsey Nasr en Gerrit Komrij
Het eindigde in de top-10 van de 10.000 inzendingen van de
Turing Nationale Gedichtenwedstrijd 2010. Proficiat! 
Lees ook onze beschouwing op pagina proza

 

 


Cyclus 

Ik hou van je 
als van de maan, 
als van korenhalmen 
wuivend in de wind, 
van de zee rond mijn voeten. 
Maar net als de maan, 
korenhalmen en zee 
brengt tijd je dichtbij 
en verder bij me vandaan. 
Leemte waar liefde 
haar intrede doet, 
de cirkel rond maakt 

 

© Yvonne Koenderman 

 

Yvonne Koenderman 

 

 


Benauwend 

benauwend is de bol 
waarin mijn denken hoelahoept 
deze tegendraadse geest 
ijverig een uitgang zoekt 

zich stijfkoppig kubus droomt 
met hoeken om in weg te kruipen 
ofwel balk met lange muren 
ramen met weids zicht op buiten 

soms waant hij zich liever nog 
parallellepipedum 
want op een vloer bestaand uit gram 
voelt het goed zijn gal te spuwen 

 

© Vera De Brauwer  

 

Vera De Brauwer

 

 

 

Gegoten 

ik boetseer de dag tot 
een dag die me gegoten zit 
en zet mijn handtekening eronder 

 

© Inge Deconinck 

 

Inge Deconinck    

 

 


Hier sta ik dan. 
Naakt en rillend koud 
tussen de scherven. 
De drank is nu wel op. 

Jij, in je rokje van 
verduisteringspapier 
slaapt hier al honderd jaar 
je glimlach uit. 

Mooi opgebaard 
in de achterkamer, 
onaangetast 
door het bederf 

en ik ben oud geworden, 
vergeten hoe te sterven. 
Je wakker kussen 
durf ik niet. 

Wel snoei ik dagelijks 
de rozen om je bed 
en trek ik de doorns 
uit je huid. 

(Voorzichtig- 
niet aanraken) 
Mijn handen trillen. 
Blindgangers staan op scherp. 

 

© Peter Knipmeijer 

 

     Peter Knipmeijer   

 

 


Moedig Wit 

het oude jaar 
is weggeschraapt 
restjes zeer 
kruipen tussen 
tegels en voegen 

elke dag opnieuw 
lichtverlenging 
van koude korte dagen 

voorzichtig dromen 
sneeuwklokjes 
ik hunker naar hun wit 

 

© Marion Spronk  

 

     Marion Spronk  

 

 

Als u goede gedichten schrijft kunnen ze hierboven gepubliceerd worden              Inzenden per email, géén bijlagen svp

 © Copyright Hernehim Cultuur 2001-2011 

Hernehim      

 een cultuurpagina 

HOME 

 


De culturele pagina's worden onafhankelijk gepubliceerd en geredigeerd door John Zwart